Zondag 04/12/2022

BoekeninterviewRaynor Winn

Bestsellerauteur Raynor Winn: ‘Wie lang genoeg wandelt, gaat in het moment leven. Dat is zo bevrijdend’

Raynor Winn en haar echtgenoot Moth. Toen hij aan een zeldzame hersenziekte bleek te kijden, trok het koppel de wilde natuur in. INtussen heeft Raynor Winn over hun tochten al drie boeken geschreven. Beeld  Stuart Simpson
Raynor Winn en haar echtgenoot Moth. Toen hij aan een zeldzame hersenziekte bleek te kijden, trok het koppel de wilde natuur in. INtussen heeft Raynor Winn over hun tochten al drie boeken geschreven.Beeld Stuart Simpson

Raynor Winn (59) werd beroemd met ­Het zoutpad, een boek over een wandeltocht die haar leven veranderde. In Landlijnen is ze weer met haar man de natuur in getrokken, in de hoop dat de tocht zijn ziekte nog even op afstand houdt.

Laura de Jong

In 2018 debuteert de Britse Raynor Winn als vijftiger met Het zoutpad, over de wandeltocht die ze maakte met haar man Moth (62). Een tocht uit nood geboren, omdat het echtpaar in 2013 door een speculatieschandaal alles is kwijtgeraakt: hun geld en hun eigenhandig gebouwde boerderij met bed & breakfast.

Nog nauwelijks van de schrik bekomen, blijkt Moth ook nog eens te lijden aan een zeldzame hersenziekte, corticobasale degeneratie (CBD), een soort mengeling van alzheimer en parkinson. De ziekte beschadigt zijn motoriek, spraak en geheugen. Als de deurwaarders op de stoep staan, zit het echtpaar verstopt onder de trap zonder enig idee waarnaartoe. Ten einde raad besluiten ze te gaan wandelen: het South West Coast Path, een eeuwenoud pad van zo’n duizend kilometer langs de Zuid-Engelse kust. Bepakt en bezakt met slaapzakken, noedels, zakjes thee en een tent die ze van hun laatste geld kopen, vertrekken ze.

En dan blijkt er toch nog hoop te zijn. Want hoewel de artsen zeggen dat Moth vooral rustig aan moet doen, blijkt de wandeltocht – vol ontberingen, honger, hitte en regen – heilzaam te zijn voor zijn gezondheid. Na een paar weken wordt zijn tred zichtbaar sterker en stabieler en lijkt hij langzaamaan de oude te worden.

Twee jaar later zet Winn hun avontuur op papier. Een egodocument, geschreven voor Moth als herinnering. Hun dochter dringt erop aan het manuscript naar een uitgever te sturen. Een meesterzet, want Het zoutpad wordt een best­seller.

BIO

geboren in 1962 • verloor in 2013 door een finan­ciële mis­greep haar huis en brood­winning • debuteerde in 2018 met Het zoutpad • belandde in 2019 op de shortlist van de Wainwright Prize en de Costa Book Award voor biografie, won de RSL Christopher Bland Prize voor debutanten boven de 50 • publiceerde De wilde stilte (2020) • woont met haar man Moth op een hoeve in Cornwall • haar derde boek Landlijnen is pas verschenen

In haar tweede boek, De wilde stilte, uit 2020, beschrijft Winn hoe hun leven verder verloopt. Hun financiële problemen zijn voorbij en ze wonen inmiddels in een oude boerderij in Polruan, in de heuvels van Cornwall. Ze maken nog steeds wandeltochten, onder meer door IJsland. Maar toch gaat Moths gezondheid achteruit.

Landlijnen, Winns derde boek, dat pas is verschenen, begint met een passage over Moth die na een kort stukje lopen in hun boomgaard omvalt. Hij lijkt zich erbij neergelegd te hebben dat mogelijk het laatste stadium van zijn ziekte is ingezet. Maar dan besluit Winn dat het tijd is om weer te gaan wandelen, de Cape Wrath Trail – een zware tocht van honderden kilometers door de Schotse Hooglanden.

U beschrijft in de eerste hoofdstukken van Landlijnen hoezeer Moths gezondheid is verslechterd. Waarom besloot u toch weer een langeafstandswandeling te maken?

“Het was de winter van 2021, vanwege de lockdown zaten we allemaal thuis. We konden net als iedereen alleen een klein blokje om lopen. ­Moths gezondheid ging snel achteruit. Naar mijn idee vanwege het gebrek aan beweging. Hij was op het punt gekomen waarop hij dacht dat er geen weg meer terug was, dat dit de laatste fase van zijn ziekte was. Hij accepteerde dat al bijna.

“Maar ik kon dat niet, ik kon hem niet loslaten zonder het nog één keer te proberen. Het voelde als de laatste kans om de ziekte tegen te houden voordat hij echt zou omvallen en er geen weg meer terug zou zijn. Mijn hoop was dat door te wandelen zijn gezondheid zou verbeteren, zoals in het verleden ook was gebeurd. Waardoor hij wat meer tijd zou hebben.

