Dinsdag 02/06/2020

Urban

Dansen doet u in 2018 op de muziek van deze drie urbanpop-prinsessen

Blu Samu (Salome Dos Santos), AliA (Alyah Riviere), Angele (Angèle Van Laeken), revelaties in de urbanpop: 'Brussel houdt het monopolie op do-whatever-the-fuck-you-want.'Beeld Stefaan Temmerman

The future is fuckin’ female, lazen we onlangs op een Londense brug. In de Belgische urban scene lijkt die voorspelling alvast uit te komen. Blu Samu (23), Angèle (22) en AliA (18) rappen en draaien een fikse barst in het glazen plafond. ‘Ik wilde zo bad ass zijn als Lisa Simpson.’

Mocht u het voorbije jaar ten zuiden van Mordor zijn verdwaald: de urban scene in België was in 2017 bezig aan een steile opmars. Zelfs in Paris Match stond ons land even in de kijker: “België komt de boel vandaag even opschudden met Roméo Elvis, Damso, Angèle… Een beetje zoals Poelvoorde deed met le cinéma français : un grain de folie, une gueule.”

Gekte en een eigen smoel, dat is ook wat de drie dames bindt. De kans lijkt daarom niet gering dat een stedelijke mix van r&b, hiphop, rap, funk en jazz u volgend jaar opnieuw om de oren slaat. Meer nog: we durven ons geld in te zetten op een boer(inn)enjaar voor de jonge beloftes Angèle, Blu Samu en AliA. Drie dames die elk in hun eigen niche een ambitieus parcours uitzetten. Met de naaldhakken vooruit in het glazen plafond!

Angèle Van Laeken vertoont zelfs al grensoverschrijdend gedrag, zij het in de beste zin van het woord. Taal- en landsgrenzen heeft ze dit jaar geslecht met haar eerste single ‘La Loi de Murphy’. Die song werd in minder dan twee maanden tijd een virale hit: geen wonder voor iemand die meer dan honderdduizend volgers heeft op Instagram en drie miljoen views haalde voor haar eerste clip op YouTube. Les Inrocks noemde haar zelfs “de grote hoop voor 2018”.

AliA – roepnaam voor de Leuvense Alyah Rivière – speelt in maart 2018 op het Zwitserse Worldwide Festival, en Blu Samu – de Portugese Antwerpse Salomé Dos Santos, maar verkast naar Brussel – werkte zich op haar beurt in de kijker van IAMDDB: een karaktervol urban-jazztalent uit Manchester, die haar twee keer meenam naar de AB. Ook de Argentijnse Nathy Peluso liet haar oog al twee keer vallen op Blu Samu. Binnenkort staan ze weer samen op dezelfde concertaffiche.

We ontmoeten de drie dames in het penthouse-café van een Brussels hotel. 


Alyah is wat later op de afspraak, omdat ze op de hogeschool nog een presentatie moest doen. Zo piep is ze nochtans niet, als je haar leeftijd buiten beschouwing laat. Eerder programmeerde zij Blu Samu op een evenement in de Leuvense Fabrik. Salomé is op haar beurt dan weer goed op de hoogte van wat Angèle doet: in de Brusselse scene blijft niemand lang onbekend voor elkaar. “We zijn meer familie dan wat anders”, lacht ze.

Angèle Van Laeken: 100.000 volgers op Instagram en drie miljoen views voor haar eerste clip op YouTube.Beeld Stefaan Temmerman

Zoals het hoort in de hoofdstad, zal het gesprek spontaan overvloeien in een linguïstische mengelmoes. De antwoorden pendelen tussen Engels, Frans, Nederlands en straatlingo. Niet eens zo absurd: de debuutsingle van Angèle twijfelt ook tussen Frans en Engels, terwijl Blu Samu haar teksten brengt in het Engels, Frans, Portugees en op een blauwe maandag zelfs in het Nederlands. “Brussel houdt het monopolie op do-whatever-the-fuck-you-want”, lacht Salomé. “Maar Engels blijft voor mij toch het natuurlijkst klinken, meer nog dan Nederlands.”

België heeft nooit echt een ontwikkelde urban scene gekend. Dat is wel even anders in Engeland, Amerika of zelfs Frankrijk. Is dat een voordeel? Amerikaanse rappers kunnen vandaag hooguit een nieuw hoofdstuk breien aan de geschiedenis, of een lichtjes andere verhaallijn bedenken. Jullie schrijven nu zélf het boek.

