Donderdag 19/09/2019

Baby Driver

De man achter 'Baby Driver': “Ik heb de platencollectie van mijn ouders grijsgedraaid”

Edgar Wright. Beeld AFP

Edgar Wright is een wandelende popencyclopedie. De regisseur van Shaun of the Dead en Hot Fuzz propt zijn films vol met cinema-referenties én oldskool pophitjes – zo ook in zijn nieuwe film Baby Driver. Tijd voor een muzikale babbel, dus.

Edgar Wright (43) is geen ongelooflijke fan van interviews. De regisseur achter Shaun of the Dead, Hot Fuzz en Scott Pilgrim vs. the World heeft met Baby Driver een van de fijnste popcornfilms van deze zomer afgeleverd, maar hij laat de film liever voor zichzelf spreken, zo blijkt wanneer we hem ontmoeten in Londen. Misschien is het omdat hij met het idee voor Baby Driver al rondloopt van voor hij één film op zijn naam had staan, en hij er nu pas in is geslaagd om zijn droomproject in de bioscoop te krijgen.

“Toen ik het idee nog maar pas had, was ik nog maar 21. Ik had nog niet echt de ervaring of het lef om te zeggen: ik ga nu Baby Driver maken. Het heeft wat tijd nodig gehad om het nodige zelfvertrouwen op te bouwen. Ik heb nu pas het gevoel dat ik deze scènes kon draaien.” Tevreden, zo wil hij nog wel kwijt, is hij wel. “Op sommige vlakken heeft het uiteindelijke resultaat het originele idee zelfs overtroffen, denk ik. Het is een grotere film dan ik twintig jaar geleden in mijn hoofd had.”

Baby Driver vertelt het verhaal van de zwijgzame Baby (Ansel Elgort), een jonge getaway driver die nog een schuld heeft te vereffenen bij de lokale misdaadkoning (Kevin Spacey), maar veel liever de wijde horizon zou kiezen met zijn liefje Deborah (Lily James). Het opvallendst aan de film: Baby’s muzieksmaak. Elke autoachtervolging verloopt volgens het ritme van de popsong die op dat moment op zijn iPod speelt, en de allereerste conversatie tussen Baby en Deborah gaat over liedjes. “Er zijn ontelbaar veel liedjes over ‘Baby’”, voert zij aan, “maar geen enkel over Deborah." Waarop hij meteen twee tegenvoorbeelden geeft: T. Rex én Beck hebben een ‘Deborah’-song.

Be My Baby

Net als zijn hoofdpersonage komt ook Wright zelf pas los als hij over muziek mag praten. Want, zo voeren we aan, hij is ‘Disco 2000’ van Pulp vergeten. Toch ook een topsong over een Deborah? “Ik weet het, maar ‘Deborah’ zit niet in de titel!”, lacht Wright. “Ik ken het nummer, maar het zou te verwarrend zijn geweest in de scène. Je zegt niet: ‘Oh, Deborah? Zoals in ‘Disco 2000’?’ Dat werkt niet als dialoog. Maar het is wel een geweldig nummer. Er is trouwens nog een ander nummer, van Dave Edmunds, dat wél ‘Deborah’ heet. Maar dat heb ik ook niet gebruikt, omdat het meisje uit die song niet echt een vriendelijk personage is. Dus dat paste dan weer niet in het narratief. Je ziet: ik ben streng voor mijn eigen selectie. Ik heb het dus maar bij de T-Rex-song gehouden.”

En ‘Be My Baby’ van The Ronettes dan? Zo’n klassieker. Mét ‘Baby’ in de titel. “Dat zit al in Mean Streets. En in nog een hoop andere films ook. Maar hoe dan ook zijn er een miljoen ‘Baby’-songs. En sommige ervan worden heel vaak gebruikt in films. Die wilde ik vermijden. ‘Baby Love’, van The Supremes, bijvoorbeeld. Of ‘Be My Baby’.”

Baby (Ansel Elgort), Bats (Jamie Foxx), Darling (Eiza Gonzalez) en Buddy (Jon Hamm). Beeld rv

Wrights muzikale voorliefde werd vormgegeven door zijn ouders. “Mijn ouders waren geen muzikanten, ze waren allebei leerkracht. Maar ik denk dat mijn passie wel voortkomt uit de momenten dat ik door hun platencollectie bladerde. Die was redelijk klein – ze hadden maar zo’n twintig albums, maar die heb ik wel grijs gedraaid. The Beatles, The Stones, en Simon and Garfunkel – ze hadden Bridge over Troubled Water, het album waar ‘Baby Driver’ op staat – maar ook wat klassieke muziek en een paar motown-compilaties. En later, toen ik zakgeld kreeg, kwamen daar mijn eigen platen bij.”

Muzikale helden

Zijn muzikale helden zijn talrijk, en als het kan, laat hij ze opdraven in zijn films. Onder andere Sky Ferreira en Red Hot Chili Peppers-bassist Flea hebben een rolletje in Baby Driver. “Omdat de film rond muziek draait, dacht ik: laat ik maar meteen wat muzikanten casten. John Landis (regisseur van The Blues Brothers, EWC) heeft dat ook vaak gedaan, en ik hield daarvan. Vandaar dat Flea, Sky Ferreira erin opdraven, maar ook Jon Spencer en Paul Williams. En Big Boi (van OutKast, EWC) en Killer Mike (van Run The Jewels, EWC) zitten er ook even in. Je ziet hen heel even aan de bar staan, met Kevin Spacey.”

Wanneer de persverantwoordelijke teken komt doen dat ons interview er bijna op zit, is er nog één ding dat we willen weten. In Wrights films – Shaun of the Dead is het beste voorbeeld, en Baby Driver is geen uitzondering – staat Queen vaak op de soundtrack. Maar er is ook altijd wel een personage dat de songs van Freddy Mercury afbreekt. Dus, willen we weten: is Edgar Wright nu een Queen-fan, of een Queen-basher? “Ik ben een Queen-fan”, grijnst de regisseur. “Sheer Heart Attack is één van mijn favoriete platen. Dus, for the record: ik houd van Queen. En ik ben niet de enige. Jij toch ook?”

Sorry, Edgar. Onze tijd zit erop. 

Zit er vaart in de film? Lees de recensie hier

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234