Dinsdag 15/06/2021

GetuigenissenNieuwe carrière door corona

‘Begin dit jaar heb ik het finaal opgegeven’: zij begonnen een nieuwe carrière door corona

Comedian Bert Gabriëls werd (opnieuw) jurist.  Beeld RV
Comedian Bert Gabriëls werd (opnieuw) jurist.Beeld RV

Corona heeft het afgelopen jaar ons hele bestaan ontwricht, ook de manier waarop we werken. Velen verloren hun job, werden technisch werkloos, of gingen in de lockdown nadenken over leven en werk. Maar daadkrachtige optimisten zien in elke crisis kansen. Deze zes lieten het podium, het voetbalveld of de media achter zich en begonnen opnieuw.

Filip Peeters, acteur bakt taarten: ‘Ik ging terug naar mijn eerste liefde en blijf bij haar, denk ik’

De cultuurwereld ligt al meer dan een jaar stil, maar acteur en regisseur Filip Peeters (58) bleef niet bij de pakken zitten: hij opende met zijn vrouw, actrice An Miller, en dochters Louisa (16) en Leonce (15) een taartenzaak, Les Soeurs Miller.

Filip Peeters: “Ik moest íéts doen. In dit hele coronaverhaal is cultuur het vergeten stiefbroertje. Iedereen denkt: die creatievelingen trekken hun plan wel. Les Soeurs Miller geeft me een reden om uit mijn bed te komen. Zonder dit zat ik al in een psychiatrische instelling.”

fallback Beeld Kristof Ghyselinck
fallbackBeeld Kristof Ghyselinck

Waar was je mee bezig toen alles op slot ging?

Peeters: “We hadden een theatervoorstelling met heel ons gezin: Familie, een waargebeurd verhaal over een gezin dat zelfmoord pleegt. De tournee was uitverkocht, we gingen spelen in heel Europa. Op dít moment hadden we in New York op het podium moeten staan. Toen alles werd geannuleerd, wilden we iets doen met het verhaal en investeerden we onze laatste centen in een film op basis van de voorstelling. Die zou begin november in de bioscoop komen. En dan, patat, gingen alle cinema’s dicht. Hoeveel pech kun je hebben?”

Hoe kwam je erbij taarten te gaan bakken?

Peeters: “Ik ben kok van opleiding. Ik heb gewerkt in Barbizon in Jezus-Eik, toen een tweesterrenrestaurant, en in De Gulden Bock in Antwerpen, waar ik me specialiseerde in patisserie. Met de zaakvoeder van De Gulden Bock opende ik het koffiehuis Popoff. Uiteindelijk koos ik voor acteren, maar ik ben altijd tarte tatins blijven bakken, ook omdat mijn dochters ze zo lekker vonden. We schepten er plezier in om samen het recept te verfijnen. Ik durf te zeggen dat we van een tweesterrentaart een driesterrentaart hebben gemaakt.

“In het begin deelden we onze taarten uit. Daarna begonnen buren en vrienden, en vrienden van vrienden ze te bestellen. Luc De Laet, een bevriend slager, wilde onze taarten verkopen, en de mensen bestelden ze steeds weer. Zo is Les Soeurs Miller vanzelf gegroeid – de naam is een verwijzing naar de zussen Stéphanie en Caroline Tatin, die de taart in 1889 ontwikkelden.”

Hoeveel taarten bak je per week?

Peeters: “We zitten toch aan 250 kilo appelen per week, goed voor een honderdtal taarten. Ik ben er van ’s ochtends tot ’s avonds mee bezig. Mijn dochters helpen nog steeds mee, maar hun tijd is beperkt omdat ze nog op school zitten.

“Ik doe dit echt graag. Niet dat het financieel interessant is, maar het geeft voldoening als mensen ze lekker vinden, en die erkenning komt direct. Bij een film of theaterstuk ben je al maanden aan het werk voor er enige respons komt.”

Wat na corona? Als Les Soeurs Miller een voltijdse bezigheid is, zul je moeten kiezen.