Blu Samu: “Ik wil niet voor de hele scene spreken, dat kán ik ook niet. Maar er is waarschijnlijk wel iets van aan. De hele Brusselse scene kun je haast als één familie zien. Iedereen slaat de handen in elkaar, waardoor die sound zo bruist. Alles wordt één fusie. Die Brusselse atmosfeer waarin collaboraties worden aangemoedigd, spreekt me aan. En omdat de stad nu om die reden zo vaak in de kijker staat, zijn wij wellicht degenen die het verhaal momenteel mogen schrijven.”

Angèle: “Ik zit wat meer op mijn eigen eilandje dan Salomé, maar ik merk ook een grote loyauteit in de urban scene. Dankzij mijn broer (Roméo Elvis, GVA) ben ik trouwens zelf meer in die wereld beland.”

AliA: “Onlangs tekende ik bij het indielabel Tangram, en dat is eigenlijk ook zo’n beetje een familie. Mijn thuisstad Leuven heeft voorts een grote scene van house en trap – big beats. Maar ik mis er dj’s die allerhande stijlen combineren. Daar hou ik meer van. Maar ik besef dat zoiets moeilijk valt. In Het Depot of op een Tangram-avond kan ik doen wat ik wil, maar speel ik pakweg op de Oude Markt, dan ben ik meer gebonden door wat het publiek wil. Brussel, Gent en Antwerpen hebben dan wel een bredere kijk op muziek, merk ik. Daar kom ik zelfs weg met broken beats.”

Blu Samu: “Ik snap je helemaal. Ik haat het trouwens als dj’s voorspelbaar zijn. That’s just shit. Zelf experimenteer ik met stijlen en genres, omdat ik zoek naar mijn eigen stem, mijn eigen geluid. Nu al vastgepind worden op één stijl zou me weinig zeggen. Dat is trouwens niet anders bij de mensen met wie ik omga: Le 77, Zwangere Guy, … Het gaat volgens mij niet lang duren voor ik een hele mellow song schrijf met Zwangere Guy. We hebben zowat dezelfde achtergrond.”

Echt? De jeugd van Zwangere Guy ging niet bepaald over rozen.

Blu Samu: “Wil je mijn levensverhaal horen? Wel… Ik ben geboren in België maar werd meteen naar Portugal gestuurd door mijn moeder. Pas toen ze het papierwerk in orde kreeg, kon ik terug. Toen was ik zes. Mijn moeder en ik hadden het niet breed. Ze moest werken van zes uur ’s ochtends tot acht uur ’s avonds om een minimuminkomen bij elkaar te schrapen én een schuldenberg af te bouwen. Er was nooit tijd om samen leuke dingen te doen: ik wéét dat ze het daar heel zwaar mee had.

“Ik was niettemin een vrolijk kind dat volledig in zijn eigen fantasiewereld zat: ik droomde toen al van acteren en zingen. Voor haar was dat onbegrijpelijk: uit eigen ervaring wist ze dat de wereld angstaanjagend en koud was. Hoe vaak ze me niet gezegd heeft dat ik nooit zou overleven met mijn happy-go-luckymentaliteit…”

Kreeg ze gelijk?

Blu Samu: “Toen ik volwassen werd, is alles in mijn gezicht ontploft. Ik stopte met school nog voor ik mijn diploma had, terwijl mijn moeder in Zweden zorgde voor een of andere ouwe rich dude. Omdat ze afwezig was, ging ik rondhangen met de afschuwelijkste vriendenkliek in Luik. We went completely batshit crazy together. De facturen die binnenstroomden, bekeek ik niet. En ik wilde ook niet voor mezelf zorgen: ik was een stom, rebels kind. Toen alles fout begon te lopen, heb ik mijn moeder huilend moeten bellen: kom alsjeblieft terug.”

Is het moeilijk om daarover te praten?

Blu Samu: (haalt de schouders op) “Al die shit zit ook verweven in mijn songs. Met mijn eerste liefde werd het ineens ook heel intens tijdens die wilde jaren. Hij had last van psychoses. Verdacht alle mensen rond zich ervan dat ze hem wilden vermoorden. Nasty. Toen hij stierf op zijn 21ste, heb ik mijn eerste échte song geschreven: ’Trapped’. Nadien heb ik urenlang zitten huilen. Pas op dat moment besefte ik wat de kracht van muziek is. Een geluk bij een ongeluk. Echt waar.

“Over tien jaar zal ik misschien eindelijk de mens worden die ik altijd wilde zijn, dankzij het inzicht dat ik heb verworven uit mijn songs. Ik ben zo dankbaar voor die uitlaatklep.”

