Vrijdag 10/04/2020

Morrissey

Bigmouth strikes again: is Morrissey bezig de posterboy van wit Engeland te worden?

Morrissey, hier op de hoes van single 'Glamorous Glue', is bang dat de Britse identiteit verdwijnt.Beeld RV

‘Een extremistische wat?’, hoonde hij, amper 24 uur na de aanslag in Manchester. ‘Een extremistisch konijn?’ Met zijn aangebrande Facebook-post gaf Morrissey zijn fans voor de zoveelste keer een reden om de wenkbrauwen te fronsen. Is de ex-frontman van The Smiths een posterboy van rechts geworden? Liefhebber Sue Somers schetst een portret.

Terreur doet het altijd goed op sociale media. Na de raid op Charlie Hebdo was iedereen ‘hashtag Charlie’, de schietpartij in de Bataclan bracht ons de doorschijnende Franse vlagjes op profielfoto’s en na de bommen van 22 maart in Brussel en Zaventem gingen de hartjes en de tous ensembles in Belgische driekleur viraal.

Na de aanslag van 22 mei werd de Smiths-song ‘There Is a Light That ­Never Goes Out’ het lied van de troost.Beeld RV

Het viel enigszins te verwachten dat na de aanslag in Manchester, een stad die leeft op voetbal en muziek, een song­titel het medeleven en de samenhorigheid zou gaan symboliseren.

Maar van welke groep? Oasis? Te brutaal. Joy Division? Te donker. Elbow, Starsailor, The Verve? Hadden gekund, al was er die ene band met dat wel erg toepasselijke nummer. De Manchester-meme werd een brandende kaars, vergezeld door het opschrift ‘There Is a Light That Never Goes Out’ van The Smiths, een groep waarvan de in pathos gedrenkte zielenroerselen en het zelfmedelijden van zanger Steven Patrick Morrissey in evenwicht worden gehouden door diens ironie en sarcasme, zijn uitgesproken activisme en zijn, welja, geniale songs.

Via Facebook en Twitter ging de meme prompt de wereld rond. Maar zoals zo vaak op het internet ontging de meerderheid van de klikkers de dubbele bodem van het bericht dat ze zo consciëntieus liketen en shareden. Morrissey laat zich de laatste jaren immers vaker betrappen op radicale oprispingen over immigratie en de teloorgang van de Britse identiteit, terwijl hij zijn bewondering voor de UKIP-nar Nigel Farage niet onder stoelen of banken steekt.

Ook na de aanslag in Manchester, opnieuw zijn uitvalsbasis na omzwervingen in Los Angeles en Rome, liet de zanger zich dus niet onbetuigd. Op zijn Facebookpagina maakte Morrissey brandhout van het immigratiebeleid van de Britse premier Theresa May, die hij verwijt “in een kogelvrije bubbel” te leven. Hij haalde uit naar de Queen (die haar tuinfeest niet afgelastte), naar de Londense burgemeester Sadiq Khan (die IS niet veroordeelde) en naar Andy Burnham, burgemeester van Manchester, die zei dat de bom het werk was van een extremist.

“Een extremistische wat?”, hoonde Morrissey. “Een extremistisch konijn? In het moderne Groot-Brittannië lijkt iedereen bang om te zeggen wat we in onze privé-omgeving allemaal zeggen. Politici zeggen ons dat ze niet bang zijn, maar zelf zijn ze nooit het slachtoffer (Morrissey vergat even dat het Britse Labour-parlementslid Jo Cox vorig jaar tijdens de brexitcampagne werd vermoord door een neonazi met nogal sterke anti-EU-gevoelens, SS). Hoe gemakkelijk is het om niet bang te zijn als je niet in de vuurlinie staat. Het volk heeft die bescherming niet.”

Dat was slikken. Is Morrissey, die menige tienerkamer opfleurde met zijn onafscheidelijke Oscar Wilde-bloemen, die het met The Smiths over feminisme, machtsmisbruik en anti-elitarisme had toen zijn fans die woorden amper konden spellen, die de emotioneel en financieel beproefde arbeidersklasse een schouder aanbood om uit te huilen en die als veganist vooroploopt in de strijd tegen de vleesindustrie – is diezelfde Morrissey een posterboy geworden van het rechtse kamp?

