Zaterdag 11/07/2020

Analyse

Waarom de vrees voor een nieuwe technologiecrash weer de kop opsteekt

Snapchat-oprichters Bobby Murphy en Evan Spiegel.Beeld PHOTO_NEWS

Eigenaars en investeerders van technologiebedrijven als Uber, Airbnb en Snapchat denken dat hun bedrijven meerdere miljarden euro waard zijn, ook al zitten ze nog in een vroeg stadium van hun ontwikkeling. Het aantal 'unicorns', startupbedrijven die denken dat ze een miljard dollar of meer waard zijn, is de afgelopen vijf jaar spectaculair gestegen. En het maakt heel wat lui in Silicon Valley bang voor een nieuwe technologiecrash.

Stel dat jonge internet- en technologiebedrijven als Uber, Airbnb, Snapchat, Pinterest en Dropbox zouden worden overgenomen door een grotere partij, of op de beurs zouden gaan: wat zou er dan voor moeten worden betaald? Tien tot vijftig miljard dollar (8,7 tot 43 miljard euro), denken de eigenaars en hun investeerders zelf. En ze zijn niet alleen: het aantal jonge bedrijven die volledig draaien op investeringskapitaal (en dus startups zijn), maar zichzelf toch een valuatie van meer dan een miljard dollar (870 miljoen euro) hebben opgeplakt, is op enkele jaren tijd gevoelig gestegen. In 2009 waren het er nog maar een handvol, ondertussen zijn het er meer dan 120.

In de eerste helft van dit jaar zagen we de valuatie van al die bij elkaar getelde 'unicorns' (eenhoorns), zoals dat soort bedrijven wordt genoemd onder investeerders, al groeien met 143 miljard dollar (125 miljard euro), zei Anand Sanwal, oprichter van het in de technologische industrie gespecialiseerde marktanalysebedrijf CB Insights, onlangs in een nieuwsbrief met nieuwe cijfers die hij quasi-dagelijks uitstuurt naar zijn cliënten. "Daarmee is 2015 niet zo ver meer verwijderd van de 167 miljard dollar (147 miljard euro) die alle unicorns samen aan waarde toevoegden in het volledige jaar 2014, en dit jaar is nog maar half voorbij." En wanneer hij het vergelijkt met 2012 is het al helemaal te gek: "De huidige unicorn club van private bedrijven die een miljard dollar of meer waard zijn, is hun totale valuatie meer dan vier keer zo groot nu als in 2012", opperde Sanwal in dezelfde nieuwsbrief.

Naar een crash

De term 'unicorn' wordt bijzonder vaak op de tong genomen in Silicon Valley, en het wijst volgens velen op het feit dat er zich een nieuwe technologiezeepbel aan het vormen is. Net zoals dat in de late jaren '90 gebeurde met 'dotcom'-bedrijven, die ineens het nog maar verse internet als commercieel wingewest zagen, en waarvan er velen in 2000 en 2001 een zware rekening gepresenteerd kregen. Het probleem was toen dat jonge technologiebedrijven in een ontspoord investeringsklimaat terechtkwamen, waar meer en meer geld van private investeerders in bedrijven met klinkende namen werd gepompt, zonder dat die winst of zelfs maar relevante omzet draaiden: alle geld ging naar het winnen van trouwe bezoekers, die volgens de al te naïeve businessplannen van de oprichters later wel geld zouden uitgeven op de sites.

Het klimaat is niet meer zo gek als toen: bedrijven als Uber, Airbnb en Snapchat draaien miljoenen euro's omzet. Maar het neemt niet weg dat investeerders er geld in pompen om ze zo snel mogelijk te zien groeien, en die groei wordt nog steeds niet meteen ondersteund door de opbrengsten: Uber, bijvoorbeeld, zo nog steeds een jaarverlies van verscheidene honderden miljoenen dollar per jaar hebben, ondanks het feit dat het bedrijf - op basis van het geld dat private investeerders erin pompen - liefst 51 miljard dollar (44,7 miljard euro) denkt waard te zijn.

