Zondag 09/08/2020

Dag 2 volgens Bart Steenhaut: The Cat Empire (***1/2) en First Aid Kit (****)

Beeld alex vanhee

Het Pukkelpopteam van De Morgen stuurt ook dit jaar vier recensenten naar de weide. Ze hebben voor de volgende drie dagen elk een eigen traject uitgetekend en plechtig beloofd om elkaar nooit voor hetzelfde podium tegen te komen. Dit is het parcours van Bart Steenhaut: Nick Mulvey, Sharon Von Etten, First Aid Kid, The Cat Empire, Ed Sheeran, The National en The War On Drugs.

The War On Drugs (*****)
Het was een vreemd allegaartje dat zich in de Club had opgesteld voor het concert van The War On Drugs. Je had de fans van het eerste uur die blij waren dat het gezelschap eindelijk de weg naar Pukkelpop had gevonden, de nieuwe bekeerden die de groep pas dit jaar ontdekten met het uitmuntende Lost In The Dream, mensen uit de industrie die wilden weten of ze -na wervelende concerten op Les Nuits Botanique en Best Kept Secret- opnieuw konden bevestigen.

En dan had je nog een paar handenvol vip's die gewoon voor het juiste podium wilden gespot worden. Het zegt veel over de status die de uit Philadelphia afkomstige rockgroep sinds kort verworven heeft. Lost In The Dream nu al de plaat van 2014 noemen is wellicht iets te voorbarig, maar dat de cd hoog in allerlei eindejaarslijstjes zal eindigen staat niet ter discussie, en ook het optreden dat de band vrijdagnacht gaf was er pàl op.

Opener 'Under The Pressure' zette meteen de bakens uit: verschroeiende Springsteen-rock met flink wat echo's uit de Amerikaanse fm-rock van de jaren tachtig, en dan dat weer gecombineerd met de bij momenten erg Dylaneske frasering van zanger Adam Granduciel. Een zinderend begin, en met 'Baby Missiles', 'Eyes To The Wind' en 'An Ocean Between The Waves' werd de formule nog verder uitgediept.

De band speelde bevlogen, de ene sprankelende gitaarsolo ging haast naadloos in de andere over, en met rond een heerlijke piano opgebouwde 'Burning' nestelde Granduciel zich strategisch tussen Jackson Browne en Tom Petty. Zowel band als publiek zaten mee in de trip, en tilden elkaar hogerop. Met 'Lost In The Dream' stevende de set op een bloedstollende apotheose af, en de fans wilden méér.

Het podium werd al ontmanteld, de pauze muziek klonk opnieuw door de luidsprekers, maar uiteindelijk werd er zo hardnekkig om een bis geschreeuwd, dat er na lang aandringen nog 'In Reverse' af kon. Passie en perfectie waren een dik uur lang met elkaar in evenwicht, en achteraf had je -samen met een paar duizend anderen- het gevoel dat je echt iets had bijzonders had meegemaakt. Collectief kippenvel.

Beeld Alex Vanhee
Beeld Alex Vanhee

Ed Sheeran (****1/2)
"Mijn naam is Ed Sheeran en het is mijn job om jullie te entertainen. Het pubiek komt de taak toe om geëntertaind te worden." Daarmee was de taakverdeling meteen duidelijk, en het moet gezegd: beide partijen hielden zich perfect aan de afspraak.

Sheeran wordt wel eens een tieneridool genoemd, maar dat is een misvatting. Zeker: hij telt een boel jonge meisjes onder zijn fans (die hadden dan bordjes gemaakt met boodschappen als 'We wanna see you shirtless' en 'I love you more than free wi-fi') maar op z'n drieëntwintigste is de singer/songwriter vooral een performer met ballen ter grote van het Atomium, en een arsenaal nummers die élke generatie aanspreekt.

Op Pukkelpop stond hij vlak voor topact The National op het hoofdpodium geprogrammeerd, en dat was niet overdreven. Slechts vergezeld door een akoestische gitaar en een sample-machine waar hij zélf tweede, derde en soms vierde partijen inspeelde pakte de drieëntwintigjarige Brit de massa op indrukwekkende wijze in.

Een fotomodel is hij niet: warrig rossig haar, doordeweeks ruitjeshemd aan en de meest ordinaire jeans uit de hele winkel. Maar nummers schrijven kan ie dus wel. En performen ook. In die mate zelfs dat hij het publiek netjes aan zijn kant hield terwijl de regen met bakken uit de hemel viel.