Verbrand vlees

Ik herinner me nog precies hoe Morrissey in mijn leven kwam. Dat komt omdat het allemaal stiekem moest. Begin jaren 90 hoorde ik bij een vriendengroepje dat The Cure aanbad – nog steeds, eigenlijk – en tegelijk The Smiths goed vinden, dat was niets minder dan blasfemie. Maar de gitaar van Johnny Marr in ‘Bigmouth Strikes Again’ en de door Morrissey zo treffend bezongen zaterdagavond-zonder-liefleegte in ‘There Is a Light That Never Goes Out’ bleken hun onweerstaanbare aantrekkingskracht op een verstokte Cure-fan niet te missen – ook al waren die lyrics geschreven door een cryptohomo of, zoals Morrissey het in zijn autobiografie omschrijft, een humasexual.

Met een heimelijk genot smokkelde ik de vier albums die The Smiths in hun amper vijfjarige bestaan maakten mijn cd-collectie in. Later volgden via mijn lief de Smiths-elpees, -outtakes en -demo’s. Om een bekende muziekjournalist te parafraseren: zelfs het afval van Moz is beter dan andermans parels. De plastic bloementuil die Morrissey tijdens het Breekendfestival in Bree – het enige optreden van The Smiths in de Benelux – dramatisch het publiek in zwierde, heeft een tijdlang als relikwie in onze huiskamer gehangen. (De credits zijn opnieuw voor mijn lief, ik moest in 1984 nog acht jaar worden.)

Morrissey op het Hop Farm Festival 2011.Beeld BELGAIMAGE

Het mag duidelijk zijn: tot u spreekt een liefhebber. Dat Morrissey onrechtstreeks aanleiding heeft gegeven tot mijn bijna-verwijdering van de Lokerse Feesten, beschouw ik dan ook als een akkefietje. Toen de zanger er in 2011 optrad, besloot de organisatie zijn fameuze paarden­worsten en ander vlees van de festivalsite te weren – een ingreep waar ik als seriële vegetariër prima mee kon leven. Overijverige securitymensen besloten die avond dat ook mijn zakje snoep, gekocht op straat, niet het plein op mocht. “Want in snoep zit gelatine en dat komt van varkens.” Mijn aanvankelijke weigering om het snoepgoed in een vuilbak te keilen, ontaardde ei zo na in een handgemeen.

Twee zomers voordien had Morrissey zijn optreden op Coachella stilgelegd omdat de geur van gebraden vlees, afkomstig van een barbecue backstage, kwam voorbijgewaaid op het podium. “Ik ruik verbrand vlees”, zei Moz nog half grappend. “Ik hoop maar dat het mensenvlees is.” Tijdens ‘Some Girls Are Bigger Than Others’ besloot hij dat het welletjes was geweest en verliet het podium, al kwam hij later die avond wel terug om zijn set af te maken. Blijkbaar wilde de organisatie van de Lokerse Feesten geen risico’s nemen – enkele avonden voordien, op een concert in Polen, had Morrissey laconiek beweerd dat de dodentol van Anders Breivik op Utoya “niets voorstelde in vergelijking met wat er elke dag bij McDonald’s en Kentucky Fried Shit gebeurt”.

Sterke quote, wel.

Vrijage met Farage

Het is bekend dat Morrissey het publiek tijdens zijn concerten maar al te graag in zijn wereld trekt. ‘Meat Is Murder’ wordt elke keer begeleid door dezelfde, misselijkmakende beelden uit slachthuizen – ik heb ze ondertussen al verschillende keren gezien, wennen doen ze nooit. Tijdens ‘The Bullfighter Dies’ wordt een toreador gespietst door de hoorns van een stier. Toen de beelden tijdens het concert in 2014 in de Antwerpse Stadsschouwburg op het scherm verschenen, steeg er luid gejuich op in de zaal. Dat was... raar.

