Zaterdag 26/09/2020

InterviewRuth Becquart

Actrice Ruth Becquart: ‘Lelijk durven te zijn, dat vind ik belangrijk’

‘Lelijk durven te zijn, dat vind ik belangrijk.’Beeld © Stefaan Temmerman

Ruth Becquart (44) kwam relatief laat piepen in tv-land, maar heeft sinds de serie Clan de smaak te pakken. Vanaf volgende week speelt ze aan de zijde van Tom Waes in het tweede seizoen van Undercover. ‘Ik ben mezelf tegengekomen tijdens de lockdown. Heel heftig.’

Ik ontmoet Ruth Becquart in een koffiebar in Antwerpen. Ik ben er als eerste en wanneer het begint te regenen, loopt iedereen plots naar binnen – mijn zorgvuldig uitgekozen ruime tafel moet ik afstaan aan een groter gezelschap. Eerst word ik naar de toog gestuurd, om dan toch, na aandringen, een tafeltje voor twee te krijgen. Niets is vanzelfsprekend in coronatijd.

“Ik sta dezer dagen op de set van een Franse film in Luxemburg”, zegt Ruth Becquart, zodra ze tegenover me zit. “Ik heb er een kleine rol in. Daarvoor moest ik een covidtest ondergaan. Je bent daar dan de hele tijd je handen aan het ontsmetten en je mag niet vergeten dat je mensen niet mag aanraken – terwijl ik dat normaal graag doe. Als we volgende week beginnen te draaien, moet ik weer zo’n neustest doen. Tot dusver hebben we gerepeteerd met plastic kappen over ons hoofd, je voelt je wat belachelijk zo. Maar ik ben blij om weer te werken.

BIO

• geboren in Brecht op 18 juli 1976 • volgde twee jaar de toneelopleiding bij Dora van der Groen voor ze overschakelde naar Studio Herman Teirlinck, waar ze in 1999 afstudeerde • speelde mee in films als Linkeroever, Dirty Mind en Wat mannen willen • trad o.m. op met theatergezelschappen Hetpaleis en Abattoir Fermé. Tourde vorig jaar met tg Stan in Frankrijk met Infidèles • brak op tv door in de serie Clan van regisseurs Kaat Beels en Nathalie Basteyns • speelde ook mee in Over water, De dag en Gent-West • kreeg in 2017 de Acteursprijs voor beste actrice in de tv-reeks Chaussée d’Amour van de Acteursgilde voor haar rol als Sandy

“De afgelopen covidperiode heb ik vooral vaak gedacht hoe ik dat spelen heb gemist. Het gaat niet alleen om de verloren inkomsten die ik net als al mijn collega’s heb gehad. Die zijn belangrijk, maar het gaat om veel meer dan geld. Toen het werk wegviel, ging ik lezen, studeren en nieuwe input zoeken. Ik heb gesport en net als zo veel Vlamingen mijn huis schoongemaakt, maar op een bepaald moment kon ik geen Dettol meer zien. Ik ben mezelf tegengekomen. Heel heftig. “Hoewel ik meer introvert ben dan extravert, weet ik dat ik het echt nodig heb, om dingen te delen. Acteren voedt me als mens en daarin ben ik niet alleen. Omdat er niet veel anders mogelijk was, waren we met tg Stan begonnen aan de vertaling van ons Franse voorstelling Infidèles, waarmee we volgend jaar op tournee gaan. Het viel me op dat collega’s van wie ik weet dat het normaal de meest uitbundige, constructieve en energieke mensen zijn, overvallen werden door zwaarte vanwege de situatie.

“Natuurlijk gaat gezondheid voor op alles en heb ik begrip voor de coronamaatregelen, maar dat cultuur – een sector die alles omvat van soaps en popmuziek tot arthouseprojecten en opera – zo onbelangrijk is gebleken… Dat vond ik echt schokkend. Het gaat om iets veel diepers dan geld. Het raakt je in je bestaansrecht. Vernederend, noemde actrice Lien Van de Kelder het. Zo is het. Je denkt: ben ik dan zo’n loser om al twintig jaar te denken dat dit mijn leven is? Wat moet ik anders? Ik word er overgelukkig van. En het is het enige wat ik kan, denk ik.” (lachje)

‘Je hoort wat de dagprijzen zijn van collega’s en die blijken dan hoger te liggen omdat ze een man zijn? Dat is choquerend.’Beeld © Stefaan Temmerman

