Maandag 06/12/2021

AchtergrondDante

700 jaar geleden stierf de grootste Italiaanse dichter: ‘Dante is een levensschool’

Dante Alighieri en de symbolische representatie van zijn 'Divina Commedia', op een schilderij van Domenico di Michelino uit 1465 in de kathedraal van Firenze. Beeld BELGAIMAGE
Dante Alighieri en de symbolische representatie van zijn 'Divina Commedia', op een schilderij van Domenico di Michelino uit 1465 in de kathedraal van Firenze.Beeld BELGAIMAGE

Concerten, expo’s, voordrachten: zo herdenken de Italianen dat Dante Alighieri 700 jaar geleden is gestorven. De tekst van zijn beroemdste werk, Divina Commedia, wordt zelfs de ruimte ingeschoten. Maar waarom zouden wij de Italiaanse dichter nu nog lezen?

Als Dante (1265-1321) vandaag nog geleefd had, dan moest hij eind mei op zijn proces verschijnen. Een groep juristen en historici besloten om in Firenze, de Toscaanse geboortestad van de dichter, een zitting te houden. Was het wel terecht van de Florentijnen om hem in januari 1302 te verbannen?

Als Dante toch nog zou terugkeren, dan was het verdict duidelijk. Dan zou de dichter op de brandstapel eindigen, zo oordeelde rechter Cante de Gabrielli toen. Zeven eeuwen later werden zowel een nazaat van Dante, als verre nakomelingen van de Gabrielli uitgenodigd om de zaak te herbekijken.

Het proces over Dante was natuurlijk puur symbolisch. De stad heeft in 2008 trouwens al officieel een motie aangenomen waarin Dante een pardon kreeg. Het symbolische proces is maar één van de talloze evenementen, waarmee Italië herdenkt dat zijn beroemdste dichter op 14 september 1321 is gestorven. Dat is dus 700 jaar geleden. Er zijn voordrachten, concerten en expo’s gepland, en een uitgeverij heeft er ook voor gezorgd dat astronauten van op het ISS de tekst van zijn Divina Commedia in de ruimte zullen lossen.

Ook nu nog gekoesterd

In Italië is er alvast moeilijk aan de dichter te ontkomen, zegt Ilja Leonard Pfeijffer, de Nederlandse auteur die sinds 2008 in Genua woont. Italiaanse steden hebben vaak een via Dante of een standbeeld van de dichter. “Dante is in Italië veel meer aanwezig dan Nederlandse of Vlaamse klassiekers bij ons”, zegt Pfeijffer. “Iedereen weet wie hij is, dat kan je van Vondel al niet zeggen. In Italië zou een kassierster zelfs Dante kunnen citeren. Ik overdrijf misschien een beetje, maar niet zoveel.”

Die faam heeft Dante dus te danken aan zijn Goddelijke komedie. Een werk, waar hij allicht tijdens zijn verbanning aan begon te schrijven en tot bijna aan zijn dood aan heeft gezwoegd. In de tekst reist Dante door het hiernamaals. Hij bezoekt de hel (‘Inferno’), de louteringsberg (‘Purgatorio’) en het paradijs (‘Paradiso’).

De stukjes in de hel zijn het leukst, vindt Pfeijffer, omdat Dante daar heel inventieve straffen bedenkt voor al wie gezondigd heeft. De hel van Dante lezen is als rondlopen in een schilderij van Jeroen Bosch, waar monsters en duivels arme zondaars kwellen.

“Het paradijs is een beetje saai”, zegt Pfeijffer. “Zoals het paradijs dat in het echt waarschijnlijk zou zijn. Het doet me denken aan een beroemde boutade: het paradijs valt te verkiezen voor het mooie weer, de hel voor het gezelschap.”

Voor zijn reis door de onderwereld krijgt Dante zelf het gezelschap van de Romeinse dichter Vergilius, die hem als een gids rondleidt. “Laat varen alle hoop, gij die hier binnentreedt”, staat te lezen op de hellepoort. Zoals Dante het voorstelt, is het inferno ingedeeld in negen kringen. De buitenste kringen zijn voorbehouden voor degenen die hun lusten niet konden bedwingen, de binnenste kringen voor geweldplegers en bedriegers.

