Zondag 21/04/2019

Koen De Graeve

“Denkt Theo Francken weleens na over hoeveel hij te veel heeft?”

Beeld Carmen De Vos

De nieuwe VTM-serie Studio Tarara knalt, en niet alleen door de schreeuwende kleuren, de veel te brede schouders en de belachelijk geföhnde haren. Tim Van Aelst, de bedenker van Safety First en Wat als?, heeft zichzelf overtroffen in deze wonderlijke combinatie van een whodunit, dwaze sketches en sfeertekeningen van de showbizzwereld in de jaren 90. Studio Tarara vindt plaats in 1993, om precies te zijn: bij VTM knalden de champagnekurken en was coke snuiven een hobby als een andere. Koen De Graeve, die de drankverslaafde Ricky Bolsens speelt alsof hij er zelf bij was, werd in dat jaar 21.

Koen De Graeve: “Het was de tijd van de absolute gretigheid. Het hoogtepunt van de zoektocht naar vrijheid die na de oorlog is begonnen. De bandeloosheid had oorspronkelijk iets idealistisch, ze stond in het teken van een hoger doel: we gaan alle taboes doorbreken. Maar ineens was iedereen te ver doorgeslagen en waren er geen ijkpunten meer: feesten moest elke dag, de champagne moest constant stromen, je ging weleens vreemd...”

Portishead galmt opeens door het Bourla-café.

Die heb ik ook gehoord in Studio Tarara. En The Cure, en de Smashing Pumpkins, zalig.

De Graeve: “Ja! Hun plaat Siamese Dream heb ik toen grijsgedraaid. Studio Tarara was echt een trip down memory lane. Het is Tim zijn handelsmerk, hè: hij is verzot op muziek uit de jaren 80 en 90 en kan als geen ander de hartslag van een scène vertalen naar muziek.”

Jij speelt de aan drank en drugs verslaafde Ricky Bolsens met overgave en, euh, kennis van zaken. Het is ook niet de eerste keer dat je iemand speelt die...

De Graeve: “...volledig uit de band springt (lacht). Ik ken wel een paar mensen die minder drinken dan ik, maar ik ken er ook die veel minder werken en lezen. Ik ben gretig in alles. Mijn lichaam kan veel aan, het zegt niet snel: 'De Graeve, nu moet je stoppen.' 

“We zien Ricky in de reeks op het moment dat hij zich niet bewust is van zijn grenzen – wel van die van anderen, hij is geen boer. Hij wil gewoon constant het leven vieren.”

Jij bent ook goed in genieten, hè.

De Graeve: “Hm, dat gaat op en af, hoor. Ik ben soms ook wanhopig en onder de indruk van hoe absurd, hard en grillig het leven is en hoe mensen met elkaar omgaan. Soms trek ik me daarom terug. Ik ben eens negen dagen in mijn eentje gaan wandelen – een stukje van de Compostela-route, maar dan in omgekeerde richting – om los te komen van elke mogelijke relatie en helemaal alleen op de aardbol te staan. Ik kwam natuurlijk toch mensen tegen, die wél in de juiste richting aan het stappen waren – volgens hen, hè (lacht). Telkens als ik iemand zag, probeerde ik in te schatten wat voor iemand het was om een bonjour te kunnen geven waar die mee verder kon. Als het een stevige kerel met tattoos was, werd het een wat stoerdere bonjour. Als het een gezin met kindjes was, gaf ik iets vaderlijks mee. Op den duur kon ik niet anders dan daaruit afleiden dat ik wel heel veel doe om iets te betekenen voor andere mensen.”

Is dat ook niet Ricky zijn probleem?

De Graeve: “Ricky zit in een fase van zijn leven waarin hij erachter komt dat hij veel verslaafder is aan aandacht dan hij ooit heeft willen toegeven.”

Hij beseft dat wanneer hij de pedalen verliest en wordt vervangen door Jean, het personage van Peter Van den Begin, die meteen veel succes oogst. Jij hebt iets vergelijkbaars meegemaakt toen je in de Toneelhuis-productie Ivanov werd vervangen.

De Graeve: “Klopt, dat verhaal is uit het leven gegrepen. Studio Tarara is ontstaan vanuit de goesting van Tim en mij om samen iets te maken. Door mijn gemoedstoestand wilde Tim iets doen rond een figuur die verslaafd is. Ik ben nooit verslaafd geweest aan alcohol, wel aan werken – misschien nog steeds.”

Wat is er tijdens Ivanov precies gebeurd?