Peeters: “Ik ging terug naar mijn eerste liefde en blijf bij haar, denk ik. Met mijn handen bezig zijn is zalig, en ik kan de mensen hun tarte tatin toch niet afpakken?”

Acteren en regisseren is dus verleden tijd?

Peeters: “Dat zou kunnen, ja. Als acteur heb je een heel onzeker bestaan. Het heeft lang geduurd voor ik een vakantie durfde te plannen en er gerust op was dat er nadien nog werk zou komen.”

Federaal minister van Werk Pierre-Yves Dermagne wil 75 miljoen euro vrijmaken voor de hervorming van het artiestenstatuut en een betere bescherming tegen inkomensverlies.

Peeters: “Eindelijk! Dat statuut is helemaal uitgehold en het zijn lang niet altijd zij die het nodig hebben, die ervan genieten. Ik heb De Acteursgilde mee opgericht, de Vlaamse belangenvereniging voor acteurs, en was jarenlang voorzitter. Je gaat er mij dus niet over horen klagen dat hier ein-de-lijk werk van wordt gemaakt. Maar het is mijn sector niet meer: bakkers en koks hebben geen artiestenstatuut (lacht).”

Koks?

Peeters: “Ik droom al van een eigen restaurant sinds ik acteur ben geworden. We zien wel. Soms dient een golf zich aan en ga je erop mee, zoals nu met Les Soeurs Miller.”

Keert je vrouw terug naar de planken?

Peeters: “Sowieso. An is een actrice pur sang, ze kan niet wachten om weer te kunnen spelen. Op zich verschilt haar ambitie niet zoveel van de mijne: we willen allebei mensen behagen. Maar voortaan doen we dat op een totaal andere manier.”

null Beeld BELGAIMAGE
Beeld BELGAIMAGE

Justien Odeurs, Red Flame wordt contacttracer: ‘Ik moest een manier vinden om mij bezig te houden en klikte op die vacature’

Als u vorig jaar besmet raakte met het coronavirus, kreeg u mogelijk een telefoontje van Justien Odeurs (23). De doelvrouw van Anderlecht en de Red Flames ging tijdelijk aan de slag als contacttracer.

Justien Odeurs: “Bij het begin van de eerste lockdown zat ik met de ploeg in de Algarve. We hoorden verontrustende berichten op het nieuws, maar we bleven chill omdat Portugal nog redelijk gevrijwaard bleef van besmettingen. Pas toen we terugkeerden en zagen dat België volledig op slot was, beseften we de ernst van de situatie.”

Algauw was er geen voetbal meer.

Odeurs: “Niet alleen dat, ook het café in Sint-Truiden waar ik al jaren achter de tap sta, moest de deuren sluiten. De eerste twee weken had ik het eigenlijk wel goed. Die totale rust was fijn: geen auto’s op straat, geen sociale verplichtingen. Maar de rust stak me bijzonder snel tegen. We mochten niet naar de club, ik maakte me zorgen over de competitie, en kreeg maar geen antwoord op de vraag of we nog kampioen zouden kunnen spelen. Ik ging van een gedisciplineerde routine naar een lege agenda zonder ankerpunten.”

Elke avond in de zetel liggen was niets voor jou?

Odeurs: “Ik verveelde mij steendood! Ik moest een manier vinden om mij bezig te houden, checkte een paar sites en klikte op een vacature voor contacttracer. Ik hoopte dat een bureaujob mijn gedachten zou verzetten, maar het effect was eerder tegengesteld (lacht). Na een opleiding van anderhalve dag werden we achter een bureautje gezet, maar er was amper werk. De besmettingen daalden en we beschikten nog niet over alle contactgegevens van mensen die mogelijk besmet waren. Het systeem stond nog niet op poten. De uren gingen zo traag voorbij dat ik Netflix begon te kijken, en ik was niet de enige.”

Gelukkig kon je in juni weer gaan trainen.

