Woensdag 24/04/2019

Interview

Bas Devos over zijn film ‘Hellhole’: “Ik hoop dat de film dat woord een beetje kan ontkrachten”

Bas Devos. Beeld Tim Dirven

De Berlinale kleurde afgelopen weekend een beetje Brussels, met de wereldpremière van Hellhole. Daarin verkent regisseur Bas Devos de sfeer in de hoofdstad na de aanslagen van 22 maart 2016. Zijn doel: nuance vinden in een wereld waar roepers als Donald Trump – die de titel voor de film leverde – de toon zetten.

“Ik ben echt een slechte showbizzman”, zegt Bas Devos (Violet) ons aan de vooravond van zijn vertrek naar Berlijn. Daar beleefde zijn tweede langspeelfilm Hellhole vorige week vrijdag zijn wereldpremière in de Panorama-sectie. Devos is door het gerenommeerde vakblad Variety geselecteerd als een van de ‘10 Europeans to watch’. “Een hele eer”, zegt Devos, “maar alles wat erbij komt, zoals de fotoshoots, daar ben ik echt niet voor gemaakt.”

Aan de spotlight ontsnappen wordt moeilijk, want met een titel als Hellhole, en islamterrorisme als thematische kapstok, kan de film op de nodige internationale aandacht rekenen. Aan de hand van drie hoofdpersonages – de jonge Marokkaanse Belg Mehdi, de Italiaanse EU-tolk Alba, en de Vlaamse dokter Wannes – portretteert Devos een verweesd Brussel, dat haar wonden likt na de bloedige aanslagen van 22 maart 2016. Of zoals The Hollywood Reporter lovend schrijft in een recensie: “een uitdagend experimenteel toondicht dat bijna evenzeer een kunstinstallatie is als een narratieve film.”

Waren de aanslagen de directe aanleiding voor Hellhole?

Bas Devos: “Ik had al voor de aanslagen een versie van het scenario klaar, maar dat heb ik daarna behoorlijk aangepast. Oorspronkelijk wou ik een film maken over drie Brusselaars die in dezelfde stad totaal van mekaar gescheiden leefden. Hun werelden kruisten mekaar gewoon niet. Dat idee vertrok vanuit mijn vaststelling als Brusselaar dat deze stad, in al haar complexiteit, een interessant laboratorium is van hoe de wereld er in haar geheel zal uitzien. Migratie zal volgens mij een steeds grotere rol spelen, dus de manier waarop heel verschillende mensen hier nu al moeten leren samenleven, vind ik heel pertinent. Ook al voor de aanslagen. Maar na 22 maart kon ik natuurlijk niet doen alsof het niet was gebeurd.”

Welke impact hebben de aanslagen op jou gehad?

“Ik woonde in die periode pal in het centrum van Brussel, op een zolderkamertje in de Koninginnengalerij. Dus als ik ’s morgens mijn dochter naar de crèche ging brengen, kwam ik meteen zwaargewapende militairen tegen. Eerst vlak voor mijn deur, en dan nog eens als ik de Grote Markt overstak. Dat doet echt iets met een mens. Ook omdat het zo lang geduurd heeft. Op den duur werden die militairen een soort bevestiging dat er nog altijd iets kon gebeuren. Dat zorgde voor een zodanige spanning, dat je je kunt afvragen of het wel een goed idee was om de stad zo lang in die sfeer onder te dompelen.”

In de film krijgen de militairen voor elk van de personages een verschillende betekenis.

“Voor de een is een militair met een groot geweer misschien een geruststelling, de ander kan die net als bedreiging ervaren. Dat vond ik interessant: hun aanwezigheid maakte de dunne, onzichtbare scheidingslijnen in de stad plots zichtbaar.”

De aanslagen zelf blijven buiten beeld. Heb je nooit overwogen ze wel in de film op te nemen?

