Woensdag 10/08/2022

AchtergrondLed Zeppelin

De twee gezichten van Led Zeppelin: nieuw boek legt geschiedenis van supergroep bloot

 1969 Bath Festival (John Paul Jones, Robert Plant, John Bonham, Jimmy Page). Beeld WireImage
1969 Bath Festival (John Paul Jones, Robert Plant, John Bonham, Jimmy Page).Beeld WireImage

Terwijl de verhalen over The Beatles en The Rolling Stones inmiddels tot in detail zijn verteld en beschreven, bleef de geschiedenis van die andere Britse supergroep Led Zeppelin enigszins in nevelen gehuld. Maar daar komt met het nieuwe boek van Bob Spitz verandering in.

Flip Vuijsje

Dat Led Zeppelin – The Biography 673 pagina’s lang is, heeft een vertrouwenwekkend precedent. Het vorige muziekboek van rockbiograaf Bob Spitz, uit 2005 alweer, telde bijna 1.000 pagina’s en is nog steeds de meest complete en verhelderende Beatles-biografie.

Ook met dit nieuwe boek levert de Amerikaanse schrijver en journalist weer een knappe prestatie. Wie het verhaal van Led Zeppelin wil schrijven, stuit vanzelf op een lastige opgave. Want dit was een band met twee gezichten; hoe voorkom je dat een daarvan het andere overschaduwt?

Vanaf hun start eind 1968 tot de plotselinge dood van drummer John Bonham in september 1980 was Led Zeppelin de grootste rockband op aarde, met zes nummer-1-albums in de VS en zeven in Groot-Brittannië, waar ze vandaan kwamen. En met een serie megatournees die alle publieksrecords vermorzelden.

Die slopende concertreeksen deden ze vooral in Amerika, voor Britse rockbands toen een onuitputtelijke goudmijn. Bijkomen deden Led Zeppelin en hun entourage steevast in Los Angeles, waar ze hun voorkeur voor jonge tienermeisjes zonder scrupules konden uitleven. Gitarist Jimmy Page ging hierin het verst, met een meisje dat niet ouder was dan 14 jaar. En in elke stad die Led Zeppelin aandeed, stond John Bonham klaar om, liefst met hulp van een of meer roadies, iedereen die hem niet aanstond met extreem dronkemansgeweld te mishandelen. Excessief gedrag door grote rockbands was in die tijd heel gewoon. Maar wat Led Zeppelin zich permitteerde, dat was een geval apart.

Bob Spitz brengt dit op een nuchtere, nietsverhullende manier in kaart en trapt niet in pogingen tot vergoelijking achteraf, in de lijn van ‘het waren toen andere tijden’ en ‘we waren allemaal nog zo jong’. (Gitarist Jimmy Page was destijds al bijna 30.) Ook lukt het hem om dit niet ten koste te laten gaan van dat ándere Led Zep-verhaal: dat van de muziek.

NIET IN EEN GENRE TE VATTEN

Het waren geen beginners die op 25 oktober 1968 voor het eerst als Led Zeppelin op een podium stonden. Leadgitarist, eerste songwriter en leidsman Jimmy Page (1944) en basgitarist John Paul Jones (1946) hadden al jaren ervaring als sessiemuzikanten, producers en arrangeurs. Drummer Bonham en frontman Robert Plant, allebei van 1948, waren een stuk groener maar wel enorm talentvol. Ook dit is een rode draad in deze nieuwe biografie: als Led Zeppelin eenmaal serieus aan het werk was in de studio of op het concertpodium, dan waren het vier professionals van de buitencategorie, met elk hun eigen muzikale gedrevenheid en creativiteit. Maar ze waren ook gefocust op samenwerken, op het beste uit elkaar naar boven halen.

Ook Led Zeppelin ontkwam niet aan de onderlinge ruzies en jaloezie die je bij alle klassieke rockbands ziet. Maar bij Zeppelin ontstonden die pas op het eind, toen het oeuvre er al helemaal stond. Vooral door Jimmy’s heroïnegebruik en Roberts veranderde kijk op het leven na het overlijden van zijn 5-jarige zoontje in 1977, lekte de samenhang uit de band weg.

Maar in hun hoogtijperiode, tot aan de artistieke triomf van hun (zesde) langspeelplaat Physical Graffiti, uit voorjaar 1975, functioneerde het collectief in onaantastbare perfectie. Song voor song maakt Bob Spitz inzichtelijk hoe dit ging. Hoe Jimmy naar de studio kwam met wat riffs die hij soms jaren had zitten verfijnen. Hoe John Paul en John dit moeiteloos oppikten en er elk hun bijzondere draai aan gaven. Hoe Robert intussen de lyrics uit zijn hoofd perste.

Begrijpelijk wordt ook hoe die muzikale oogst meer dan één soort publiek kon veroveren. Er was de Led Zeppelin van de tournees: de band die harder speelde dan wie ook, met de reputatie van de uitvinders van heavy metal. En er was de Led Zeppelin van de studioalbums, die nooit in één simpel genre te vatten waren: een mix en synthese van niet alleen klassieke rock (-’n-roll) maar ook van blues, folk, soul, funk en pop, niet alleen elektrisch maar ook akoestisch.

En decennia nadat het geluid van hun optredens voor eeuwig is verstomd, leeft de studiomuziek van Led Zeppelin gewoon voort, voor liefhebbers met een anders ontwikkelde smaak dan de headbangende tienermassa’s van toen – Bob Spitz zelf nadrukkelijk inbegrepen.

Bob Spitz, Led Zeppelin – The Biography. Penguin Press, 673 p., 32,99 euro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234