Zaterdag 23/11/2019

Wetenschap

De science in fiction: de toppers en floppers

Beeld uit 'Interstellar'. Fysicus Kip Thorne deed nieuw rekenwerk om de animaties van het cruciale zwarte gat correct te krijgen. Beeld rv

Het is máár film, en toch... schuilt er soms heel wat wetenschap achter. Maar hoe geloofwaardig moet dat zijn?

Net als de meeste sciencefiction zelf zijn ook de meeste boeken over de wetenschap achter sciencefiction niet te harden. Uitleggerig getob over de werking van Luke Skywalkers lichtzwaard, de eventuele energetische haalbaarheid van wormgaten als tijdmachine in 'Interstellar', of het terugklonen van uitgestorven dino's in 'Jurassic Park': er komt altijd een punt dat de lezer de auteur wil toeschreeuwen dat het 'maar film is, hoor. Fictie. Een verhaal.' En dat je ook als hoger opgeleide wijsneus een goed verhaal niet kapot moet checken.

Films, schrijft wetenschapsjournalist en cinefiel George van Hal, zijn geen documentaires en sciencefictionfilms dus ook niet. Wat wel anders is aan het genre: dat wetenschappelijk en technisch ogende elementen een wezenlijke rol spelen. Wie op de wetenschap let, ziet die wetenschap en waarschijnlijk dus ook de missers van de makers.

Filmmakers gaat het uiteindelijk maar om één ding: het beeldverhaal. "Correcte wetenschap kan dat verhaal beter maken. Als dat niet lukt, is het om te beginnen pech voor de wetenschap."

Het blijkt precies de deemoedigheid die van Robots, aliens en popcorn wel een uitermate prettig boek maakt, de uitzondering op de regel. In plaats van nerdy gemopper over sullige missers en verkeerde vergelijkingen maakt Van Hal een inspirerende en leerzame rondgang door delen van de natuurkunde, de robotica, de exobiologie, de materiaalkunde en de kosmologie, en illustreert hij die steeds treffend met de films waarin ze opduiken of zelfs een hoofdrol spelen. Hoe ver is de zelfdenkende robot, is zijn vraag, en hij gebruikt handig 'Terminator' en 'I, Robot'. Hoe staat het met lichte harnassen, zoals superhelden als Iron Man en Batman die dragen. Wat denken we tegenwoordig over buitenaards leven, zoals dat opduikt in 'Alien', 'Independence Day' en 'E.T.'?

Mooi is dat Van Hal niet alleen zijn wetenschap op orde heeft, maar ook een echte sciencefictionfanaat blijkt, die alle films kent en alle scènes in zijn hoofd heeft, van de oude Godzilla tot de nieuwste Avengers. Niet voor niets produceert hij al jaar en dag het 'Science & Cinema'-programma van het Leiden International Film Festival. De laatste veertig pagina's van het boek zijn ook een handzame wetenschappelijke filmcanon, inclusief de vraag of de film überhaupt de moeite waard is.

Maar in 'Robots, aliens en popcorn' is al die filmkennis prettig ondergeschikt aan de wetenschap. De einduitkomst van Van Hals pakkende verhalen is dat zowel in de wetenschap als in de film de verbeelding aan de macht is en dat ze daarom graag bij elkaar leentjebuur spelen en inspiratie zoeken.

Het recentste voorbeeld daarvan is Christopher Nolans 'Interstellar', waarvoor de Amerikaanse theoretische fysicus Kip Thorne nieuw rekenwerk deed om de animaties van het cruciale zwarte gat correct te krijgen. Dat die in de bioscoop eigenlijk te rood zijn, is voor Van Hal bijzaak. Hij stort zich met zichtbaar schrijfgenoegen liever in een kraakheldere uitleg van Einsteins relativiteitstheorie en sleept zijn lezers overtuigend mee de diepte van ruimte en tijd in.

George van Hal, 'Robots, aliens en popcorn', Atlas Contact, 320 p., 24,99 euro.

DE FLOPPERS

Wetenschap en fictie, het blijft een gespannen relatie. Sommige films met wetenschappelijke allures kunnen zelfs academici bekoren, andere vallen bij scholieren genadeloos door de mand.

1. 2012
De rampenfilm is met stip het genre dat zich het hardst bezondigt aan wetenschappelijke kemels. De ergste overtreder is zonder twijfel '2012', waarin Roland Emmerich het einde der tijden opriep dat de Maya's destijds zogezegd aangekondigd hadden. De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA riep de prent uit tot de wetenschappelijk meest inaccurate aller tijden en richtte zelfs speciaal een website op om alle mythes over de Maya-kalender (en de film) te ontkrachten.

De aanleiding voor de hollywoodiaanse apocalyps - neutrino's van de zon warmen de aardkern op, met noodlottige gevolgen - is al je reinste onzin, maar 2012 is zo'n zeldzaam geval waarbij aan álles iets lijkt te schorten: auto's halen onmogelijke toeren uit, de gevolgen van vriestemperaturen worden genegeerd en tsunami's gedragen zich zoals de computereffecten dat willen. Voor wetenschappers is het een heel moeilijke film om uit te zitten.

