Zondag 08/12/2019

Reportage

Wanneer samen met het kind de depressie komt

Beeld An-Sofie Kesteleyn

Het zou volgens de boekjes een pastelkleurige periode moeten zijn, met kraambezoeken en suikerbonen en tonnen vol geluk. Maar minstens één op de tien vrouwen dondert hard van haar roze wolk. Wij gingen op bezoek in het Bethaniënhuis, een centrum in Zoersel waar kersverse mama's met psychische problemen terechtkunnen. Samen met hun baby.

Toen haar dochter nog geen vijf weken oud was, besliste Anna dat ze het niet kon. Mama zijn. "Ik wilde mijn kind niet meer zien. 'Geef haar maar op voor adoptie', zei ik tegen de dokter. 'En laat me vooral niet alleen met haar.'"

Iets had 'klik' gedaan in haar hoofd, zegt ze. Met welke woorden druk je zoiets uit? "De enorme verantwoordelijkheid voor een kind verstikte me. Ik bleef maar piekeren over alles wat er kon misgaan." Anna bleef dagen en nachten aan één stuk wakker. Tot ze verdronk in een zee van angsten en alle realiteitszin verloor. "Alsof ik mezelf door een camera zag."

De vroedvrouw sloeg voor het eerst alarm. Door een snelle tussenkomst van de gynaecoloog kreeg Anna een kamer op een materniteitsafdeling, om tot rust te komen. Ze kreeg medicatie en ze sliep, dagenlang, tot een bed vrijkwam op de moeder-babyeenheid in Zoersel, een van de slechts twee plekken in België waar vrouwen samen met hun baby terechtkunnen. Om te wennen aan het leven.

Anna's dochter van toen is drie jaar oud. Met haar loopt alles goed, de band tussen moeder en dochter kon niet beter zijn. "En voilà, hier ben ik weer." Anna lacht flauwtjes. Haar tweede dochter werd veertien weken geleden geboren. "Deze keer wist ik wat er kon gebeuren. Ik had extra kraamhulp, werd begeleid door een psychologe, nam angstremmers. Mijn partner nam de nachten gedeeltelijk over, zodat ik deze keer wel genoeg rust zou krijgen. Ik was op alles voorbereid, dacht ik." En toch knalde ze weer met haar hoofd tegen de muur.

Dus zit ze hier opnieuw, voor de tweede keer, al bijna acht weken. "Rationeel snap ik het allemaal, maar wat ben je met al die inzichten? De donkere gedachten en angsten gaan daardoor nog niet weg. Misschien spelen de hormonen ook mee, maar wat doe je daaraan?"

Vorige maand kreeg ze de heftigste paniekaanval ooit. "Laten we zeggen dat het goed is dat ik alle scherpe voorwerpen had afgegeven."

Beeld © An-Sofie Kesteleyn

Hormonale roetsjbaan

Anna is een van de mama's die vandaag in de moeder-babyeenheid zitten, samen met acht andere lotgenoten. Negen vrouwen die na hun bevalling weggleden in een post-partumdepressie (ook postnatale depressie genoemd). "Niet omdat we het moederschap niet aankunnen", het kan niet hard genoeg benadrukt worden. "Dit is een ziekte. Het kan iedereen overkomen."

Greet De Ceulaer, de verantwoordelijke van de zorgeenheid, had me al gewaarschuwd. Iedereen hier is een beetje zenuwachtig, omdat er een journaliste op bezoek is. Een stukje buitenwereld dat binnendringt in hun veilige cocon. Ik mag een dag met hen mee-leven.

In de loop van de dag komen ze me één voor één aanspreken - de een aarzelend, de ander dwingend. Dat ze graag hun verhaal willen doen. Dat er zo veel misverstanden bestaan, daarbuiten. Dat niemand het echt begrijpt. Dat elk geval uniek is. Dat hun getuigenis er misschien voor kan zorgen dat één vrouw sneller de hulp krijgt die zij ook zo hard nodig hadden.