De Graeve: “De repetitieperiode was heel intens geweest. Ik was verliefd geworden op Ariane (van Vliet, zijn levensgezellin, red.) en in diezelfde week had mijn moeder te horen gekregen dat ze kanker had. Ik was permanent vervuld van een doodsbesef en was tegelijk bloedgeil, ik was moe gehuild en suf geneukt. Ik had in de drie weken vóór de première misschien twee nachten geslapen. Ik ben compleet afgepeigerd aan de première hier in de Bourla begonnen, en het was een draak van een voorstelling. Ik liet ellenlange pauzes vallen, was volledig in de war, woedend ook – ik heb met een stoel het decor in elkaar geramd.”

Waarom?

De Graeve: “Dat heeft te maken met mijn manier van werken. Ik leg de lat heel hoog: dáár moet ik raken, alleen dán zal het schoon zijn. En als ik daar niet raak, ontstaan er explosies in mijn lijf. Wat ik voor ogen had, móét gebeuren. Ik ben dan bereid om mezelf voor een volle zaal te kakken te zetten om toch ergens energie vandaan te halen, of om vanuit een foute spanning tussen mij en het publiek tot een punt te komen waarop ik kan zeggen: 'Dit bedoel ik!'

“Na die première zeiden Warre Borgmans en Manou Kersting: 'We vonden het wel, euh, spannend.' Voor de rest heb ik niemand gehoord. Na de tiende voorstelling was ik volledig aan flarden en is er beslist dat iemand anders de rol van Ivanov zou spelen. Maar dat hebben ze gedaan zonder mij op de hoogte te brengen. Ik weet welk duo die beslissing genomen heeft. Met de ene heb ik later nog gewerkt en is het uitgeklaard, maar de andere heeft me nooit meer gesproken. Ik kan hem nu makkelijk wegzetten als een laffe wezel, maar de eerste keer dat mensen je als een pion aan de kant schuiven, verlies je je naïviteit: 'Whooo! Bestaat dit?'

Beeld Carmen De Vos

“Ik heb dat wantrouwen toen heel persoonlijk opgevat. De waarheid was dat ik het niet had gehaald, dat inzicht kon ik aan. Maar omdat ze zelfs niet de moeite hadden genomen om met mij een eerlijk gesprek te voeren, dacht ik: doe ik er echt helemaal niet toe? Of is de waarheid die ik hieruit moet afleiden dat dát de manier is waarop mensen met elkaar omgaan?

“Nu, de andere acteurs hebben wel een front gevormd tegen de beslissing. Ik heb hun gezegd: 'Ik zit in een existentiële crisis en ik zie me niet in staat om Ivanov nog te spelen. Kunnen we niet van rol wisselen in plaats van er iemand anders bij te halen?' Koen van Kaam heeft mijn rol toen overgenomen en ik die van hem, maar ik was mijn zelfvertrouwen kwijt. Ik herinner me nog goed dat ik in de coulissen stond en toen ik op moest, keek Koen naar mij met een blik van: 'Kom, Koen, nú.' Ik ben toen als een patiënt voetje voor voetje het podium op geschuifeld met een gevoel van: 'Kijk niet naar mij. Ik wil vooral niet storen. Ik ga zo goed mogelijk mijn tekst zeggen en dat is het.'”

Nu snap ik waarom de scènes waarin Ricky het zweet uitbreekt als hij op moet, zo hartverscheurend echt zijn. Daar is het Sandra Verbeeck, gespeeld door Ruth Beeckmans, die jou aanmoedigt.

De Graeve: “Ja. Zij staat voor al die mensen die me toen lieten voelen: als je straks weer in vorm bent, gaan wij voor je door het vuur, en nu slepen we je er wel doorheen.”

'Kijk naar mij!'

Ricky, die de grenzen van anderen tot dan toe altijd heeft gerespecteerd, vliegt hen opeens naar de keel.

De Graeve: “Ik kan dat ook, opeens ontploffen. Je bent de hele tijd veel aan het regelen in je hoofd, je probeert zo teder en elegant mogelijk met anderen om te gaan, je bent moe en onzeker maar je wilt je niet aanstellen en je beheerst je, maar op een gegeven moment knapt er iets. Ik heb het zo goed voor met anderen en ik zie wat ze nodig hebben – noem het hulpdwang – en als mensen die hulp dan niet waarderen, kan ik van de weeromstuit heel erg kwaad worden.”

Ricky roept dan: 'Waarom begrijpen jullie niet welke veldslag ik in mijn hoofd aan het leveren ben?'