Blu Samu: 'Toen ik volwassen werd, is alles in mijn gezicht ontploft. Ik stopte met school nog voor ik mijn diploma had, terwijl mijn moeder in Zweden zorgde voor een of andere ouwe rich dude.'Beeld Stefaan Temmerman

Angèle en Blu Samu, zien jullie dat ook zo?

Angèle: “Mijn verhaal is natuurlijk niet te vergelijken met dat van Salomé. Ik had ook niks om tegen te rebelleren als puber: mijn broer haalde zoveel uit dat alles wat ik deed gewoon passeerde (lacht). Maar het is wel zo dat songs louterend werken. Het is verleidelijker om te schrijven over intense onderwerpen. Liedjes over zaken die je intriest maken, zijn bovendien interessanter om naar te luisteren dan songs over zonnestraaltjes in de ochtend en hemels geluk (lacht).

“Ik heb het geprobeerd, hoor. Maar de duisternis inspireert meer dan cheesy vrolijkheid. Mijn eerste grote ruzie met mijn vriendje zorgde de volgende morgen bijvoorbeeld voor de eerste zin van een nieuwe song. Geluk bij een ongeluk, dus.”

Blu Samu: “Een vrolijk nummer kan anders ook heel heftig zijn. Maar in vier jaar tijd is het me maar één keer gelukt. Die funky song moet ik misschien toch maar eens uitbrengen (lacht).”

AliA: “Jouw songs klinken nochtans niet zwaarmoedig, vind ik.”

Blu Samu: “Dat snap ik. Tot je naar de teksten luistert (lacht). Mijn lyrics zijn altijd heel intiem en intens. Ze vertellen alles over mijn leven.”

Bij Angèle is dat eigenlijk niet anders. Op sociale media lijkt haar leven gemaakt voor de lens. Ze geeft toe dat haar eerste uitverkochte Botanique volledig aan Instagram te danken is. “En alles wat me nu overkomt, was niet gebeurd als ik niet zo veel volgers had gehad.”

Zo wuift ze meteen ook weg dat haar bekende vader en broer veel in de pap te brokken hadden. Als kind was dat moeilijker. Overal waar zij en Roméo Elvis kwamen, waren ze de kinderen van Serge Van Laeken, bassist van Allez Allez. Zelf had ze daar geen verdienste aan. Ze had er zelfs nooit om gevraagd. Maar alles veranderde met sociale media. ‘Tellement fier de ma soeur, qui va me piquer tout mon buzz’, postte Roméo Elvis eerder dit jaar trouwens nog op Instagram.

Je hebt intussen ook je eigen label, Angèle. Maar ik vermoed dat de grote platenfirma’s inmiddels aan de lijn hangen.

Angèle: “Dat is zo. Maar ik weet nog niet wat ik ga doen. Voorlopig probeer ik het zelf, met een vast team. Ik werk onder andere met twee managers: een van hen was ooit mijn babysit en de andere is een ervaren rot die onder meer werkt met Puggy. Mensen die ik volledig vertrouw. Die constructie kost nu al zoveel, dat ik ook in zee ga met een publisher, die mijn muziek aan reclames, films en series uitleent. Maar goed, de zakelijke kant interesseert me eigenlijk niet zoveel.”

AliA: “Ik wil ook zoveel mogelijk op mezelf doen als dj. Geen back-2-backsets. Momenteel kijk ik ook naar het buitenland. Binnenkort krijg ik trouwens mogelijk een radioshow in Rotterdam.”

Blu Samu: “Ik zou nu willen zeggen dat er heel snel singles, collabs en projecten verschijnen. Maar ik durf me niet meer vast te pinnen op een datum. Ik ben intussen vier jaar bezig, en ik ben er achter gekomen dat je in dit wereldje vooral heel veel geduld moet hebben.”

Angèle: “Hoe oud ben jij nu?”

Blu Samu: “21 (denkt even na:) Euh, nee. Ik ben al 23. Shit! De tijd vliegt.”

Angèle: “Dat snap ik. Ik ben nu twee jaar professioneel bezig, maar al sinds mijn vijfde studeer ik klassieke piano. Ik heb ook even in Antwerpen jazzstudio gestudeerd, maar alles lijkt in een flits gebeurd.”

Blu Samu: “Ik heb zelf even saxofoon gespeeld, toen ik dertien jaar oud was. Omdat ik zo bad ass als Lisa Simpson wilde zijn (lacht). Maar ik beet mijn tanden stuk op notenleer. Bovendien kon ik de hoge noten zelfs als kind niet halen, tot grote ergernis van de lerares: ik heb een vrij lage stem. Het was zo frustrerend dat ze geen les op maat gaven, dat ik er na twee jaar de brui aan heb gegeven. Jammer, want ik zou nog altijd sax willen kunnen spelen.”