Maar allemaal staan ze er op om anoniem te blijven, en onherkenbaar te zijn op de foto's. Taboes doorbreken, kwetsbaarheid tonen, allemaal goed en wel. Maar niet iedereen moet weten hoe het juist zit. "Begrip krijgen is één ding, maar het echt begrijpen is iets anders", zegt Anna.

Het eerste wat me opvalt, is dat er verrassend veel gelachen wordt, terwijl de mama's in kamerjas aan de ontbijttafel hangen, om 8 uur 's ochtends. "Ik had ook verwacht dat ik tussen een hoop ellendige huilmama's zou terechtkomen", zegt Lies. "Voor mij betekende een depressie dat je de hele dag lusteloos rondhangt. Maar onze stemmingen schommelen veel meer."

Post partum is een meer 'kleurrijke' vorm van depressie, zo klinkt het, een hormonale roetsjbaan over grote hoogtes en laagtes. "Nu zit ik hier te babbelen, maar een uur later stort ik in en kan ik alleen maar huilen. Zo gaat het hele dagen op en neer."

Sofia, de sociotherapeute, overloopt de dagplanning. Er is een takenlijst voor het uitladen van de afwasmachine, het dekken van de tafel. "Schrijf maar in de krant dat het hier een soort scoutskamp is", lacht ie-mand. Ieder krijgt een dagschema van lessen, sportactiviteiten, gesprekken met de therapeuten. "Een uur fitness en daarna relaxatietherapie. Wat een zware dag." Lies lacht. "Ik heb het dagschema van een topsporter die naar de Olympische Spelen gaat."

Ze verzinnen ook nieuwe namen voor zichzelf, die hun identiteit moeten beschermen. "Ik wil geen Shania worden, hè."

Alle lagen van de bevolking komen hier samen, zo wordt me verteld. Af en toe passeren hier vrouwen die al worstelden met psychische problemen, met verslavingen. Maar vandaag praat ik met een architecte, iemand die op de personeelsdienst van een bank werkt, een kleuterjuf, een lerares lager onderwijs en een leerkracht Nederlands-Engels. Allemaal slimme, mondige vrouwen die de touwtjes van hun eigen leven stevig in handen hebben.

En vaak is dat net het struikelblok, zegt psychiater Ria Docx. "Controleurs", noemt ze hen. "Ze hebben diploma's, een goeie job, een leuke man, een mooi huis. Maar ze zijn ook gewend om controle te hebben over alles en heel perfectionistisch te zijn."

Maar een baby kun je niet controleren. En de golf van emoties en hormonen die hen overspoelt na de bevalling, weten ze met al hun ratio niet te plaatsen. "Het is een van de dingen die wij hier proberen aan te leren", zegt Docx. "Dat je soms gewoon iets moet laten gebeuren."

"Een kind dat kan praten, daar kan ik heel goed mee om", zegt Anna. "Maar een baby, daar snap ik gewoon niks van".

Ze lijken een symptoom van deze tijd, deze vrouwen die geleerd hebben alles met hun hoofd te doen. "Ik zou liever wat naïever zijn", zegt Anna. "Ik loop vast in al mijn gedachten. Alles wordt geanalyseerd en overdacht."

Beeld © An-Sofie Kesteleyn

Door het lint

Het blijkt een rode draad in alle verhalen. "Er wordt ook te veel nadruk gelegd op 'het moedergevoel'", zegt Docx. "Alsof dat natuurlijke instinct je vanzelf overspoelt. Voor veel vrouwen is het iets wat moet groeien, iets wat ze moeten leren."

Zoals Hélène (35), die op het internet uren, dagen op zoek ging naar oplossingen voor haar huilbaby Estelle. "Op internetfora vond ik elke dag wel een andere theorie, ik verslond elk boek over baby's en opvoeden. Op het ridicule af", zo beseft ze nu.

"Het werd een obsessie, tot ik het perfecte plan had opgesteld. Dat moest zo nauwgezet gevolgd worden dat ik al in paniek schoot als mijn man of een van de grootouders voor Estelle moest zorgen."

