Maandag 21/10/2019

Portret Agnès Varda

Agnès Varda: van filmpionier tot knuffeloma voor Instagram-hipsters

Agnès Varda. Beeld Tim Dirven

Met Varda par Agnès komt vandaag voor de allerlaatste keer een nieuwe film van Agnès Varda in de zalen. De eigenzinnige Franse regisseuse overleed drie maanden geleden op 90-jarige leeftijd. Tijdens haar lange leven hertekende ze het gezicht van de Franse cinema, vocht ze voor emancipatie, en werd ze uiteindelijk de favoriete knuffeloma van jonge hipsters.

Zelden ging het er op het anders zo toxische Twitter zo warm aan toe als op 29 maart van dit jaar. Agnès Varda was pas overleden aan kanker, en iedereen die ook maar van ver iets met film had, verklaarde zijn of haar onvoorwaardelijke liefde voor de 90-jarige regisseuse. Er zijn maar weinig filmmakers – laat staan Franse arthouse-regisseurs – wier dood wereldwijd zoveel zou losmaken.

Maar met haar levendige carrière van meer dan 70 (!) jaar had de innemende Varda dan ook ruim de tijd gehad om de harten van de mensen te veroveren: als fotografe, als auteur van meer dan dertig fictie- en documentairefilms, en uiteindelijk als beeldend kunstenaar. Een extreem onvoorspelbaar en onwaarschijnlijk divers parcours, afgelijnd door enkele felrode draden.

Regels overboord

Haar hele leven lang was Agnès Varda iemand die tegen de stroom in zwom – of eerder: gewoon dwars de rivier overstak. Wat ze ook deed, alle regels gingen overboord, hokjes werden irrelevant. Toen ze op haar 26ste besloot om haar fototoestel – waarvoor grootheden als Salvador Dalí, Catherine Deneuve en Fidel Castro hadden plaatsgenomen – in te ruilen voor een filmcamera, had ze nul komma nul ervaring met het medium.

Agnès Varda in 1966. Beeld Getty Images

Dat zag ze niet als een handicap, wel integendeel: haar debuut La pointe courte, over een ruziënd koppel dat door een Frans vissersdorpje dwaalt, was voor haar de gelegenheid om de regels van de zevende kunst te herschrijven. Zoals de filmmakers van het Italiaanse neorealisme – waar Varda naar eigen zeggen nog nooit van gehoord had op dat moment – verlaat ze de klassieke filmstudio’s en duikt ze het echte leven binnen. Ze vermengt de amoureuze kopzorgen van haar hoofdpersonages met documentaire beelden van het vissersleven, en zet met die verfrissende aanpak de toon voor grote namen in spe als Jean-Luc Godard en François Truffaut. De Nouvelle Vague is geboren – en Varda zal het enige vrouwelijke lid van de beweging blijven.

Vrije vrouw

Ook in Cléo de 5 à 7 (1962) morrelt Varda verder aan de wetten van de klassieke fictiefilm. In realtime vertelt ze het verhaal van een zangeres die angstig door de stad dwaalt terwijl ze de resultaten van een kankeronderzoek afwacht. Een indrukwekkend experiment met tijd, vindt regisseur Luc Dardenne, die goed bevriend raakte met Varda nadat hij haar in 1996 leerde kennen op de première van La Promesse in Cannes: “In Cléo de 5 à 7 zit een schitterend shot van bijna drie minuten, waarbij de camera ononderbroken het hoofdpersonage blijft volgen. Dat soort keuzes is tekenend voor Agnès: ze was onverschrokken. Ze had een enorm talent, maar talent vraagt ook durf, en dat had zij te over. Ze lapte de regels aan haar laars, ze was een bijzonder vrije vrouw.”

Professor Muriel Andrin, hoofd van de master Ecriture et Analyse Cinématographiques aan de ULB, bevestigt: “Varda heeft zich nooit iets aangetrokken van de druk om een ‘normale’ film te maken. Ze drukte zich uit zoals zij dat zelf wilde, en dat was bij elk project anders. Dat maakt van haar een belangrijk rolmodel, want de filmmakers die we vandaag opleiden, hebben vaak de neiging om zichzelf te censureren, zich aan te passen aan de norm die de industrie oplegt. Varda heeft dat altijd geweigerd.”

Scène uit ‘Visages villages’ van Agnès Varda. Beeld RV

Het is ook die drang naar vrijheid die Varda in de tweede helft van haar filmcarrière steeds meer richting documentaire stuwt, vertelt Varda’s dochter (en producente) Rosalie ons per telefoon. “Mijn moeder zei altijd: ‘Toeval is mijn eerste regieassistent.’ Als er ergens iemand een deur opendeed, dan deed ze niets liever dan binnen te gaan om naar die persoon te luisteren. Daar is in het productieproces van een fictiefilm weinig plaats voor, maar bij een documentaire wel. Ze wilde zoveel mogelijk vrijheid creëren om het toeval zijn werk te laten doen, en het moet gezegd: het toeval was haar ook altijd gunstig gezind. Mijn moeder had het talent en de nieuwsgierigheid om in ieder mens iets interessants te vinden.” 

Heerlijke documentaires als Daguerréotypes (1976, over de winkeliers in Varda’s straat in Parijs), Les glaneurs et la glaneuse (2000, over mensen die hun eten in vuilbakken vinden) en recent nog Visages villages (2017, haar roadtrip door Frankrijk met street artist JR) zijn er het beste bewijs van.  

