Zondag 13/06/2021

InterviewTibo Polleunis

De kleinzoon van Johny Voners: ‘Zolang ik muziek kan maken, mag je me eender waar zetten’

'Toen bompa ziek was, bleef hij werken aan de vierde Kampioenenfilm. Hij heeft zich de grond ingewerkt, hij kón niet rusten.' Beeld Joris Casaer
'Toen bompa ziek was, bleef hij werken aan de vierde Kampioenenfilm. Hij heeft zich de grond ingewerkt, hij kón niet rusten.'Beeld Joris Casaer

Xavier Waterslaeghers wist het beter dan wie ook: elk excuus voor een fris getapte dagschotel is goed. Zogauw het kan, gaan we er dan ook een stuk of vijf drinken ter nagedachtenis van Johny Voners, nu ruim een jaar geleden overleden. De zanger en acteur was zeer geliefd en is nog lang niet vergeten: zijn collega’s bij F.C. De Kampioenen maakten een kerstspecial om hun doelman te herdenken, en kleinzoon Tibo, zelf een bevlogen en veelzijdig muzikant, schreef een nummer over zijn bompa: ‘1945’.

Waarom ‘1945’?

Tibo Polleunis: “Dat is bompa’s geboortejaar. Ik heb het nummer achteraf ook gebruikt als eindwerk op school. Het leverde me een 15 op 20 op (lachje).

“Ik ben niet goed met woorden, muziek is mijn manier om mijn gevoelens te uiten of dingen te verwerken, dus ook na bompa’s dood. Ik ging aan de piano zitten, en dit nummer kwam eruit. Het leek me logisch dat ik het aan hem zou opdragen.”

Je studeert pop- en rockmuziek aan de hogeschool PXL-Music.

Polleunis: “Muziek heeft er altijd in gezeten bij mij. Mama vertelt dat ik als peuter al constant met mijn bestek op de tafel aan het ‘drummen’ was. Op mijn 5de kreeg ik van mijn moeke (Johny’s eerste vrouw Jeanine Cypers, red.) een kinderdrumstel cadeau – dat klonk volgens haar al iets beter. Ik kroop ook vaak achter de piano om liedjes na te spelen die ik op de radio hoorde. En ik ging elke week mee naar de gitaarles van mama en mijn broer. Ik was nog te jong om zelf les te mogen volgen, maar ik vond het zalig om naar hen te kijken en te luisteren.

“Op mijn 7de mocht ik op drumles. Vier maanden later gaf ik al een concert. Na afloop zeiden mensen dat ik talent had, en dat er in Limburg een school was waar je na het middelbaar muziek kon studeren. Dat leek me toen een droom. Intussen zit ik daar.”

Wat deed je in het middelbaar?

Polleunis: “Ook muziek. Al had dat wat meer voeten in de aarde. Ik wilde heel graag naar het MUDA Atheneum voor Podiumkunsten, de kunsthumaniora in Evergem, maar wij woonden toen in Brugge, en mama vond me te jong om elke dag anderhalf uur met de trein onderweg te zijn. Dus zou ik een gewone richting volgen in Brugge. Maar ik wilde zó graag muziek studeren. Uiteindelijk ben ik op internaat gegaan. Ik vond het fantastisch: ik mocht mijn drumstel meenemen, ik leerde er nieuwe vrienden kennen en paste me heel snel aan. Zolang ik muziek kan maken, mag je me eender waar zetten.

“In juni studeer ik af aan PXL, als alles goed gaat. Volgend jaar zou ik graag de master doen in Gent. Ik moet de ingangsproef nog afleggen, dus fingers crossed.”

Je hebt de genen van je grootvader?

Polleunis (knikt): “De meeste mensen kennen hem als acteur, maar ik vond hem vooral een fantastische zanger. Hij had zo’n warme, diepe stem.”

Jullie hebben samen op het podium gestaan.

Polleunis: “Hij had zijn vaste band, en als de drummer niet kon, mocht ik inspringen. Af en toe was er een nummer zonder drum, en dan zat ik gewoon naar hem te kijken. De mooiste momenten die ik met hem heb gedeeld.”

Jullie hadden een goeie band, hè?

Polleunis (knikt): “Naar het schijnt was ik als peuter al dol op hem. Als kind nam hij me geregeld mee naar de set. Dat vond ik geweldig: dankzij hem ontdekte ik een wereld die ik nog niet kende. Toen ik op internaat zat, kwam hij mij elke woensdag halen om samen te eten.

“Ik denk ook graag terug aan de nieuwjaarsfeestjes: die waren altijd bij hem. Meestal maakte hij in het begin van de avond veel grapjes, om dan stil te vallen en ervan te genieten om ons te zien lachen en praten. En als hij er genoeg van had, zei hij: ‘Ik ga slapen’. En dan was hij weg (lacht).

