Zaterdag 16/11/2019

Zomergids

Charlotte Rampling: "The Beatles, dat waren gewoon lui die je kende"

Charlotte Rampling. Beeld Els Zweerink

Actrice Charlotte Rampling (72) voegde zich nooit naar de normen van Hollywood. Waarom Rampling het mannenpak, Lucian Freud
en Sylvia Plath koestert – en de Seychellen níét kan aanraden. 

Kijksport: atletiek 

Ik zie graag atletiek, omdat het zo snel gaat. Alles gaat om dat ene moment, die ene seconde waarop je de ander passeert. Daar werk je dan jaren en jaren voor. En ik kijk thuis. Tussen grote groepen mensen raak ik verward. Ik kom liever ook niet in ­bioscopen. Misschien is het omdat ik zelf in films zit? Nou ja, het ís gewoon zo. Ik ben erg blij dat we nu alles thuis kunnen zien. Ik ben liever alleen als ik me op iets ­concentreer.” 

Haar vader, luitenant-kolonel Godfrey Rampling, won een gouden medaille voor Groot-Brittannië op de 400 meter estafette van de Spelen van 1936 in Berlijn. “De eerste loper was ziek geweest, raakte achterop, toen nam mijn vader het stokje over en begon aan een fenomenale inhaalrace. De radiocommentator van de BBC werd helemaal gek, stikte bijna. Het was de tijd van Hitler, heel gespannen. Hij is nog te zien in Olympia, van Leni Riefenstahl. Het is iets moois: een man met een lang, pezig lichaam te zien rennen alsof hij zal sterven als ze niet ­winnen. Ik hou van excellentie. Niet alleen in atletiek. Mensen die ergens wonderbaarlijk goed in zijn. O ja, dat kan ook politiek zijn.”

Met gespeeld zware stem: “Gaan we het over politiek hebben?”
Dat hoeft niet.

Grootmeesters: Helmut Newton/ Luchino Visconti 

“Het eerste naakt dat ik ooit deed, was met Helmut Newton. Begin jaren 70. Voor hem was het ook de eerste keer. En daarna gingen we allebei een kant op, voor andere naakten. De foto’s die hij van mij maakte, vond ik zó anders. Zo zag ik mezelf helemaal niet. Helmut was een maître voor me. Dat klinkt wat zwaar: we hadden lol, we inspireerden elkaar. Wat Visconti voor mij bij film deed, deed Helmut Newton voor fotografie: hij liet me zien hoe je iets op een andere wijze kunt beschouwen.” 

Ze had geen idee wie Visconti was, toen ze de Italiaanse regisseur eind jaren 60 ontmoette als beginnend actrice. “Hij was de grootmeester. Maar ik had nooit ook maar iets van zijn cinema gezien. Of van welke cinema dan ook. Je moet weten: ik was 20, leefde buiten Londen, waar ze hooguit de film van de week ­vertoonden. Visconti zag iets in me, voor ik het zelf zag. Hij liet me zien dat film ook over de diepte van de ­menselijke ziel kon gaan.”

Lees verder onder de foto.

Charlotte Rampling en Umberto Orsini in 'The Damned' (1969). Beeld Collection Christophel

Charlotte Rampling speelde in Visconti’s Duitse ­familie- en ­oorlogsepos The Damned (1969). De Italiaan vroeg Rampling ook voor zijn laatste film, afgerond kort voor zijn dood in 1976. “Ik moest helaas afzeggen, want ik kreeg een zenuwinstorting in Mexico, waar ik was voor een andere film. Ik wist niet eens dát het een zenuwinzinking was. Maar dat was het.”

Tijdperk: De sixties 

“Eerder was mijn leven saai. Gewoon met mijn familie, prima. Maar er gebeurde niks. We kwamen uit de jaren 50, vergeet dat niet: vrouwen hadden niet zoveel mogelijkheden. Als ik mensen nu hoor praten van: o, de sixties waren zo en zo... Nou, het was míjn tijdperk. Het besef dat ik ook anders kon leven, dat betekenen de sixties voor mij.” 