Naar de crèche schreef ze een ellenlange mail met heel precieze instructies over de perfecte slaap-en-eetroutine, met een welbepaalde volgorde en een strakke timing. "Als iemand daar een beetje van afweek, ging ik door het lint."

Je kunt je niet voorstellen wat een hel het is, zegt ze, als je baby niet slaapt. Niet 's nachts, niet overdag. En hoe je hersenen met je aan de haal gaan als slaapgebrek je zin voor realiteit begint weg te vreten. Hoe vermoeidheid een dikke mistlaag optrekt over al je gedachten, waardoor je niets nog helder ziet.

Begin van iets moois

Eigenlijk begon Hélène al aan het moederschap met een loodzware bagage. Een eerste baby zou het beginpunt moeten zijn van iets moois, maar voor haar was de baby het einde van een lange lijdensweg om zwanger te geraken. Tien mislukte ivf-pogingen, meer dan vijf jaar op een rollercoaster van hoop en diepe ontgoocheling. "Ik had zo lang gesnakt naar een baby. Toen ze er eindelijk was, was ik mentaal en lichamelijk helemaal op."

En toen begon het dus net. Dochter Estelle bleek niet de makkelijkste baby te zijn. Borstvoeding lukte niet, eten ging moeizaam, slapen deed ze niet. "Ik wilde alles heel goed doen, maar niets liep zoals het moest. Mijn baby deed niets anders dan huilen, dag en nacht. Toen pas merkte ik hoe uitgeput ik was.

"In mijn situatie was het onmogelijk om te klagen. Ik had jaren alles op alles gezet om een kind te krijgen. Iedereen verwachtte dat ik de gelukkigste vrouw ter wereld zou zijn.

"Ik wist direct: dit red ik niet. Maar mijn man werkt in shifts, met heel onregelmatige uren, vaak 's nachts. Al zijn vrije tijd ging op aan onze verbouwing, waar ook veel misliep. We zaten beiden al op ons tandvlees.

"Daarvoor maakten we nooit ruzie, sinds de baby werd alles een conflict. Als ik eindelijk Estelle op mijn arm in slaap had doen vallen, en hij tikte met een lepeltje op zijn koffietas, dan werd ik gek." Op den duur nam de obsessie voor slaap alles over.

Langzaam gek

In haar omgeving stootte ze op onbegrip: "Alle baby's huilen. Dat is normaal. Ze is toch een schatje." "Maar ik zat er de hele dag mee thuis en ik werd langzaam gek." Stilaan raakte Hélène ervan overtuigd dat haar dochter onherstelbare hersenbeschadiging opliep door te weinig te slapen. Op de materniteitsafdeling werd naar Hélène met een beschuldigende vinger gewezen. "'U draagt al uw spanningen over op uw kind', zeiden ze. Alsof het mijn eigen fout was dat mijn baby niet sliep." Nog een schepje boven op de berg schuldgevoel.

"Hier binnenkomen is mijn redding geweest", zegt ze. "Wat me het meest heeft geholpen, was de bevestiging. 'Je hebt geen makkelijke baby.' 'Ze vraagt heel veel aandacht.' 'Ze slaapt weinig.' Oef, dacht ik. Mis-schien ligt het toch niet aan mij.' Als nieuwe mama weet je niet wat 'normaal' is. Je hoort en leest alleen verhalen van mama's waarbij alles moeiteloos lijkt te gaan. Hier kreeg ik direct begrip: dit is uitzonderlijk.

"Ik besef ook dat ik niet voorbereid was op het leven met een kind. De focus was al die jaren 'zwanger worden'. Dan negen maanden lang 'zwanger blijven'. Ik had mezelf niet eens durven toestaan om te dromen van een leven met baby. Ik had mezelf er al op voorbereid dat het misschien niet meer zou gebeuren.

"Mijn grootste valkuil is dat ik over alles controle wilde hebben. Ik ben altijd heel ondernemend geweest, een sterke persoonlijkheid die voor elk praktisch probleem een oplossing vindt.

