Zondag 20/10/2019

Dranouter

Antwerpse troubadours en Brusselse popprinsessen: dit was de eerste dag van Dranouter

Angèle op Dranouter. Beeld Wouter Van Vooren

Of het nu Dranouter, Dranoutre of Dranoetter is, het kan ons niets schelen. Wij komen niet naar de Westhoek om op taalcursus te gaan, wel om ons onder te dompelen in een festival van nieuwe tradities. En in de muziek die er, in alle vormen en kleuren, over de velden rolt.

Jacques Brel speelde vast niet op Dranouter toen hij voor het eerst 'Le plat pays' zong. Hier, in het uiterste westen van Vlaanderen, glooit het landschap, en de naam 'Heuvelland' mag dan niet van bijster originaliteit getuigen, maar de vlag dekt de lading wel. De Franse grens is nauwelijks twee kilometer westwaarts, en de taal die hier wordt gebezigd, is zowaar nog sappiger en exotischer dan wat onze zuiderburen spreken. 

We verstaan er geen snars van, ook al waren de West-Vlaamse collega's op de redactie zo vriendelijk om ons afgelopen week een spoedcursus te geven - zeg niet 'Dranouter', maar 'Dranoetter', werd ons verteld, en op Wikipedia lezen we dan weer dat we 'Dranoutre' moeten zeggen. Zolang men ons verstaat wanneer we een pint bestellen - gelukkig hebben we een pink die we kunnen omhoogsteken - zijn wij al lang tevreden. Uiteindelijk draait het toch om de muziek.

En muziek is hier genoeg. In alle hoeken van het kleine dorpje - 700 inwoners! - dat Dranouter heet. Excuseer: Dranoetter.

Troostend en treurig

Als je door de straten loopt, schallen schlagers als 'De Marie-Louise' en 'Een leeuw in een kooi' door de boxen, en wie het festivalterrein nog maar betreedt, hoort een koperblazersversie van 'The Final Countdown' - met dank aan de fanfare van The Sousa & The Barracudas.

Geppetto & The Whales. Beeld Wouter Van Vooren

Maar écht beginnen doen we bij Geppetto & The Whales (★★★☆☆), afkomstig uit een 19de-eeuws Italiaans jeugdverhaal, en toevalligerwijs ook uit de Noorderkempen. Je verdenkt het zestal ervan een uitgebreide boekencollectie te hebben, met daarin niet alleen Pinocchio, maar ook Faust - meteen de titel van één van de nieuwe nummers die ze op Dranouter speelden - en het Grote Voornamenboek, want hun songs luisteren naar namen als 'Hannah', 'Jonathan', 'Rufus', 'Tommy', en 'Juno'.

Dat laatste nummer is hun 'Creep': de song die hen aandacht op de radio bezorgde, maar die ze na zeven jaar toeren naar eigen zeggen ook grondig beu waren gespeeld. Op Dranouter zat 'Juno', een van de vrolijkste hoofdstukken uit hun repertoire, terug in de setlist: helemaal achteraan, als de vreugdedans die een zwoel, maar ook lichtjes weemoedig optreden afsloot.

Een aanzienlijk deel van dat optreden bestond uit nieuw materiaal: dit najaar komt Passages uit, de opvolger van hun debuut Heads of Woe (2014). Afgaande op wat we te horen kregen, wordt die plaat tegelijk treurig en troostend. Op songs als 'I Know Who You Were' mag de akoestische gitaar vrolijk betokkeld worden, maar lengt een weemoedige slidegitaar de Geppetto-cocktail aan met een vleugje tristesse. Geen overdosis, gelukkig: dit sextet beoogt geen depressie, maar laat je wel even weten dat een snuifje melancholie ook schoon kan zijn.

"Zeven jaar geleden speelden we op Dranouter (zij zeggen: 'Dranouter') ons eerste grote festivaloptreden", vertelde Geppetto ons nog, aan het begin van een concert dat mooi, maar ook een tikkeltje braaf was. "Dat was het begin van een heel mooi verhaal." Met wat ze hier op Dranouter lieten horen, durven we te zeggen: tijd dat daar een nieuw hoofdstukje wordt aangebreid.

