Zondag 21/07/2019

RIP Ali

Alias Ali: Belgische boksers brengen hulde aan The Greatest

Freddy De Kerpel, zoals Ali in 1968 op de cover van Esquire stond. Beeld Jef Boes

Muhammad Ali kon fantastisch boksen, maar hij pakte ook ongelooflijk goed op foto. Fotograaf Jef Boes selecteerde enkele iconische beelden van wijlen de kampioen en liet vijf toppers uit de Belgische bokswereld voor zijn camera identieke poses aannemen. Een uppercut van een ode.

Benieuwd naar de making-of? Bekijk de foto's áchter de shoot.

Fotograaf: Jef Boes.
Tweede fotograaf-assistent: Tim Coppens.
Make-up: An Graré.
Tekst: Rik Van Puymbroeck.

Junior Bauwens

"Zeggen in welke ronde je gaat toeslaan en dat ook dóén: dat kon alleen de allergrootste en dat was Muhammad Ali. Alleen Mike Tyson had een vergelijkbaar karakter. Zelf kan ik wel dromen van een scenario, maar ik weet hoe moeilijk het is om dat uit te voeren. Het gebeurt nooit zoals je hoopte. Alleen bij hem wel."

"Ali is van lang voor mijn tijd, die mannen moesten nog vijftien ronden boksen. Ik ken hem van oude filmpjes op YouTube, van de film Ali met Will Smith en van hoe ik dan die kampen opzocht. 'The Rumble in the Jungle' ken ik dus wel, maar als Belg blijft zijn kamp tegen Jean-Pierre Coopman me het meest begeesteren. Jean-Pierre wist dat hij maar een kans van 1 op 10 had, maar hopen doe je altijd. Helaas. Ali was te goed."

1963. New York City, een jaar voordat Cassius Clay zijn naam zou veranderen in Muhammad Ali. Beeld PHILIPPE HALSMAN / MAGNUM
Junior Bauwens. Beeld Jef Boes
1963. Bij de weging voor zijn gevecht tegen Doug Jones tapet trainer Angelo Dundee de grote mond van - toen nog - Cassius Clay dicht. Beeld RV LIFE / GEORGE SILK
Junior Bauwens. Beeld Jef Boes

Sugar Jackson

"Door Muhammad Ali ben ik gaan boksen, maar naar hem durfde ik mezelf niet noemen. 'Sugar' komt dus van Sugar Robinson, mijn andere idool. Ali was daarvoor te groot en te krachtig. Kracht die door zijn snelheid kwam, overigens. Dat zie je en als bokser probeer je dat zelf toe te passen. Helaas lukt dat dan niet."

"Even belangrijk dan als bokser was hij voor ons, mensen met een donkere huidskleur, als persoon. We keken naar hem op en luisterden naar zijn woorden. 'Iedereen heeft iedereen nodig' is een van de lessen die ik nooit vergeet. Zelfs als je Ali bent, kun je niet alleen leven."

"Natuurlijk werd hij maar 74 en dat is te jong. Maar zijn ziekte schrikt me niet af om zelf weer te boksen. Omdat het volgens mij niks met boksen te maken heeft. Hooguit was dat een extra factor. Er zijn ook voetballers die ziek worden. En dood gaan we allemaal."

1966. Na een trainingssessie in Miami. Beeld Gordon Parks
Sugar Jackson. Beeld Jef Boes

Daniëlla Somers

"Er hangt geen foto van Ali boven mijn bed, maar dat mijn vuist even die van hem mag spelen, is een grote eer. Al moet ik wel toegeven dat het eerste beeld dat ik van Ali heb, niet dat van de bokser is. Als ik terugdenk, dan zie ik hem vooraan lopen in marsen van Martin Luther King. Zou dat kunnen? Los daarvan zie ik bewegende beelden van de bokser in de trainingszaal. Hij dansend met zijn pootjes naar beneden. Wie durfde dat?"

"Ja, hij had praatjes. Maar ik vind sowieso dat iedereen het recht heeft een grote mond op te zetten en al zeker als je kunt waarmaken wat je zegt. Daar kan ik dus alleen maar respect voor hebben. Of Ali de Allerbeste Bokser Aller Tijden was, kan ik niet zeggen. Daarvoor zou je de statistieken moeten bekijken en palmaressen vergelijken. Maar hij was zeker de Bekendste Bokser Aller Tijden. En de Allerbelangrijkste. Daar moet je niet aan twijfelen."

1966. Ali showt zijn rechter. Beeld THOMAS HOEPKER-MAGNUM
Daniëlla Somers. Beeld Jef Boes

Delfine Persoon

"Je moet er eens op letten: Ali was bijna nooit geblesseerd. Dat komt omdat hij te snel, te slim en te tactisch was voor al zijn tegenstanders. Hoe zei hij dat: 'Float like a butterfly, sting like a bee. The hands can't hit what the eyes can't see.' Eigenlijk vocht hij niet, want hij nam bijna nooit slagen. En als hij zelf sloeg, was het raak."

"Zelf heb ik er geen tijd voor, tussen trainen en werken, maar mijn trainer Filiep Tampere zoekt weleens beelden van Ali op. Af en toe toont hij me die. 'Kijk hier eens naar', zegt hij dan. 'Werk hier aan. Probeer dat eens.'"

"En daarnaast kwam Ali natuurlijk op voor iedereen. Voor alle rassen en voor gelijkheid. Daar sta ik helemaal achter. Waarom mogen vrouwen bijvoorbeeld niet boksen op de Olympische Spelen?"

25 mei 1965. Op de cover van Life: Muhammad Ali velt de legendarische Sonny Liston in de eerste ronde. Beeld rv
Delfine Persoon. Beeld Jef Boes

Freddy De Kerpel

"Bij deze foto van Ali zie je in één oogopslag de perfectie. Ali was puur natuur, schoonheid in beeld. Maar ik heb geen foto nodig, ik zag hem écht. Toen hij in 1970 tegen Jerry Quarry zou vechten, was ik in Atlanta, als Quarry's sparringpartner. Wij trainden om 4 uur 's namiddags, Ali om 12 uur. En wij gingen elke middag kijken."

"Ali was ingewreven met vaseline, bij elke slag spatte dat op ons, net als het bloed van zijn sparringpartner. Hij bokste sneller dan een middengewicht. En hij was vriendelijk. Weet je wat hij zei toen ik aan hem werd voorgesteld? 'You don't want to mix with the big boys.' Hij had gelijk."

1968. Ali als martelaar op de cover van het april 1968-nummer van Esquire. De bokser was zijn wereldtitel afgenomen omdat hij weigerde zijn legerdienst te doen. Beeld rv
Freddy De Kerpel. Beeld Jef Boes
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden