Donderdag 21/11/2019

Muziek Afropop

De onstuitbare opmars van de afropop

Burna Boy treedt op tijdens het beroemde Coachella-festival in Californië. Hij is de vaandeldrager van de afropop. Beeld Amy Harris/Invision/AP

Met een resem Nigeriaanse popsterren voorop maakt de afropop zich klaar om onze hitparades te veroveren. Waar sterren als Ed Sheeran en Ariana Grande vandaag de reggaeton aanhangen, zullen zij binnenkort likkebaardend op de Afrikaanse popmuziek springen. 

“Angeli, Angelina, you dey cool my temperature / If you call, I go come deliver”, klinkt het hitsig in ‘On The Low’, een van de meest gestreamde liedjes van de Nigeriaanse zanger Burna Boy. De ritmes mixen Lagos met Kingston, een glibberig autotune-effect op de zang legt moeiteloos de connectie met Amerikaanse r&b. Het is een van de singles uit Burna Boy’s vierde studioplaat African Giant, die de voorbije weken euforisch werd onthaald door de westerse alternatieve muziekpers: het album kreeg 8,3 op 10 van het toonaangevende Pitchfork, vier sterren in The Observer en NME. Het Amerikaanse rockmagazine Spin noemde het alvast een van de beste albums van het jaar tot dusver.

Burna Boy surft samen met Mr. Eazi, Wizkid en Tiwa Savage op een vloedgolf van Afrikaanse (nu ja, vooral Nigeriaanse) popmuziek die sinds het voorjaar van 2019 de hitparades definitief lijkt in te palmen. Het gaat daarbij niet zomaar over een handvol gemakkelijk te isoleren tijdelijke trends die dat Nigeriaanse geluid herleiden tot twee à drie noveltyhitjes. Je kunt de zogenaamde afrofusionhype bezwaarlijk vergelijken met, pakweg, Paul Simons uitstapje naar Zuid-Afrika op Graceland van 35 jaar geleden, noch met toevalstreffers genre ‘Yeke Yeke’ van Mory Kante, noch met de indiehypes rond Congolese bands of Malinese muzikanten van de voorbij twintig jaar. We hebben het evenmin over nichegenres die de gespecialiseerde muziekpers bejubelt zoals gqom, de Zuid-Afrikaanse housevariant die de voorbije jaren hoge ogen gooide.

Burna Boy oogst succes met zijn plaat ‘African Giant'. Beeld rv

Deze keer lijkt het er sterk op dat het moderne Afrikaanse popgeluid van Burna Boy en co. langzaam maar zeker structureel en onlosmakelijk deel begint uit te maken van een dominante, wereldwijd verspreide popsound. Die sound werd tot voor kort bijna integraal gedomineerd door de Amerikaanse r&b en Europese dance, tot drie jaar geleden Afro-Caraïbische genres zoals reggaeton de hitlijsten begonnen te infiltreren. Met monsterhits als ‘Despacito’ en ‘Mi Gente’ van dien.

Eén pot nat

Noem die Caraïbische doorbraak gerust de wegbereider voor de huidige Afrikaanse instroom die slinks de beroemdste popartiesten voor zich aan het winnen is. Om dat te verklaren, hanteren we graag even het nuchtere marketingdenken dat de grote platenfirma’s aanwenden bij het pushen van al die Afrikaanse nieuwkomers: de doorsnee blanke popfan hoort toch het verschil niet tussen een reggaetonnummer en opzwepende salsa, tussen Jamaicaanse dancehall en Angolese kuduro. 

Zou dat mainstreampubliek het merken wanneer een nieuwe hit van Cardi B. of Ed Sheeran nu eens niet Jamaicaans dan wel Nigeriaans zou kleuren? Burna Boy of J Balvin? De doorsnee westerse luisteraar vindt het één pot nat, toch? “Wereldmuziek is wereldmuziek”, klinkt het wellicht bij de A&R’s (afdeling artist & repertoire) van grote labels. Exotiek verkoopt anno 2019, ongeacht het genre. 

Natuurlijk is er meer aan de hand. Daar heeft het huidige politieke klimaat iets mee te maken. In tijden waar overal ter wereld rechtse regeringen de plak zwaaien, staan inclusie en multiculturaliteit allesbehalve hoog op de politieke agenda. Daartegen reageert een artistieke gemeenschap bij momenten met extremen. 

Beyoncé stelde de soundtrack voor ‘The Lion King’ samen. Daarin gaan westerse urbansterren in duet met de top uit de Nigeriaanse scene. Beeld Photo News

Het verklaart waarom een hoop toonaangevende Amerikaanse popsterren een doorgedreven gevoeligheid aan de dag legt voor feminisme, antiseksisme en antiracisme. Zie: de recente, feministische en erg afrocentrisch getinte exploten van Beyoncé en Solange Knowles. Of ‘This Is America’ van Childish Gambino. Hun alternatief is een terugkeer naar authenticiteit, naar het Ware Zelf. Bij een hoop westerlingen, al dan niet met Afrikaanse roots, staan Afrika en zijn cultuuruitingen niet zelden synoniem met een spiritueel ontwaken en de daaruit voortvloeiende empowerment

Zie ook: de hunkering naar het thuisland van het Nigeriaanse hoofdpersonage uit Americanah, de bestseller van Chimamanda Ngozi Adichie, niet toevallig een erg populaire roman bij Afro-Amerikaanse showbizzsterren (Beyoncé samplede de schrijfster al). Ook het succes van de blockbuster Black Panther (een film die een geïdealiseerd Afrika voorschotelt en zwarte trots centraal stelt) en de daaropvolgende victoriekreten uit de Afro-Amerikaanse gemeenschap spreken op dat vlak boekdelen.