De Graeve: “Dat vulkanische gedrag uit zich vooral in je eigen biotoop, waar je van de mensen verwacht dat zij aan een half woord genoeg hebben. Moet ik het je misschien voorlezen, denk je dan, ik dacht dat ik hier op mijn gemak kon zijn?”

Hoe is het jou na Ivanov vergaan?

De Graeve: “Die storm heeft een heel leerproces op gang gebracht. Ik wilde nooit meer meemaken dat het me zoveel kon schelen wat anderen van mij vonden. Ik wilde dat niet het publiek, maar ikzelf mijn lot zou bepalen. Ik ben toen echt een speler geworden, één die puur de dingen speelt die hij zelf graag zou zijn en die niet meer bezig is met effecten waarvan hij hoopt dat ze zullen werken.”

Bij Ricky groeit de wanhoop als hij de aandacht dreigt te verliezen: 'Als ik dit niet meer kan, wat moet ik dan?'

De Graeve: “Ja, maar dat iedereen altijd zegt dat een acteur niet zonder aandacht kan, daar krijg ik het van. Wie kan er wel zonder aandacht? Maar goed, het gaat natuurlijk om het sóórt aandacht. Kwijlend lopen roepen: 'Kijk naar mij! Kijk naar mij!' is iets anders dan aandacht krijgen voor de meest waarachtige persoon die je op dat moment kunt zijn.

“Wat dat betreft, heb ik soms last van bekend zijn. Ik loop graag anoniem rond. Dan kun je kijken zonder bekeken te worden, of kun je gezellig onbeschoft zijn op een terras. Ik wil me kunnen blijven verbinden met mensen, ook al weet ik: ik zou beter niet reageren op wat de man naast me zegt. Als ik dat dan toch doe en hij herkent me, dan bepaalt dat meteen het gesprek. Als die bekendheid er niet tussen zit, kun je dingen laten gebeuren. Dan sta je om halféén 's nachts opeens met die man aan de toog, heb je het over Trump en voel je een klik, puur door wie je bent.”

Laat je jezelf ook niet erg bepalen door je werk? Je bent eraan verslaafd, zei je.

De Graeve: “Ik speel in een fijn gezelschap, ik kan op het podium doen en laten wat ik wil en ik heb me ontwikkeld tot de persoon van wie ik op mijn 18de droomde. En toch voel ik nog altijd een teleurstelling. Hoe komt dat, ben ik me gaan afvragen. Waarom kan ik die drang om me te bewijzen niet stoppen, ook al weet ik dat die nergens op slaat? Hoe komt het dat ik pas bij een polsslag van 130 het gevoel heb dat ik iets aan het doen ben? Waarom blijf ik toch zo hitsig op zoek naar betekenis?”

In Studio Tarara gaat het ook over die bodemloosheid. Acteurs zijn net kleine kinderen, zegt Sandra Verbeeck: je mag ze bevestiging geven zoveel je wilt, maar het vaatje raakt nooit vol.

De Graeve: “Ik weet nu dat ik verwachtingen in mij draag die niet van mij zijn. Ik heb me een teleurstelling eigen gemaakt die niet de mijne is.”

Van wie dan wel?

De Graeve: “Vooral van mijn moeder.”

Vadermoord

Je speelt ook in Coureur, de film van Kenneth Mercken die in maart uitkomt. Hij vertelt daarin hoe Felix de wielrennersdroom van zijn vader probeert waar te maken. Het is voor een groot stuk Kenneths eigen verhaal. In de eerste scène valt Felix van zijn racefiets en zegt zijn vader teleurgesteld: 'We zullen maar naar huis gaan, zeker?'

De Graeve: “Daarin weerklinkt natuurlijk de teleurstelling in zichzelf. Als kind kun je zó ondersteboven zijn van de teleurstelling die je voelt bij iemand die voor jou een rolmodel is. Dan kun je de verwachtingen die je ouders van zichzelf hebben, verwarren met de jouwe. Ik herkende dat gevoel van Felix meteen.”

Verderop vertelt Felix' vader: 'Mijn vader is een keer komen kijken toen ik de koers van mijn leven reed. Achteraf bleek hij niet eens te weten welke kleur mijn trui had.'

De Graeve: “Teleurstellingen worden soms generaties lang doorgegeven, hè. Daarom is het zo belangrijk om erachter te komen hoe de verwachtingen in je familie zijn georganiseerd. Het is zo rustgevend als je tot het inzicht komt dat de lat die je zo hoog legt niet de jouwe is, maar die van de ouder naar wie je zo opkijkt. In de teleurstelling en frustratie van een ouder zit een enorme dwingende kracht. Je wilt dat je ouders trots op je zijn. Daar kun je niks aan doen, het zit in de natuur.”