Bitterzoete romantiek

Het verhaal van Wannes Van de Velde is dan weer al lang afgelopen, maar op Dranouter werd het oeuvre de stadstroubadours aller stadstroubadours nieuw leven in geblazen. Bij Wannes in Jazz (★★★☆☆) hoefde u echter geen karaoke-versie van 'Ik wil deze nacht in de straten verdwalen' te verwachten: de teksten blijven hier achterwege, en de klemtoon wordt gelegd op de melodieën, die - u durfde het al te raden - in een mooi passend jazzjasje werden gestoken.

Wannes in Jazz. Beeld Wouter Van Vooren

De vier muzikanten van het Jokke Schreurs Quartet brachten in De Voute (of is het 'De Voette'? We zijn helemaal in de war) een uurtje luistermuziek, waarbij de toeschouwers stilzwijgend de nieuwe interpretaties van songs als 'Brug van Willebroek' en 'De dansende begijn' aanhoorden. Op een festival voelt die verstilling ietwat vreemd aan: buiten de tent haalden mensen hun campingstoeltjes tevoorschijn om de avond al keuvelend in te zetten, binnen werd er na elke solo een applaus ingezet. Het moet gezegd: of je nu fan van bent van Wannes of niet, de jazz van Schreurs en zijn kompanen pakt. 

We zouden het als easy listening omschrijven, als dat niet zo denigrerend klonk. Wat we bedoelen is dat Wannes in Jazz geen dwarse bebop brengt, wel harmonieuze composities die je vreemd genoeg niet terugvoeren naar het nachtelijke Antwerpen, maar naar het geïdealiseerde Parijs dat we kennen uit nouvelle vague-films. Vooral de trompet, die een hoofdrol opeiste in een mooi 'De groten avond', gidste je rond door amoureuze straten die niet met kasseien, maar met bitterzoete romantiek geplaveid zijn.

Tienerkoppeltjes

Wannes in Jazz deed ons beseffen wat voor breed publiek Dranouter trekt. Lag de gemiddelde leeftijd in De Voute een stuk hoger dan veertig, dan lag die eerder op de avond, tijdens het optreden van Angèle (★★☆☆☆) een stuk lager. De Brusselse blondine vulde de Kayam-tent vooral met tienerkoppeltjes, waarbij de meisjes de teksten van hun kersverse idool kwamen meezingen, en de jongens vooral, zo vermoeden we, kwamen kijken.

Angèle. Beeld Wouter Van Vooren

Angèle komt uit Brussel, maar dan wel een versie waar de zon altijd lijkt te schijnen. Dus zou je vermoeden dat haar aanstekelijke pop bij deze temperaturen tot een topconcert zou leiden. Dat is slechts sporadisch zo. U mag 'La loi de Murphy' gerust de beste popsong van het jaar noemen, en als Angèle u vraagt om het refrein mee te zingen, dan doet u dat gewoon. Als Angèle u vraagt om u te bukken, doet u dat ook. En als Angèle u vraagt om te springen, dan doet u dat ook.

Alleen dienen die trucjes net iets te vaak om te verhullen dat haar vederlichte pop slechts nu en dan tot topsongs leidt. Afsluiter 'La flemme' klonk heel puik, 'Je veux tes yeux' werd op gejuich onthaald, en in 'Jalousie' ontpopte de jongedame Van Laeken zich tot een uitstekende chanteuse. Maar 'La thune' was een flauwe opener, aan 'Fou' hangt (voorlopig) te weinig vlees, en 'Trouble' werd te lang uitgerekt, waardoor er uiteindelijk een technobeat aan te pas moest komen om de mensen bij de les te houden.

Angèle had van Dranouter een uur gekregen, maar ze hield het na ruim veertig minuten voor bekeken. De Franstalige popprinses - die, een beetje tegen onze verwachtingen in, niet 'Dranoetter' maar 'Dranouter' zegt - heeft talent te over, maar voorlopig te weinig goede songs die dat benadrukken.

Folksmenner

Na de zomerse pop Angèle hield de zon het overigens bekeken, en dat was maar goed ook, want Intergalactic Lovers (★★★★☆) gedijt beter in de duisternis. Zangeres Lara Chedraoui en haar vier kompanen kwamen op in tegenlicht, en zouden bijna een uur lang mysterieuze silhouetten blijven: pas in de laatste minuut van afsluiter 'River' trad de zangeres uit Aalst (zij zegt: 'Dranoetter') in het licht.

