Maandag 28/09/2020

InterviewK's Choice

25 jaar ‘Not an Addict’: ‘Jesus Christ, alwéér dat liedje!?’

‘Oehoe, oehoe, oehoe, oehoe...’ Op 28 juli 1995 verscheen ‘Not an Addict’, de eerste single van de tweede plaat van K’s Choice, de groep van Sam – toen nog Sarah – en Gert Bettens. Ondanks een weigerachtige platenfirma en een ongebruikelijke songstructuur voor een hitsingle, sloeg het nummer over de hele wereld aan: het reikte naar de enkels van Belgische kleppers als ‘Dominique’, ‘Ça plane pour moi’ en ‘Pump Up the Jam’ én klom naar nummer 5 in de Amerikaanse Billboard Alternative Rock Charts. ‘Niemand kende ons, en plots leek het wel elke avond Rock Werchter.’

Die onverbiddelijke oehoes in de intro van het nummer maken van ‘Not an Addict’ een serieuze oorwurm. Wat was er eerst, de tekst of de muziek?

Sam Bettens: “Ik zat de akkoorden te spelen terwijl ik moest terugdenken aan een interview dat we hadden gegeven aan een Franse journalist die seropositief was geraakt door een besmette naald. Hij vroeg of wij ooit met drugs geëxperimenteerd hadden. Die tekst is geïnspireerd door dat interview.”

Gert Bettens: “We repeteerden dat liedje zonder de oehoes en zonder de intro. Net voor de opnames van Paradise in Me (de plaat waarop ‘Not an Addict’ staat, red.) waren we ergens aan het soundchecken en toen is Sam die oehoes beginnen te zingen. Ik heb toen aan onze bassist gevraagd om de baslijn te beginnen spelen en zo is die intro verder gegroeid.”

Sam: “Grappig dat ‘Not an Addict’ zijn grote herkenbaarheid aan zo’n toevalligheid te danken heeft. Liedjes hoeven niet ingewikkeld te zijn. Het is een zegen geweest dat ik niet zo’n begaafd gitarist ben. De magie zit vaak in simpele akkoorden waarmee je toch ongelooflijke dingen kunt doen. Heel begaafde muzikanten zullen sneller naar iets ingewikkelders zoeken.”

Gert: “Veel van onze eerste songs zijn eerder ontstaan uit enthousiasme dan uit muzikale knowhow. We hadden veel ideeën en zelfvertrouwen, maar eigenlijk waren we gewoon een beetje aan het prutsen.”

Was het potentieel van ‘Not an Addict’ snel duidelijk?

Gert: “Nee, de platenfirma wilde ‘Mr. Freeze’ als single lanceren, maar Sam heeft heel hard gepleit voor ‘Not an Addict’. Hij is soms een koppigaard.”

Sam: “Dat was absoluut een gevecht. Het was geen vanzelfsprekende single, want het duurt anderhalve minuut voordat het nummer losbarst. Het voldeed daardoor niet aan de ‘regels van een succesvolle single’. En later hebben we er in Amerika zelfs opnieuw voor moeten vechten.”

Gert: “De platenfirma dacht vooral dat de intro te lang duurde. Het ‘hart van een song’, meestal het refrein, moet snel voorbijkomen. Maar het hart van ‘Not an Addict’ zijn de oehoes die je vanaf seconde één hoort. De platenfirma wist niet goed hoe ze ons moest ‘positioneren’. Op onze eerste plaat, The Great Subconscious Club, stonden ongelooflijk triestige én zeer happy liedjes. En ondertussen waren ze ons in Amerika happy grunge beginnen te noemen. ‘Not an Addict’ was de eerste single die ons donkere kantje meer in de verf zette.”

Wanneer merkte je dat het nummer echt aansloeg?

Gert: “In België was het al populair aan het worden, maar toen we vervolgens in Nederland speelden, brulde plots een stampvolle zaal mee. Toen dacht ik: oké, dit begint een eigen leven te leiden.”

Volgden jullie de opmars in de internationale hitparades op de voet?

Gert: “Ik ben niet graag met statistieken bezig. Ik heb dat wel ervaren als iets dat in stijgende lijn ging, maar we hadden het te druk met reizen en optreden.”

Sam: “Op het moment dat ‘Not an Addict’ succesvol begon te worden, zijn wij in een soort orkaan terechtgekomen die een jaar of acht geduurd heeft. Het was altijd vooruitkijken naar de volgende tournee of de volgende plaat. Wij verhuurden zelfs ons huis omdat we zo veel weg waren. Misschien waren we te jong om stil te staan en de balans op te maken: ‘Wow, we zijn echt beroemd, nu kunnen we het rustig aan doen.’ We lieten het allemaal op ons afkomen.”

