Dinsdag 18/05/2021

InterviewBoeken

Cultschrijver T.C. Boyle: ‘Mensen zijn automaten, net als apen of trekvogels’

T.C. Boyle:  Beeld Els Zweerink
T.C. Boyle:Beeld Els Zweerink

‘Mensen zijn niet zo speciaal’, zegt T.C. Boyle (72). ‘Waarom deed ik zo geschift toen ik jong was? Omdat ik iemand zocht om mee te paren, net als de dieren.’ Een gesprek over Playboy-verslaafde apen, gentherapie en de catastrofe die snel op ons afkomt.

“Als schrijver kies je je onderwerpen niet. Zij kiezen jou”, antwoordt de Amerikaanse cultschrijver T.C. Boyle op mijn vraag waarom hij een roman schreef over een chimpansee. “Van kinds af aan had ik iets met dieren, en dan vooral met vissen. Ik heb er ook geen sluitende verklaring voor, maar als je me een dagje zoet wilde houden, moest je me alleen maar voor een aquarium zetten. En na die vissen kwamen vogels en landdieren.

“Stel dat er niet zoveel wiskunde in de opleiding biologie had gezeten, dan was ik wellicht bioloog geworden in plaats van schrijver. Wanneer ik het vliegtuig neem, denk ik steeds hetzelfde: zie al die mensen hier nu zitten. Spelen ze geen stompzinnige spelletjes op hun gsm, dan lezen ze geheid een thriller. Ik heb van mijn hele leven nog nooit een thriller gelezen. Puur tijdverlies. Geef mij maar non-fictie, waar ik iets van kan leren, zoals Nim Chimpsky. The Chimp Who Would Be Human van Elizabeth Hess, een biografie van een aap die als een mensenkind werd opgevoed.”

BIO • geboren in 1948 in Peekskill, New York • debuteerde in 1979 met de verhalen­bundel Descent of Man; schreef sinds- dien 18 romans en ruim 100 verhalen, vaak met drugs en seks als thema • ouders stierven aan alcoholisme • dat zijn woning in Montecito (CA) bij de bosbranden van 2017 net gespaard bleef, sterkte hem in zijn geloof dat het Armageddon nabij is

T.C. Boyle is inderdaad altijd een vermomde non-fictieschrijver geweest. In The Road to Welville beschreef hij hoe John Harvey Kellog per ongeluk de cornflakes uitvond. The Inner Circle was gebaseerd op leven en werk van de revolutionaire seksuoloog Alfred Kinsey. En in The Women schetste hij een beeld van Frank Lloyd Wright – de sterarchitect in een van wiens Californische huizen Boyle zelf woont – door de ogen van zijn vier vrouwen.

Zijn nieuwe roman, Praat met mij, die volgende week in het Nederlands verschijnt en waarop zijn Amerikaanse fans omwille van coronaperikelen nog tot in september moeten wachten, speelt tegen de achtergrond van de taalexperimenten die in de jaren 70 met chimpansees werden opgezet. Was het inderdaad zo dat alleen de mens de juiste hersenen had om taal te ontwikkelen, zoals filosoof Noam Chomsky beweerde, of zou ook een chimpansee dat kunnen, als hij onder de juiste omstandigheden werd opgevoed?

Psycholoog Herbert Terrace vond het een hoogst relevante vraag en zette daarom een langlopend experiment op, met een chimpansee die hij met een knipoog naar taalkundige en filosoof Noam Chomsky Nim Chimpsky noemde. Het doel van Terrace was aantonen dat Chomsky het mis had en dat ook mensapen de juiste hersenen voor taalverwerving hebben.

In Nim Chimpsky. The Chimp Who Would Be Human, het boek waaruit T.C. Boyle zoveel inspiratie putte, beschrijft Elizabeth Hess hoe de nog maar twee weken oude chimp in een gastgezin werd geplaatst en hoe hij dagelijks les kreeg van de medewerkers van Terrace. Ze toonden Nim hoe hij zich als mens moest gedragen en leerden hem Amerikaanse gebarentaal.