Undercover, straks op Eén, is nog vorig jaar opgenomen. In de politieserie probeert Tom Waes een bende wapenhandelaars te klissen. Ruth Becquart speelt Nathalie, een alleenstaande mama die door haar drugsverleden met schulden kampt. “Ik ken de verslavingsproblematiek niet van dichtbij, en schulden ook niet. Maar ik probeer mijn personages altijd graag te zien, hoe verknipt ze ook zijn. Omdat ik van mensen en verhalen hou. Hoe lelijk ze ook zijn. Het heeft iets moois, een vrouw zoals Nathalie die ernstige fouten heeft gemaakt, maar probeert te vechten opdat haar kind niet de gevolgen hoeft te dragen. De rol van prostituee Sandy in Chaussée d’Amour stond ook mijlenver van mij. Uiteindelijk kennen mensen dezelfde gevoelens, in elk milieu. Ik hou ervan om in nieuwe werelden te duiken. Terwijl ik voor Chaussée naar een bordeel ben geweest en me op paaldansen heb gestort en voor Gent-West de gevangenis van Antwerpen bezocht, heb ik voor Undercover vooral leren paardrijden. Daar zou ik anders nooit de kans toe krijgen.

“Het galopperen was zo bevrijdend! Je zit op een levend wezen en moet dezelfde adem hebben als zo’n dier. Ik ben erg fysiek ingesteld, als mens en als speler. Je ontdekt op deze manier ook dingen die je niet kunt verzinnen. Zoals in Chaussée de danseressen die constant de paal met Dettol schoonmaken: zoiets verzin je niet. De manier waarop we met de dieren omgaan in Undercover, dat soort details maken dat je zo’n personage voller gaat spelen.”

Voor Chaussée d’Amour kreeg ze in 2017 de acteursprijs van de Acteursgilde. “Ik ben niet fierder op die rol omdat ik er een prijs voor kreeg, maar hij was voor mij wel een keerpunt, om schaamteloos te zijn en ver te gaan in het spelen. Sans gêne. Bij Chaussée was dat schaamteloze nogal extreem met het dansen en dat bloot, maar ook bij Undercover vond ik de transformatie leuk. Als ik de beelden terugzie: met het marginale kapsel en die tatoeages zie ik er niet uit. (lacht) Ik ben even ijdel als iedereen en tut mij graag op. Maar lelijk durven te zijn vind ik belangrijk, om alles­omvattend menselijk te kunnen zijn. Ik ben nu aan het filmen in Luxemburg voor een Franse film en daarin is mijn personage een foute ­eighties-griet. Ik mocht weer de verkleedkoffer induiken en draag een rode pruik. Heerlijk!”

‘Ik sta nu op de set van een Franse film. we repeteren met plastic kappen over ons hoofd. Je voelt je wat belachelijk zo, maar ik ben blij weer te werken.'Beeld © Stefaan Temmerman

Ik dacht dat studenten al hun schaamte op de toneelschool overboord gooiden.

“Ik heb als mens wel een preutsheid of schaamte. Ik ben geen aandachtstrekker, leef eerder teruggetrokken.

“Ik ben altijd heel verlegen geweest, maar van jongs af aan speelde er zich wel van alles af in mijn grote binnenwereld. Toen ik op mijn 22ste afstudeerde aan de toneelschool Studio Herman Teirlinck, heb ik naar mezelf een brief geschreven. Er stond in dat ik niet bang wilde zijn. Ik wilde niet angstig zijn in mijn werk. Want ik ben zenuwachtig van nature, ik kan liggen piekeren over van alles, maar ik wil dat niet in mijn werk. Daarom werk ik graag met mijn lichaam. Fysiek spelen helpt om schaamteloos te kunnen zijn, maar acteren is meer dan dat. Ik speel graag toneel, omdat het voor mij alles samenbrengt. Ik gebruik mijn verstand, mijn verbeelding, mijn emoties, mijn lichaam en mijn stem om een verhaal te vertellen. Acteren helpt me de wereld beter te begrijpen.”

Wanneer wist u dat u actrice wilde worden?