“We hebben thuis een stapel wandelgidsen op een plank liggen. Eentje daarvan lag er nog ongebruikt. Het was de gids over de Cape Wrath Trail, dat loopt van de uiterste noordwestelijke hoek van Groot-Brittannië naar het zuiden. Een pad door het meest afgelegen deel van het land, door de Hooglanden van Schotland, door de grote wildernis, een ongelooflijk ruig gebied. Dus ik wist dat als er een wandeltocht was die hem in beweging zou kunnen krijgen, het dit pad moest zijn.”

Toch voelt u zich ook schuldig dat u hem naar dat afgelegen gebied sleept.

“Ja, hij was zo ziek, en als iemand van wie je houdt ziek is, wil je diegene het liefst beschermen en in bed stoppen. Maar ik nam hem mee naar de wildste, de meest afgelegen uithoek van het land. Ik deed het tegenovergestelde van wat de dokters zeiden, die steeds adviseerden: doe rustig aan en voorzichtig op de trap. Het voelde bijna onverantwoord. Dus telkens als hij het gevoel had dat hij niet verder kon, dat ik hem zag worstelen, dat het te zwaar was, te koud of veel te heet, voelde ik me schuldig dat ik hem dat had aangedaan. Want ook al had hij zelf met de wandeling ingestemd, ik was wel degene die dit had bedacht, die het zaadje had geplant.

“Ik heb geprobeerd om bij het schrijven zo eerlijk mogelijk te zijn over mijn emoties. Want als ik de lezer wilde meenemen in het verhaal, kon ik niet anders dan open zijn over hoe ik me voelde.”

'Klimaatverandering is zo vanzelfsprekend geworden, zelfs in een groen land als Engeland. Maar als je geen tijd in de natuur doorbrengt, zul je het waarschijnlijk niet zien.' Beeld  Stuart Simpson
'Klimaatverandering is zo vanzelfsprekend geworden, zelfs in een groen land als Engeland. Maar als je geen tijd in de natuur doorbrengt, zul je het waarschijnlijk niet zien.'Beeld Stuart Simpson

Het zoutpad, uw debuut, schreef u toentertijd alleen voor uw man. Nu worden uw boeken door miljoenen mensen gelezen. Is het anders schrijven, wetende dat zo veel mensen het zullen lezen?

“Jazeker. Toen ik Het zoutpad schreef, dacht ik dat niemand anders dan Moth het zou lezen; ik schreef het voor hem, ik probeerde de essentie van het pad voor hem vast te leggen. Dat hij, als hij het las, het gevoel zou hebben dat hij daar was, op het pad, vlak naast me. Maar toen werd het gepubliceerd en lazen zoveel mensen het. Toen pas realiseerde ik me wat ik eigenlijk had geschreven. Het was zo persoonlijk, dingen die ik misschien niet had gedeeld als ik me er daar volledig bewust van was geweest.

‘Toen ik begon aan mijn tweede boek, De wilde stilte, was ik in eerste instantie doordrongen van mijn lezerspubliek en schreef ik op een haast voorzichtige en ingetogen manier. Totdat ik inzag dat wat ik wilde zeggen op die manier niet overkwam. Alleen door mezelf te zijn en eerlijk te zijn kon ik goed overbrengen wat ik wilde zeggen. Dat heb ik geprobeerd vast te houden bij het schrijven van Landlijnen.”

Wilde u van jongs af aan schrijven?

“Als kind wilde ik schrijver worden. Maar als tiener nam het leven me een andere kant op. Ik ben opgegroeid op een boerderij, mijn ouders waren praktische mensen, mensen die de handen uit de mouwen staken. Ik pakte de pen pas weer op toen ik Het zoutpad schreef, ik was in de 50. Het was geweldig te ontdekken dat ik het kon. Nu wil ik niet meer stoppen.”

Ziet u uzelf nu ook als schrijver?

“Nee, een deel van mij kan mezelf nog steeds niet serieus nemen. Ik denk dat ik me altijd zo zal voelen.”

Hebt u vaste schrijfrituelen?

“Ik schrijf in de vroege ochtend, op mijn laptop. Bij dit boek schreef ik soms twaalf uur na elkaar door. Het was alsof ik nog aan het wandelen was, in datzelfde ritme van lopen en steeds doorgaan. Ik begon half november 2021, toen we net weer thuis waren, en in maart 2022 stuurde ik de eerste versie naar mijn uitgever. Daarna moest ik nog veel schrappen.”

Hoe schrijft u?

“Ik schrijf in beelden. Ik zie iets voor me en dan probeer ik die voorstelling op papier te zetten. Alsof ik een tekening schilder met woorden. ­(lachend) Soms krijg je een schets en soms krijg je een meesterwerk!’

Een wandeling beschrijven is moeilijk. Hoe voorkom je dat het saai wordt?