Het revanchistische 'Don't' - over een bevriend muzikante die met 'n andere vent in de koffer dook - klonk hoekig en cool, en bovendien was het een ingenious idee om er een zucht van de Blackstreet-classic 'No Diggity' in te verwerken. Ook slim: de leegte op het podium opvullen met vier vierkante videoschermen waarom livebeelden van Sheeran werden geprojecteerd, zodat je ook visueel het idee kreeg dat er een hele band op het podium stond. 'Lego House' hield de vaart erin, en zelfs als het even wat klef dreigde te worden - tijdens 'Thinking Out Loud' - gebood hij het publiek om op elkaars schouders te kruipen, zodat het toch nog een heus festivalmoment werd. De ballad 'The A Team' werd tot aan de achterste rijen van de weide opgepikt, en het als finale opgespaarde 'Sing' was er eveneens pal op.

De combinatie van talent, 'guts' en werkkracht leverde op die manier een uitstekend concert op. Nooit gedacht dat ik het zou zeggen, maar Ed Sheeran groeide op een uur uit tot één van de absolute hoogtepunten van twee dagen Pukkelpop. Het wordt een hele, hele grote.

Beeld Harry Heuts

The Cat Empire (***1/2)
Een band met een naam als The Cat Empire Power wekte als fervent poezenliefhebber als vanzelf onze nieuwsgierigheid op. Het bleek een Australisch feestorkest dat ska met reggae kruiste, daar flink wat latino-invloeden aan toevoegde en het geheel verder afkruidde met wat nerveuze balkanbeats. De driekoppige blazerssectie toeterde alsof ze in het jungleboek terecht waren gekomen, en met zowel een drummer als een percussionist erbij swingde de band als een spreekwoordelijke tiet.

Tel daarbij nog een dj die zich een ongeluk scratchte én twee frontmannen die geen kans onbenut lieten om een brug met het publiek te slaan, en je kreeg een spetterend feestje zoals Gogol Bordello en de Parov Stelar Band die ook plegen te bouwen: bruisende, pretentieloze popmuziek die het minder van artistieke mérites moet hebben, maar wél voluit op de benen mikt. En gedanst wérd er. Het duurde niet lang of er beginnen festivalgangers rond hun as te draaien, achter elkaar te hossen of in de nek van hun buurman te klauteren.

Naarmate de set vorderde liep de Marquee quasi vol, en wie kwam bleef tot het einde. De songs zélf waren niet onvergetelijk, en de kans dat we thuis snel een plaat van dit gezelschap zouden opleggen is gering. Maar live was The Cat Empire goed voor vijftig minuten tevreden gespin.

Beeld alex vanhee
Beeld alex vanhee

First Aid Kit (****)
Hoe kunnen twee meisjes uit Zweden - zussen dan nog- zo Amerikaans klinken? Johanna en Klara Söderberg cultiveerden als jonge tieners een liefde voor country, en beschouwen Gram Parsons, Townes Van Zandt en Emmylou Harris als hun belangrijkste voorbeelden. Over die laatste hebben ze met 'Emmylou' zelfs hun bekendste nummer geschreven.

Live werd First Aid Kit aangevuld met een drummer en pedal steel gitarist, die een nuttige aanvullig vormden op de perfecte samenzang van de twee meisjes. Niets blend zo mooi als stemmen van verwantte muzikanten. Dat merkte je nog het meest tijdens 'Love Interruption', hun knappe cover van Jack White, zelf trouwens ook een fan.

Ondanks hun prille leeftijd hadden de Söderbergs de kunst van het songschrijven al aardig in de vingers, met het in volle gallop voorbij hobbelende 'Heaven Knows' en het intrigerende 'The Lion's Roar' als meest frappante voorbeelden. De band klonk steviger dan je zou verwachten, en ook vocaal kwamen de zusjes een stuk krachtiger uit de hoek dan je zou vermoeden. Grappig bovendien, hoe ze het wapperen van hun lange haren tot een showelement hadden verheven. En met 'Emmylou' als apotheose konden ze zelfs de laatste twijfelaar overtuigen.

Americana uit Zweden: in theorie geen idee dat de brainstorm-fase overleeft. In praktijk één van de hoogtepunten op een drukke tweede Pukkelpop-dag.

Beeld harry heuts
Beeld harry heuts
Beeld harry heuts

Sharon Van Etten (***)
Een gebroken hart heelt niet, maar je kan wel leren om het waardig te dragen. Sharon Van Etten behoort - net als John Grant en Sinéad O'Conno r- tot het slag artiesten die een carrière heeft gebouwd op de scherven van hun eigen leven. Over haar turbulente, soms gewelddadige relaties. Over ontgoochelingen, mislukkingen en onvervulde verlangens.