Odeurs: “Zeg dat wel! Ik heb nog een tijdje drie dagen in de week als contactonderzoeker gewerkt, maar het leek me maar fair om mijn plaats af te staan aan mensen die volledig zonder inkomen zaten. Ik heb wel wat meer over mijn medemens geleerd tijdens dat korte intermezzo (lacht). Sommigen zijn echt superwantrouwig. Welke aanpak ik ook gebruikte, ik kreeg met moeite twee woorden los.”

Hoe vlot het nu in het voetbal?

Odeurs: “Het voelt ongeveer weer zoals vroeger. We worden wekelijks getest, dat wel, maar onze nationale ploeg is al gekwalificeerd voor het EK, en pas in september volgen de kwalificaties voor het WK. Ik besef nu pas hoe graag ik tegen een bal stamp. Voetbal is mijn leven en het zal moeilijk worden om ooit nog iets te vinden dat me zoveel werklust geeft. Hopelijk blijft een nieuwe pandemie nog even uit (lachje).

null Beeld © Stefaan Temmerman
Beeld © Stefaan Temmerman

Sam De Bruyn, radiomaker zoekt rust: ‘Me te pletter werken is voor mij niet meer de juiste weg’

Qmusic-presentator Sam De Bruyn (34) stapte eind vorig jaar uit de ratrace. Sinds 25 april maakt hij een korte rentree op Studio Brussel, maar zijn thuisbubbel in Berlare zal hij niet snel opgeven voor een nieuwe voltijdse job.

Sam De Bruyn: “Ik had al langer het gevoel dat ik op een erg hoog toerental draaide. Ik had geen burn-out, maar telkens als ’s ochtends de wekker afging, leek het alsof er een gigantische berg op mij afkwam.

“Tijdens de eerste lockdown werd ik met de neus op de feiten gedrukt. Terwijl ik radio maakte vanuit mijn woonkamer, kon ik mijn man Wannes gadeslaan. Hij werkt keihard, maar kiest héél bewust hoe zijn werkdag eruitziet. Hij bepaalt wanneer hij zijn mails verwerkt of hoe uitgebreid zijn lunchpauze is. Ik dacht: shit, ik hol al vijftien jaar als een gek achter mijn werk aan, en waarom? Ik heb mijn job altijd enorm graag gedaan – ik heb er mij alleen maar heel erg mee geamuseerd – maar misschien zag ik overuren draaien wel als een statussymbool? Ik besefte plots: het is goed geweest.”

Hoe reageerde je omgeving op je beslissing om te stoppen met werken zonder back-upplan?

De Bruyn: “Het was gek hoeveel mensen mijn beslissing begrepen, en misschien zelfs een lichte jaloezie voelden omdat ze die stap niet zelf kunnen of durven te zetten. Ik kreeg alleen maar schouderklopjes, maar dat maakte de beslissing niet minder griezelig.

“Ik had op voorhand uitgerekend hoelang ik van mijn spaargeld kon leven en op welk moment ik mijn auto zou moeten verkopen. Dat gaf mijn hoofd rust.”

Hoe zien je dagen er nu uit?

De Bruyn: “De overschakeling was bruusk. Van de ene op de andere dag zat ik niet meer in die ratrace en begon ik te overcompenseren: ik begon als een zot in het huishouden te werken. Het heeft drie maanden geduurd voor mijn man zijn plek erin terugvond (lacht).

“Ik begin mijn dag nu met mezelf te voeden. Letterlijk: vroeger vloog ik de deur uit zonder te ontbijten. Ik sport ook veel meer. Mijn mailbox open ik één keer per week. Ondertussen maak ik tijd om droomprojecten vorm te geven. Misschien zit er een ondernemer in mij die nog nooit de kans heeft gekregen om boven te drijven. Meer wil ik er nog niet over kwijt. De toekomst ligt open!”

Sinds 25 april presenteer je negen zondagen Reizen De Bruyn op Studio Brussel. Daarin neem je de luisteraar mee op een rondreis langs je negen favoriete muzieklanden. Je zou het zelfkwelling kunnen noemen.