"Maar die baby, daar kreeg ik geen grip op. Ik vind het heel moeilijk om te aanvaarden dat er dingen zijn die je niet kunt sturen, hoe hard je ook probeert. Daar ben ik helemaal op vastgelopen. Ik wilde controle over het oncontroleerbare."

Ze is net vier dagen thuis geweest. "Een generale repetitie", en dat ging goed.

"Vergeleken met de andere mama's heb ik geen zware depressie, geen zwarte gedachten, geen zware paniekaanvallen. Ik heb een huilbaby, maar ik ben nu beter gewapend om er mee om te gaan. De gesprekken met de andere mama's, de sessies met de psychologen en vooral de rust hebben me erdoor gesleept."

Eind deze week gaat ze naar huis. En de ambities zijn meteen torenhoog: over twee weken wil ze weer voltijds aan haar kantoorbaan beginnen.

"Ik vind dat ik naar huis moet, hoe graag ik hier ook ben. De papa heeft het recht om nu volop bij zijn dochter te zijn. Hij moet haar ook leren kennen, en dat gaat niet zolang ik hier ben met Estelle."

Het is misschien het enige punt van kritiek op de moeder-babyeenheid. "Ik leer hier heel veel over hoe ik met haar moet omgaan. Maar ook de papa moet zich kunnen hechten. En het kan niet de bedoeling zijn dat ik hem de les ga spellen hoe het moet."

De papa's zijn hier welkom, elk uur van de dag. Ze worden mee betrokken bij de gesprekken met de psychologe en de maatschappelijk werkster, als dat nodig is. Twee keer per maand is er een vaderuurtje, om ervaringen uit te wisselen. "Maar het cliché blijft overeind dat ze heel wat minder makkelijk over hun gevoelens praten", zegt Docx.

Elke vrouw die ik hier spreek, zegt hetzelfde. Dat hun partner het allerbeste met hen voorheeft, en wil helpen waar hij kan. Maar uiteindelijk blijven ze toch een beetje aan de zijlijn toekijken, naar die nieuwe baby, en die vrouw die ze graag willen begrijpen maar even niet meer herkennen. Lies: "Waren wij ook maar wat meer zo. Niet te veel piekeren, gewoon doen."

Slaapzaal op slot

Ondertussen zit in Zoersel de eerste ochtendsessie er al op. In de turnzaal volgen mama's samen met hun baby een les 'muziek-en-beweging' . Op de tonen van Kapitein Winokio wordt er zachtjes gewiegd, gedanst, geschommeld, gekriebeld.

Verder op het weekschema: babymassage, zwemmen. In de namiddag gaan enkele vrouwen sporten, terwijl er over hun baby'tjes wordt gewaakt.

Hechten en loslaten, het is de evenwichtsoefening die de kern vormt van de moeder-babyeenheid. Er zijn mama's met post-partumdepressie die hun kind afstoten, anderen kunnen hun baby moeilijk lossen. Twee extreme symptomen van eenzelfde ziekte.

Dus worden mama's hier gestimuleerd om - onder begeleiding - hun baby zelf een badje te geven, te knuffelen en samen te spelen, en fruitpapjes te maken. "Het ergste wat je kunt doen, is alles overnemen. De zorg voor de baby moet via de moeder gebeuren", zegt psychologe Marijs Lenaerts.

Maar er is één must: 's nachts moeten de moeders slapen. De baby mag niet bij hen op de kamer.

Een goeie nachtrust is het eerste medicijn tegen depressie en psychose. Maar dat de slaapzaal van de baby's op slot gaat, en enkel de kinderverzorgsters binnen kunnen, heeft ook een andere reden. Het is een taboe dat hier schoorvoetend ter sprake komt. "Als het zeker anoniem is, toch?" zegt Arianne. Ze weet dat ze haar kind nooit iets zou aandoen. Maar waar kwamen die dromen vandaan, waarin ze de gruwelijkste dingen deed? "Ik vertrouwde mezelf niet meer." De enige keren dat de problematiek van postnatale depressie in de media komt, is als een moeder het ondenkbare doet.

