Donderdag 28/05/2020

InterviewJan Caeyers

Beethoven-expert Jan Caeyers: ‘Mijn leven zal veel te kort zijn om Beethoven helemaal te begrijpen’

Jan Caeyers.Beeld Illias Teirlinck

Hij is doordrongen van leven én werk van Beethoven, en dat maakt de Belg Jan Caeyers (66) dé perfecte ambassadeur van het Beethovenjaar. Deze week mag hij met zijn orkest Le Concert Olympique als eerste de definitieve editie van de Negende uitvoeren. En eind april waagt hij zich aan een eigentijdse omzetting van de onvoltooide Tiende. ‘Beethoven was de David Bowie van zijn tijd.’

Achter zijn bureau pronkt een statische boekenkast van wel zes bij twee meter, tot in de nok gevuld met uitsluitend geschriften over Ludwig van Beethoven. Musicoloog-dirigent Jan Caeyers las ze allemaal van a tot z. De Duitse componist is zijn leven, zijn bestseller Beethoven: een biografie een magnum opus. Nochtans begon die 699 pagina’s tellende klepper als een uit de hand gelopen manifest. Het gevolg van een dipje in zijn carrière, en tevens een motivator om opnieuw met een eigen orkest te starten.

Vorig jaar was het boekwerk bij De Bezige Bij al aan een tiende, herziene druk toe. En dit feestjaar – het is 250 jaar geleden dat Beethoven werd geboren – mag het het stempel dragen van officieel naslagwerk, gekozen door het Beethoven-Haus in Bonn. Deze zomer verschijnt de eerste Engelse vertaling bij de uitgeverij University of California Press.

“Tot op heden was mijn boek vooral in Duitsland gerespecteerd”, vertelt Caeyers. “Dat het nu naar Amerika gaat, beschouw ik als een serieuze upgrade. Het is ook de basis voor de lopende podcast op Klara, zorgde voor interesse bij Arte, BBC en de Duitse en Oostenrijkse televisie voor nieuwe documentairereeksen. En de vragen blijven komen.”

Jan Caeyers.Beeld Illias Teirlinck

Urtext

Maar eerst is er woensdag in eigen land. Morgen wordt een nieuwe partituureditie van de Negende Symfonie voor het eerst uitgevoerd door Caeyers’ orkest Le Concert Olympique. Een van de meest iconische werken uit de klassieke muziekgeschiedenis, de basis ook van het Europese volkslied. Maar hoe kan het dat er 196 jaar na de eerste opvoering nu een ‘nieuwe’ partituur opduikt? 

“Het is niet eenduidig welke de ultieme Negende Symfonie was die Beethoven in zijn hoofd had”, legt Caeyers uit. “Tijdens zijn leven zijn er twaalf verschillende bronnen ontstaan: kladversies, handgeschreven kopieën door kopiisten, gecorrigeerde versies, partijen die aangevuld zijn tijdens repetities. En allemaal vertonen ze verschillen. Zoiets komt bij Bach of Mozart niet voor. Zij schreven een stuk op papier en daarmee was de kous af.”

In 1999 hebben wetenschappers al een nieuwe editie gedistilleerd uit alle bewaarde bronnen, die als Urtext-editie is verschenen en door vele orkesten gebruikt wordt. Maar intussen is er nog meer bronnenmateriaal gevonden. 

“In de bibliotheek van Berlijn is bijvoorbeeld een papiertje gevonden met een contrafagotpartij voor het stuk ‘Ode an die Freude’, duidelijk in het handschrift van Beethoven. Volgens ons heeft hij dat tijdens een repetitie genoteerd, maar is hij achteraf vergeten het in zijn eigen partituur bij te schrijven. De toevoeging zal voor een bijzonder effect zorgen. An sich verandert er natuurlijk niets aan de structuur van het stuk, zulke details werpen wel een ander licht op de partituur. Vergelijk het gerust met het Lam Gods van Van Eyck. Het schilderij is hetzelfde, maar door de renovatie ontstaat er een ander perspectief.”

Jan Caeyers.Beeld Illias Teirlinck

In april volgt dan een tweede, bijzonder project rond de onvoltooide Tiende Symfonie, die al twee eeuwen tot de verbeelding spreekt. “Beethoven heeft de Negende geschreven in opdracht van Londen, maar de originele vraag was om twee symfonieën af te leveren”, vertelt Caeyers. “Hij is ook effectief aan die Tiende begonnen, maar is gestopt, vermoedelijk omdat hij al veel moeite ondervond om de Negende uitgevoerd te krijgen, ook omwille van gezondheidsproblemen. Beethoven was op dat vlak erg pragmatisch. Hij schreef alleen als er een concrete aanleiding was, vaak gekoppeld aan geld.”

Nieuwe Gaudí

Behalve een paar schetsen die bewaard liggen in Berlijn, is er niets van de Tiende overgebleven. In 1988 probeerde de Britse musicoloog Barry Cooper het werk al te voltooien zoals Beethoven het ‘zou’ geschreven hebben. “Een onmogelijke taak om in het hoofd van een genie te kruipen”, zegt Caeyers. “Het is niet omdat je een schets ziet, dat je weet hoe het hele bouwwerk eruitziet. Bovendien schuilt het geheim van Beethoven in het onvoorspelbare, het ongewone. Dat kan je niet reconstrueren, net zoals je geen nieuwe Gaudí kan bouwen. Die versie was dus behoorlijk middelmatig.”