Met dank aan Queen B

Nu wil het dat de soundtrack van diezelfde Black Panther een inspiratiebron was voor r&b-ster Beyoncé om naar aanleiding van de afgelopen zomer verschenen live-action remake van The Lion King een soundtrack samen te stellen waarop westerse urbansterren in duet gaan met de top uit de Nigeriaanse scene. Die door Queen B gecureerde plaat, The Gift, voelt aan als de ultieme goedkeuring van afropop door de dominante Amerikaanse popmarkt. 

Ook Burna Boy figureert er, de man die de voorbije maanden streamingdiensten en popradiozenders overspoelde met cameo’s. Hij zong duetten met populaire Britse artiesten als Mahalia, Jorja Smith en de hippe rapper Dave. In juni won hij de award voor beste internationale act op de invloedrijke Amerikaanse BET Awards. In april stonden hij en zijn landgenoot Mr. Eazi op het immens populaire rockfestival Coachella in Californië.

Daar houdt het niet op. Tiwa Savage – de Beyoncé van Nigeria, zeg maar – tekende zopas een contract bij Roc Nation, het platenlabel van Jay-Z. Ook de grote streamingdiensten reageerden al op het spierballengerol van de Nigeriaanse muziekindustrie. Apple Music plaatste de term ‘Afrikaanse muziek’ in zijn keuzemenu, dat leidt naar een rijk aanbod van playlists, clips en albums. Spotify sprong op de kar met zijn succesvolle AfroHub, een verzameling playlists rond afropop, geleid door curator Tunde Ogundipe, een ambitieuze vertegenwoordiger van de Nigeriaanse popmuziek. “We willen luisteraars niet alleen de Afrikaanse cultuur bijbrengen op AfroHub”, verklaarde hij op Spotify, “maar de hele Afrikaanse muziekindustrie naar een hoger plan tillen”.

De Nigeriaanse Tiwa Savage tekende zopas een contract bij Roc Nation, het platenlabel van Jay-Z. Beeld Photo News

Er komt ook kritiek. Kenners van Afrikaanse muziek en Nigeriaanse intellectuelen zien de erg uiteenlopende klanken van hun favoriete continent niet graag herleid tot één enkel hitparadegenre en waarschuwen voor veralgemening. Dat het muzikale verleden van Nigeria zou worden ondergesneeuwd door jonge, hippe acts is een andere zorg. Ogundipe nuanceerde op dat vlak snel: “Noem de nieuwe stijl alsjeblieft geen afrobeats, dat is een marketingterm die een hele hoop Nigeriaanse stijlen op een hoop gooit om ze te kunnen verkopen”, zei hij in The Atlantic. “Wie die term gebruikt, begrijpt geen snars van de historische context”.

Klaar voor de awards

Die context kent Burna Boy maar al te goed. Zijn grootvader, Benson Idonije, was een gerenommeerde muziekcriticus, tevens manager van de legendarische afrobeatpionier Fela Kuti. Van die mannen erfde Burna  zijn politieke bewustzijn. In zijn teksten en in interviews trekt hij bij momenten fel van leer tegen de politiek van Nigeria. “De jeugd heeft niets in te brengen tegen de huidige regering”, zei hij al in The Atlantic. “We zijn lucht voor hen. Met mijn muziek wil ik je onze geschiedenis bijbrengen, simpelweg omdat we nog steeds opgezadeld zitten met dezelfde machthebbers die sinds de Nigeriaanse onafhankelijkheid van 1960 aan het roer staan.”

Een leeghoofdig meisjesidool is Burna Boy dus allerminst. Het draagt bij tot het meerdimensionale imago van de zanger: een troef in een muziekindustrie waar politiek geëngageerde sterren als Kendrick Lamar, Beyoncé, Stormzy en Solange een nieuwe koers dicteren. Als popidool kies je in deze woelige politieke tijden maar beter duidelijk een kant. Aan Burna’s opvoeding zal het niet liggen. Toen zijn moeder eerder dit jaar in zijn naam zijn BET Award in ontvangst nam, sprak ze strijdlustig het publiek toe: “Ik geloof ten stelligste dat de boodschap van mijn zoon draait om de wens dat elk zwart persoon zich ervan moet vergewissen dat hij boven alles Afrikaans is.”

Onze voorspelling? Binnen de kortste keren zal de Ultratop al een pak Afrikaanser klinken dan vandaag. Britse, Amerikaanse en Europese popsterren zullen hun hits niet uitsluitend als reggaeton verpakken maar ook als afropop. En Burna Boy wordt een wereldster. 

Het offensief is ingezet, ook bij ons. Vorige zomer triomfeerde Burna Boy op Reggae Geel, in oktober doet hij Paleis 12 in Laken op zijn grondvesten daveren. Zijn genregenoot Mr. Eazi speelde in augustus nog op Fire Is Gold in Antwerpen en ook hij staat in november in Paleis 12 geprogrammeerd. Die keuze voor grote concertzalen zegt veel over de impact en de commerciële slagkracht van bovengenoemde zangers. Of zij de Angelsaksische hegemonie in de pop zullen doorbreken, valt af te wachten. De wil is er alvast. Zoals Burna Boy zingt in het titelnummer van African Giant: “Can’t nobody do it better / Check ’em and see / I know say one day e go better / I go carry Grammy”.

Burna Boy speelt op 20 oktober in Paleis 12 in Brussel. Zijn album African Giant is nu uit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234