In de natuur?

De Graeve: “Kijk naar de capriolen van jonge apen of welpen. Dat zijn toch ook uitingen van: 'Kijk naar mij!' Elk jong wil de aandacht van zijn verzorgers vasthouden, want zij helpen het overleven.”

Coureur eindigt met een nieuwsflash van Kenneths vader, die net een koers heeft gereden en een interview geeft. Je ziet Kenneth aan zijn mouw staan trekken, maar zijn vader heeft alleen oog voor de microfoon.

De Graeve: “Het mooie is dat Kenneth en zijn vader nu een warme band hebben. Hij heeft daarvoor wel een vadermoord moeten plegen: hij heeft zijn droom, die eigenlijk de droom van zijn vader was, kapotgemaakt omdat hij voelde dat hij anders zou sterven.”

Wat waren de verwachtingen van je moeder?

De Graeve: “Die waren niet zo uitgesproken als in het verhaal van Kenneth. Zij heeft nooit gezegd: 'Ik wil graag een eigen theatergezelschap en jij moet die droom verwezenlijken.' Maar wel: 'Wees de beste die je kunt zijn.'

“Mijn moeder was als meisje altijd de primus van de klas, maar op haar 14de moest ze van school gaan om haar moeder te helpen in het huishouden en mee voor haar vier broers te zorgen. Het was een andere generatie, maar langzamerhand werd het voor vrouwen wel mogelijk om een positie evenwaardig aan die van mannen na te streven. Ze heeft die kentering naar haar gevoel net gemist. Ik denk ook dat haar eigen moeder het niet aankon dat haar enige dochter die kans zou krijgen. Mijn moeder is dus thuisgebleven om te helpen en heeft altijd gezegd: 'Niet neuten, gewoon doen', zoals ze in West-Vlaanderen gewend zijn.

“Ze heeft zelf later veel dochters gekregen en was altijd voor anderen aan het zorgen, terwijl ze in haar hart voelde: ik heb meer mogelijkheden. Ze heeft zich nooit bij haar lot willen neerleggen, en ze is als moeder van zes kinderen voorzitster van de CMBV-afdeling in het gewest Aalst geworden (de christelijke vrouwenbeweging, red.). Ze was erg graag gezien in het verenigingsleven, en ze hielp ook mee in de textielzaak van mijn vader. Maar ze heeft zich nooit helemaal kunnen ontplooien. Ik ben haar laatste kind en ik heb haar teleurstelling helderder beleefd dan de anderen, omdat haar zorgende rol er bijna op zat en haar frustratie aan de oppervlakte kwam. Daarom ben ik na haar dood zo hard mijn dromen gaan najagen, omdat ik mijn moeder dat ook zo graag had gegund.”

Beeld Carmen De Vos

Was je vader geen rolmodel?

De Graeve: “Natuurlijk wel. Hij heeft mij altijd het gevoel gegeven dat ik kan doen wat ik wil, dat alles mogelijk is.”

Dat moet je veel zelfvertrouwen gegeven hebben.

De Graeve: “Absoluut. Hij leeft nog altijd zo, ook al wordt hij 90 en begint de kar een beetje te kraken. Hij was ook actief in het verenigingsleven en leidde een koor. Dat was dubbel frustrerend voor mijn moeder: hij kon zich uitleven, terwijl zij van alles moest overwinnen: de duivels van het verleden, de maatschappij... Daarom ben ik zo blij dat mijn zussen zijn geworden wie ze wilden zijn en dat ik dochters heb die in een wereld leven waarin al zoveel bevochten is.”

In 1993, het jaar waarin Studio Tarara speelt, is er nog veel niet verworven. Kleedster Babs, het debuut van Lynn Wesenbeeks dochter Lauren Versnick, kan een filmrolletje bemachtigen, maar wordt gevraagd iets in ruil te doen als de ritselaar uit de douche komt. De jaren 90 zijn ook de bron van de #MeToo-schandalen.

De Graeve: “We waren net het scenario van die aflevering aan het lezen toen het nieuws over Hollywood-producent Harvey Weinstein binnenliep. We dachten allemaal: dat kán gewoon niet! Maar Tim voelt zo goed de tijdgeest aan, hè. Hij zit er altijd bovenop.”

Daarna kwam het nieuws over Bart De Pauw. Ik hoorde dat toen wel is overwogen die verhaallijn eruit te halen.

De Graeve: “Dat weet ik niet.”