De Bruyn: “Haha! Ik ben een fervent reiziger en haal daar echt energie uit. Toen we deze zomer even naar het buitenland mochten, had ik geen tijd, en sindsdien zijn de grenzen dicht. Die onvervulde reislust kan ik nu kwijt in mijn muzikale rondreis op de radio. Van zwoele, Franse chansons tot Belgische tristesse of IJslandse zweverigheid: elk land heeft zijn muzikale taal.

“Er is niks zo leuk als op vakantie met de huurauto van de parking rijden en meteen de radiozenders afgaan. Sommige landen, zoals Spanje, zijn superchauvinistisch en maken eigen versies van grote hiphop- of rocknummers. Over de kwaliteit ervan valt te discussiëren, maar ik vind die lokale feel altijd tof.”

En wat na die tijdelijke terugkeer als presentator?

De Bruyn: “Eerlijk? Ik mis het niet. Ik voel me meer een muziekman dan een presentator, maar ik vind het fantastisch dat ik opnieuw de kans krijg om ongedwongen te spelen met muziek, en luisteraars een fijn gevoel te geven.

“Ik heb het gevoel dat ik mijn leven definitief heb omgegooid. Dit is geen bevlieging. Mensen moeten voor zichzelf bepalen wat zij een goed leven vinden. Als dat je te pletter werken is, heb ik daar totaal geen oordeel over – ik heb het zelf zo lang gedaan – maar voor mij is dat niet meer de juiste weg.”

null Beeld ID/Johannes Vande Voorde
Beeld ID/Johannes Vande Voorde

Bert Gabriëls, comedian wordt jurist: ‘Ik twijfel of ik nog wil terugkeren naar het podium’

Stand-upcomedian Bert Gabriëls (48) herontdekte tijdens de pandemie zijn passie voor gortdroge teksten. Sinds januari werkt hij voltijds als jurist bij de overheid.

Bert Gabriëls: “Vorig jaar had ik links en rechts nog wat optredens – het zag ernaar uit dat er weer wat meer mogelijk zou worden – maar begin dit jaar heb ik het finaal opgegeven.”

De laatste keer dat je als jurist werkte, was in 2008, nog voor Zonde van de zendtijd op Canvas.

Gabriëls: “Ik ben altijd bezig gebleven met juridische materie: ik schreef sindsdien een overzichtswerk over de vreemdelingenwetgeving en werd voogd van een niet-begeleide minderjarige. Het voorbije jaar heb ik verschrikkelijk veel moeten lezen. Tien uren in een naslagwerk neuzen: heerlijk!

“Vorig jaar combineerde ik mijn juridische werk nog met comedy, en dat was niet zo makkelijk. Na een paar dagen juridisch werk duurt het een volle dag voor ik mijn hersenen heb wijsgemaakt dat ze weer mogen denken wat ze willen.”

Hoe beleef jij corona?

Gabriëls: “Ik ben een kluizenaar. Ik zit de hele dag thuis, te werken en te lezen, en kan me prima amuseren met mijn boekenkast en niemand in de buurt. Misschien vind ik mensen niet meer zo tof? (lacht) Ik mis mijn vrienden en op café gaan, maar ik heb geen moeite om me aan de maatregelen te houden. Ik nies wel weer in mijn handen, niet meer in mijn elleboog. Dat is mijn daad van rebellie.”

Keer je terug naar de comedy?

Gabriëls: “Ik twijfel. Er komt een dag waarop ik weer kan optreden en voor een publiek moet gaan staan, maar kan ik het nog? Ik zal op mijn tanden moeten bijten, want de mensen kunnen je compleet de grond in boren. Elk jaar draait er wel een show in de soep. Die ene mop valt slecht, iedereen voelt dat, en je kunt je act met geen hijskraan meer rechttrekken. Comedy is massapsychologie: als de massa niet meer mee is, is het aartsmoeilijk om ze weer aan jouw kant te krijgen. Zulke momenten komen er ongetwijfeld weer aan, en ik rijd niet graag verdrietig naar huis. Maar de goeie shows geven genoeg energie om voort te doen.”