Volgens Terrace kende hij uiteindelijk 125 tekens, terwijl anderen het eerder bij 25 hielden. Maar in feite deed het getal er niet zo toe. Van een echte taal was volgens Terrace immers geen sprake. Nim leerde wel woordjes, maar daar bleef het bij. Een grammatica hanteren of abstract denken lukte hem niet. In feite, besloot de psycholoog, gebruikte Nim zijn gebarentaal alleen om zaken gedaan te krijgen van zijn onderzoekers en oppassers. Chomsky had dus gelijk gehad.

Boyle werd geïnspireerd door psycholoog Herbert Terrace, die in 1973 een experiment begon met de chimpansee Nim Chimpsky. Hij wilde weten of je een aap kunt leren een zin te vormen.  Beeld rv
Boyle werd geïnspireerd door psycholoog Herbert Terrace, die in 1973 een experiment begon met de chimpansee Nim Chimpsky. Hij wilde weten of je een aap kunt leren een zin te vormen.Beeld rv

In Praat met mij focust T.C. Boyle minder op het leerproces van Sam, zoals zijn chimp heet, dan op de emotionele reactie die hij uitlokt bij dr. Guy Schermerhorn en oppasser Aimee, die een soort driehoeksrelatie met de aap opbouwen, en op diens lot nadat het experiment was stopgezet. “Niet iedereen was het eens met de conclusies van Terrace en zijn team”, legt Boyle uit. “En terecht, denk ik, want een chimpansee kan het intelligentieniveau bereiken van een kind van 3 à 4 jaar oud. En kom me nu niet vertellen dat zo’n kind niet kan communiceren.

“Het ergste is echter wat er nadien met Nim gebeurde. Zodra het experiment achter de rug was, werd hij naar een proefdiercentrum van de universiteit van Oklahoma gebracht, waar hij jarenlang zat te verpieteren en amper contact had met de andere apen, die hij als volstrekt vreemde wezens beschouwde. Terrace heeft Nim nog een keer bezocht. Zodra de aap de onderzoeker zag, verscheen er een glimlach op zijn lippen. Hij trilde van opwinding en begon meteen via zijn aangeleerde gebarentaal met de psycholoog te communiceren, dat Terrace hem mee moest nemen. Maar dat deed de psycholoog niet, en na zijn vertrek werd Nim depressief en maakte hij steeds vaker het teken ‘steen-rook-tijd-nu’, wat betekende dat hij een joint wou.”

Want inderdaad, zoals Boyle ook in zijn boek beschrijft, Nim – of Sam in dit geval – had zo zijn voorkeuren. Op vrijdagavond dronk hij samen met de oppassers een gin-tonic en tijdens het weekend was hij tuk op de Playboy. Maar hij bleef natuurlijk ook een aap. Zo deed hij weinig liever dan hagedissen doodslaan met een steen om ze nadien na een paar keer knabbelen in zijn keelgat te laten verdwijnen.

Dat Nim al decennialang in Boyles achterhoofd op bevrijding zat te wachten, bewijst het titelverhaal van zijn uit 1979 daterende debuutbundel Descent of Man. Het is een absurd verhaal over – rinkelt hier een belletje? – de driehoeksverhouding tussen een psycholoog, zijn assistente en de chimpansee die ze onderzoeken.

“Maar deze keer wou ik het ernstig aanpakken”, legt Boyle het verschil uit. “Indertijd was ik vooral uit op goedkope humor, nu op antwoorden op de filosofische vragen achter de apenexperimenten. Stel dat we echt in mensentaal met een andere diersoort zouden kunnen praten? Waartoe zou dat dan leiden? Ik wilde mijn fantasie wat inperken en me aan de realiteit houden.”

U wilde zich aan de realiteit houden, zegt u? Op een bepaald moment wil oppasser Aimee Sam laten dopen en vindt ze een priester bereid om dat te doen. Dat lijkt me toch wel wat overdreven.

“Nee hoor. Dat is echt gebeurd, niet met Nim, maar bij een ander experiment. Een fervent katholieke onderzoekster heeft haar chimpansee echt laten dopen. Ik vind dat interessant omdat het toont hoe dicht we in feite wel bij de mens­apen staan. Maakt het in feite wel een verschil, wie er menselijk is en wie niet? Wie zijn wij om daar grenzen in te trekken, wij die ons toch onmenselijk gedragen tegenover andere dieren. Hoeveel soorten hebben we al niet uitgeroeid?