Ramplings allereerste filmoptreden, ­volgens filmwebsite IMDB, was als ‘meisje in discotheek’ in A Hard Day’s Night, de Beatles-film uit 1964. “Dat is een foutieve vermelding. Ik kende Dick wel (regisseur Richard Lester, red.). En ik kende de Beatles, maar ik zat niet in die film.” 

Jeremy Lloyd, de bedenker van de series Are You Being Served? en ’Allo ’Allo!, zelf te zien als dansende man in A Hard Day’s Night, zei ooit dat hij zijn vriendin Rampling meenam naar de ­opnamen.  Zo werd ze een van de knappe dansende Beatle-­discomeisjes, die zich 50 jaar later ook mét ­pauzeknop op de afstandsbediening nog knap lastig laat identificeren. “Zei Jeremy dat? Ik ­herinner het me niet. Misschien was ik ­geïnjecteerd met lsd of zoiets – wat ik toen níét gebruikte. Maar Jeremy kende ik goed. Hmm. Mogelijk zit ik er dan tóch in – dit geeft je enig idee hoe de sixties waren. Het begon ook net, toen. Er was iets ongelooflijk normaals aan de vroege jaren 60. The Beatles en zo, dat waren gewoon lui die je kende, jonge ­mensen die iets nieuws deden.”

Boek: 'Cat Sense' (John Bradshaw) 

“Er zijn bergen ­kattenboeken: lovely books voor mensen die ­gefascineerd zijn door katten – en die mensen hebben gelijk – maar dít boek is anders. Een analyse van de kat: hoe het dier in die ­duizenden jaren als huisdier nooit echt is veranderd, ergens nog wild is. De schrijver wijst op parallellen ­tussen levens van ­ katten en dat van de mens. Hoe we ons ­verdedigen, ons ­aanpassen. Of dat soms juist niet doen.” 

“Katten hebben geen geweten, maar ze ­hebben wel bijna een geweten. Wetenschappelijk valt dit niet te bewijzen. Maar wie zoals ik veel met katten heeft geleefd, weet dat er iets inzit. Ik heb een Maine Coon, de grootste huiskat.”

Mode: Mannenpakken 

“Because I wear them well.” Rampling grinnikt. “Ik geloof dat ik dat ooit zei: áls je een mannenpak draagt, dan moet je het goed dragen, je moet een behoorlijke dame zijn. Het androgyne trok me aan. Ik kende Twiggy sinds 1962. We wisten niet wat ze was, een soort man én vrouw, een klein twijgachtig iets. En ik hield zo van dat idee: dat je androgyn kon zijn, op mijn manier dan. Ik hulde me in minirokken en mannenjasjes. Minirokken waren een revolutie. O ja, die van mij waren zo kort als je ze kon krijgen. Je kocht alles op de ­vlooienmarkt, kleine boetiekjes bij King’s Road.”

Dichtkunst: Sylvia Plath 

“Sylvia Plath gaf een stem aan vrouwen die gevangen zaten in de archetypische vrouwenrollen. ‘Lady Lazarus’, dat verbazingwekkende gedicht… Ik heb haar poëzie voorgedragen tijdens een tournee met Sonia Wieder-Atherton, een geweldige cellist. De gedichten zitten in mijn hart. Toch zou ik ze eerst even moeten zien om nu... mijn geheugen doet dat niet.” 

Er is die zin in ‘Lady Lazarus’ over sterven als kunst. Rampling schakelt meteen in: ‘Dying is an art, like everything else. I do it exceptionally well. I do it so it feels like hell. I do it so it feels real. I guess you could say I have a call.’

Ze is even stil. “Ja...

A call for suicide... Ze voelt zich geroepen zelfmoord te plegen. En dan doet ze het ook, uiteindelijk. Ze móést door de spiegel.” 