Zijn jullie weleens in bizarre situaties verzeild geraakt toen jullie het nummer aan het promoten waren?

Gert: “We hebben veel playbacks gespeeld in Italiaanse televisieshows; spectaculaire kitsch met veel schaarsgeklede dames. Maar je hoort dat zovéél mensen naar die show kijken, dus denk je: oké, ik zal mijn broek maar even afsteken (lacht).”

Jullie mochten ook op tournee met Alanis Morissette. Hoe kwam zij bij K’s Choice terecht?

Gert: “Ze speelde samen met ons op de grote festivals in Europa en ze was een paar keer naar ons komen kijken. Dat was op haar hoogtepunt, toen haar plaat Jagged Little Pill aan het ontploffen was. Alanis Morissette is toen zélf in onze kleedkamer komen vragen of we met haar wilden touren. In een uur tijd was die deal beklonken.”

Sam: “Dat was echt een gouden tournee. Als Belgisch groepje naar Amerika mogen gaan, dat was gigantisch. ‘Not an Addict’ was daar toen zelfs nog geen officiële single. Tijdens die tournee kende niemand ons. ’s Avonds traden we twintig minuutjes op voor een massa mensen en voor de rest amuseerden wij ons.”

Gert: “We speelden plots voor 35.000 of 40.000 man. Dat was bijna elke avond Rock Werchter.”

Kregen jullie het publiek mee? Een voorprogramma spelen is vaak een ondankbare job.

Gert: “Het publiek was helemaal mee. Naar Alanis Morissette kwamen voornamelijk jonge meisjes kijken. Die waren misschien wat rapper onder de indruk dan doorgewinterde U2-fans (lacht).”

Was ‘Not an Addict’ controversieel?

Sam: “Bij MTV America dachten ze dat het een pro-drugsnummer was, dus wilden ze die video eerst niet tonen. Maar voor het overige denk ik dat iedereen wel wist waar het over ging. Ik heb heel veel reacties gekregen van ex-drugsverslaafden – zelf heb ik geen ervaring met drugs – die zich in dat nummer konden vinden en zich er zelfs aan hebben kunnen optrekken.”

Werden jullie scheef bekeken, als antidrugsrockgroep?

Sam: “Enkel in Vlaanderen hadden wij een beetje de reputatie van braaf rockgroepje. Ergens klopt dat wel, want zowel Gert als ik knappen heel hard af op drugs. Groepen die dat gebruikten voor hun credibility, vonden wij heel triestig. In die grungeperiode was het zogezegd cool om aan de drugs te zitten. Als we voorprogramma’s speelden van andere groepen, merkten we dat er redelijk wat coke rondvloog.”

Gert: “Begin jaren 90 heerste er een jeugdcultuur waarin het cool was om je over te geven aan dergelijke dingen. We wilden dat een beetje tegen het licht houden. Op dat moment was dat waarschijnlijk niet cool van ons, maar misschien vielen we daardoor zo op?”

Sam: “Ik vel een oordeel over drugs, niet over verslaving. Ik ken mensen die verslaafd zijn geweest, dat is heel intens en triestig. Dat zijn ziektes, ik vind het verschrikkelijk dat dat bestaat.”

‘Not an Addict’ is waarschijnlijk het liedje waarvoor jullie herinnerd zullen worden.

Sam: “Ik heb daar vrede mee. Als we nooit meer een nummer maken dat evenveel succes heeft, dan is het zo. Maar ik blijf wel muziek maken met het idee dat mijn beste nummer er nog zit aan te komen.”

Gert: “Doorheen de jaren heb ik een haat-liefdeverhouding gehad met ‘Not an Addict’. Soms was ik dat een beetje beu, want ik heb dat al duizenden keren gespeeld. Dan dacht ik weleens: Jesus Christ, alwéér dat liedje!? Maar de liefde is groter dan de haat, omdat we iets moois gemaakt hebben, waar heel veel mensen heel veel aan hebben gehad. Je kunt zoals Thom Yorke van Radiohead laatdunkend doen over je eigen song, terwijl je hoort dat iedereen aan het meezingen is, maar dat vind ik ongelooflijk zwak. Dat soort coolheid gaat volledig aan mij voorbij.”

Sam: “Wij hebben natuurlijk nooit een publiek gehad dat naar huis gaat als ‘Not an Addict’ voorbij is. Maar het blijft onze grootste song. Ik speel het met plezier, want het is elke keer een hoogtepunt.”

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234