“Dat een aap gedoopt kan worden, zegt natuurlijk ook veel over ons. Over ons geloof in God, bijvoorbeeld. We hebben God uitgedacht om een verklaring te geven voor het onverklaarbare, en voor zover we weten zijn we de enige dieren die dat hebben gedaan. We zijn bang voor de dood en weten niet wat er daarna gebeurt? Dan geeft God daar een antwoord op.

“Toen ik onderzoek deed voor mijn vorige boek, Outside Looking In, over de lsd-experimenten van Timothy Leary waarmee hij de hippiewereld eerst verblijdde en nadien om zeep hielp, ontdekte ik dat nogal wat mensen na het nemen van de drug een religieuze ervaring hadden. Sommigen zagen God in hoogsteigen persoon.

‘Als er niet zoveel wiskunde in de opleiding biologie had gezeten, dan was ik wellicht bioloog in plaats van schrijver geworden.’ Beeld Els Zweerink
‘Als er niet zoveel wiskunde in de opleiding biologie had gezeten, dan was ik wellicht bioloog in plaats van schrijver geworden.’Beeld Els Zweerink

“Wat is daarvoor de verklaring, vroeg ik me af. Is God dan gewoon een hapering in ons brein, al dan niet veroorzaakt door lsd? Is het een concept dat we kunnen veranderen? In hoeverre is dat concept echt? En doet het er eigenlijk wel toe? Ik vond het leuk om die vraag door te trekken naar Sam de chimpansee en zijn concept van God. Wat de priester hem allemaal vertelt, is natuurlijk volstrekt irrelevant voor Sam, omdat hij geen bewustzijn heeft dat in staat is zich vragen te stellen over wat we hier doen op deze wereld, of over het leven na de dood.”

Op een bepaald moment kijken Aimee en Sam op tv naar Frankenstein en lijkt er in Sam een lichtje op te gaan. Waren de apenexperimenten gericht op het creëren van een ‘nieuwe mens’ en is je roman dus ook een beetje een hedendaagse Frankenstein?

“Zo zou je hem inderdaad kunnen lezen. Net zoals Nim dat was, is ook Sam door de onderzoekers gemaakt. Zij begonnen met een apenbaby en vormden die naar hun eigen gelijkenis. Zij probeerden een mens van hem te maken. In mijn recentste verhalenbundel staat een verhaal met de titel ‘Are We Not Men?’ Het gaat over de crispr-techniek, waarmee we genen tussen soorten kunnen uitwisselen en in feite dus ook nieuwe wezens kunnen creëren. Je kunt goudvissen maken die een groene schijn afgeven. Er wordt momenteel zalm gekweekt die vier genen van andere dieren heeft gekregen, waardoor hij groter wordt.

“Onze wetenschappelijke kennis is vandaag zo ver gevorderd dat we kunnen spelen met de basisstructuren van het leven. In laboratoria loopt het vol potentiële dokters Frankenstein. Zijn monster is vandaag gewoon realiteit. ‘Hij is gek’, zei men over hem, terwijl zijn geestelijke kleinkinderen vandaag een Nobelprijs krijgen.”

Net als het monster is Sam in feite een onschuldig wezen dat pas agressief wordt wanneer anderen het daartoe drijven.

“Precies, zo zijn de meeste dieren nu eenmaal. Vandaar ook de hevige reacties die dierproeven uitlokken. Mensen leven samen met dieren. We hebben katten, honden, paarden. Zelfs met een goudvis kun je je verbonden voelen. Ook al verstaan ze misschien niet altijd wat we zeggen, toch communiceren we met hen, en zij met ons. We zijn verwanten, en aan die verwantschap valt niet te ontkomen. En met mensapen is die verwantschap natuurlijk nog groter.”

Wanneer Sam liegt tegen Aimee is dat voor haar het bewijs dat hij niet langer een dier is, want dieren liegen niet. Daar hebben ze het bewustzijn niet voor. Maar klopt dat wel? Misleiding komt toch vaak voor bij dieren?