Heb jij ooit mannen hun positie zien gebruiken?

De Graeve: “Nee. Maar ook in andere beroepstakken zijn mannen op zoek naar affectie, en in die zoektocht verwarren ze hun positie met een talent. Je moet wel het onderscheid maken tussen eikels die hun status gebruiken en via hun macht seksuele handelingen afdwingen – in mijn zwakke momenten vind ik dat we middeleeuwse folterpraktijken op die mannen moeten toepassen, omdat ik dan aan mijn dochters moet denken – en mannen bij wie een vrouw eerst wel en dan niet wil, waarna ze sms'jes sturen en voor hun deur parkeren en zo.

Beeld VTM

“Er zullen natuurlijk allerlei grijze gebieden zijn. Het is een complexe materie, en alleen al daarom is het zo jammer dat Etienne Vermeersch er niet meer is om te zeggen: 'Ik ga mij hierin verdiepen en vervolgens een paar richtlijnen opstellen', zodat elke jongedame of -heer die zich bedreigd voelt, weet wanneer zij of hij aan de juridische bel kan trekken. En zodat mannen van het type 'Het is toch donker, dus ik kan het maar proberen' twee keer zullen nadenken. Los daarvan begrijp ik mannen als Weinstein niet. Ik kan me niet voorstellen dat je echt denkt dat je een fijne nacht zult beleven als je iemand dwingt. Ik denk dan: heb jij ooit een kus op de mond gekregen van iemand die je echt graag ziet?”

'Kussen telt’, zegt Ricky in één van zijn vele discussies met Sandra over zijn losbandige leven.

De Graeve: “Dat vind ik ook. Laten we eerlijk zijn, als je iemand een kus geeft omdat je denkt: ik vind u heel schoon en heel tof, dan ben je niet alleen aan het kussen. Dan is die kus de voorhoede van een heel leger dat staat te popelen, toch?”

Absoluut. Maar Sandra sekst erop los. Ze wil ook opslag omdat zij de show overeind houdt, maar ze krijgt te horen: 'Je denkt toch niet dat de kotmadam in De kotmadam het meest verdient?'

De Graeve: “Vrouwen verdienen nog altijd niet evenveel als mannen. Daar heb ik veel discussies over met Ariane. Ik snap ook heel goed dat Anuna De Wever, die fantastische voorvechtster van een bewustere manier van leven, zichzelf neerzet als genderloos. 'Zie mij als mens,' zegt ze. Dat ze dat zo nadrukkelijk moet zeggen, betekent dat ze voelt dat de gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen nog steeds geen feit is. Ook daarin heeft ze gelijk.

“Die betogende jongeren zien ons falen veel beter dan wijzelf. Daarom vind ik het zo'n onzin dat mensen zeggen: 'Jullie zouden beter wat harder studeren zodat je straks innovatief en inventief genoeg bent om de problemen op te lossen.' Ze hébben geluisterd naar hun leerkrachten, hun ouders en de politici, en zijn tot het inzicht gekomen dat de wereld zoals wij die organiseren sucks. We moeten nú minder vliegen, minder uitgeven en de boel herverdelen. Ze moeten niet leren inventief de puinhoop te verdoezelen zoals wij doen. Mijn dochters zeggen ook: 'Ik hoor jullie veel praten, maar wat gaan we dóén?' Daar moeten we een antwoord op geven. En als we het niet weten, moeten we dat ook zeggen. Maar dat doet iemand als Theo Francken niet. Hij zegt: 'Ga dan maar te voet naar Oostenrijk als jullie op wintersport willen.' Maar die jongeren beseffen goed dat de veranderingen pijn zullen doen. Zou Theo Francken ooit denken aan de mensen die in de kou moeten slapen als hij binnenkomt in zijn warme huis, en zich afvraagt welke laptop hij eens zal gebruiken? Denkt hij weleens na over hoeveel hij te veel heeft?

“Ik snap wel dat het moeilijk is voor zijn generatie. Mijn vader begint ook te steigeren als hij discussieert met mijn nicht, een strijdvaardige veganiste: 'Ik was in de jaren 50 zielsblij met een kotelet of een stuk worst. En nu krijg ik het gevoel dat ik mijn hele leven een klootzak ben geweest.' Zo is het natuurlijk niet. De kunst is om los van je eigen schuldgevoelens en persoonlijke teleurstellingen naar de wereld te kijken. En daar is de volgende generatie beter in dan wij.”

Studio Tarara, VTM, dinsdag 12 februari, 20.35 uur

©Humo

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.