Zaterdag 26/11/2022

InterviewMuziek

Country is meer queer dan je zou denken: ‘Het Brokeback Mountain-moment was een kantelpunt’

null Beeld rv
Beeld rv

U hebt er wellicht geen linedance om gepleegd, maar onlangs was het International Country Music Day. Country geldt als het ultieme redneckgenre, waar mannen macho’s zijn en vrouwen onderdanig. Maar dat clichébeeld klopt niet langer. De flamboyante, openlijk queer wereldster Lil Nas X vond in 2018 met ‘Old Town Road’ al de countryrap uit. Intussen is er ook Orville Peck, de immer gemaskerde, maar even openlijk queer countryzanger van wie Morrissey een grote fan is. De Amerikaanse muziekprofessor Shana Goldin-Perschbacher schreef met Queer Country een boek over het fenomeen, dat niet eens zo nieuw blijkt te zijn.

Katia Vlerick

Shana Goldin-Perschbacher: “Veel Amerikanen hebben hetzelfde beeld van country als jullie Europeanen: dat het een genre is voor bigots, voor onverdraagzame mensen. En we moeten er niet flauw over doen: die kant bestáát. Maar er is ook een andere kant. Er is de link met folk, en dus met songs en verhalen over de werkende klasse, die vaak moet vechten om te overleven.

“Tot in de jaren 70 gold de werkende klasse als veel meer open-minded dan nu. Tot midden vorige eeuw beschouwde de middenklasse de arbeidersklasse zelfs als een ‘immorele’ bevolkingslaag, die een ‘zonde’ zoals homoseksualiteit fêteerde. De middenklasse had toen ook een meer elitaire muzieksmaak. In de jaren 70 kantelde dat. Toen werd het bon ton om progressief te zijn en je als een culturele omnivoor te gedragen. De middenklasse begon toen haar eigen vroegere onverdraagzaamheid op de arbeidersklasse te projecteren.

“Countrymuzikanten zijn vaak niet bekrompen. Denk maar aan Garth Brooks, die in 1992 al het nummer ‘We Shall Be Free’ uitbracht, een song tegen homofobie, maar ook tegen racisme en discriminatie in het algemeen. Maar de country-industrie heeft wel lang gedicteerd dat countrysterren zich niet politiek mogen uitlaten.”

Loretta Lynn, Dolly Parton en Tammy Wynette Beeld Redferns
Loretta Lynn, Dolly Parton en Tammy WynetteBeeld Redferns

Ik moet nu terugdenken aan de bakken kritiek die The Dixie Chicks – tegenwoordig gewoon The Chicks – twintig jaar geleden kregen toen ze zich uitspraken tegen president George Bush.

Goldin-Perschbacher: “Bij de presidentsverkiezingen van 2016 lagen de kaarten al helemaal anders. Velen voelden dat ze wel iets moesten zeggen. Dolly Parton sprak haar steun uit voor Hillary Clinton en Willie Nelson noemde de hele verkiezing een circus.

“Die nieuwe sfeer heeft de recente coming-outs in de country mogelijk gemaakt. T.J. Osborne van het countryduo Brothers Osborne kwam als gay uit de kast, net als Cody Alan, een bekende presentator op Country Music Television. Zangeres Chely Wright werd in 2010 nog uit de countrygemeenschap verstoten toen ze uit de kast kwam, maar is nu alomtegenwoordig op sociale media als activiste. Omdat ze voelt dat de tijdgeest is veranderd.”

Ook megaster Taylor Swift deed haar duit in het zakje: in haar song ‘You Need to Calm Down’ uit 2019 steekt ze de lgbtq-gemeenschap een hart onder de riem en in de bijbehorende clip spot ze met rednecks die tegen homorechten protesteren.

Goldin-Perschbacher: “Zeker de fans van iemand als Taylor Swift, jonge mensen dus, verwachten van hun idolen dat ze zich wél politiek uitspreken. De regel dat je je zo neutraal mogelijk moet opstellen om zoveel mogelijk fans te krijgen, is verouderd. Countrysterren waren mettertijd zo kleurloos geworden dat ze niet meer authentiek waren, terwijl authenticiteit net de kern van country is!

“Taylor Swift heeft trouwens ook kritiek gekregen om haar video, precies omdat ze de arbeidersklasse als onverdraagzaam afschilderde. Dat was weer die bevestiging van dat vooroordeel.”