“Jawel, ik heb daar héél hard over getwijfeld, en zelfs een paar versies van het scenario geschreven waarin de aanslagen op verschillende manieren wel zichtbaar aanwezig waren. Maar uiteindelijk schiet een filmische vertaling van zo’n onbevattelijke gebeurtenis toch altijd tekort. Bovendien wilde ik niet dat de hele film herleid zou worden tot die aanslagen. Ik wilde altijd breder kijken: Hellhole gaat over mensen die moeten samenleven in constant veranderende omstandigheden, en in een voortdurend besef van hoe ingewikkeld de wereld in mekaar zit. De aanslagen waren daar een soort kristallisering van: het lijkt alsof onze ogen sindsdien eindelijk zijn opengegaan voor het feit dat we allemaal verbonden zijn in onze geglobaliseerde wereld. Dat is natuurlijk al lang zo, maar nu zien we het ook in ons straatbeeld, en beseffen we: wat wij doen in het Midden-Oosten, heeft tastbare gevolgen. Die complexiteit wilde ik weergeven. Daarom zit het Maximiliaanpark in de film. Daarom zitten er F-16’s in de film.”

Donald Trump noemde Brussel vlak na de aanslagen een ‘hellhole’. Wist je meteen dat je je titel had, toen hij dat woord uitsprak?

“Helemaal niet. (lacht) Die titel was een suggestie van iemand anders, en ik was er aanvankelijk een beetje bang van. Ik vond dat zo’n brutaal woord. Maar net daarom begon ik er steeds meer van te houden: het illustreert zo goed de grofheid en de oppervlakkigheid waarmee we vandaag naar elkaar kijken en over elkaar spreken. Het is gemakkelijk om iets bruuts te antwoorden op een complex probleem. Daarom hoop ik dat de film dat woord een beetje kan ontkrachten. Meer zelfs, als Hellhole een beetje diffuus en lichtjes ongrijpbaar lijkt, dan vind ik dat net een pluspunt. Er is geen mooier antwoord op iemand die met veel stelligheid ‘Hellhole!’ roept, dan te zeggen: ‘Wij weten het allemaal niet’.”

Nuance en complexiteit als antwoord op simplisme?

“Ja. Dit is geen politieke film, maar ik probeer hem wel in een politieke werkelijkheid te plaatsen. De manier waarop veel politici over deze stad spreken, is compleet blind voor de realiteit waarin wij als Brusselaars staan. Zij spreken over een andere samenleving dan die waarin ik mij beweeg. Als de werkelijkheid van Brussel erkend zou worden, zou het maatschappelijke debat al heel anders klinken, denk ik. Dan zou je misschien een gesprek hebben met ‘misschien’ en ‘of’, en ‘maar als’, in plaats van al dat tafelgeklop. Ik pleit helemaal niet voor een samenleving waar iedereen hand in hand door de straten danst, hoor. (lacht) Maar ik denk wel dat we moeten durven spreken over hoe complex de wereld in mekaar zit, en dat we moeten erkennen dat de Ander echt bestaat. Op die manier schep je volgens mij openheid en vrijheid.”

Bas Devos. Beeld Tim Dirven

Je debuutfilm Violet ging in 2014 in première in de Generation 14plus-sectie van de Berlinale en won er de hoofdprijs. Nu word je gepromoveerd naar de Panorama-sectie. Hoe belangrijk zijn filmfestivals voor jouw werk?

“Heel belangrijk, want ik mik op een zo breed mogelijke internationale verdeling. Daarvoor heb je een A-festival als Berlijn nodig, zo simpel is het. Dat heb ik gemerkt met Violet: na Berlijn volgden er direct 40 andere festivals. In de Belgische bioscopen heeft de film niet zoveel kijkers gehaald. Maar als je optelt wat hij wereldwijd heeft gedaan, kan hij echt mee met een aantal succesvolle Vlaamse films.”

Hellhole komt op 20/03 in de bioscoop.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.