Elk verhaal is uniek, de ingrediënten zijn vaak dezelfde: een destructieve spiraal van slaapgebrek, gepieker, angsten, schuldgevoel, donkere gedachten. "Ik kon niet slapen omdat ik angstig was. En ik werd angstig omdat ik niet sliep", zegt Arianne.

Borstvoedingsstress

Alle vrouwen getuigen ook hoe hard ze lijden onder de vele - goedbedoelde - adviezen die vaak verlammend werken. Er is de mama die me vertelt dat haar zoontje enkel in slaap viel als ze hem op zijn buik legde. Op zijn rug schreeuwde hij alles bij elkaar, deed hij geen oog dicht. "Maar buikligging mag niet, zeggen alle foldertjes en Kind en Gezin, vanwege een verhoogd risico op wiegendood." Dus zat ze daar elke nacht, klaarwakker, naast de wieg als een hyperalerte monitor te luisteren naar de ademhaling van haar slapende baby. Als de baby sliep, was zij wakker, als de baby wakker was, was zij wakker. Tot ze er aan ten onder ging.

Sommige mama's hier spreken over "de militante borstvoedingslobby". "Er wordt in de kraamzorg zo sterk op gehamerd dat borstvoeding het beste is voor je baby", zegt Arianne. "Dus blijven heel veel vrouwen het fanatiek proberen, zelf als het niet lukt. Ik voelde me een totale mislukking als moeder. Zelfs dát kon ik niet voor mijn baby. Ik raakte al overstuur als ik een poster zag in de kraamkliniek, met een foto van een mama die de borst gaf."

"Borstvoeding is goed voor de baby als het lukt, en dat willen wij zo goed mogelijk ondersteunen", zegt Greet De Ceulaer. "Maar het allerbelangrijkste is een gelukkige, ontspannen mama. Als dat betekent dat je voor de fles moet kiezen, dan is dat ook oké."

De woorden 'Het is oké' blijken het sterkste medicijn dat ze hier in huis hebben. Voor veel mama's is dat het mantra dat ze zelf waren kwijtgeraakt. Vastgereden in hun eigen torenhoge verwachtingen en perfectionisme."Een roes", zo beschrijft Lies het, "maar dan een hele slechte". Van de periode tussen de bevalling en haar opname herinnert ze zich nauwelijks iets. Een groot zwart gat in het geheugen, het lijkt een constante in de verhalen van de mama's die zichzelf hier langzaamaan hebben bijeengeraapt.

Ze wil heel graag haar verhaal doen samen met Charlotte, ze zijn lotgenoten die hier hechte vriendinnen zijn geworden. Twee prille dertigers, met een job in het onderwijs. Het soort vrouwen dat met die vreselijke term 'straffe madam' wordt omschreven. "We waren altijd te flink en te sterk", zeggen ze zelf. "Niemand in mijn omgeving had ooit kunnen denken dat dit mij zou overkomen."

Beiden hadden ze al twee dochters, en zijn ze net bevallen van een zoon. Ze zien nu zelf wel dat ze in een risicocategorie zaten: geen nee kunnen zeggen, alles te goed willen doen, moeilijk hulp aanvaarden.

Nog nooit waren ze in aanraking gekomen met de psychiatrie. Tot ze er zelf belandden. Door een slechte doorverwijzing, door onbegrip, door overvolle wachtlijsten. "Het was de hel", zeggen ze.

Lies' man zat voor het werk in het buitenland. Na een zoveelste angstaanval liet haar huisarts haar opnemen. Diagnose: psychotische depressie. "Alsof iemand anders me had overgenomen." Lies kwam terecht tussen psychiatrische patiënten van alle leeftijden en alle slag. "Daar zaten mensen die gecolloqueerd waren, 's nachts werd er gehuild en geroepen... Terwijl je je net na een bevalling juist heel veilig en geborgen moet voelen. Ik kreeg medicatie, maar zonder enige uitleg." Alsof je tandpijn hebt, en terechtkomt op een afdeling waar enkel kinesisten werken. "Je zakt daar alleen nog dieper weg. Bij de moeder-babyeenheid was er een wachtlijst van drie weken. Zo lang had ik het daar nooit uitgehouden. Mijn man heeft hen hier elke dag gestalkt tot er een plek was voor mij." "Hoe kun je ooit genezen als je geen juiste behandeling krijgt?", zegt Charlotte. "Wij zijn niet zot, wij zijn ziek", zegt Lies. "Als je kanker hebt, moet je door kankerspecialisten geholpen worden. Zo simpel is het."

