Maandag 21/10/2019

Dans

Dansen met een doos: de wonderlijke werken van Christian Rizzo

Christian Rizzo stelt in 'Ad Noctum' de salondans centraal. Beeld rv STUK

We dansen allemaal. De Franse choreograaf Christian Rizzo bouwde een trilogie rond dat onuitroeibaar sociaal ritueel. Het tweede deel, Ad Noctum is nu op tournee in Vlaanderen. Het derde volgt op het Festival December Dance 2017 in Brugge. Rizzo is daar ook curator van dienst.

Christian Rizzo is van vele markten thuis. Hij startte als rockmuzikant en modeontwerper, maar met zijn choreografische werk was het pas echt raak. In 2015 haalde hij de positie van artistiek leider van het Centre Choréographique National van Montpellier binnen, in Frankrijk een erkenning dat je tot de groten behoort.

Rizzo dook hier in 2005 voor het eerst op tijdens het laatste Klapstukfestival in Leuven. Zij twee stukken hadden absurd lange titels. De solo Autant vouloir le bleu du ciel et m’en aller sur un âne was een schok. Eén lange ijlende litanie waarvan alleen de laatste zin begrijpelijk was: le merveilleux est sans fin, het wonderbaarlijke kent geen grenzen. Soit le puits était profond, soit ils tombaient très lentement, car ils eurent le temps de regarder tout autour leek het absolute tegendeel van die razende waanzin: een groep acteurs en dansers droeg er de kunst met een grote K plechtig, maar nogal luchthartig ten grave.

Die stukken zijn het ABC van de Rizzo in een notendop. Zijn werk gaat over kunst, maar dan zoals in ‘gekunsteld’: geraffineerd van vorm, rijk aan beelden, vol referenties aan de geschiedenis, maar ook ijl en leeg, alsof de kunstenaar de eerste was om te zien hoe futiel en vergankelijk kunst wel niet is. De grondtoon bij Rizzo is inderdaad melancholisch. Wonderlijke beelden, op het thema van dood en vergankelijkheid. Rizzo is een kwetsbare man. Zijn gezelschap heet niet toevallig L' association fragile. Maar een treurige kasplant is hij desondanks niet: zijn werk straalt ook passie en humor uit. 

Chopin en Satie

Die passie kwam in 2013 volop aan bod in D’ après une histoire vraie. Dit stuk voor acht mannelijke dansers eindigt met een uitbarsting van volkse vitaliteit, voortgestuwd door straffe drumpartijen van Didier Ambact en KingQ4. Het werd het eerste deel van een trilogie rond dans als sociaal ritueel. Ad Noctum is daar het omfloerste vervolg op. Hier staat salondans centraal. Het stuk baadt in de zwaarmoedige sfeer van Chopin en Satie, al hoor je die muziek niet letterlijk.

Op het podium: een reuzentapijt met een grillig geometrisch patroon van gebroken zwarte en witte strepen die het perspectief tarten. Het stuk begint met een verticale streep licht die in het niets lijkt te zweven. In dat vale schijnsel ontwaar je twee dansers, Kerem Gelebek en Julie Guibert, rug aan rug. Ze stappen traag, plechtig, heen en weer, heffen de armen, lossen elkaar, draaien om elkaar heen, en hollen dan weg. Black-out. Daarna begint alles van voor af aan.

Daarmee is het patroon gegeven: een duet, afgebroken door black-outs. Maar dat schema zit vol verrassingen. Zoals wanneer de dansers zich ver van elkaar verwijderen, maar elkaar wel volgen met quasi mechanische precisie en veel gevoel tegelijk. Verwarrend is het ook, want de man beweegt hier zachter en precieuzer dan de vrouw. Dat verwacht je niet bij een dans die losjes verwijst naar salondansen. Ook de grillige variaties ervan verbazen, tot de dansfiguren bijna pijn aan je ogen doen door het contrast met het net zo grillige tapijt.

Ondertussen ontdek je dat eerste lichtlijn de ribbe is van een doos die boven het podium zweeft. Ze zit vol apparaten die bizarre effecten produceren: een rookwolk die uit het niets in verschijnt of een spookachtig hologram van de dansers. Even mysterieus is de elektronische score die op kousenvoetjes, met droge tikken aanzet, maar stilaande ruimte vult. Tot aan de apotheose. Na de laatste black-out zijn de dansers veranderd in twee Pierrot Lunaire' s die in brand staan, terwijl een lied van Arvo Pärt weerklinkt. Onvergetelijk.

Club de danse

Voor het derde deel van deze trilogie, Le syndrôme Ian (naar Ian Curtis van Joy Division), is het nog even wachten tot December Dance . Het festival opent met dit stuk dat de mosterd haalt bij de periode dat disco uit de gratie raakte door punk en pogo. Met naast Gelebek en Guibert zeven andere dansers die de vibe van de late jaren 1970 doen herleven.

Reken maar dat ook de rest van December Dance 17 opzien zal baren. In Montpellier zette Rizzo de dansscène al op zijn kop met avontuurlijke contacten tussen publiek en kunstenaars zoals de club de danse. Amateurs draaien er mee in het creatieproces van heuse choreografen.  Of anders nodigt Rizzo wel een cineast uit om zijn kijk op choreografie te tonen. Rizzo is geen hokjesdenker.

Uiteindelijk, zegt Rizzo, gaat het in choreografie om het eeuwige, maar steeds nieuwe probleem van lichamen die in de ruimte en de tijd geworpen zijn en daar iets van proberen te maken. Dat is niet per se dans, het kan ook film of beeldende kunst zijn. In afwachting is Ad Noctum een prima introductie op de man en zijn werk.

STUK Leuven 15/2, CC Brugge 17/2, De Warande Turnhout 29/3, CC Hasselt 31/3

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234