“Op mijn veertiende, hoewel iedereen me zot verklaarde, juist omdat ik zo verlegen was. Ik was een kind met een seutenbrilletje dat altijd aan het lezen was en zat op een jezuïetencollege in Turnhout. Daar was van toneelspelen niet veel sprake, al was er een lerares Grieks die me een keer Antigone liet spelen – je hebt altijd wel enkele leerkrachten die je een cadeautje toewerpen op school. En op de academie van Turnhout mocht ik ervaren wat spelen is: hoe het voelt in een andere dimensie te zitten. Veel naar het theater gingen we thuis niet, maar mijn papa was danser. Van hem was ik het gewoon om naar optredens en voorstellingen te gaan kijken. Mijn mama werkte voor Kind en Gezin.”

Wat hebt u van uw moeder?

“Toch eerder dat angstige, denk ik. (lacht) Ik kom rustig over, maar ben helemaal niet zo’n rustige mens. Ik ben beheerst, met al mijn yoga en zo, maar wel een onrustige ziel. De rusteloosheid zit vanbinnen. Ik ben niet begonnen met yoga omdat ik op zoek was naar rust, nee. Ik zweet gewoon graag en mocht niet meer lopen omwille van mijn nek. Zo kwam ik uit bij yoga. Met mijn lijf bezig zijn heeft altijd deugd gedaan, ik deed vroeger aan atletiek en veldlopen. Als kind was ik al een zenuwpees en kon niet stilzitten.”

Maar schuchter of niet, dan gaat u dus wel naar zo’n ingangsexamen van de toneelschool.

“Dat is intens. Ik zie het nu bij mijn dochter, die audities aan het doen is. Ze is verlegen maar heel gedreven. Ik voelde toen dat ik moest gaan. Omdat ik verhalen wilde vertellen – dat wil ik nog altijd.”

‘Ik ben heel impulsief en emotioneel, en ook heel gevoelig. Ik kijk ook veel naar mezelf. Wat ik dan zie? Een moeilijk mens.’Beeld © Stefaan Temmerman

Ze heeft altijd theater gedaan. Voor de magie van het livepubliek. De eerste voorstelling die de krant haalde, in 2000, was Liefdeskraam. “Ja, dat hebben we gespeeld voor de Zomer van Antwerpen, ik herinner me alleen flarden. We hadden oude dildo’s gekregen van de Erotische Verbeelding. Het was zot maar geestig.” Niet alles wat ze heeft gedaan, was goed, vertelt ze. “Soms mislukken dingen. Daar schaam ik me niet voor. Je moet durven te falen. Je moet dapper zijn om kwetsbaar te zijn en als je iets wilt vertellen, moet je je nek uitsteken. Soms is het er boenk op, soms niet. Op een bepaalde manier zie ik daar de schoonheid van in. Ik mag niet klagen. Ik heb al veel ­cadeaus gekregen.”

Tv en film zeiden haar vroeger minder. Tot ze dan toch nieuwsgierig werd en audities begon te doen. Clan, in 2012, was haar eerste grote rol. “Soms heb ik spijt dat ik niet vroeger ben begonnen. Dan had ik misschien sneller op het niveau gestaan waar ik nu sta en had ik misschien meer film kunnen doen. Intussen ben ik verslaafd geworden aan de concentratie die je moet opbrengen voor een camera. Ik heb ontdekt dat ik dat zalig vind. Om vijf uur opstaan, alleen naar de set rijden, me mentaal voorbereiden...”

Bewust ambitieus is ze niet. Wat als dit, wat als dat, daar doet ze niet aan, ondanks haar piekerige aard. Ze volgt haar gevoel. “Ik ben een vat vol tegenstrijdigheden, als ik mijn man mag geloven. Ik ben heel impulsief en emotioneel, en ook heel gevoelig. Ik overschouw dingen en kijk veel naar mezelf. Wat ik dan zie? Euh… een moeilijke mens. (lacht) Ik kan moe worden van mezelf. Ik wil dingen begrijpen, en niet alleen met mijn verstand. Ik wil alles heel goed doen en denk dat ik te gulzig ben. Mijn man zegt soms: ‘Het is moeilijk om Ruth Becquart te zijn, hè.’”

U hebt uw man al heel vroeg ontmoet.