Eind dit jaar breng je wel opnieuw een eindejaarsconference.

Gabriëls: “Vanaf oktober staan er veertig gepland, en ik hoop dat de zalen dan meer dan halfvol zitten. Maar ik moet wel in gang schieten. Ik heb sinds januari niks meer op papier gezet en had me voorgenomen om vanaf april elke week een paar mopjes te schrijven. Ik moet mijn hersenen weer in gang krijgen. Meestal krijg ik een extra zetje op de dag van een try-out, nu komt het minder makkelijk.”

null Beeld carlo coppejans
Beeld carlo coppejans

Veronique Leysen, van de horeca naar de schoolbanken: ‘Geen onbetaalde rekeningen, geen gedoe met leveranciers: ik stress alleen nog over mijn examens en that’s it!’

Zeven jaar geleden ontpopte de Ketnet-actrice Véronique Leysen (35) zich tot onderneemster. Begin vorig jaar verkocht ze Maurice Bar, vandaag combineert ze de zorg voor haar twee zoontjes met studies binnenhuisarchitectuur.

Véronique Leysen: “Toen mijn eerste koffiebar onder de Antwerpse Boerentoren in 2018 moest sluiten omdat er in het gebouw asbestresten waren ontdekt, heb ik nog anderhalf jaar in Maurice Berchem gestaan. Ik ging weer zelf achter de bar en in de keuken staan. Ik heb Otto, ons zoontje van 4, amper gezien toen. Het harde werk viel me zwaar, omdat ik zwanger was van ons tweede zoontje, Isaï.

“Ik ken mijn grenzen. In januari vorig jaar heb ik mijn bar verkocht.”

Nét voor corona: goeie timing! Je hebt ook het kledinglabel Maurice Knitwear. Hoe groot is de corona-impact daar?

Leysen: “Net voor het begin van de pandemie wou ik in productie gaan met een nieuwe collectie, maar dat bleek al snel onbegonnen werk. De fabriek waarmee ik samenwerk, ligt in Italië, en corona veroorzaakte er chaos en ellenlange wachtrijen in de productie. Ik besloot om alles stil te leggen. Ik heb gelukkig geen stock meer, maar de verkoop ligt wel volledig plat.

“In het begin van de coronacrisis heb ik een tijdje op maat gemaakte maskers geproduceerd met de hulp van een paar trouwe omaatjes die anders de Maurice-truien breien. De vraag was niet bij te houden! Ik kreeg duizenden orders en besefte dat ik iets goeds in handen had. Maar ik was net bevallen van Isaï en wou er 100 procent zijn voor mijn gezin.”

Met Studio Véro geef je marketing- en stijladvies aan andere merken. Ook dat project ligt al een jaar stil. Een nieuwe uitdaging kon niet uitblijven?

Leysen: “Ik heb tot mijn 28ste voor Ketnet gewerkt, als actrice en wrapster, en meteen daarna startte ik Maurice Bar op. Maar ik voelde me toen nog altijd meer actrice dan ondernemer: ik veranderde net zo snel van haarkleur als van onderbroek (lacht). Ik wist niet goed welke rol ik moest opnemen in mijn leven. De koffiebar met het oude servies, het blauwe behang en de vintage meubelen is dan een deeltje van mijn identiteit geworden. Toen dat vorig jaar wegviel, heb ik getwijfeld over mijn capaciteiten. Ik ‘kan’ horeca, maar kan ik nog iets anders? Ik ben blij dat ik mijn buikgevoel heb gevolgd en nu mijn liefde voor binnenhuisarchitectuur exploreer.”

Wat zou je er graag mee bereiken?

Leysen: “Mijn ultieme droom is met het gezin in New York of Parijs gaan wonen en daar privéwoningen, restaurants en hotels onder handen nemen. Maar voorlopig focus ik me braafjes op mijn examens. Ik kan alleen studeren als de kinderen op school of in de opvang zijn, of ’s avonds. Dat vreet wel, zeker in combinatie met de kleine opdrachtjes tussendoor om toch maar wat te verdienen.”