Ook pausen, die corrupt en geldbelust zijn geweest, moeten eraan geloven. Zij zitten met immer brandende voeten in een soort koker. Paus Bonifatius VIII zal hetzelfde lot ondergaan, zo wordt in de tekst voorspeld.

Daar neemt Dante wraak voor wat hij in Firenze heeft meegemaakt. Voor zijn verbanning was Dante er actief in de politiek. Dante zat verwikkeld in een machtsstrijd tussen twee partijen: de Witte Welfen, waar hij zelf toe behoorde, en de Zwarte Welfen. Die laatsten konden met de steun van paus Bonifatius VIII en Franse troepen een staatsgreep plegen in Firenze.

De juristen die in mei zijn proces opnieuw hebben gedaan, kwamen tot de conclusie dat hij toen enkel om politieke redenen is verbannen. Tijdens zijn ballingschap verbleef Dante in verschillende Italiaanse steden. Hij stierf in Ravenna, waar zijn graf nog steeds te bezoeken is.

De Florentijnen hebben trouwens al eeuwen berouw over zijn verbanning. In de negentiende eeuw lieten ze een graftombe bouwen voor Dante en jaarlijks vragen ze zijn resten terug. Maar Ravenna is er nog nooit op ingegaan.

Wieg van het Italiaans

Wat er zo spectaculair is aan het werk van Dante is dat hij niet enkel zijn eigen tijd in zijn gedicht verwerkt, maar ook de oudheid. Hij laat grote denkers de revue passeren, naast dichters als Vergilius en mythologische figuren, zoals de Griekse ziener Tiresias. “Dante schept een wereld waarin hij de kennis en inzichten van zijn tijd samenbrengt met alles wat eraan voorafgaat”, zegt latinist Wim Verbaal (UGent), die gespecialiseerd is in middeleeuwse literatuur.

Heel gewaagd was het om zo’n epos niet in het Latijn te schrijven, toen de taal van de geleerdheid en de grote letterkunde, maar om een van de eerste grote werken neer te pennen in zijn eigen taal: het Toscaanse dialect. Hij wilde ermee bewijzen dat grote literatuur ook in de volkstaal mogelijk was.

Hoe revolutionair dat was, lezen we nog in de Eclogae, een correspondentie tussen Dante en een geleerde uit Bologna, die hem schrijft dat geletterden “de volkstaal verfoeien”. Die briefgedichten tussen Dante en de geleerde zijn trouwens net uitgebracht door uitgeverij P, in een vertaling door Patrick Lateur.

In Convivio, een traktaat van Dante, geeft hij nog een erg simpele reden om in de volkstaal te schrijven: er zijn meer mensen die je teksten begrijpen. Ook in De vulgari eloquentia gaat Dante – dit keer in het Latijn – uitgebreid in op de volkstaal. Volgens experts ligt Dante met zijn werken in die volkstaal ook aan de basis van het moderne Italiaans.

Tijdens zijn bezoek aan de hel in de 'Divina Commedia' komt de dichter bij de plek waar omkopers en corrupten ondersteboven begraven worden.

Year of event:1861

Year of work:1861

© akg-images / Van Parys Media  Beeld akg-images
Tijdens zijn bezoek aan de hel in de 'Divina Commedia' komt de dichter bij de plek waar omkopers en corrupten ondersteboven begraven worden.Year of event:1861Year of work:1861© akg-images / Van Parys MediaBeeld akg-images

“Samen met de latere schrijver Petrarca staat Dante aan de wieg van het Italiaans, als een taal die de lokale dialecten overstijgt”, zegt Bart Van den Bossche, die Italiaanse literatuur en cultuur doceert aan de KU Leuven.