Voor het allereerste voorbeeld van queer country moeten we terug naar 1939: de song ‘I Love My Fruit’ van The Sweet Violet Boys. De tekst is vrij duidelijk: ‘And I also love pecans and cashews / Yes indeedy I sure love my nuts / I am always hungry for bananas / That it almost seems to be a sin.

Goldin-Perschbacher: “Pure homo-erotiek! ‘I Love My Fruit’ werd uitgebracht op het bekende OKEH-label en geldt als de eerste ‘gay hillbilly song’. Maar The Sweet Violet Boys was een schuilnaam waaronder de countryband The Prairie Ramblers de song moest uitbrengen, omdat ze anders in de problemen zouden komen. Want het omgekeerde, countrysongs die homohaat propageerden, bestond natuurlijk ook. Zo laat ‘The Sissy Song’ van Billy Briggs uit 1951 er weinig twijfel over bestaan: ‘When I get sissy enough… / I’ll go out behind the old red barn / And let a gray mule kick my brains out’.”

De eerste volledige queercountryplaat dateert van 1973 en is van de groep Lavender Country, onder leiding van de excentrieke frontman Patrick Haggerty. Lavender Country werd in 2014 heruitgebracht en kreeg laaiende recensies van onder meer Pitchfork. Op de plaat staat het weinig aan de verbeelding overlatende ‘Cryin’ These Cocksucking Tears’, intussen een cultsong.

Goldin-Perschbacher: “Patrick Haggerty had been fighting the good fight sinds de vroege jaren 70. Hij kwam niet uit Nashville, maar uit de buurt van Seattle. Daar was een kleine gayscene waarbinnen hij zijn groep kon oprichten. Maar denk nu niet dat zijn plaat werd uitgebracht door een echte platenfirma: ze werd gefinancierd door een homorechtenbeweging. Er werden ook maar duizend exemplaren van geperst. Met een woord als ‘cocksucking’ in je tekst weet je natuurlijk op voorhand dat je niet op de radio zal worden gedraaid. Een dappere lesbische radio-dj die de song destijds toch draaide, is er haar licentie door kwijtgespeeld. Er waren dus wel mensen die zulke progressieve muziek wilden horen, maar er waren er ook velen die dat vooral níét wilden. Omdat ze er zedenverloedering in hoorden, het einde van de wereld zelfs (lacht).”

Haggerty zingt in ‘Cryin’ These Cocksucking Tears’ goudeerlijk: ‘Well your sexism is a broken record / It’s been screeching for ten thousand years / And the battle’s begun sir, I tell you I’m done sir’. Toch werd zijn muziek destijds door de countryscene als ‘niet authentiek’ bestempeld. Kun je dat uitleggen?

Goldin-Perschbacher: “Omdat ‘authentiek’ toen, en nu eigenlijk nog altijd, gelijkstond met: ‘via Nashville gaan’. Lil Nas X is hetzelfde overkomen. Met ‘Old Town Road’ had hij, helemaal los van Nashville, eigenhandig een genre uitgevonden dat hij countryrap doopte. Maar toen die song binnenkwam in de Billboard Hot Country Songs-chart, zwierde Billboard hem er meteen weer uit, met het argument dat het geen echte country was. Waarop er een hele discussie ontstond over het genre.

“‘Old Town Road’ werd een wereldhit en Lil Nas X kreeg steun van countrysterren als Billy Ray Cyrus. Die merkte schamper op dat Waylon Jennings zelve hem ooit gezegd had dat je pas een echte outlaw bent als je al eens werd ‘geoutlawed’. Dat was precies wat Lil Nas X was overkomen, een zwarte gay zanger was uit de countrycharts gedonderd, zoals een echte outlaw.”

Lil Nas X Beeld Getty Images for MTV/Paramount G
Lil Nas XBeeld Getty Images for MTV/Paramount G

DOLLY-LOOKALIKES

Dolly Parton is al haar hele carrière een gay icoon. Om voor de hand liggende redenen: haar campy, over de top uiterlijk.

Goldin-Perschbacher: “Dat in schril contrast staat met haar goudeerlijke songs. De mix van die twee schijnbaar tegenstrijdige elementen is in feite de steunpilaar van het genre. Dolly Parton heeft ooit gezegd dat ze haar looks had gemodelleerd op die van de prostituees die ze als kind op straat zag lopen. En er is ook die hilarische quote van haar: ‘It takes a lot of money to look this cheap.’”

Parton is sinds jaar en dag een artiest waarin dragqueens zich graag verkleden.

