Zaterdag 14/12/2019

Fashion

De kledij van auteurs geanalyseerd: “9 op de 10 schrijvers zouden iets aan hun kledingstijl moeten doen”

‘Esquire’-hoofdredacteur Arno Kantelberg. Beeld BELGAIMAGE

In De stijl van de schrijver wordt niet het woordgebruik of de zinsbouw van auteurs geanalyseerd, maar wel hun modieuze voorkeuren. Arno Kantelberg, hoofdredacteur van het Nederlandse Esquire en zelfverklaard ‘stijlpastoor’, legt uit waarom.

“Waarom zou ik mijn haar afknippen? Harry Mulisch knipt zijn neus toch ook niet af.” Dat zou auteur Herman Brusselmans hebben geantwoord toen de promotieafdeling van zijn uitgeverij had voorgesteld om zij haar te knippen. En zijn vaste ensemble van jeans en t-shirt in te ruilen voor een kostuum. Brusselmans moest er niet van weten, en is Brusselmans gebleven.

Herman Brusselmans. Beeld Greetje Van Buggenhout

Het is één van de anekdotes uit De stijl van de schrijver, het nieuwe boek van Arno Kantelberg. Kantelberg is hoofdredacteur van de Nederlandse editie van Esquire, Men's Health en National Geographic, en zelfverklaard ‘stijlpastoor’ van Nederland. Hij hield de vestimentaire keuzes van een reeks Nederlandstalige auteurs tegen het licht – van Louis Couperus tot Dimitri Verhulst. Met natuurlijk voldoende aandacht voor ‘de Grote Drie’ – Harry Mulisch, Willem Frederik Hermans en Gerard Reve – en Vlaamse collega’s als Tom Lanoye en Hugo Claus.

“Ik heb een wekelijks cursiefje in de Volkskrant”, legt Kantelberg uit. “Daarin beschrijf ik de stijl en de kledij van bekende Nederlanders. Onvermijdelijk komt er dan ook eens een schrijver voorbij, en ik dacht: daar zit wel een boekje in.”

Kantelberg noemt het “onbegraasd terrein”, een stijlanalyse van auteurs. In tegenstelling tot muzikanten, van wie het imago en dus ook de kledij uitvoerig wordt geanalyseerd, is er nog maar weinig in de auteursmode gegrasduind. Tot nu dus. Niet dat elke auteur het verdient om aan een analyse van de Esquire-hoofdredacteur te worden onderworpen.

“Negen van de tien schrijvers zouden iets aan hun stijl moeten doen. De generatie babyboomers, die in de jaren 70 en 80 het literaire landschap domineerden, deelden een al dan niet gespeelde desinteresse voor kledij. Alsof aandacht voor stijl tekortdeed aan hun literaire kwaliteiten. Die gedachte is een tijdje en vogue geweest. Daar zijn we nu gelukkig weer vanaf.”

Harry Mulisch. Beeld BELGAIMAGE

“Maar ik wil niemand in de knieën schieten. Dit boekje is geen afrekening, maar een ode aan stijlvolle schrijvers.” Al kwam daarvoor natuurlijk niet eender welke auteur in aanmerking. “Ik heb geselecteerd op hun bijzonderheid. Als het te gewoontjes blijft, is de lol eraf. Daarom heb ik auteurs gekozen die er niet uitzien als de gemiddelde functionaris.” 

Auteurs als Harry Mulisch, bijvoorbeeld. “Je kunt moeilijk om Mulisch heen. Hij woonde, net als ik, in Amsterdam, en hij bezat de drift om zichzelf voortdurend te tonen. Hij flaneerde echt door de stad, en dan zag ik hem vaak, met zijn opvallende manchetknopen en zijn gouden stropdas. Hij was een uitzonderlijk figuur. En zijn boeken waren al even flamboyant geschreven.” Of, zoals het in De stijl van de schrijver staat: “Zijn romans waren als zijn verschijningsvorm: ingenieuze composities met een geraffineerd oog voor detail.”

Monumentaal

Want ook dat blijkt uit De stijl van de schrijver: vestimentaire keuzes zeggen vaak ook iets over de stilistische kwaliteiten van een bepaalde auteur. “Kijk naar Hugo Claus. Hoeveel bladzijden telt Het verdriet van België? 700? 800? Wel, op het vlak van kledij hield hij het ook niet bepaald klein. Hij koos voor bontjassen en kostuums met een grote revers. Hij hield, met andere woorden, van een monumentale stijl. Je kunt perfect de brug slaan naar zijn literaire stijl.”

Hugo Claus. Beeld RV

Ook bij Dimitri Verhulst en Peter Buwalda kun je een link leggen tussen hun voorkomen en hun oeuvre, vindt Kantelberg. Al draait het bij hen niet zozeer om hun kledij, maar om hun verwilderde kapsel. “Zij zijn de Mick Jaggers van de Nederlandstalige literatuur. Vooral hun haardos is heel rock-’n-roll. Die rebellie, die opstandigheid, zie je ook in hun werk. Hun uiterlijk en hun schrijven overlapt echt.”

Durf en originaliteit

Wie, zo willen we ten slotte weten, steekt er echt bovenuit voor Kantelberg? Jules Deelder, “de man die weet dat je als dichter niet alleen gehoord maar ook gezien mag worden”, zoals hij in het boek wordt omschreven. “Van zijn stijl ben ik grote fan. Hij is heel autonoom: in de jaren 60 en 70, ten tijde van de hippies, waren spijkerbroeken en corduroy jasjes de trend. Maar hij droeg strakke pakken en kamde zijn zwarte haar naar achter. Hij deed gewoon zijn eigen ding, en dat doet hij nu nog. Hoeden zijn uit het straatbeeld verdwenen, maar hij draagt ze nog. En hij draagt Italiaanse vesten, zonder split dus, en met één knoop. Dat doet niemand nog, zelfs niet in Italië. Ik vind dat fantastisch. Het getuigt van durf en originaliteit.”

Jules Deelder. Beeld ANP Kippa

De stijl van de schrijver verschijnt dinsdag bij Uitgeverij Podium.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234