“Intussen is het 22 jaar geleden. Op Studio Herman Teirlinck. Ik had al twee jaar gedaan op de toneelschool van Dora van der Groen en heel onze klas was gebuisd – dat was daar jarenlang de traditie, om het tweede jaar klassikaal te buizen. Waarom weet ik niet. Dat zijn drama’s op zo’n moment, maar tegelijkertijd ben ik ook opgevoed met het idee dat zulke dingen bij het leven horen. Ik ben er dus niet bang van, al brengen ze me van slag – dat is met audities net zo, hoewel je daar niet altijd aan kunt doen. Klinkt dit nu weer tegenstrijdig? Alleszins, ik ben overgestapt naar Studio. Daar heb ik Stijn ontmoet. Hij broste alle bewegingsklassen, behalve een keer. Omdat hij me wilde uitvragen, kwam hij mee joggen en dansen. De aikido-lessen vond hij ook leuk. Hij kwam dan achter mij staan om naar mijn poep te kijken, heeft hij achteraf verteld.” (lacht)

'Ik ben niet getrouwd in een witte jurk, nee. Wel in een groene, leren mini-jurk. Mega-rock-’n-roll.'Beeld © Stefaan Temmerman

Dus uw poep trok hem aan in u. Wat trok u aan in hem?

“Stijn was een heel lieve gast en kwam als eerste vragen of ik het al wat gewoon was op Studio. Hij is attent, grappig en een supergetalenteerde muzikant: als je hem hoort zingen, dan breekt je hart. Hij was niet mijn eerste lief, wel mijn eerste grote liefde.”

Hoe komt het dat jullie zo lang hebben gewacht om te trouwen?

“We zijn twee jaar geleden getrouwd – eigenlijk vooral voor het feest. Daar waren we aan toe, na alle ellende met ons huis.”

Dat heeft op instorten gestaan door de bouw van een moskee vlak naast uw deur.

“Ons huis was onbewoonbaar verklaard en we hebben drie jaar bij Stijn zijn ouders gewoond. Nu is het stabiel, er mag een bom op vallen, dit is het enige huis dat zal blijven staan! Maar we waren er zo aan toe om het af te sluiten, we hadden echt goesting om te feesten. Alsof we die miserie wilden afkopen.”

En dus vroeg hij u ten huwelijk, verkleed als de Rode Ridder.

(lacht) “Mijn papa had al die oude strips en ik vond de Rode Ridder knap als kind, net als zijn love interest Galaxa de fee. Ze had een ster op haar voorhoofd en droeg een kleed zonder bandjes, eigenlijk meer een soort laken. Ik ben niet getrouwd in een witte jurk, nee. Wel in een groene, leren mini-jurk. Mega-rock-’n-roll. Ons trouwfeest is een heel schone, toffe dag geworden. Een bijzonder feest ook, omdat onze dochter Mira, toen al vijftien of zestien, erbij was.”

Wat is het geheim van een goede relatie?

“Dat is voor iedereen anders. Leuke dingen doen. Veel lachen samen. Waakzaam zijn over de intimiteit. Genoeg samen doen en genoeg alleen doen.”

Het ouderschap heeft haar ten goede veranderd als actrice, vertelt ze. “Ik heb altijd gevonden dat ik een betere speler ben geworden. Omdat alles zoveel voller wordt. Voordien wandelde ik meer als puber door het leven. Sowieso vond ik zwanger worden en bevallen het graafste wat je ooit als vrouw kunt meemaken. Ik ben natuurlijk bevallen, zonder epidurale. Mijn ratio viel weg, alsof ik taal niet meer begreep, maar ik was helemaal één met mijn lichaam. Een oerervaring. En dan is er zo’n nieuwe mens, die jij hebt gemaakt. Dat is wennen.

“Ik was een heel aanwezige mama, maar soms was ik weg naar het buitenland voor een voorstelling. Dan kwam ik na een paar dagen thuis en had ik ze gemist en liet Mira voelen dat ze dat niet fijn had gevonden. (lacht) Eigenlijk is dat altijd goed gegaan. Ik denk dat ze zich soms afvroeg wat haar mama ging doen, want ik zei altijd ‘dat ik ging spelen’.

'Ik krijg opmerkingen als: ‘Je bent een mooie, ouder wordende vrouw. Dat is hard.'Beeld © Stefaan Temmerman

“Ik werk heel graag en heb het nodig naast mijn moederschap tijd voor mezelf te hebben. Ik heb een geweldig bureau in ons huis met yogamatten en een werktafel. Dat is mijn plek. Mijn man heeft een eigen muziekstudio thuis. Eigenlijk zijn we alle drie graag op onszelf.”