Diehard Morrissey-fans – die hij als eeuwige loner als zijn familie beschouwt – zijn sowieso een ras apart. Perfect normale mannen en vrouwen van in de 40 en 50 met perfect normale jobs verdringen zich tijdens concerten om op de eerste rijen te kunnen gaan staan en het toneeltje mee te spelen van de artiest die zijn publiek buiten zinnen brengt. Morrissey die met bloemen smijt, Morrissey die zijn hand uitsteekt, Morrissey die tijdens het laatste nummer zijn bezwete hemd uittrekt en in het publiek gooit: telkens staan er smachtende fans klaar om de heiland op zijn wenken te bedienen. Dat een niet onaanzienlijk deel van die fans bestaat uit stoere gays met t­attoo’s, merkkledij die een rechts gedachtegoed doen vermoeden en flink wat heimwee naar het oude Albion, dat vinden ze in Engeland perfect normaal. Alleen daar kun je je precies tussen ­hoo­ligan en homo bevinden.

Elke nieuwe plaat van Morrissey is nog altijd een gebeurtenis met een hoofdletter, elke scheet die hij lost, geeft aanleiding tot commentaar en controverse. Dat hij ondertussen de foute uitspraken aan elkaar rijgt en zich steeds meer van zijn publiek vervreemdt, lijkt zijn cultstatus amper aan te tasten. Zo beweerde Morrissey in 2013 in het inmiddels opgedoekte mannenblad Loaded dat hij lang met het idee heeft gespeeld om voor UKIP te stemmen. “Ik heb het wel voor Nigel Farage. Zijn standpunten zijn redelijk logisch, zeker wanneer hij het over Europa heeft.”

Een uitschuiver? Nee, hoor: tijdens een interview in Australië vorig jaar bevestigde Morrissey zijn sympathie voor Farage, die hij “een liberale opvoeder” noemde. “Hij wordt verafschuwd door de BBC omdat hij gelijke vrijheden voor alle mensen propageert en omdat hij zich niet in het minst geïntimideerd voelt door de BBC.”

Auntie Beeb: nog zo’n geliefd slachtoffer van Morrisseys toorn. Tijdens de Franse verkiezingen beschuldigde Morrissey de Britse openbare omroep van vooringenomenheid tegen Marine Le Pen. “Terwijl zij duidelijk als winnaar uit het tv-debat kwam, meldde de BBC dat Macron had gewonnen. Dit is precies de reden waarom we de mainstreammedia niet mogen vertrouwen: hun privé-agenda’s zijn belangrijker dan feiten, de realiteit en hun opdracht voor het volk.”

Rechtzetting

Maar het pijnlijkst zijn Morrisseys uitspraken over migratie, die hem blijven achtervolgen omdat hij het maar niet afleert. In 1992 zei hij tegen Q Magazine dat hij niet “afschuwelijk of pessimistisch” wilde klinken, maar dat hij dacht dat blanken en zwarten nooit met elkaar zullen kunnen opschieten of elkaar leuk zullen vinden. “Dat zal, denk ik, nooit gebeuren.”

In datzelfde jaar beschuldigde het muziekblad NME Morrissey ervan ‘met vuur te spelen’ nadat hij zichzelf tijdens een reünieconcert van Madness, waar hij in hun voorprogramma speelde, in de Britse vlag had gehuld. In het publiek bevonden zich nogal wat skinheads en aanhangers van het National Front, de Britse ­fascistische partij, die speciaal naar het concert waren afgezakt in Finsbury Park, een gekleurde wijk in het noorden van Londen.

Net als zijn grote held Oscar Wilde is Morrissey dol op bloemen. Tijdens concerten mag hij er graag mee naar het publiek zwaaien.Beeld Redferns

De relatie met NME verslechterde na een interview in 2007 toen Morrissey, die op dat moment in Rome woonde en gevraagd werd of hij overwoog ooit nog naar Groot-Brittannië terug te keren, de immigratiecijfers bekritiseerde. “Dat ligt erg moeilijk, hoewel ik niets heb tegen mensen uit andere landen. Maar hoe groter de instroom in Engeland, hoe meer de Britse identiteit verdwijnt. Wandel op eender welk moment van de dag door Knightsbridge (een zeer Britse wijk in Londen waar het zeer Britse Harrod’s is gevestigd, SS) en je hoort geen Engels accent meer.”