Het Italië van Dantes tijd bestond nog uit een hele reeks stedelijke republieken en vorstendommen, die elkaar vaak bekampten, pas in de negentiende eeuw werd Italië tot één land verenigd. “Maar bij Dante merk je al dat er zoiets was als een community of minds”, zegt Van den Bossche. “Het idee dat die verschillende groepen door hun taal en cultuur wel met elkaar verbonden waren.”

Dat maakt van Dante ook een heel politieke auteur, vindt Van den Bossche. De Divina Commedia staat volgens hem bol van de uitdagende visies, die nog steeds prikkelen. “Als je leest hoe Dante afrekent met corrupte figuren, dan zie je Berlusconi of Beppe Grillo daar bij wijze van spreken zo tussen zitten.”

Sodomieten

Nog in maart van dit jaar zorgde een vertaling van het ‘Inferno’ voor behoorlijk wat ophef. In de hel is Dante niet mals voor de de islamitische profeet Mohammed: zijn romp wordt opengereten door een duivel met een zwaard, waarna de wonde weer heelt en de duivel herbegint.

Middeleeuwers geloofden foutief dat Mohammed oorspronkelijk een christelijke priester was, die zich van het geloof had afgescheurd. En dus deed de duivel met zijn lichaam wat Mohammed met de christelijke religie had gedaan.

Maar in de vertaling van uitgeverij Blossom Books werd de naam van Mohammed geschrapt, om de tekst toegankelijker te maken voor een jong en divers publiek. Die beslissing kreeg toen heel wat weerwerk. “Het leek me geen goede keuze”, zegt Van den Bossche. “Als ik een moslim was, zou ik dat zelfs betuttelend vinden.”

Mohammed is trouwens niet de enige moslim, die in het boek voorkomt. Andere moslims – de filosofen Averroës en Avicenna, zelfs generaal Saladin die het tegen de kruisvaarders opnam – zitten in het voorgeborchte van de hel. Zij worden niet toegelaten tot de hemel, omdat ze geen christenen zijn. Maar ze worden niet gestraft. Dante plaatst ze daar naast grote figuren uit de oudheid (zoals Cicero), die voor hem weliswaar heidenen waren, maar toch deugdzaam en belangrijk voor de geschiedenis.

Er zijn nog passages die moderne wenkbrauwen doen fronsen. Vandaag zouden we het problematisch vinden dat Dante homoseksuelen in de hel laat opdraaien voor hun zonden, maar ook daar is het niet zo zwart-wit. “Hij komt bij de sodomieten zijn leermeester Brunetto Latini tegen”, zegt Verbaal. “En hij schrijft met een heel grote bewondering over hem. Latini zat dan wel in de hel, maar Dante had veel respect voor die man.”

De manier waarop Dante toont dat mensen in zijn ogen zwakheden hebben, maar ook meer zijn dan hun gebreken of hun status, daar zit volgens de experts de kracht van het verhaal. Natuurlijk is de visie van Dante op homoseksualiteit gedateerd. Hetero’s kunnen zich ook nog weinig voorstellen bij de hoofse liefde die hij beschrijft voor Beatrice. Een vrouw die hij in het echt maar twee keer heeft gesproken. Maar net omdat hij de gelaagdheid van mensen blootlegt, is hij tijdloos.

In het boek zit er een duidelijke personal struggle, zo stipt Van den Bossche aan. Die begint al op de eerste regel, waar Dante schrijft dat hij verloren is gelopen in een donker bos. Dat is gerust figuurlijk te interpreteren. Hij is op de dool en overal ligt de zonde op de loer. Het is de aanzet voor een lange tocht door het hiernamaals waarin de dichter ook de confrontatie met zichzelf aangaat.

“Hij ziet hoe mensen aan hun zwakheden ten onder gaan, maar zal nooit over hen oordelen”, zegt Verbaal. “De zwakheden van anderen ziet hij vaak trouwens bij zichzelf. Daarom is het boek zo’n grote levensschool. Het gaat voor mij niet meer over het hiernamaals. Het gaat echt over het hier en nu.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234