De Amerikaanse schrijver Sylvia Plath maakte in 1963 op haar 30ste een einde aan haar leven, nog voor haar poëzie een breed publiek vond. Ramplings enige zus pleegde ook zelfmoord, op 23-jarige leeftijd in Argentinië. Pas drie jaar later vernam ze de ware toedracht van haar vader, die eerder sprak van een hersenbloeding. Rampling schreef erover in haar korte autobiografie Who I Am (2017). “Als je me vraagt: helpt het in een moeilijke tijd, die poëzie? Ja, natuurlijk. Het is een sauvegarde, het redt je. Mensen zeggen weleens tegen me: je hebt zulke morbide gedachten, Charlotte! Ik ben een op-en-neerpersoon, zoals veel mensen met creatieve beroepen. Ik had Sylvia Plath nodig.”

Plek op aarde: Het bos van Fontainebleau 

“Ik kom overal, maar dat is mijn werk. Dan heb ik een entourage om me heen, die zegt: je moet hier of daar heen, praat met deze meneer – wat ik overigens graag doe. Het is geweldig, hier in Rotterdam. Maar zomaar zelf naar Rotterdam gaan, zou ik nooit doen.”

Ze giechelt. “Ik ben in mijn leven nooit ­toerist geweest. Of één keer, en het beviel me niet. Ik herinner me wat flarden op een eiland, de Seychellen. Zeer angstig was ik. Ik móést weg.”

Zee, strand, koraal... “Ik weet het. Maar ik kan de lezers toch niet naar een plek sturen waar ik in paniek ­wegrende? Ik heb het geprobeerd, zo’n ­vakantie met mijn man en kinderen. Plichtsgetrouw, heus. Ik voelde me ellendig. 

“Maar we kunnen Parijs noemen. Toen ik Jean-Michel ontmoette, eind jaren 70 (haar tweede echtgenoot, pionier van elektronische muziek Jean-Michel Jarre, red.), zei hij: waar zullen we gaan wonen? Hij dacht aan Los Angeles. Ik niet.”
Inmiddels woont ze al ruim 40 jaar in de Franse hoofdstad. “Ik kan me er nog steeds een buitenstaander voelen. Dat bevalt me: de wereld iets op afstand.” Als dochter van de overzee gestationeerde Britse officier bracht ze wat kinderjaren door nabij Parijs. “We woonden in een huisje in Fontainebleau, aan de rand van het bos. Daar dwaalde ik met mijn hond, urenlang alleen. Een gevoel van vrijheid. Zo’n jong meisje alleen in dat grote bos. Krankzinnig eigenlijk. Dat zou nu nooit ­kunnen.”

Bos van Fontainebleau. Beeld rv

Muziek: ‘Everybody Hurts’ (R.E.M.) 

“Goede liedjes. Phil Collins, Sting, Adele… wie dan ook, zolang het maar een goed liedje is. Er is iets magisch aan, een goed liedje brengt je dichter bij de wereld. Ik beluister zo’n liedje dan ­eindeloos, het heeft iets obsessiefs, tot ik het wel een poos met rust móét laten. Eén voorbeeld? ‘Everybody Hurts’, van R.E.M. Het viel samen met een periode waarin ik pijn had. Dat liedje droeg me, toen ik het nodig had te worden ­gedragen.”

Schilderkunst: De naakten van Lucian Freud 

“Ik heb een schilderij van Hans Hartung, gekregen van mijn echtgenoot. Het is zwart en blauw. Abstract. Het beweegt, als een trage zwarte storm, waar het blauw dan doorheen komt.” Rampling staat op, zwaait met haar arm, produceert een zacht straaljagergeluid. “Zo ssswoeshhhhh... En dan tjjepp.”
Ze lacht. “Heb ik dat goed uitgelegd? Het is dus niet ineens: oeh! Je moet wat langer ­kijken. Het allerliefst zou ik toch een schilderij van Lucian Freud bezitten. Die gezichten, die lichamen! Ik bezocht een retrospectieve (Centre Pompidou, 2010) en in het laatste vertrek hingen vier enorme naakten van Freud. Ik bleef staan, als in trance. Gewoon staan, tussen die enorme lichamen. Onvergetelijk.”
Ze is even stil. “Ja, ik neem de groep Freuds. Dan ga ik in het midden staan. En ben ik bij de groep.” Kordaat knikje tot de interviewer. “Preciezer kan ik niet zijn.”

Charlotte Rampling Beeld Els Zweerink
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234