Je kreeg de voorbije jaren veel vragen over ondernemen, vooral van vrouwen. Wat raad je hen vandaag aan?

Leysen: “Ik zie rond mij veel horecazaken failliet gaan. Als je een lening aangaat voor een horecapand, sta je meestal persoonlijk borg. En als het verkeerd loopt – iets waar je vandaag weinig controle over hebt – komt de bank achter jou aan en kun je je hele leven afbetalen. Vandaag een onderneming opstarten lijkt dus een barslecht idee, maar dat is het niet. Corona creëert een nieuwe realiteit, met andere noden en nieuwe kansen. Als de overheidssteun wegvalt, zullen veel zaken kopje-onder gaan, en in die vrijgekomen ruimte liggen kansen.”

Je man, televisiepresentator Thomas Vanderveken, werkte het voorbije jaar voltijds buitenshuis. Was er daardoor weleens wrevel?

Leysen: “We gunnen elkaar onze tijd om te shinen. Toen ik overuren draaide met Bar Maurice, nam Thomas het huishouden zowat volledig op zich, ook tijdens de weekends. Nu heeft hij de ruimte om te werken terwijl ik me kan concentreren op mijn studies. Voorlopig werkt dat, maar ik moet me intomen om geen nieuwe ontbijtbar te openen, brunchboxen in elkaar te flansen, of te veel stylingopdrachten aan te nemen. Het doet me alleszins deugd om geen honderd stressfactoren meer te hebben: geen onbetaalde rekeningen, geen gedoe met leveranciers. Ik stress over mijn examens en that’s it. Heerlijk!”

null Beeld Kristof Ghyselinck
Beeld Kristof Ghyselinck

Chris Van Tongelen, Romeo leidt vaccinatiecentrum: ‘Een vaccinatiecentrum is als een musical’

Toen corona een halt toeriep aan de eindeloze reeks optredens van De Romeo’s, ging zanger Chris Van Tongelen (52) het vaccinatiecentrum in Putte leiden.

Chris Van Tongelen: “Ik werk al jaren als uitvoerend producent voor Music Hall en leid er de grote musicals in goede banen. Eigenlijk is een vaccinatiecentrum ook een productie die je vlot wilt laten draaien. De komende weken zal hier twee keer 60.000 man passeren.”

Waaruit bestaat jouw taak?

Van Tongelen: “Kort door de bocht: zien dat het spel marcheert en dat de mensen zich comfortabel voelen. Soms zit ik achter mijn bureau – dat ik al lachend de backstage noem – maar net zo goed sta ik aan het onthaal of achter de infobalie. Ik heb lang genoeg stilgezeten. Het laatste échte optreden van De Romeo’s was meer dan een jaar geleden, op Moose Bar XXL in het Sportpaleis.”

Lukt het financieel nog?

Van Tongelen: “Ik zei een jaar geleden al dat dit niet te lang moest duren, en werd daar meteen op afgerekend: ‘Ga dan werken!’ Terwijl ik aan het werk wás, bij mijn broer in de supermarkt.

“Wat ik écht schandalig vind, is dat wij, mensen uit de evenementensector, de eerste maanden geen enkele financiële steun hebben gekregen. Ja, we krégen een hinderpremie, maar na vier maanden moest ik alles terugbetalen: 16.080 euro. Deed ik dat niet, dan verviel de premie waar ik vanaf dan wél recht op had.”

Hoe kwam dat?

Van Tongelen: “De evenementensector telde niet mee in die eerste regeling. Nochtans had de overheid mijn aanvraag zélf goedgekeurd: je moest je btw-nummer ingeven, en op basis daarvan werd bekeken of je in aanmerking kwam. Nadien beweerden ze dat ik de premie onrechtmatig had aangevraagd.