Goldin-Perschbacher: “De looks van Dolly Parton, maar ook van Loretta Lynn en Tammy Wynette, zijn in feite al drag op zich. Parton heeft ook al een aangepaste versie van haar grote hit ‘Jolene’ gemaakt, speciaal voor de travestieten in haar publiek, waarin ze ‘drag queen, drag queen’ in plaats van ‘Jolene, Jolene’ zingt. Ze heeft zelfs ooit deelgenomen aan een Dolly-lookalikewedstrijd voor drags en verloor glansrijk. Hoezeer ze ook haar hele look had overdreven voor die wedstrijd, ze kreeg het minste applaus van alle deelnemers (lacht).”

Speciaal voor dit interview heb ik het prachtige ‘Constant Craving’ van k.d. lang uit 1992 nog eens opgelegd. Begin jaren 90 was zij openlijk lesbisch en had ze wereldsucces. Haar songs zaten in de film Even Cowgirls Get the Blues uit 1993, over lesbische cowgirls, met Uma Thurman in de hoofdrol. Maar ook k.d. werd er door de countrygemeenschap van beticht ‘niet authentiek te zijn’, zo las ik in je boek.

Goldin-Perschbacher: “Ze werd aangevallen vanwege de hoesfoto’s van haar plaat Absolute Torch and Twang uit 1989, waarop ze staat afgebeeld als een eenzame cowboy in de velden en bij het kampvuur… K.d. lang droeg geen make-up, had een androgyn uiterlijk en zaaide verwarring rond haar genderidentiteit. Dat was toen not done in de countrygemeenschap, die vrouwen met tonnen make-up in barokke jurken gewend was.”

null Beeld RV
Beeld RV

Kunnen we concluderen dat de beschuldiging ‘niet authentiek’ in Nashville een handig pseudoargument is om homofobie te maskeren?

Goldin-Perschbacher: “Sure. Iemand als k.d. lang heeft eronder geleden, dat is zeker.”

We mogen de bijdrage van de heteroseksuele, immer dwarse Willie Nelson niet vergeten. De countrygrootheid bracht in 2006 het nummer ‘Cowboys Are Frequently, Secretly Fond of Each Other’ uit. In 2005 was de film Brokeback Mountain uitgekomen en Willie Nelson achtte het moment rijp voor zo’n song.

Goldin-Perschbacher: “Het Brokeback Mountain-moment was een kantelpunt waarop heteroseksuele Amerikanen eindelijk begonnen op te komen voor lgbtq’ers. Willie Nelson is sowieso iemand die het altijd voor de onderdrukten heeft opgenomen, denk maar aan zijn jaarlijkse Farm Aid-festival, waarmee hij geld inzamelt voor boeren.”

Willie Nelson Beeld Getty Images for NARAS
Willie NelsonBeeld Getty Images for NARAS

‘Cowboys are Frequently, Secretly Fond of Each Other’ was in feite een cover van een song die countryzanger Ned Sublette al in 1981 schreef. Die liet zich inspireren door de figuren die hij zag buitengaan in de gaybar waarnaast hij toen woonde. ‘De cowboy’ is natuurlijk sinds jaar en dag een fetisj in de homo-erotiek.

Goldin-Perschbacher: “Absoluut, er is nu eenmaal de ontegensprekelijk sexy look van de cowboy. Ook Lil Nas X speelt met die hele lederfetisj en het beeld van de sexy cowboy. Net als Orville Peck, al voegt die daar de mystiek van the lone ranger aan toe, door zijn gemaskerde verschijning.”

ASSHOLE MORRISSEY

Wanneer we Orville Peck om een interview vragen, krijgen we een mailtje van de platenfirma: ‘Geen vragen over zijn echte identiteit!’ De gemaskerde countryzanger heeft een verleden in Zuid-Afrika en Canada, én in een paar niet nader genoemde punkbandjes. In 2019 verscheen zijn eerste plaat Pony, opvolger Bronco kwam in april van dit jaar uit. Ergens tussen The Smiths en Johnny Cash, zo valt Pecks gelauwerde geluid nog het best te omschrijven. Hij werkte al samen met grote sterren als Shania Twain en Lady Gaga en nam met dragqueen Trixie Mattel, nog zo’n boegbeeld van de nieuwe country, een cover op van ‘Jackson’ van Johnny Cash en June Carter.

‘Jackson’ is een zeer heteroseksuele song, over een man die de bloemetjes wil buitenzetten en zijn vrouw die er zeker van is dat hij met hangende pootjes thuiskomt. Kozen jullie er daarom voor om dat nummer te coveren?