343 sletten

Alleen al door haar prominente aanwezigheid in het Franse filmlandschap van de jaren 50 en 60 wordt Agnès Varda beschouwd als een feministisch icoon. “Op dat moment kregen bijzonder weinig vrouwen de kans om achter de camera plaats te nemen in de hiërarchische en door mannen gedomineerde Franse filmwereld”, zegt Muriel Andrin. Maar ook Varda’s films werken vaak emanciperend. L’une chante, l’autre pas (1976) is niet alleen een van de eerste films uit de geschiedenis waarvan de crew uit evenveel vrouwen als mannen bestond, het verhaal speelt ook in op de actualiteit van het moment: het recht op abortus. In een door Varda zelf geschreven liedje zingt hoofdpersonage Pauline (Valérie Mairesse) uit volle borst: “Mijn lichaam is van mij, en ik weet zelf wel of ik kinderen wil of niet.” Vijf jaar eerder was Varda een van de vele vrouwen – denigrerend bijgenaamd ‘les 343 salopes’ (de 343 sletten, LTR) – die een manifest van Simone de Beauvoir ondertekenden om abortus uit de illegaliteit te halen.

Haar feminisme zette Varda ook thuis in de praktijk om, getuigt Rosalie Varda: “Mijn moeder besefte dat het heel moeilijk was om de hele samenleving in een oogwenk te veranderen, maar ze geloofde wel in de kracht van opvoeding om meer evenwicht te scheppen tussen man en vrouw. Ze was een positieve en efficiënte feministe, en die waarden heeft ze meegegeven aan mijn broer Mathieu Demy en mezelf. Ik kreeg bijvoorbeeld ingepeperd dat het als vrouw belangrijk was om te kunnen studeren, en om je eigen boontjes te kunnen doppen zodat je niet financieel afhankelijk bent van een man. Ze heeft me geleerd dat ik niet moest kiezen tussen een carrière of een gezin.”

Agnès Varda bij haar ‘Cabane de Cinéma: La serre du Bonheur’. Beeld Photo News

Net zomin wil Varda zelf kiezen tussen verschillende kunstdisciplines. Terwijl ze films blijft maken, vindt ze zich in de 21ste eeuw ook opnieuw uit als beeldend kunstenaar. Haar installaties en videoprojecten reizen de wereld rond, en zijn vaak reflecties over haar eigen werk. Muriel Andrin herinnert zich levendig de ‘Cabane de Cinéma’: “Varda heeft het altijd spijtig gevonden dat haar film Les créatures uit 1966 zwaar geflopt was. Ze had thuis nog tientallen onverkochte kopieën liggen, en heeft die pellicule in 2006 dan maar gebruikt om er een hutje mee in elkaar te knutselen. Zo gaf ze haar eigen mislukking een nieuw leven, op een manier die het publiek wél apprecieerde. Dat zie ik weinig artiesten doen: de meesten zouden hun grootste flops liefst begraven en vergeten.”

Hartvormige aardappelen

Pionier van de Nouvelle Vague, feministe, filmregisseuse, beeldend kunstenaar... Los van alle etiketten was Agnès Varda vooral Agnès Varda. Iedere film draagt overduidelijk haar speelse stempel, vaak gekenmerkt door associatieve verbanden en frisse humor. Varda’s stem weerklinkt in elk shot – vaak letterlijk: in haar documentaires verzorgt de regisseuse steevast zelf de voice-overs. Ze wordt haar eigen merk – hoe vies dat woord ook mag klinken – en in de laatste twee decennia van haar leven slaat dat steeds meer aan. “Het kantelpunt kwam er rond de eeuwwisseling, met haar documentaire Les glaneurs et la glaneuse”, zegt Andrin. “Vooral de scène waarin ze hartvormige aardappelen ontdekt, sloeg enorm aan. Plots begonnen mensen van overal haar dat soort aardappelen op te sturen. En zij hield die allemaal bij.”

Op het moment van haar overlijden is Varda op het hoogtepunt van haar populariteit. Een nieuw publiek van jonge hipsters heeft haar werk ontdekt, en Varda wordt een soort knuffeloma voor de Instagram-generatie. “Toen ze in 2013 een seminarie kwam geven aan de ULB, werd ze door alle studenten op de campus herkend”, herinnert Andrin zich. “Ook al hadden velen waarschijnlijk nog nooit een film van haar gezien.”

De overweldigende erkenning geeft Varda brandstof om te blijven voortdoen. Les plages d’Agnès (2008) wordt haar laatste film, kondigt ze aan – maar dan moet een van haar grootste successen, het Oscar-genomineerde Visages villages, nog komen. “Ze is tot twee dagen voor haar dood blijven voortwerken”, glimlacht Rosalie Varda. Ondanks de kanker. “Ze was niet zo bezig met de dood. Haar lichaam was stilaan uitgeput, ze vond het heel normaal dat het ooit zou stilvallen.” 

Haar levenseinde was zoals haar films, zegt Varda’s dochter: “Ze is op een relatief vrolijke manier ingeslapen, omringd door haar familie.”

‘Varda par Agnès’ speelt vanaf 3/7 in de bioscoop. In de Brusselse CINEMATEK loopt nog tot 23/8 een volledige retrospectieve van haar films.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234