“Wat ik erg vind, is dat cafés en restaurants én de premie trekken én takeaway mogen aanbieden. Zij hebben met Matthias De Caluwe een fantastische woordvoerder en pleitbezorger – zo iemand hebben wij in de Vlaamse showbizz niet. Ik gun het de mensen van de horeca met heel mijn hart, maar waarom zij wél en wij níét?”

Kreeg je daar een verklaring voor?

Van Tongelen: “Ja: ik huur geen fysieke locatie. Maar marktkramers hebben ook geen vaste locatie, en zij kregen de premie wel.”

Welke steun krijg je nu?

Van Tongelen: “10 procent van mijn omzet van vorig jaar: lachwekkend! En dan ben ik nog bij de bevoorrechten: ik heb de voorbije tien jaar goed geboerd, en heb wat reserves.

“In het vaccinatiecentrum word ik betaald, maar het is een halftijdse job. In de praktijk ben ik er meer dan voltijds mee bezig, maar daar kies ik zelf voor – ik hou niet van half werk.”

Je bent vorige zomer ook gestart met het verhuren van tenten voor glamping – glamorous camping – in je tuin. Ook door corona?

Van Tongelen: “Helemaal. Ik zat in een dip. Ik had zo hard uitgekeken naar juli, maar toen bleek dat de evenementensector toch op slot zou blijven, ondanks de beloofde versoepelingen. Yves Smolders, een vriend en eigenaar van discotheek Versuz, kwam met het idee: hij had net tenten geleverd voor Green Fields, de alternatieve Tomorrowland-camping in Durbuy, en stelde me voor om in mijn tuin ook zulke tenten te zetten. Binnen de kortste keren waren de zomer én winter volgeboekt. Het is zo tof dat we er ook na corona mee doorgaan.”

Ben jij al gevaccineerd?

Van Tongelen: “Ja, als vaste medewerker van een vaccinatiecentrum is dat verplicht. Ik kreeg AstraZeneca. Dat gebruiken we momenteel niet voor min-56-jarigen zoals ik, dus het is afwachten wat mijn tweede prik wordt – voor hetzelfde geld wordt dat Pfizer of Johnson & Johnson. Voor mij is het allemaal goed.”

AstraZeneca kwam meermaals negatief in het nieuws.

Van Tongelen: “We hebben daar best veel miserie mee gehad. Je zag mensen schrikken als het die dag AstraZeneca was – sommigen moesten we overtuigen om de prik tóch te laten zetten. De communicatie was absurd: eerst was AstraZeneca niet geschikt voor mensen boven de 56 jaar, dan was het alléén maar geschikt voor mensen boven de 56. Dat krijg je niet uitgelegd, hè.”

Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke wil tegen 11 juli elke 18-plusser minstens één keer gevaccineerd hebben. Is dat haalbaar?

Van Tongelen: “In mei krijgen we meer dan twee keer zoveel vaccins: het zou dus kunnen lukken. Maar wat daarna? Ik geloof niet dat het leven snel weer normaal wordt, dat we bijvoorbeeld zullen kunnen reizen zonder nadien in quarantaine te moeten. Mensen gaan geen twee weken vakantie nemen om één week weg te kunnen.”

Hoop je komende zomer te kunnen optreden?

Van Tongelen: “Ik hoop, en denk ook wel, dat er íéts zal mogen. Maar als het is zoals vorig jaar, dan hoeft het niet. (Met hoge stem) ‘Culturele activiteiten mogen, maar wel buiten en met maximaal vijftig mensen.’ Daar kan niemand zijn boterham mee verdienen.”

Filip Peeters is niet van plan om terug te keren naar de cultuursector.

Van Tongelen: “Ik zie ook in de evenementensector mensen afhaken. Ze zijn ontmoedigd, of zoeken een andere job omdat hun spaargeld op is. Er gaat veel knowhow en ervaring verloren.”

Wat ga jij doen?

Van Tongelen: “Ergens diep in mij wil ik zeggen: ‘Fuck you!’ Maar zo snel als het kan en mag, sta ik toch weer op het podium.”

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234