In songs als 'Your Love Is Killing Me' en 'Break Me' dissecteerde de New Yorkse zangeres de scheefgegroeide machtsverhouding met haar voormalige partner, en ook de tekst van 'Save Yourself' werd ingegeven door diezelfde ex. Blijkbaar wilde hij dat Van Etten haar artistieke ambities zou opbergen om thuis een brave huisvrouw te worden. Jammer dat het zo moest lopen, al leverde het wel twee handenvol ontroerende nummers op.

Toch had de set in het eerste kwartier wat te lijden onder eenvormigheid. De band speelde ook wat sloom. Dat veranderde met 'Nothing Will Change', dat werd ingeleid door een electronisch ritme. En nadien liet de groep met het wrange 'Break Me' voor het eerst écht haar tanden zien. Met 'Every time the sun comes up (I'm In trouble)' weigerde ze op een vrolijke noot te eindigen.

"Waren jullie van plan om te komen kijken, of schuilen jullie gewoon voor de regen?" vroeg ze ergens halverwege. Een retorische vraag, uiteraard. Maar net die onzekerheid sierde zowel de zangers als haar muziek.

Beeld harry heuts
Nick Mulvey.Beeld alex vanhee

Nick Mulvey (****)
Nick Mulvey was jarenlang één van de drijvende krachten achter Portico Quartet, een experimentele jazzband die tegelijk ook invloeden uit pop en wereldmuziek in zijn muziek opnam. Sinds kort heeft hij het nest verlaten, en vliegt Mulvey op eigen vleugels. Dat resulteerde met 'First Mind' alvast in een erg knap debuut, en ook op Pukkelpop profileerde de in Cuba geboren Brit zich al een singer/songwriter met net dat ene tikje meer.

Hij begon 's middags - op Pukkelpop is dat het equivalent van de vroege ochtendshift- aan zijn set, en speelde alvast voortreffelijk akoestische gitaar. Rondom hem kleurden een achtergrondzangers, een percussionist, een keyboarspeler én nog een vierde kracht op electrische bas de songs op een zodanige manier in dat je je plots op een kano waande, die op een riviertje in de Afrikaanse brousse door het water gleed.

De muziek klonk kleurrijk, exotisch, en vertoonde duidelijke verwantschap met het werk van Sting, Paul Simon en Peter Gabriel. Strakke ritmes, hypnotiserend gitaarspel, goeie zanger, sterke songs ook: Mulvey had het allemaal. Zelfs in zijn opmerkelijke versie van 'You're Not Alone' - een cover van triphopband Olive- hoorde je de zon tussen de noten. Om kort te gaan: een gedroomde wake-up call. Geen toeval dat je in zijn radiohitje 'Cucurucu' een haan hoorde kraaien.

Beeld alex vanhee
Beeld alex vanhee

The National (***)
Dat The National innige banden met België onderhoudt is inmiddels geen geheim meer. De passage als headliner op Pukkelpop was al de vijfde sinds de groep vorig jaar 'Trouble Will Find Me' uitbracht. De set had al die tijd geen noemenswaardige wijzigingen ondergaan, zodat het concert gisterenavond soms wat routineuzer werd dan je gewild had. Al deed dat - ook waar - weinig af aan de songs zelf. 'Don't Swallow The Cap' en 'I Should Live In Salt' kregen goeie rechttoe-rechtaan versies mee. Matt Berninger - met zijn verstrooide professorenlook nog steeds één van de meest atypische frontfiguren uit de indie-rock - zong met de ogen dicht, klemde zich met beide handen vast aan z'n microfoon, en ijsbeerde tijdens de instrumentale stukken rusteloos heen en weer. Weg in zijn eigen wereld, die zich duidelijk niet in Kiewit situeerde.

Het maakte de interactie met het publiek er niet gemakkelijker op, en toch: op zich was het hoopgevend dat een band als The National een festival van dit formaat kon headlinen zonder in de gebruikelijke volksdemagogie te vervallen.

Berninger hield het de ene keer rustig en intiem (knappe versie van 'I Need My Girl') en kwam dan weer als een ontketende freak voor de dag (in de psychopunk 'Abel', en later nog een keer in 'Mr. November') die zijn stem gewillig aan flarden schreeuwde. Jammer wel dat je twee blazers op het podium zag staan, maar ze met uitzondering van een korte passage in 'England' nauwelijks kon horen.

In de laatste rechte lijn werden 'Fake Empire' en 'Terrible Love' er nog snel even doorgeduwd. Slecht was het allemaal niet, maar misschien is de band na anderhalf jaar 'on the road' stilaan moegetourd en was het stilaan tijd voor vakantie. The National voldeed. Niet meer, maar gelukkig ook niet minder.

Beeld Alex Vanhee
Beeld Alex Vanhee
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234