Intergalactic Lovers. Beeld Wouter Van Vooren

Niet dat we daarom treurden: opener 'Fears' mocht het concert in het schemerdonker op gang pompen, en niet veel later vervulde een feilloos 'Shewolf' de Kayam van dreiging. Intergalactic Lovers is sinds hun doorbraak in 2011 altijd blijven groeien: drummer Brendan Corbey en bassist Raf De Mey vormen een fantastische ritmesectie, die het credo 'Less is more' vol overtuiging in leven houdt, en sinds ze noodgedwongen de gitaar aan de kant moest laten, is Chedraoui uitgegroeid tot een volksmenner eerste klas. Of moeten we 'folksmenner' zeggen?

Afwisselend danste ze de benen vanonder haar lijf en of dreef ze haar innerlijke demonen naar buiten: het schuchtere meisje dat destijds nauwelijks kon geloven dat haar band voor een volle AB stond te spelen, is nu minder snel onder de indruk. Intergalactic Lovers heeft dan ook een resem songs waarmee je best zelfverzekerd kunt zijn: 'Talk! Talk!' deed dingen die we anders van Tool hadden verwacht, op het duo 'My I' en 'Northern Rd.' viel niets af te dingen, en op het moment dat 'Let Go' dreigde te ontsporen in een kakofonie, werd uit de geluidenbrij een loepzuiver 'Delay' geboren'. Dat overigens een voorspelbaar, maar vooral verdiend hoogtepunt vormde.

"A little bored?"

Zo kroonde Intergalactic Lovers zich tot de facto headliner van dag één, en mocht Jake Bugg (★★★☆☆) de aftershow spelen. De jonge snaak (nog steeds maar 24) uit Nottingham had zijn elektrische gitaar vergeten, zijn band was tussen de West-Vlaamse heuvels verkeerd gereden, en dus trad hij op zijn eentje op. Alsof het niets was, schudde hij een kleine twintig songs uit zijn mouw, zelden langer dan een minuut of drie, altijd op akoestische gitaar. En dat kan maar matig boeien.

Niet dat hij geen goeie songs heeft. Afsluiter 'Lightning Bolt' bewijst zonder al te veel moeite dat je met drie akkoorden, als je ze maar in de juiste volgorde zet, een goeie song kunt schrijven. Het trage 'Waiting' had op de soundtrack van Inside Llewyn Davis kunnen staan. En 'Simple as This' herinnerde ons aan die zeldzame keren dat Bob Dylan tussen zijn protestsongs door een mooie ballad als 'One Too Many Mornings' schreef. Bugg is overigens een uitstekende gitarist, en heeft genoeg variatie in zijn spel om toch op zijn eentje dat podium te vullen - best wel indrukwekkend.

Jake Bugg. Beeld Wouter Van Vooren

Maar toen Bugg na 'There's a Beast and We All Feed It', een snelle song waarin hij de gitaarvirtuoos kon uithangen, vroegen of we misschien "a little bit bored" waren, wilden we antwoorden: ja, Jake, een beetje wel. Omdat 'Seen It All beter had geklonken als de gitaar door een bas en een drum werd geruggesteund. Omdat de jankende uithalen in 'Trouble Town' het publiek er niet van konden overtuigen dat er in Nottingham ook ellende is. En omdat 'Broken', een - welja - breekbare ballad die niet had misstaan in het repertoire van Eels of The Shins, simpelweg oploste in het geroezemoes dat de wei van Dranouter had gevuld.

Mocht u het zich overigens afvragen: Jake Bugg heeft het woord 'Dranouter' niet uitgesproken. Of we hebben hem niet verstaan, dat kan ook: het Nottinghamse accent is nogal aan de dikke kant, en wij hebben al moeite met accenten in onze eigen taal. Hoe dan ook: Bugg trok volop de kaart van de country en de folk, en wat ons betreft had hij ook wat meer voor de rock mogen kiezen. 

Dranouter is, tenslotte, een 'festival of new traditions', iets wat op dag één verder afdoende bewezen werd. Want op welk ander festival loopt u van onschuldige tienerpop over donkere indierock naar retro-ruikende jazz? Hier, tussen de heuvels van ons verder zo vlakke land, maakt het allemaal weinig uit welk genre uw voorkeur heeft. Net zoals het weinig uitmaakt hoe u de plaatsnamen uitspreekt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234