Haar dochter is net afgestudeerd in woordkunst en wil of naar het Ritcs in Brussel of naar het KASK in Gent. Op het moment van het interview weet ze nog niet of en waar ze is toegelaten. Ze volgt een gelijkaardig pad. “Ik ben trots. Ze heeft heel lang gewacht om de keuze uit te spreken. En toen zei ze: ‘Ik denk dat ik iets artistieks moet doen.’ Als zij zoiets zegt, dan is het zo. Wat niet wegneemt dat ik bezorgd ben in deze onzekere tijden, als ouder. Het wordt knokken. Tegelijkertijd kunnen we haar alleen maar alle vertrouwen geven. Ik wens haar een mooie toekomst toe, hoe die er ook uitziet. Ze gaat haar weg wel vinden.”

In een interview met HUMO vertelde Mira over hoe u haar had ingelicht over de loonongelijkheid in de sector. Vrouwen worden minder betaald dan mannen. Wanneer werd u zich als actrice bewust van die structurele ongelijkheid?

“Ik was daar naïef in.”

Sinds een jaar of tien?

“Veel minder lang. Het is pas recent dat er ruchtbaarheid aan wordt gegeven. Al is het heftig, als je dat doorhebt. Je hoort toevallig wat de dagprijzen zijn van collega’s en die blijken dan hoger te liggen… (onbegrijpende blik) omdat ze een man zijn? Dat is choquerend. Dan weet je dat er nog een strijd te voeren is.”

En, hoe gaat u dat doen?

“Goh, ik voel me daar niet de geschikte persoon voor. Daar is de Acteursgilde voor, als een soort vakbond voor acteurs. Ik kan alleen mijn dochter opvoeden en erover babbelen.

“Ik ben er pas enkele jaren geleden over beginnen na te denken. Toen viel het me op dat er anders naar me werd gekeken. Sinds mijn veertigste moet me ik me veel meer professioneel bewijzen. Omdat je dan niet meer gepercipieerd wordt als jonge vrouw en je je jeugd of schoonheid kwijt bent. Pas op, ik krijg goede kansen, hè. Maar bij mannelijke leeftijdsgenoten zie ik dat niet op dezelfde manier gebeuren. Ik krijg opmerkingen als: ‘Je bent een mooie, ouder wordende vrouw.’ Dat is hard. En ik kan met veel bravoure roepen hoe geweldig ik het vind om lelijk te zijn voor een rol, ik blijf een vrouw van mijn generatie. Het doet me wat, ouder worden, rimpels, je lijf dat verandert.”

In Undercover zit, euh, toevallig weer een liefdesrelatie in wording, tussen zo’n oudere man met een twintig jaar jongere vrouw. Niet dat dat nooit voorkomt in het echt…

“Je zult nog verrast zijn, maar ik snap wat je ­bedoelt.”

Het was Maaike Cafmeyer die een paar jaar de kat de bel aanbond. Ze was geweigerd voor een rol voor een 45-jarige omdat ze te oud was… terwijl ze 45 jaar was.

“Ik heb gelijkaardige dingen meegemaakt. Eerst vonden ze me te oud om het lief van Geert Van Rampelberg te spelen, terwijl we even oud zijn. Uiteindelijk kon de jongere versie niet, dus mocht ik toch. (lacht luid maar trekt een wenkbrauw omhoog) Tja, je kunt er maar mee lachen, zeker?

“Weet je, zaken worden nu benoemd en dat is goed. Zeker jongere mensen – zoals mijn dochter – zijn zich daar veel meer van bewust. Als ik met vrouwelijke collega’s praat, voel ik de enorme nood aan andere stemmen en andere verhalen. Niet alleen van vrouwen, trouwens, ook van transgenderpersonen en non-binaire mensen. En we beseffen stilaan allemaal dat het hoog tijd is om Marokkaanse spelers niet altijd de crapuleuze boef te laten spelen, toch? Daar gaan we allemaal samen aan werken, ook mét de mannen, hè, want het is natuurlijk geen wij-zijverhaal.”

Ze glimlacht. “Noem mij maar de hoopvolle, ­naïeve seut, maar ik geloof zéker dat het de goede kant opgaat.”

Undercover 2, vanaf 6 september elke zondagavond om 20.45 uur op Eén.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234