“Ja, wij denken dat dit ons van andere diersoorten onderscheidt, maar dat is niet zo. Chimpansees zijn bijvoorbeeld al heel vaak op leugens betrapt. Zo is er de anekdote van de chimpansee die zijn behoefte op het tapijt deed. Toen de oppasser vroeg wie dat gedaan had, wees de betrokken aap naar een andere oppasser. Ik denk dat liegen en bedriegen inderdaad de eerste stappen naar het menszijn zijn.”

Ik neem aan dat apen dit in vrijheid ook doen?

“Natuurlijk, maar in hoeverre zien die apen dat als liegen? Wij interpreteren dat zo, vertrekkend vanuit ons eigen denken, maar in hun bewustzijn is het misschien iets anders. Zij spreken gewoon een andere taal, hun eigen taal, die ze ook zonder dat er mensen waren hadden ontwikkeld. “En zij denken anders. Het herinnert me aan iets wat ik ontdekte toen ik research deed voor Talk Talk, mijn roman uit 2006 over een identiteitsroof op een dove vrouw. Ook dat boek ging dus over taal en identiteit. Hoe weet je wie je bent? Door tegen jezelf te praten, en door met anderen te praten. Het is via de anderen dat je ontdekt wie je bent.

“Doven vinden mensen die horen echter lastig om te ‘lezen’. Stel dat ik een grap vertel, dan hou ik een uitgestreken gezicht tot ik de clou vertel, en dan lach ik. Doven vinden dat heel moeilijk, omdat zij zelf tijdens iedere zin die ze uitspreken met hun gezicht emoties uitdrukken. Wanneer je daar met je uitgestreken tronie zit, begrijpen ze er niets meer van.

“Hetzelfde geldt voor mensapen. Onze taal is niet voor hen gemaakt. Zij hebben hun eigen taal, net zoals doven hun eigen taal hebben. Wanneer zij die gebruiken zijn ze volwaardig, terwijl ze minderwaardig worden wanneer ze op onze taal moeten overstappen.”

Is de mens in feite wel zo anders dan andere diersoorten?

“Er werd vroeger weleens gezegd dat mensen empathie kennen en dieren niet, maar dat is door onderzoek onderuit gehaald. Ook het cartesiaanse verschil tussen mens en dier, dat wij bewust handelen en dieren in feite niet meer zijn dan automaten, gaat volgens mij niet op. Zijn wij dan zo anders dan die automaten?

‘Hij is gek, zei men destijds over dokter Frankenstein. Vandaag krijgen zijn geestelijke kleinkinderen een Nobelprijs.’  Beeld Els Zweerink
‘Hij is gek, zei men destijds over dokter Frankenstein. Vandaag krijgen zijn geestelijke kleinkinderen een Nobelprijs.’Beeld Els Zweerink

“Toen ik nog een jonge punk was, drugs gebruikte en allerhande geschift gedrag vertoonde, was ik toen een bewust wezen? Natuurlijk niet, ik wilde gewoon een vrouw mijn bed in imponeren. Ik wilde paren, net als andere dieren. Waarom zocht ik een goede baan nadat ik die vrouw aan de haak had geslagen? Om een veilig en goed onderkomen voor mijn kinderen te hebben, natuurlijk. En zo kun je nog wel even doorgaan.

“Ik heb dat allemaal nooit gepland. Zo zit de natuur gewoon in elkaar. Maak mij dus niet wijs dat wij zo anders zijn dan andere dieren. Wij zijn net zulke automaten als de trekvogels die iedere lente van Noord-Afrika naar Noord-Europa vliegen.”

En moraliteit? Weten chimpansees bijvoorbeeld wat goed en kwaad is?

“Chimpansees zijn heel gewelddadig, zeker wanneer je ze vergelijkt met bonobo’s, bijvoorbeeld. Ze leven in een hiërarchisch verband en vormen echte bendes die samen overvallen plegen. Heel menselijk allemaal. Goed en kwaad zijn menselijke constructies, maatschappelijke afspraken, zo je wil, die de maatschappij bij elkaar houden.