Orville Peck: “Nee, helemaal niet. Het is simpelweg één van de favoriete songs van Trixie en mij. Johnny Cash vind ik sowieso een fascinerende figuur: hij vereenzelvigde zich in zijn songs graag met gedetineerden – he was ‘the convict man’ – terwijl hij nooit in de gevangenis heeft gezeten. Hooguit werd hij een paar keer gearresteerd voor drugsbezit (lacht). Om maar te zeggen: country is altijd een groot theater geweest.”

Orville Peck Beeld Julia Johnson
Orville PeckBeeld Julia Johnson

Je trad ook al op samen met Patrick Haggerty van Lavender Country. Waar en wanneer ontdekte je die groep?

Peck: “In mijn vroege twintiger jaren, in een winkeltje in San Francisco dat gay pulp fiction verkocht, homo-erotische paperbacks uit de jaren 50 en 60. Ze hadden er ook een klein hoekje met muziek, en daar nam ik voor het eerst de plaat Lavender Country vast. Een openbaring. Zonder een song als ‘Cryin’ These Cocksucking Tears’ zou ik misschien geen muziek maken als Orville Peck.”

Je draagt steevast een masker. Zou je lgbtq-boodschap niet nog krachtiger zijn mocht je je masker laten vallen?

Peck: “Niet akkoord. Ik speelde vroeger in punkbands. Ik hield van die muziek, maar ik hoefde me nooit kwetsbaar op te stellen. Terwijl ik een gevoelige jongen ben. Dat kon ik pas door de country te omarmen, de muziek die ik als kind thuis had gehoord. De ironie is dus dat ik me als punkmuzikant veel meer verstopte dan nu, hoewel ik toen open en bloot optrad.

“Dankzij mijn punkverleden heb ik wel wat David Bowie in mijn country gesmokkeld: zijn hele idee van de theatrale outsider. Die bestaat evengoed in country. Als kind zag ik cowboys op tv en in strips, vaak met een zakdoek voor hun gezicht gebonden, dus ook onherkenbaar, als tegelijk outsiders en helden. Hun eenzaamheid was deel van hun kracht, het was geen zwakte. Diezelfde ‘krachtige eenzaamheid’ trok me als tiener aan in The Smiths.”

En nu is Morrissey fan van jóú. Heb je hem al ontmoet?

Peck: “Nee. Maar hij is ooit naar een show van me komen kijken. Ik heb hem toen vooraf wel begluurd vanuit de coulissen. Na de show is mij verteld dat hij het hele optreden heeft uitgekeken, een zeldzaamheid. Ik ben het niet eens met zijn rechts-conservatieve uitspraken van de laatste jaren – als persoon lijkt Morrissey mij een regelrechte asshole – maar ik zal altijd van The Smiths blijven houden.”

Wat vinden ze in Nashville van jouw muziek?

Peck: “De traditionele countryliefhebbers, de puristen, omarmen me, ironisch genoeg. Omdat ik muziek maak in de traditie van Johnny Cash en consorten. Ook Willie Nelson is me al persoonlijk komen zeggen dat hij me goed vindt. Maar de makers en liefhebbers van de moderne country die je hier tegenwoordig op de radio hoort... Dat is een ander verhaal. Die snappen me niet, en ik vind hun muziek ook nietszeggend. (Fijntjes) Sommigen vinden het zeker moeilijk te accepteren dat wat ik doe authentieker is dan wat veel hedendaagse countryzangers doen. Al mag je niet veralgemenen. Ik heb al gespeeld voor een publiek van mensen met Trump-shirts. Tegen het einde van het concert stonden ze mee te dansen. Na de show vroegen enkelen me zelfs om met hen op de foto te gaan. Geloof me: dat is ook voor mij raar (lacht).”

Hoe sta je tegenover de term ‘queer country’?

Peck: “Ik ben er niet dol op. Ik snap dat mensen een label nodig hebben om het belang van representatie van queer mensen in country aan te duiden, maar zo’n term impliceert dat mijn muziek afwijkt van de norm, terwijl mijn boodschap net is: het is normaal. Ik ben gewoon een countryzanger die lovesongs schrijft, vanuit mijn eigen ervaringen. Toevallig zijn dat ervaringen met mannen.”

Shana Goldin-Perschbacher, ‘Queer Country’, University of Illinois Press

null Beeld RV
Beeld RV

© Humo

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234