Hun verblijf daar op die psychiatrische afdeling heeft bij allebei een diep trauma achtergelaten. Ze moeten er niet aan denken, dat daar vandaag nog vrouwen worden opgenomen, zonder hun baby. Maar het gebeurt nog elke dag.

In heel Vlaanderen zijn er vijftien bedden voor moeders in hun situatie. Terwijl naar schatting 10 à 20 procent van de vrouwen na een bevalling aan een lichte tot zware vorm van post-partumdepressie lijdt.

Hulptroepen

De complexiteit van deze ziekte vergt een heel eigen aanpak. Docx was een pionier, toen ze dertig jaar geleden ijverde voor bijzondere opvang van moeders mét baby. Omdat de oorzaken zo uiteenlopend zijn: er is een niet te onderschatten biologische factor, door de enorme val van vrouwelijke hormonen na de bevalling. Maar daarbij komen ook de psychologische aspecten, de maatschappelijke context, een genetische component.

It takes a village to raise a child, zegt de volkswijsheid. Hier in het Bethaniënhuis wordt een hele stad opgetrokken met hulptroepen die bestaan uit psychiaters, psychologen, kinderverzorgsters, verpleegsters, kinesisten, ergotherapeuten, maatschappelijk werksters. Elke dag komen hier bovendien vrijwilligers meehelpen, om baby's te verzorgen, of gewoon een luisterend oor aan te bieden.

"Wil je alstublieft schrijven dat er meer van dit soort centra moeten komen?", zegt Liesbeth. Het moet er nog eens uit, tijdens het diner. Tussen de hoofdschotel - een vies ziekenhuisprakje - en de gele pudding-met-een-vel op.

Liesbeth woont in Vilvoorde. Twee weken na de bevalling van haar derde kind trok ze zelf al aan de alarmbel. Waarom is er geen moeder-babyeenheid in Vlaams-Brabant die haar kon opvangen? "Ik wist direct dat ik hulp nodig had. Maar mijn man en mijn twee kinderen zo ver achterlaten, dat zag ik helemaal niet zitten. Eventjes op bezoek komen na school en werk is lang niet vanzelfsprekend."

Dus sleepte ze zich verder. Terwijl haar lichaam de vreemdste stoten met haar uithaalde. "Ik was al verzwakt na een loodzware zwangerschap, ik had bloedingen, vapeurs. Ik werd badend in het zweet wakker, in kletsnatte lakens. Dagenlang kreeg ik geen hap door mijn keel, gevolgd door enorme vreetbuien. Allemaal de schuld van extreme hormoonschommelingen, besef ik nu. Maar de donkere gedachten werden alleen maar erger."

Tot ze dromen kreeg die haar nu nog koude rillingen geven. "Ik wilde de baby weg. Terug naar mijn oude leven, gezellig met ons viertjes. Toen wist ik dat ik hulp nodig had." Vijf weken na de bevalling kwam ze hier terecht. Maar als er dichter bij huis hulp was geweest, dan waren zij en haar gezin enkele helse weken bespaard gebleven.

Clowns knippen

Aan een hoekje van de grote eettafel is een frêle vrouw al de hele middag aan het knippen, plakken, tekenen. Ze blijft verbeten voortwerken. "Ik moet focussen op iets", zegt Elisabeth, zonder op te kijken. "Dit is beter dan alleen zijn met mijn gedachten." Voor haar liggen prachtige aquarelschilde-rijen. Ze knipt clowns uit, uiterst secuur. Ja, obsessief gedrag heeft ook zo zijn schoonheid, zegt ze. "Als ik er één millimeter naast zit, begin ik helemaal opnieuw."

