Zaterdag 23/11/2019

Psychologie

Waarom de een altijd te laat komt en de ander te vroeg

te laat te vroeg illustratie Beeld Sven Franzen

De een is standaard drie uur te vroeg op de luchthaven, de ander haalt nog net op tijd de gate. Hoe kan het dat sommige mensen altijd te vroeg zijn en anderen altijd te laat? “Zonder strakke deadline neem ik vijf minuten marge.”

Nanny de Bruin (62) wacht tien minuten. Als ze dan nog niets gehoord heeft van degene met wie ze een afspraak heeft, vertrekt ze. Haar vriendinnen weten inmiddels wel hoe ze in elkaar steekt, en zijn nu meestal op tijd. “Voor anderen is het weleens slikken”, zegt De Bruin, zelfstandig artdirector en stylist. “Ik werk veel met jonge mensen, en bij hen zie ik het steeds vaker: sturen ze een berichtje dat ze tien minuten later zijn. Dan denk ik: hoezo? Ik ben er toch ook?”

Ze heeft het van haar vader, denkt ze. “Die was een man van de klok. Daar ergerde ik me vroeger groen aan: liep hij door het huis te ijsberen met zijn jas aan dat we weg moesten. Mijn moeder had dat helemaal niet – dus als we eindelijk vertrokken, zat zij met haar jas binnenstebuiten in de trein.” 

Vijf kwartier te vroeg

Meestal is ze tien minuten te vroeg, soms een kwartier. Op het irritante af, zegt haar dochter. Toen De Bruin en zij een lunchafspraak hadden in de stad, kwam de dochter met het zweet tussen de schouders aanfietsen. Luid vloekend: ik dacht dat ik nu eindelijk een keer eerder was dan jij! De Bruin, simpel: “Ik kwam van een andere afspraak. Dan kan ik wel zes rondjes om de kerk gaan lopen, maar ik kan ook gewoon gaan zitten.”

Soms is het wel gênant, zegt ze. Laatst moest ze voor een afspraak naar het ziekenhuis. “Ik was ’s ochtends naar de markt geweest, en dacht: ik ga wel meteen door, je weet nooit of de treinen goed aansluiten.” Dat viel nogal mee, dus kwam ze vijf kwartier te vroeg. In de wachtkamer was niets te lezen, alleen een artsenmagazine. Zelfs de receptioniste keek haar wat meewarig aan. “Die zei: mevrouw, u weet toch dat u pas om drie uur een afspraak heeft? Ik probeerde nog heel cool te zeggen: ja hoor dat weet ik, maar dat sloeg natuurlijk nergens op.”

Headhunter Niels van Tent (41) is ook altijd te vroeg. “Ik krijg er bijna fysiek last van als ik te laat dreig te komen. Dat opgejaagde gevoel, vreselijk. Ik kan er bij anderen ook helemaal niet tegen. Ook privé vind ik: afspraak is afspraak. Als ik bij mijn schoonfamilie ben en we zouden om vijf uur beginnen met de sinterklaascadeau­tjes, wordt het rustig kwart voor zes. Daar zeg ik wel wat van, ja, althans – dat gaat dan via mijn vrouw: doe jij er eens wat aan.” 

Van Tent heeft graag de controle, zegt hij. “Dus zijn wij altijd drie uur van tevoren op de luchthaven. Ik drink liever daar koffie dan dat ik me thuis gestrest voel. Bovendien heb je alleen jezelf ermee: als ik een afspraak heb met iemand die maar een uur de tijd heeft, en ik ben tien minuten te laat, dan heb ik nog maar vijftig minuten.”

Laat komen is vooral een probleem van de ander, vindt hij. “In een vorige functie, toen ik leidinggevende was, begon ik altijd gewoon met de vergadering, ook al was nog niet iedereen er. Dat is vooral ongemakkelijk voor de laatkomers.”

Scenarioschrijver Jeanine Cronie (50) is juist altijd te laat. “Als mijn zussen mij op de fiets naar school tegenkwamen, was dat het signaal dat ze harder moesten gaan trappen. Terwijl laat komen echt niet mijn intentie is. Maar op het laatste moment ben ik altijd mijn sleutels kwijt, word ik gebeld, of ik onderschat hoeveel tijd ik nodig heb om ergens te komen.” 