Beeld rv

2. Armageddon
Het verhaal doet de ronde dat NASA rekruten een test voorlegt: ze moeten 'Armageddon' bekijken en zoveel mogelijk wetenschappelijke flaters noteren - rond fout nummer 180 haken ze meestal af. In de film van Michael Bay stevent een 'meteoriet zo groot als de staat Texas' op de aarde af. Als oplossing besluit de Amerikaanse overheid het beste boorteam van het land de ruimte in te sturen: ze moeten stante pede opgeleid worden tot astronauten, een gat boren naar de kern van de meteoriet en daar een kernbom in droppen.

In de commentaartrack van de film merkt Ben Affleck al een duidelijk foutje op: "Ik vroeg Michael Bay: 'Zou het niet makkelijker zijn om astronauten op te leiden om te boren?' Zijn antwoord: 'Shut the fuck up.'" Nog wetenschappelijke zondes: asteroïden die exploderen bij impact, ontploffingen in een vacuüm en schendingen van de wetten van de zwaartekracht. Bovendien is het hele plan met de kernbom onmogelijk: om een meteoriet van die grootte te doen ontploffen, zou je volgens astronoom Phil Plait een bom nodig hebben 'met de kracht van de zon'.

Beeld rv

3. Star Wars
Om duidelijk te zijn: wetenschappelijke fouten maken films niet slecht. Getuige daarvan: de onsterfelijke, oorspronkelijke 'Star Wars'-trilogie. Maar eerlijk is eerlijk: toen scienfictionschrijfster Charlie Jane Anders besloot een grafiek te maken met daarin alle regels die sciencefictionfilms het vaakst doorbreken, bleek Star Wars de grootste overtreder. Stond allemaal op George Lucas' kerfstok: er is geluid in de ruimte, alle planeten hebben dezelfde zwaartekracht als de aarde, communicatie met buitenaards leven is zomaar mogelijk, in de ruimte kan alles ontploffen, de zwaartekracht heeft geen invloed op asteroïdes, lasers die sneller dan het licht schieten kunnen zomaar ontweken worden, alle planeten hebben één klimaat over hun hele oppervlak en sneller dan het licht reizen is een optie.

Beeld rv

DE TOPPERS

1. Apollo 13 en The Right Stuff
'Apollo 13' en 'The Right Stuff' zijn beide gebaseerd op waargebeurde missies en ervaringen waarmee astronautencrews geconfronteerd werden. De regisseurs - respectievelijk Ron Howard en Philip Kaufman - namen dat serieus. Het gevolg: op de grafiek van Charlie Jane Anders (zie boven) kregen beide films een perfect rapport. Wie een realistische inkijk wil in het astronautenbestaan, weet bij deze dus waarheen.

Beeld rv

2. Contact
Meestal gaan films wetenschappelijke nauwkeurigheid uit de weg ten faveure van begrijpelijke dialogen - denk aan uitspraken genre 'Ik ben geen wetenschapper, dammit, leg het uit in gewoon Engels!' Niet zo in 'Contact' van Robert Zemeckis (van het wetenschappelijk iets minder correcte Back to the Future), waarin Jodie Foster via radiogolven contact probeert te leggen met aliens. Voor niet-ingewijden klinken veel van de dialogen als Chinees. Eén voorbeeldje: op een bepaald moment zegt Foster dat de frequentie van het buitenaardse signaal 'pi maal waterstof' is. Kennelijk zenden waterstofatomen een bepaalde frequentie uit in de ruimte en kan het getal pi op een intelligente oorsprong wijzen - of zoiets van dien aard, want zelf snappen we het nog altijd niet goed.

Hoe dan ook: volgens mensen die het kunnen weten - zoals wetenschapper David Kirby - was 'Contact' de wetenschappelijk meest juiste film sinds '2001: A Space Odyssey'. Willen we ooit écht contact leggen met buitenaards leven, dan zou het weleens kunnen gebeuren zoals in 'Contact', trouwens gebaseerd op een boek van astronoom Carl Sagan.

Beeld rv

3. Gattaca
In 'Gattaca' (Andrew Niccol, 1997) is er dankzij eugenetica een maatschappij ontstaan waarin alleen perfecte mensen geboren worden: uiterlijk, intelligentie en levensduur zijn allemaal manipuleerbare factoren. Genetische manipulatie bepaalt meteen je maatschappelijke klasse: helemaal bovenaan zit de biologische elite, onderaan de gehandicapte verschoppelingen (lees: de mensen die normaal geboren zijn).

We staan heel ver af van de fascistische maatschappij in 'Gattaca' (en de details van de genetische manipulatie stonden niet op punt), maar wetenschappers zijn wel universeel onder de indruk van de accuratesse van de voorspellingen die in de film worden gedaan. Twee jaar geleden verscheen in Scientific American nog het artikel 'Are We Too Close to Making Gattaca a Reality?', terwijl in gespecialiseerde pers als Natural News koppen opduiken als 'Gattaca Becomes Reality'. Genetische manipulatie staat in 2015 harder dan ooit op de deur te kloppen.

Veel dystopieën zijn vergelijkbaar met 'Gattaca', in de zin dat je voor de centrale premisse over enig suspension of disbelief moet beschikken maar dat ze verder behoorlijk visionair zijn. In The Matrix gebruiken de machines mensen als batterijen, wat geen steek houdt: andere zoogdieren zouden veel meer energie opwekken. Daartegenover staat dan wel dat de film op intelligente wijze met enkele diepgravende filosofische vraagstukken omgaat.

Beeld rv
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234