“Met mijn moeke heb ik ook een goede band. Ze brengt elke week spaghetti naar mijn kot. Maar ik lijk meer op bompa. Ik ben, net als hij, nogal teruggetrokken. En we hadden ook dezelfde grote droom: optreden.”

Werd je vaak over hem aangesproken?

Polleunis: “Heel vaak. Zelf sprak ik zelden over hem – sommige kinderen leken enkel omwille van hem mijn vriend te willen zijn – maar op de één of andere manier kwamen ze toch telkens te weten dat hij mijn opa was. Intussen praat ik wel over hem. Ik post ook af en toe foto’s van bompa of van ons tweeën. Ik ben er trots op dat ik zijn kleinzoon ben.”

Was jij fan van F.C. De Kampioenen?

Polleunis: “Nu meer dan vroeger. Hij heeft andere rollen gespeeld die ik beter vond. In Amigo’s bijvoorbeeld, als de kok. Daar was hij zelf heel trots op.

“Ik heb wel alle films van De Kampioenen in de bioscoop gezien. Vaak gingen we samen met bompa naar de première. Na afloop stond er altijd een hele rij bij hem voor handtekeningen.”

Dan was jij vast trots: iedereen wilde jóúw grootvader spreken.

Polleunis: “Zijn bekendheid had voor- en nadelen. We hadden hem nooit voor ons alleen. Gingen we wandelen in het park, dan kwam er gegarandeerd iemand op hem af. Anderen zagen dat, en kwamen er dan bij. Hij deed dat met de glimlach, hoor. Hij vond het niet altijd even fijn, maar hij zei: ‘Ik heb hiervoor gekozen, het hoort erbij.’ Voor ons was het soms vervelend. We moesten altijd wachten tot iedereen weg was.”

Heb je, naast zijn liefde voor muziek, ook zijn acteertalent geërfd?

Polleunis: “Dat vind ik moeilijk om van mezelf te zeggen, maar ik acteer wel graag. Ik heb in twee videoclips gespeeld, en dat was fijn. Mocht er nog zo’n kans komen, zeg ik geen nee.”

HUILEN BIJ DANIRA

Johny kreeg in 2018 de diagnose van huidkanker. Heeft hij dat snel aan jullie verteld?

Polleunis: “Alleen aan mama. We waren net op reis in Portugal. Zij heeft ons ingelicht toen we weer thuis waren, ze wilde onze reis niet vergallen. Ik had niet meteen door hoe ernstig het was. Er had nog nooit iemand in mijn omgeving kanker gehad, ik kon niet inschatten wat de gevolgen waren. Hij bleef zich ook gedragen zoals anders.”

Hij bleef werken, onder andere aan de opnames van de vierde Kampioenenfilm, Viva Boma!

Polleunis: “Eigenlijk was dat er een beetje over. Hij heeft zichzelf de grond in gewerkt. Maar hij wilde blijven doorgaan, hij kon niet rusten.”

Heb je afscheid kunnen nemen?

Polleunis (knikt): “Op een bepaald moment begon hij snel achteruit te gaan, we wisten dat het niet lang meer zou duren. Ik ben naar hem toe gegaan, en heb een hele tijd naast hem in bed gelegen. Zonder woorden. Gewoon liggen en samenzijn. Wij hebben altijd goed stil kunnen zijn bij elkaar, hij was, net als ik, een man van weinig woorden. Op het einde heb ik gezegd: ‘Ik hou van je, ik ga je missen.’ Hij antwoordde: ‘Ik hou ook van jou.’ Dat moment was zó waardevol, het breekt mijn hart als ik mensen nu hoor zeggen dat ze door de coronamaatregelen geen afscheid kunnen nemen. Het heeft bij ons weinig gescheeld. Bompa is overleden op 17 maart 2020, de dag nadien begon de eerste lockdown.”

Heeft hij het nieuws over corona nog gevolgd?

Polleunis: “Hij zal er wel iets van gehoord hebben, maar ik denk niet dat het nog echt tot hem is doorgedrongen. Hij was al te ziek.

“Hij zou het moeilijk gehad hebben met de lockdown. Omdat de cultuursector helemaal platviel, en omdat iedereen moest binnenblijven. Bompa was altijd de baan op, om te werken of om iets te doen met zijn vrienden.”

Er kwam veel reactie op zijn overlijden.

Polleunis: “Ongelooflijk. Het deed soms pijn, bijvoorbeeld om An Swartenbroekx te zien huilen bij Danira in Vandaag. Ze was erg close met bompa. Maar de vele steunbetuigingen deden ook deugd. Bompa heeft de mensen echt geraakt.”

Om de 30ste verjaardag van F.C. De Kampioenen te vieren, wilden de makers acht nieuwe afleveringen opnemen. Na het overlijden van je bompa werd dat één kerstspecial, tegelijk ook een eerbetoon aan zijn personage Xavier Waterslaeghers. Heb je de film gezien?