Maar in het kader van het Beethovenjaar worden momenteel toch twee nieuwe pogingen gedaan. Eentje op vraag van de Beethoven Jubileumstichting in Bonn dat op 28 april in première gaat en werd geschreven op basis van artificiële intelligentie. Een dag eerder wordt de andere versie aangeboden in Berlijn, een werk op bestelling van Caeyers en Le Concert Olympique.

“We willen dat materiaal tot leven wekken, zonder de pretentie dat te doen à la Beethoven”, zegt de dirigent. “Daarom hebben we de hedendaagse componist Jens Joneleit gevraagd om zich op de bewaarde schetsen te inspireren, om zo een volledig nieuw stuk te schrijven. Ik ben er zeker van dat die twee versies tegen elkaar zullen uitgespeeld worden, en ook ik ben benieuwd naar het gecreëerde stuk in Bonn. Men gaat de onvoorspelbaarheid van Beethoven moeten programmeren, een contradictio in terminis. Dat experiment zegt volgens mij weinig over het materiaal, maar meer over de capaciteiten van een computer.”

Wat doet dit Beethovenjaar nu met de mens Jan Caeyers? “Weet je, ik ben al mijn hele professionele carrière bezig met Beethoven. Dat er uitgerekend op dit ogenblik veel aandacht is voor Beethoven, kan zijn vruchten afwerpen. Dat is een geschenk.” 

Zo beschouwt Caeyers zijn loopbaan als tweeledig, die als dirigent en die als wetenschapper. “Dat zijn twee disciplines die op zich los van elkaar staan, maar ik ben zélf op het punt gekomen dat ik een synthese kan maken waarbij die twee samenkomen. Volgens mij bevruchten die twee gescheiden werelden elkaar. Mijn boek is niet geschreven door een muziekwetenschapper die alleen in een kamer zit en op een hermetische manier met de componist is bezig geweest. Dit boek is een neerslag van mijn omgang met de muziek, en die is deels ook emotioneel. Net zoals ik ervan overtuigd ben dat omgekeerd, mijn uitvoeringen, aan diepgang winnen door de kennis. Door de brieven van Beethoven veel te lezen, voel ik welke mens er achter de muziek zit.”

Jan Caeyers.Beeld Illias Teirlinck

Een voorbeeld van die kruisbestuiving. “Beethoven werkte vaak met korte en snelle crescendo’s, helemaal anders dan bij Haydn en Mozart. Als je de figuur Beethoven wat kent, krijg je meer begrip voor die uitersten in dat temperament en het impulsieve dat ermee gepaard gaat.” 

En omgekeerd heeft Caeyers de mens Beethoven beter leren begrijpen door zijn eigen werk als dirigent van andere, nieuwe muziek, zoals die van György Kurtág. “Zo heb ik het proces meegemaakt wat een componist meemaakt in de aanloop wanneer zijn werk voor het eerste wordt uitgevoerd. Pas dan hoort hij zijn muziek voor het eerst en wordt hij geconfronteerd met een werkelijkheid die hij daarvoor enkel in gedachten had. En dat zorgt voor ontzettend veel spanning, zeker met een moeilijke man als Kurtág. Met hem heb ik scènes meegemaakt die ik herkende uit de verhalen van Beethoven. Die spanning tussen orkest en componist wordt zo heel concreet.”

American Beethoven Society 

Maar staat het werk van een componist niet los van zijn leven? “Sommigen denken van wel”, zegt Caeyers. “Zij beschouwen een werk als iets tijdloos, ze luisteren vandaag naar Beethoven alsof het een tijdloos werk is. Met andere woorden, de muziek wordt ontkoppeld van de historische context, alsof je die niet nodig hebt om het te begrijpen. Ik geloof daar niet in. In de muziek sluipen ook veel codes en verwijzingen, naar een omgang met muziek die typisch is voor die tijd en die wij wat verloren hebben.”

“Vooraf had ik dit nooit voor mogelijk geacht. Ik heb mijn boek geschreven zonder ambitie, want ik behoor niet tot de incrowd van de Duitse Beethoven-specialisten. Was dit onder toezicht van officiële instanties gebeurd, dan was ik er te verkrampt aan begonnen. Maar nu, tien jaar later, word ik zelfs gevraagd voor het congres van de American Beethoven Society, waar ik in september de opening keynote mag geven. Dat het allemaal zo is gelopen, is een wonder.”

Jan Caeyers.Beeld Illias Teirlinck

Beethoven zal altijd zijn leven blijven. “Ik ben op het punt gekomen dat ik andere muziek nogal snel oninteressant vind”, zegt hij. “Hij heeft een onwaarschijnlijk boeiend leven gehad, wat invloed had op het verloop van zijn compositieontwikkeling. Geboren als getalenteerde musicus die een genie is geworden door wat hem overkomen is en door de impulsen van zijn tijd en omgeving. Denk maar aan zijn opkomende doofheid, waarop hij reageerde door stappen te zetten die hij anders allicht niet had gezet.

“Genialiteit is ook het vermogen om wat in de lucht hangt, om te zetten in een kunstwerk. The Beatles en David Bowie hebben dat gedaan, zij hebben de wisselende tijdsgeest uitgedrukt in muziek. Beethoven kon dat ook, en mijn leven zal veel te kort zijn om dat allemaal te begrijpen.”

De Negende Symfonie door Le Concert Olympique, op 11/3 in Leuven, 13/3 in Antwerpen en 14/3 in Hasselt. De Tiende Symfonie op 23/4 in Leuven, 24/4 in Brussel, 25/4 in Antwerpen en 26/4 in Hasselt. leconcertolympique.eu

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234