Salomé, jij zat ook samen op school met Coely.

Blu Samu: “We hebben zelfs ooit een talentenshow gedaan in het middelbaar. We zongen ‘Cry’ van Rihanna – zij de hoge stem, ik de lage stem natuurlijk (lacht). We bellen elkaar nog altijd. We geven elkaar voortdurend raad. Ik zeg meestal dat ze wat minder gas moet geven!”

Ook jij, AliA, bent nog niet zolang intensief bezig met muziek. Maar je kunt je al beroemen op een paar bescheiden hoogtepunten.

AliA: “Met Lefto en Gilles Peterson sta ik samen op de affiche voor een festival binnenkort. Dat is een droom natuurlijk. Ook als je een netwerk wilt aanleggen met nieuwe contacten.”

Hebben jullie lichtende voorbeelden? Ik vraag het maar omdat Angèle fan zou zijn van Hélène Ségara, de meest romantische zangeres van Frankrijk. Ik moest haar even opzoeken: denk aan Céline Dion of Barbra Streisand, maar dan in het Frans.

Angèle: “Ze is érger dan Barbra Streisand, geloof me (lacht). Maar ik hou nostalgische herinneringen over aan haar muziek. Mijn vader was zo blij toen ik begon te zingen als kind, weliswaar op haar liedjes, dat hij me haar cd’s kocht. Ik zong altijd mee, maar op mijn elfde was ik die platen beu. Maar nu kijk ik op haar terug als de lont in het kruitvat.”

Blu Samu: (haalt de schouders op) “In mijn jeugd werd ik ook vooral beïnvloed door cd’s met cheesy tophits. Nee, écht (lacht). Die kocht mijn moeder voor me, maar als ik door alle shit baggerde, kwam ik altijd wel één of twee liedjes tegen die me raakten. Zo heb ik The Fugees en 50 Cent leren kennen: dankzij Lauryn Hill raakte ik geïntrigeerd door hiphop. Vandaag word ik meer beïnvloed door alle mensen rondom me, met wie ik persoonlijk werk. Mensen als Le 77 en Zwangere Guy. Maar ik vind een artieste als IAMDDB ook geweldig; ik heb onlangs twee keer mogen openen voor haar in de AB. Een ongelooflijke eer, want ik kijk naar haar op.”

AliA speelt in maart aanstaande op het Zwittserse Worldwide Festival.Beeld Stefaan Temmerman

Durf je ook op zulke idolen af te stappen?

Blu Samu: “Ik vraag het hen op de man af: wát is je geheim? Vertel het me, nú! Maar er is geen geheim, behalve ambitie en hard werk.

“IAMDDB gedraagt zich bovendien heel zelfverzekerd, maar tegelijk is ze wat onhandig. Dat maakte mij bijzonder gelukkig: ik voel me vaak nogal stuntelig en reageer dan net zo klungelig op het podium. Dat ik niet de enige ben die daar mee worstelt – meer zelfs, dat alle artiesten zo’n beetje socially awkward zijn – was een ongelooflijke revelatie. Clumsy is cute (lacht).”

Jij komt ook nogal schichtig over op een podium, Angèle. Als we het niet wisten, zouden we nooit denken dat je de broer van podiumbeest Roméo Elvis zou zijn.

Angèle: “De anti-Roméo (lacht). Toch voelt het podium heerlijk aan. Voor elk optreden ben ik misselijk van de stress maar zodra ik voor het publiek sta, glijdt alles van me af. Ik denk dat mijn opvoeding daar voor veel tussen zit. Ik heb nooit anders geweten dan dat mijn ouders op een podium stonden. Een interview geven of een clip opnemen vind ik veel angstaanjagender.”

Je hebt ook in het voorprogramma van Damso gespeeld, die grote zalen in Frankrijk en België vult. Zelfs dáár voel je je op je gemak?

Angèle: “Nee, dat was een ander paar mouwen (lacht). Met Ibeyi heb ik vier dagen getoerd in Frankrijk, en dat was heel gemakkelijk en comfortabel: het publiek was elke avond bijzonder stil en dankbaar. Maar met het publiek van Damso heb ik een heuse strijd moeten leveren. Maar ik heb er veel uit geleerd. Als je voor zo’n act speelt, wacht niemand op jou. Dat is een eerste grote ontnuchtering.