Polleunis (knikt): “Veel mensen vroegen me of ik het daar moeilijk mee had, maar dat viel best mee. Waarschijnlijk ook omdat ik vroeger al niet zo bezig was met de Kampioenen. Voor mij staat het personage van Xavier ver af van bompa. Het was wel mooi hoeveel berichten we weer kregen van mensen die het een prachtig eerbetoon vonden.”

Mis je hem?

Polleunis: “Elke dag. Maar ik kan er wel mee omgaan, ik ben een optimist. En het is intussen een jaar geleden. De scherpste kantjes zijn eraf.

“We stuurden geregeld mails naar elkaar. In de laatste die ik van hem kreeg, schreef hij: ‘Ik ben heel fier op u.’ Dat koester ik.”

DANSEN EN FEESTEN

‘1945’ is een instrumentaal jazznummer. Heel ingetogen, met een vleugje melancholie.

Polleunis: “Ik ben vertrouwd met jazz. Ik drum in een fusionband, waar we geregeld jazznummers spelen, in het middelbaar studeerde ik jazzdrum, en mijn mama luistert al zolang ik me kan herinneren naar jazz. Maar ik zou mezelf geen jazzmuzikant noemen, eigenlijk speel ik alle genres graag.”

Wat wil je na je studies doen? Gaan leven van de muziek?

Polleunis: “Dat is mijn ultieme droom: de wereld rondreizen en muziek maken. Eender wat. Mijn favoriete genre is metalmuziek, maar ik speel ook graag jazz en pop. Op de drums, piano, gitaar, maakt niet uit. Als ik maar kan spelen. Maar ik besef dat het niet makkelijk is. Het is weinigen gegeven.”

Je zou kunnen deelnemen aan een tv-programma zoals Belgium’s Got Talent.

Polleunis: “Grappig dat je het zegt: ze hébben me gebeld voor een talentenjacht op tv, om te vragen of ik met ‘1945’ wil meedoen. Ik heb geweigerd. Dat nummer is gemaakt voor bompa, niet om een wedstrijd mee te winnen. Voor mij is muziek geen competitie, het gaat niet over winnen of verliezen. Het is een manier om me te uiten.”

Je nummer is wel opgepikt: het werd onder andere gespeeld op MNM.

Polleunis: “Dat vond ik ongelooflijk. Vorig jaar, toen bompa net was gestorven, gaf ik een kort interview aan Het Belang van Limburg. Nu had ik die journalist een bericht gestuurd om te zeggen dat ik een nummer over bompa had gemaakt. Hij heeft daar een artikeltje over geschreven. Dat was het, meer promotie heb ik er niet voor gemaakt. En toch werd het gedraaid op MNM, Het Nieuwsblad wilde een interview, ik was live op Studio Brussel en Radio2… Mijn telefoon stond niet stil. 15 minutes of fame.”

Komt er een vervolg?

Polleunis: “Ik ga een ep maken met een producer, onder een andere naam, en in een totaal ander genre. Het wordt mijn bachelorproef, dus ik ga nog niet te veel verklappen. Wie benieuwd is: op Instagram zet ik geregeld updates.”

Ben je bang dat corona je carrière zal afremmen?

Polleunis: “Niet echt. Ik hoor soms zeggen dat het niet meer goedkomt, dat mensen bang gaan blijven en dat het nooit meer hetzelfde zal worden, maar daar geloof ik niks van. Volgens mij gaan we gewoon weer dansen en feesten en samenkomen, en heel deze periode achter ons laten.”

De lockdown valt veel mensen zwaar, maar vooral jongeren moeten veel missen. Lukt het voor jou allemaal nog?

Polleunis: “Ik mis het om met mijn vrienden te repeteren en op te treden, en om zelf naar optredens te gaan. Ik vind het superjammer dat de festivals weer worden afgelast. Maar ik weet dat ik niet mag klagen: ik ben student, ik moet niet van mijn muziek leven. Beroepsmuzikanten hebben het nu veel moeilijker.

“Eigenlijk kan ik best goed om met de lockdown. Ik zit sowieso graag binnen. Ik ben veel bezig met muziek, ik schrijf nummers, en ik oefen veel. Ik heb een volledige plaat opgenomen, gewoon voor mezelf. De rust brengt me inspiratie.”

Tot slot iets helemaal anders. Hoe vaak krijg jij, in normale tijden, een dagschotel aangeboden op café?

Polleunis (lacht): “Dat is niet te tellen. ‘Een dagschotel op uw gezondheid!’ Best grappig, want ik drink geen alcohol.”

Waarom niet?

Polleunis: “Geen idee, eigenlijk. Er zit geen grote theorie achter. Ik heb ook nooit gerookt of drugs gebruikt. Ik heb het gewoon niet nodig om gelukkig te zijn. Zolang ik mijn muziek maar heb.”

‘1945’ is te beluisteren op Spotify, YouTube en iTunes.

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234