Maandag 25/05/2020

Troost in tijden van quarantaine

De zalvende schoonheid van ‘Secrets of the Beehive’, van David Sylvian

Rob Dean (op de achtergrond) en David Sylvian van de groep Japan tijdens een optreden in Londen in 1981. Later ging Sylvian solo.Beeld Redferns

De Morgen laat zijn cultliefhebbers de film-, platen- of boekenkast uitspitten op zoek naar troostrijke klassiekers. Vandaag: muziekjournalist Sasha Van der Speeten over Secrets of the Beehive van David Sylvian.

Troost is vergankelijk. Een overrompelende drug met een meedogenloze comedown. Je moet je fix bij de betrouwbaarste dealer scoren. Bij iemand die weet dat troost niet louter bedwelmend mag zijn. Niet zozeer een versmachtend warme deken waarin men zich gedwee door de verdoving soest, dan wel een langzaam verdampende nevel. Ik vertrouw geen troostbrengers die fluisterend sussen dat alles weer goed komt. Hun doekje voor het bloeden mogen ze houden.

De zuiverste troost is bitterzoet. Ware troost schotelt een lange, harde blik in de spiegel voor. Case in point? Secrets of the Beehive, de vierde studioplaat van de Britse popbard David Sylvian, uit 1987. Het is een van die platen die hoegenaamd niet klinken als iets dat in de jaren tachtig werd gemaakt. Beehive is niet van één tijd maar staat op overrompelende wijze los van tijd.

Ik leerde de plaat tien jaar na haar ontstaan kennen, in mijn gedaante van een naar zingeving hunkerende begin-twintiger die niet langer door het leven schreed maar dwaalde. Tastte. Strompelde. Tollend in een twilight zone tussen ouderlijk huis en de verlokkingen van de grootstad. Tussen geborgenheid en dansen op de rand van de ravijn. Tussen de verraderlijke gemoedsrust van het dorp en de geestesverruiming die Brussel ademde. Er was klein geluk geweest, familieleed, de broodnodige gebroken harten, de honger naar schaduwen die zich in krochten en nissen ophouden. In zekere zin redde Secrets of the Beehive mij van het nihilisme en van het gemakkelijke fatalisme waaraan sommige gelijkgestemde twintigers ten prooi vielen.

Orpheus’ leed

David Sylvian dus. Die zanger van de synthpopband Japan – die ik kende van halve hits die nooit naar behoren de hitparades infiltreerden omdat de weg werd versperd door Wham! en Duran Duran – had soloplaten gemaakt. Ik hield wel van Japan omdat zijn liedjes niet zozeer radiovriendelijkheid aanhingen dan wel suggereerden; noem ze sfumato-versies van pophits. Verleidelijk en groovy maar transparant. Luister naar ‘Ghosts’, geen traditionele popsong maar een kaarsvlam nabij een tochtgat.

Secrets of the Beehive openbaarde zich met een gelijkaardige bundeling van klanken en poëzie. ‘September’ heet het eerste liedje. Geen strofe of refrein. Slechts een mijmering. Wat pianoakkoorden en gloedvolle strijkers die Sylvians fluwelen bariton omzwachtelen. Een golf die aanspoelt op een leeg strand en die weer wegtrekt alsof ze nooit heeft bestaan. “The sun shines high above / The sounds of laughter / The birds swoop down upon the crosses of old grey churches / We say that we’re in love / While secretly wishing for rain / Sipping Coke and playing games / September’s here again / September’s here again”. Meer is het niet.

'Secrets Of The Beehive' van David Sylvian, een plaat die op overrompelende wijze losstaat van tijd.Beeld rv

Wat volgt, lijkt te sussen maar herbergt een donkere dreiging. ‘The Boy With the Gun’ vertelt over een moordenaar die de namen van zijn slachtoffers in de kolf van zijn geweer kerft. “My name’s on the gun”, croont Sylvian in de zwalpende staart van de song. In het al even mistroostig walsende ‘Orpheus’ kruipt hij diep in de poriën van de gelijknamige Griekse godenzoon – of neemt hij er de gedaante aan van diens muze Eurydice, die sterft na een adderbeet en in de onderwereld op haar geliefde wacht?

‘The Devil’s Own’ verbrokkelt halverwege, nadat een barok motiefje Sylvian tot aan de afgrond heeft gebracht waar de noten in rook opgaan. “Beneath the pillows and the sheets / I still hold you dear to me”, fluisterzingt hij terwijl minimalistische ambient zijn universum opslokt. Slenter dezer dagen eens bij valavond met dat liedje in de hoofdtelefoon door anders overvolle winkelstraten. Of rij ermee de verlaten E40 op voor een willekeurige ‘essentiële verplaatsing’ en realiseer je hoe weinig andere muziek zo pijnlijk nauwkeurig de Unheimlichkeit van vandaag vangt.

Catharsis

Beehive verklankt de ultieme omwenteling. Sylvian schreef de muziek nadat hij Japan vaarwel had gezegd, verafschuwd door het popsterrendom en door de karikatuur die de showbizz van hem had gemaakt. Hij nodigde muzikale geestesverwanten zoals de melancholische minimalist Ryuichi Sakamoto en de bovenaardse gitarist David Torn uit om samen een nieuw universum te creëren, een waar traagheid een aha-erlebnis garandeert. Waar genres zoals pop, jazz, folk, flamenco en postklassiek door elkaar kringelen, niet gehinderd door de waan van het moment, los van trends en hypes. Sylvian dook er het ongewisse mee in; een haast boeddhistisch fata morgana waar hij zich tot vandaag thuis voelt.

Ik ontmoette hem ooit, zeventien jaar geleden, in een gestileerd Parijs designhotelletje. Een eloquente gentleman met halflange, grijzende haren, een fijngeschoren sikje en een wijd, oriëntaals-geïnspireerd gewaad. Als mijn herinneringen mij niet bedriegen, zweefde hij een eindje boven de sofa waarin hij geacht werd te zitten. Toen ik hem naar de personages uit zijn liedjes vroeg, orakelde hij: “Ik ben de observator van mijn eigen zijn, wat niet eenvoudig is wanneer ik zoals mijn personages word verteerd door pijnlijke gebeurtenissen. Het is vaak een enorme catharsis.” Die catharsis huist in zijn mooiste liedjes. Wie er slim mee omspringt, vindt troost in zijn puurste vorm.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234