Op een bepaald moment, zo luiden enkele stemmen in Silicon Valley al, gaat die zeepbel opnieuw knappen. "Er komt, een van deze dagen, een correctie", zei Roger McNamee, medeoprichter van investeringsfonds Elevation Partners (waarin ook U2-zanger Bono een aandeelhouder is), onlangs op de Amerikaanse televisiezender CNBC. En grootinvesteerder Bill Gurley van durfkapitaalfonds Benchmark Capital tweette in de zomer van vorig jaar al: "Argumenteren dat we niet in een zeepbel zitten omdat het niet zo erg is als in 1999, is als zeggen dat er niks mis is met Kim Jong-Un, want hij is niet Hitler."

Beeld ANP

Niet zo snel

Anderzijds wordt er ondertussen al enkele jaren gewacht op een uiteindelijke crash: sinds de beursgang van Facebook in 2012, begon de term 'zeepbel' vaker en vaker op te duiken. Maar er zijn voorlopig nog geen echte voortekenen van een ineenstorting van het systeem te zien. Er is dan ook veel veranderd, zeggen de Silicon Valley-poeners die niét geloven in een zeepbel en een crash, zoals Marc Andreessen van Andreessen Horowitz, een van de grootste durfkapitaalfondsen in de V.S., dat anderhalf miljard dollar (1,3 miljard euro) aan investeringen in verscheidene grote startups heeft lopen.

Ten eerste is er het grotere publiek dat meteen klaarstaat voor nieuwe internetdiensten. Toen de dotcomcrash zich voordeed in de vroege jaren 2000, was het aantal internetgebruikers nog relatief gering ten opzichte van vandaag. Nu heeft het merendeel van de bevolking in tenminste het westerse deel van de wereld toegang tot internet, en heeft ook internet via de smartphone een brede consumentenmarkt bereikt. De bedrijven in kwestie zijn, in hun basis, ook een pak 'gezonder' dan hun tegenhangers uit de late jaren '90: ze brengen geld op. Alleen proberen hun oprichters en investeerders misschien hun groei iets sneller te forceren dan goed voor hen is. Ook de gekte met beursintroducties is niet meer teruggekomen: in 1999 dook er gedurende een tijd letterlijk iedere dag een Amerikaans technologiebedrijf op de beurs (en een jaar later ging er eveneens gemiddeld één per dag overkop). Vandaag is dat slechts één om de zoveel weken.

Een chauffeur gebruikt Uber in Peking.Beeld EPA

Het 'einde' zoek

De miljarden geld die worden gepompt in die 'technologiereuzen van morgen', komen ook niet langer uitsluitend van een clubje vroege Amerikaanse investeerders: sinds de economische opmars in China en Rusland zijn er heel wat nieuwe rijken uit die landen die hun geld, verdiend in andere sectoren als landbouw en industrie, willen laten gedijen in dat blijkbaar steeds maar groeiende Silicon Valley.

Maar de vraag blijft - letterlijk - waar dat zal eindigen: bedrijven die op geld van private investeerders draaien, werken naar een 'exit' toe, het punt waar de investeerders hun kapitaal met een liefst forse winst willen verkopen. Traditioneel komt zo'n exit er in twee mogelijke pistes: een beursgang, wat - zo bewees Facebook bijvoorbeeld met een forse waardedaling bij zijn eigen introductie op de Nasdaq-beurs - altijd een risico inhoudt, of een overname door een grotere partij.

Die laatste piste is voor een aantal unicorns nu al niet meer haalbaar: grote technologiebedrijven kopen kleinere meestal voor een groot stuk over uit hun 'oorlogskas' aan klaarliggende cash. Maar als een bedrijf als Uber nu al denkt 51 miljard dollar waard te zijn, zou het volgens die redenering al niet meer betaalbaar zijn voor bedrijven als Apple (dat het merendeel van zijn inkomsten terug investeert in het eigen bedrijf en een cashreserve van 'slechts' 34 miljard dollar heeft klaarliggen) en Facebook (dat, ondanks het feit dat het pas komt piepen, toch al 14 miljard dollar aan vrijstaande cash heeft). Zelfs bedrijven die notoir veel geld oppotten voor grootschalige overnames, zoals Microsoft (bijna 100 miljard dollar) en Google (67 miljard), zouden zichzelf er pijn voor moeten doen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234