“Voor veel jonge fans is het hun eerste concert: die ketjes staan al uren aan te schuiven en wanneer er éindelijk actie op het podium is, moeten ze eerst nog een blond meisje met haar piano doorstaan. (met gespeeld lolitastemmetje) Hallo, ik breng liedjes over de liefde! Geen makkelijke leerschool: ik voelde me een clown voor een circus van duizenden uitgelaten kinderen.”

Tot nader order word ik nog steeds voor een man versleten. Misschien kan ik daarom niet echt oordelen of Damso van de urban scene een machobastion maakt, zoals beweerd wordt.

Angèle: “Ik vond de hele commotie rond Damso en de Rode Duivels overtrokken. Ik begrijp het wel, hoor. Zijn taalgebruik is wel degelijk gewelddadig en vulgair. Het gebeurde zelfs dat ik samen met Sylvie (tourmanager en voormalige babysit, GVA) stond te dansen tijdens zijn concert en we elkaar ineens met grote ogen aankeken: heeft hij dat nu écht gezegd?! Als feministe, die ijvert voor gelijkwaardigheid, is dat heel paradoxaal: ik hou van zijn songs en stijl, maar ik stel me ook vragen bij zijn uitlatingen. Het is vaak grootspraak, maar toch…”

“Anderzijds moet je begrijpen waar hij vandaan komt. Nu is zijn muziek mainstream, maar Damso is iemand die het straatleven kent. Hun taaltje is nogal… speciaal. Dat is nu eenmaal zijn universum. En ik zweer het je: Damso is de grootste feminist die ik ken. Vergeet niet dat hij een meisje als voorprogramma van zijn concert vroeg, omdat hij geloofde dat ik het voor elkaar zou krijgen. Achteraf heeft hij me trouwens nog een compliment geven over mijn ballen: hij vindt ze groot (lacht). Zijn manager is bovendien ook een vrouw: hij respecteert ons wel degelijk.”

Blu Samu: “Je kunt iemand toch niet kwalijk nemen dat hij rapt over de wereld waaruit hij komt? Om hem daarom te willen uitsluiten voor een lied voor de Rode Duivels… dat vind ik infantiel.”

Zijn de tijden veranderd? Vroeger werden zangeressen al eens voor popjes versleten in de urban scene. En nu?

Blu Samu: “Alleen maar positieve ervaringen. Meestal gaat iedereen – mannelijk én vrouwelijk –uit zijn dak omdat ze anders zo vaak kerels op het podium zien. Ik word niet geconfronteerd met seksisme, maar misschien komt dat ook omdat ik meteen onder de vleugels werd genomen door Le 77 en de hele scene vertrouwd met me is.

“Backstage merk ik wel eens aan de bacchanalen dat ik in een mannenwereld zit. Maar fragiliteit wordt net zo goed beantwoord op een heel zachte manier. Misschien heb ik gewoon geluk met mijn entourage, natuurlijk.”

AliA: “Ik heb het wél al meegemaakt als dj. Dat mannen ostentatief naast je komen staan en op je vingers kijken: allee, een meisje dat aan het draaien is. Ik probeer me daar niets van aan te trekken, omdat ik draai voor mensen die me wél snappen (lacht).

“Maar ik merk wel dat een vrouw die draait nog steeds als iets zonevreemds wordt bestempeld. Ze denken dan misschien dat ik gewoon een USB-stick insteek, of niet precies weet hoe ik met naald en plaat moet omgaan. Dat is onwaarschijnlijk stom, zo’n machogedrag. Maar anderzijds zie je natuurlijk niet veel meisjes aan de draaitafels. Al komt dat misschien net omdat ze wat geïntimideerd raken door de mannelijke overmacht.”

Heel wat vrouwelijke artiesten leggen vandaag de vinger op die wonde. Princess Nokia vroeg onlangs nog aan haar publiek om gekleurde mensen naar voren te laten schuiven. Het blanke mannenclubje moest een stap naar achteren zetten. Geen idee wat ik daarvan moest denken, eerlijk gezegd.

Blu Samu: “Dat zul je dus nooit op een concert van mij zien. Vrouwen of andere minderheden voortrekken. Ik wil dat iedereen zich gelijkwaardig voelt. Als iemand zich lullig gedraagt, spreek ik die persoon daar gewoon op aan. Meestal is zo’n kerel het toch niet gewoon dat die wordt tegengesproken. Dat hélpt. We all have to be on the same page. Dat moét gewoon. Anders komt er nooit verandering.” 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234