Uit datzelfde interview: “Engeland is niet meer dan een herinnering. De poorten worden overspoeld en iedereen kan zomaar het land binnenkomen.” Toen hem later werd gevraagd of hij niet vreesde dat mensen zich door zijn opmerkingen beledigd zouden kunnen voelen, antwoordde Morrissey, nota bene een kind van Ierse migranten: “Mijn verklaringen zijn niet opruiend bedoeld. Het zijn feiten.”

Na de publicatie van het stuk beweerde Morrissey dat NME hem in de val had gelokt. “Mijn quotes zijn bewerkt, verknipt en herschreven om van mij een racist te maken en zo de dalende oplage van het blad op te krikken. Ik verafschuw racisme en onderdrukking of wreedheden van welke aard ook en zal dit niet laten voorbijgaan zonder absoluut duidelijk en empathisch over mijn standpunt te zijn: racisme gaat het gezond verstand voorbij en heeft geen plaats in onze maatschappij.”

Morrissey eiste een rechtzetting van NME, die er niet kwam. Drie jaar later dienden zijn advocaten een rechtszaak in wegens smaad, die op een sisser afliep. Toen duidelijk werd dat team-Morrissey meer dan een kans maakte, bond NME in en publiceerde het blad een verontschuldiging. De zanger had ondertussen 28.000 pond gedoneerd aan Love Music Hate Racism, een anti-racismecampagne die hij voordien ook al steunde.

Tegenstrijdigheden

Hoeveel vijanden hij ook maakt, Morrissey zal altijd overleven – zelfs slokdarmkanker krijgt hem niet klein. Zijn gevatheid, zijn welbespraaktheid en zijn slimmigheid maken van hem een unicum in de muziekwereld, wat een rechter ook mag beweren. Toen de voormalige Smiths-drummer Mike Joyce en bassist Andy Rourke Morrissey eind jaren 90 voor de rechter sleepten wegens achterstallige royalty’s en andere inkomsten en het verdict uitviel in het nadeel van Morrissey, besloot hij de typering van de rechter, die hem tijdens het proces als ‘slinks, vechtlustig en onbetrouwbaar’ had omschreven, als een ­geuzennaam te dragen. Hij ondertekent er soms zijn e-mails mee.

The Guardian merkte in 2010 op dat Morrissey van de tegenstrijdigheden aaneen lijkt te hangen. ‘Er is de charme, maar er zijn ook de puntige commentaren. De verwijfde gebaren, het norse machismo. Het verlangen om in het middelpunt van de belangstelling te staan gecombineerd met het gebrek aan sociale vaardigheden. Het gepronk met succes, roem en geld, maar ook de herhaalde klachten van slachtofferschap en verwaarlozing. Noem het zelfbewustzijn, noem het zelfingenomenheid, noem het zelfverdediging, maar elk gebaar lijkt met de grootste voorzichtigheid bedacht, elke lettergreep wordt afgewogen en afgemeten aan de rimpelingen die hij zal ­veroorzaken wanneer hij in de vijver wordt geworpen.’

Misschien is het wel in die zin dat Morrisseys herhaalde ‘racistische’ oprispingen gezien moeten worden: een spel waarvan hij alleen de regels kent. In hetzelfde stuk waarin The Guardian hem zo treffend portretteerde, haalde Morrissey uit naar andere muzikanten: “Ze hebben twee of drie melodieën die ze ad nauseam herhalen op 28 albums”. Over mensen: “Problemen.” Over de hitparade: “Heeft niets meer te maken met talent, slimheid of originaliteit. Iedere nieuwe artiest komt binnen op nummer één, maar als het over livemuziek gaat, kunnen ze amper een telefooncel vullen.”

En dan, ineens, over de Chinezen: “Heb je dat item op het nieuws gezien over hoe ze hun dieren behandelen? Absolute horror. Je krijgt toch het idee dat de Chinezen een sub-ras zijn.” Bam, een nieuwe racisme-rel was geboren.

Ook na zijn Facebook-post over de aanslag in Manchester stonden zijn critici klaar om hem neer te sabelen. Eén reactie sprong eruit. Martin Rossiter, de zanger van Gene, een Brits jaren-negentiggroepje dat regelmatig optrad in het voorprogramma van Morrissey en dat veel fans met hem deelt, beschuldigde Morrissey van dog whistle islamofobie, een term die meestal wordt gebruikt in verband met politiek. Wie dog whistle politics beoefent, brengt een gecodeerde politieke boodschap die één ding betekent voor het grote publiek dat de code niet doorheeft, maar die een andere, meer specifieke betekenis heeft voor een specifiek bedoeld deelpubliek.