Ze weet nu dat de geboorte van haar tweede kind "een druppel" was. Dat ze al eerder problemen had, die ze niet onder ogen wilde zien. Ze komt uit Groot-Brittannië, is getrouwd met een Belg. Een netwerk van familie of vrienden heeft ze hier niet. "Ik blijf hier twee dagen, dacht ik. Even rusten. Maar ik weet nu dat het weken, maanden zullen worden.

"Hier word ik gedwongen om stil te staan bij mijn problemen. Ik durf nu onder ogen te zien hoe traumatiserend mijn eigen jeugd is geweest. Nu ik zelf mama ben, komen de woede en het verdriet boven dat ik al die jaren heb toegedekt. Hoe kan iemand een onschuldig kind slecht behandelen?"

De clowns gaat ze eind deze week uitdelen aan de mama's die naar huis vertrekken. "Als ik was thuisgebleven, dan was ik er nu niet meer. En mijn zoon wellicht ook niet."

Vaak is de geboorte van een kind een trigger voor andere, dieper liggende problemen. "Hier valt de rugzak open", zegt Docx. "Ik val nog elke dag van mijn stoel als ik hoor welke levens sommige van deze vrouwen al achter de rug hebben. En welke bagage ze meeslepen."

Dus wordt hier niet alleen aan de band tussen moeder en baby gewerkt, maar ook puin uit het verleden geruimd. Charlotte: "Ik ga mijn leven anders aanpakken, dat is zeker." "Nu is het keihard", zegt Lies. "Maar als ik hier doorheen raak, zal ik lichter door het leven gaan. Dat voel ik nu al."

En volgend jaar, zeggen Lies en Charlotte, gaan ze samen de 10 Miles lopen. Met zelfgemaakte T-shirts van de moeder-babyeenheid. "Om te vieren dat we uit dit diepe dal zijn geklommen." De twee supervrouwen, moeders van drie kinderen, die net hebben getuigd hoe hun perfectionisme hen de das heeft omgedaan. Ze hebben alweer een doel, een competitie, een deadline. Weer iets wat ze perfect moeten doen.

"Kunnen jullie niet gewoon wat rondjes gaan lopen in het park?", probeer ik. Ze lachen. "Tja. Dat is de aard van het beestje." Oké, misschien moeten het niet direct tien mijlen zijn. "Stap voor stap, in ons eigen tempo. We zien wel hoe ver we raken."

De namen van de moeders en baby's zijn op verzoek van de betrokkenen gewijzigd.

Een op de tien vrouwen

Minstens 10 procent van de vrouwen (sommigen bronnen spreken van 20 procent) krijgt na de bevalling te maken met post- partumdepressie ('postnatale depressie' in de volksmond), in een variatie van mild tot zeer ernstig. In Vlaanderen gaat het per jaar om meer dan 6.500 van de 65.000 bevallen moeders. In zeldzame gevallen krijgt een vrouw waanideeën en verliest ze het contact met de werkelijkheid (post-partumpsychose). Schommelingen in de hormoonhuishouding (vaak in combinatie met lastige psychosociale omstandigheden) maken vrouwen na de bevalling kwetsbaar.

Er zijn in Vlaanderen maar twee centra waar moeders samen met hun baby gerichte zorg kunnen krijgen. De Moeder-Baby-Eenheid in Zoersel werd in 1985 opgericht en is onderdeel van het Psychiatrisch Ziekenhuis Bethaniënhuis, i.s.m. het RIZIV en de Vlaamse overheid. Negen moeders verblijven met hun baby op een kleinschalige zorgeenheid. Daarnaast komen er ook vrouwen met hun baby in dagbehandeling. De Moeder-Baby-Eenheid verstrekt ook ambulante zorg waar nodig
het psychiatrisch ziekenhuis Sint-Camillus in Sint-Denijs-Westrem heeft een (kleiner) Centrum Moeder en Baby, dat residentiële en ambulante zorg biedt.

De Vlaamse meerderheidspartijen dienden vorig jaar een resolutie in waarin werd gepleit voor systematische screening, om post-partumdepressie sneller te detecteren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234