“Er zijn op dat vlak geen absolute waarheden. Vandaag zijn we goede democraten die de wet gehoorzamen, maar nog niet zo lang geleden werden ook wij door bendes geterroriseerd, net als de huidige chimpansees. En dat we minder gewelddadig zijn dan chimpansees is ook al niet waar. Kijk maar naar al die schietpartijen hier in Amerika.”

En ik neem aan dat chimpansees binnen hun bende ook wel hun plaats kennen, net als mensen?

“Bij de chimpansees zijn er bepaalde mannetjes actief om de orde in de troep te houden. Zij stellen de wetten en zien erop toe dat iedereen er zich aan houdt. Veel verschil met mensen is er ook op dat vlak niet. Wij hebben rechters.”

Wat u dus zegt is dat ook andere diersoorten gemeenschappen vormen en dat we ons daar als mens niet mee moeten bemoeien? Apen mensentaal leren is dus gewoon een dom idee?

“Dat spreekt voor zich. Het is al erg genoeg wanneer we elkaar met rust proberen te laten. Al lukt dat steeds minder goed. Wij zijn met zeven miljard. We kunnen niet terug naar die idyllische oertoestand waarin we vrolijk naast elkaar leven. Apen en mensen zijn tot elkaar gedoemd en we weten allemaal wie uiteindelijk aan het kortste eind zal trekken.

“We gaan met volle kracht vooruit, recht naar de catastrofe, en we nemen alle andere leven met ons mee. Maar er is ook goed nieuws, zoals Elizabeth Kolbert schrijft in Under a White Sky: wanneer je het op geologische schaal bekijkt, zal onze nalatenschap van oceanen vol plastic, klimaatwijziging en decimering van het dierenrijk slechts heel erg klein zijn, slechts een millimeter op een meterslange tijdlijn. Onze passage op aarde is gelukkig maar van korte duur.”

U gelooft dus niet dat het tij nog te keren is?

“Het is een onderwerp om depressief van te worden, maar anderzijds is het ook het enige onderwerp dat er vandaag toe doet. We zijn op zoveel vlakken destructief. Er komen harde tijden aan. Europa maakt zich zorgen over migratiestromen en Biden ziet met lede ogen hoe steeds meer Zuid-Amerikanen naar het Noorden willen. Dit is nog maar een voorbode. Er komen heuse golven aan, gestuwd door de klimaatwijziging, en ik durf er bijna niet aan te denken welke politieke gevolgen dit zal hebben.

“Wat gaat er gebeuren wanneer de oceanen stijgen en Bangladesh onder water komt te staan? Er wonen 160 miljoen mensen in Bangladesh. Die gaan echt niet blijven zitten tot het water aan hun lippen staat. En dus worden er muren opgetrokken. Ik zie echt geen uitweg. Noem me een escapist, maar op een bepaald moment wend ik wanhopig het hoofd af en put ik kracht uit mijn persoonlijke relatie met de natuur, uit mijn wandelingen en trektochten, en uit mijn werk. Wanneer ik schrijf kan ik alle miserie daarbuiten even vergeten.”

Is dat dan uw boodschap voor de wereld?

“God nee, het is nog veel erger. We willen het niet zien, maar we staan aan de rand van een catastrofe. We maken onszelf wijs dat we de overbevolking onder controle zullen krijgen en dat we met zijn allen op hernieuwbare energie gaan overschakelen, maar dat zijn gewoon fabeltjes.

“Mijn persoonlijk plan om hiermee om te gaan is sterven, wat gezien mijn leeftijd van 72 niet eens zo’n lastige opgave is. In 2000 schreef ik A Friend of the Earth, een roman die in 2026 speelt en de gevolgen van de klimaatverandering beschrijft. O wat een negatief boek, zei iedereen toen, het laat ons geen enkele uitweg, we zijn gedoemd. Maar nee hoor, er is wel degelijk een uitweg. Als we ons allemaal honderd jaar onthouden van seks is alles opgelost.” (sardonische lach)

T.C. Boyle, Praat met mij, Meridiaan Uitgevers, 368 p., 24,99 euro. Beschikbaar vanaf 7 april.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234