Morrissey in Chili, 2015.Beeld EPA

Cricketgroen Engeland

Op The Quietus, een onlinemuziekmagazine, schreef Rossiter dat hij Morrissey jarenlang heeft verdedigd, maar dat de zanger wat hem betreft voortaan dood is. “Zijn uitspraak over de burgemeester van Manchester – ‘Een extremistische wat? Een extremistisch konijn?’ – toont aan dat Morrissey schuldig is aan datgene wat hij de media en politici verwijt, namelijk het niet zeggen ‘van wat we in onze privé-omgeving allemaal zeggen’. Wat is het dat je niet zegt, Morrissey? Ben je plots bang om een woord te gebruiken? Een extremistische WAT, Morrissey? Komaan, gooi het eruit, zeg dan wat je bedoelt. Maar dat zal niet gebeuren, hij is slim genoeg om voor zichzelf een linguïstische ontsnappingsroute te bedenken.”

Morrissey is de pleitbezorger van een cricketgroen Engeland, stelt Rossiter, “een Engeland waar we immigratie slechts in kleine aantallen tolereren, een Engeland waar het exotisch is om een ‘bruine’ buur te hebben. Als hij daarin gelooft, moet hij het lef hebben om dat te zeggen in plaats van het te insinueren. Het is praat van een miljonair die jarenlang in het buitenland heeft gewoond en die het Groot-Brittannië van vandaag niet meer begrijpt.”

Rossiter verwijst naar Morrisseys teksten, waarvan ook anderen al jarenlang beweren dat ze een zweem van racisme bevatten. ‘Bengali in Platforms’ uit Viva Hate, zijn eerste soloalbum, bevat de zinnen ‘Life is hard enough when you belong here’ en ‘Shelve your western plans’, een nummer dat, dixit Rossiter, speelt met het stereotype van Britse Aziaten die nachtwinkels uitbaten. Dat ze hun westerse plannen moeten opbergen, betekent voor Rossiter niets meer of minder dan dat ‘Paki's moeten opkrassen’. 

Ook aan ‘Asian Rut’, over een gedrogeerde Aziaat met een geweer die de dood van zijn vriend wil wreken, en ‘National Front Disco’, met de herhaalde slogan England for the English, hangen volgens Rossiter een geurtje.

Hoewel hij er nooit afstand van genomen heeft, zijn het nummers die Morrissey al eeuwen niet meer speelt. En zolang er op zijn concerten geen UKIP-standjes opduiken in plaats van de gangbare tafel van dierenrechtenorganisatie PETA, lijkt de Morrissey-bubbel nog wel een tijdje te kunnen voortzweven.

Maar het geflirt met Farage mag nu wel stoppen. Heaven knows he’s miserable now.

Also sprach Morrissey

“Politici zeggen ons dat ze niet bang zijn, maar zelf zijn ze nooit het slachtoffer. Hoe gemakkelijk is het om niet bang te zijn als je niet in de vuurlinie staat”

“Het dodental op Utoya stelt niets voor in vergelijking met wat er elke dag bij McDonald’s en Kentucky Fried Shit gebeurt”

“Ik heb het wel voor Nigel Farage. Zijn standpunten zijn redelijk logisch, zeker wanneer hij het over Europa heeft”

“Terwijl Le Pen duidelijk de beste was in het tv-debat, meldde de BBC dat Macron gewonnen had. We mogen de mainstreammedia niet vertrouwen”

“Blanken en zwarten zullen nooit met elkaar kunnen opschieten of elkaar leuk vinden. Dat zal, denk ik, nooit gebeuren”

“Ik heb niets tegen mensen uit andere landen, maar hoe groter de instroom in Engeland, hoe meer de Britse identiteit verdwijnt”

“Heb je gezien hoe ze in China dieren behandelen? Pure horror. Je krijgt toch het idee dat Chinezen een sub-ras zijn”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234