“Ik hoop dat het dat niet is! Het is inderdaad lastig. Als je aan een wandeling denkt, is het gewoon kilometers, kilometers en kilometers hetzelfde. Dus ik schrijf ook over de verschillende paden, het veranderende landschap en de mensen die we zijn tegengekomen, zodat het niet alleen om de wandeling an sich gaat. Zo van: hier is nog een heuvel en hier is wat meer lucht. Dat je als lezer denkt: o god, is ze nog steeds aan het wandelen? Maar terwijl je loopt denk je wel steeds: zal dit pad nooit eindigen? Dat element moet je dus ook overbrengen.

“Het is daarnaast ook een verhaal over hoe klimaatverandering het landschap verandert, hoe wilde dieren naar het noorden trekken en insecten naar het zuiden vliegen. Klimaatverandering is zo vanzelfsprekend geworden, zelfs in een groen land als Engeland. Maar als je geen tijd in de natuur doorbrengt, zul je het waarschijnlijk niet zien. Want de bladeren zitten nog aan de boom en het gras is nog groen. Maar de veranderingen zijn enorm. Dus daar werd Landlijnen ook een getuigenis van.

“In het zuiden van Engeland, waar we wonen, heb ik al jaren geen koekoek meer gehoord. Terwijl ze er in mijn jeugd altijd waren. Tijdens deze wandeling in het noorden van Schotland was het alsof er meer waren dan ooit tevoren, alsof ze naar het noordelijke punt van het land waren gedreven om daar een laatste strohalm te vinden. Ze maakten een enorm lawaai en lieten zich horen. Het werd een markeerpunt voor me.”

In die zin is het ook een maatschappijkritisch boek. Had u dat al voor ogen voor u begon?

“Dat gebeurde gaandeweg tijdens het schrijven. Het werd belangrijk om dit vast te leggen. We kunnen nog steeds iets doen om het tij te keren, maar we moeten eerst erkennen dat er iets moet gebeuren. We moeten als mensheid ­samenwerken voordat we zelf die koekoeken worden.”

Waarom is wandelen zo goed voor een mens?

“Ik denk dat het komt doordat we als mensheid waarschijnlijk langer nomadisch dan sedentair hebben geleefd. Het zit in ons DNA. Dat gevoel van beweging en bewegen door het landschap is iets natuurlijks. Alsof we zijn geprogrammeerd om dat te doen.

“Als je jezelf echt de tijd geeft om een lange­afstandswandeling te maken, zul je zo veel veranderingen in jezelf voelen. Niet alleen fysiek. Bij mij duurt het altijd een paar weken voordat lopen een ritme wordt en het niet meer alleen moeilijk is. Maar wanneer alle dagelijkse ruis en zorgen eindelijk wegvallen, en dat gebeurt als je ver genoeg loopt, merk je dat je in het moment gaat leven. Er is niets zo bevrijdend als leven in het nu. Zodra je op dat punt bent, valt al het andere weg. Alles valt dan samen: jij als wandelaar met het landschap en de natuur. Het is een intens diep gevoel van verbinding, een rauwe verbinding met deze aarde en het enorme ­ecosysteem.”

U wandelt door weer en wind. Voelt u die ­verbondenheid ook tijdens alle ontberingen die u op uw pad tegenkomt?

‘Ja, dat hoort er allemaal bij. Want als je loopt, is dat gewoon een onderdeel van de dag. Vandaag is het heet en verbrand ik, morgen regent het en ben ik van top tot teen doorweekt: het is allemaal deel van het moment.”

Ik vroeg me af: hebben jullie nooit ruzie als je voor de zoveelste keer die tent in de regen moet opzetten?

“Nee, het opzetten, afbreken en inpakken van de tent is iets instinctiefs voor ons geworden. Dat doen we inmiddels zonder nadenken. We waren in de begindagen van deze wandeling geïrriteerd door elkaar, omdat ik aan het pushen was dat we moesten gaan en Moth dat nog niet zo voelde. Daar lag de spanning tussen ons, daar was het schuldgevoel, daar was het ongemak. Maar zodra de wandeling haar beloop nam, viel dat allemaal weg en deed het er niet meer toe. Ik hoop dat je dat in het boek ook voelt.

“Moth en ik zijn al zo lang samen, sinds ik een tiener was. We hebben al zo veel meegemaakt. Een tentje in een plensbui valt daarbij in het niet. Onze relatie is in wezen harmonisch.”

null Beeld RV
Beeld RV

Bent u bezig met een nieuw boek?

“Er komt een vierde boek, dat heb ik toegezegd aan de uitgever, maar ik weet nog niet waar dat me gaat brengen. En of het weer over een wandeltocht zal gaan, weet ik ook nog niet. Maar de natuur zal zeker weer een rol spelen.”

U schrijft: ‘Dit pad heeft ons leven veranderd, ons leven gered, ons omarmd in een tijd van narigheid en ons weer hoop gegeven toen alle hoop verloren was.’

“Het voelde alsof we op het punt waren gekomen dat er geen hoop meer was wat betreft ­Moths gezondheid. Maar toen we dat pad bewandelden, realiseerden we ons dat er altijd hoop is. Je moet er alleen oog voor hebben.”

Raynor Winn, Landlijnen, Balans, 320 p., 23,99 euro. Uit het Engels vertaald door Annemie de Vries.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234