Toen zij en haar man jaren geleden naar Cuba zouden vliegen, moest zij ‘nog even’ iets afmaken. Ze vertrokken dus veel te laat. “We hebben in de trein zelfs een piloot aangeklampt om te vragen tot hoeveel tijd van tevoren we nog mochten inchecken. Op de luchthaven bleek onze vlucht uren vertraagd te zijn. We waren de eersten! Toen heeft er echt een engeltje op mijn schouder gezeten.”

Het allerergste was bij de begrafenis van de vader van een vriendin. “Het was ergens in een gehucht, ik had meer moeten zoeken dan ik dacht. Toen ik aankwam, was de ceremonie al begonnen, de deur was dicht. Ik kon gelukkig nog naar boven, op een vide. Toen mijn vriendin aan het woord kwam, zag ze mij daar zitten. Ik schaamde me kapot.”

Statusverschil

Volgens psycholoog en psychotherapeut Kees van der Meer is er een waaier aan oorzaken voor te vroeg of te laat komen. “Het is altijd interessant te onderzoeken waarom mensen dat doen. Sommige mensen vinden het prettig om een kwartier in mijn wachtkamer te zitten. Worden ze rustig van. Anderen vinden mijn therapie gewoon belangrijk, en willen geen minuut missen. Of ze zijn bang voor mijn oordeel, dan speelt er een autoriteitsgevoeligheid.”

Over mensen die één keer te laat komen, valt niets zinnigs te zeggen. Maar mensen met borderline hebben het vaak, zegt Van der Meer. “Die zijn bang voor contact en reflectie, en denken: hoe later ik kom, hoe korter de sessie duurt.” 

Beeld Sven Franzen

Mensen met ADHD kunnen vaak hun tijd slecht organiseren, en zijn dus ook regelmatig te laat. Los van zijn eigen patiënten zijn er veel mensen die wachten extreem vervelend vinden. Die als ze vijf minuten ‘over’ hebben nog even wat gaan doen – en dan dus tien minuten te laat zijn. 

Wachten, zegt Van der Meer, kan heel confronterend zijn. “Het laat een statusverschil zien.” Hij moet zelf altijd wachten bij de tandarts of in het ziekenhuis. Op een gegeven moment is hij gaan vragen waarom dat was. Welja, zei de vrouw achter de balie, er kan altijd een spoedgeval tussendoor komen. “Maar dat is onzin”, zegt Van der Meer. “Dan zou het random moeten zijn, en zouden artsen ook weleens op patiënten moeten zitten wachten.” Nee hoor, zegt hij, in ziekenhuizen geldt: onze tijd is belangrijker dan de uwe.

Hele volksstammen

Wachten, zegt hij, vinden mensen moeilijk omdat het oningevulde tijd is. “De rij in de supermarkt is berucht. Je hebt niets te doen, je bent je heel erg bewust van jezelf, staat gefixeerd op je plek. En tegelijk zijn er heel veel prikkels.” Wat zijn patiënten betreft: als hij mensen met angstklachten vraagt: wanneer was je eerste paniekaanval, dan is dat heel vaak in de rij in de supermarkt.

Er zijn natuurlijk hele volksstammen die gewoon altijd op tijd zijn. Maar bestaat er zoiets als iemand die altijd te vroeg of juist altijd te laat is? Van der Meer denkt van niet. Gedrag kan verschuiven – en als hij dat op zijn eigen praktijk betrekt, heeft dat vaak een betekenis.

Soms zijn mensen heel therapietrouw, zoals dat heet, punctueel, en komen ze na een paar maanden opeens te laat. Dat bespreekt hij. “Soms voelen ze zich opeens meer op hun gemak, of hebben ze de therapie minder nodig.”

Of mensen zijn altijd op tijd op hun werk, maar altijd te laat voor privé-afspraken. Dat zegt iets over prioriteiten. Hij merkt vaak genoeg dat mensen het maar gezeur vinden als hij moeilijk doet over vijf minuten. “Zij hebben in feite een andere afspraak, met zichzelf. Die vinden pas dat ze over de schreef gaan als ze meer dan tien minuten te laat zijn. Pas dan zullen ze zich ervoor verontschuldigen.”

Tropisch tempo

Loeki Tervoert (28, assistent inkoop bij een bouwfirma) is zo iemand. “Geef me een vinger en ik neem de hele hand!”, roept ze. “Als je mij geen strakke deadline geeft, neem ik een marge van vijf minuten. Behalve als ik weet dat iemand het heel vervelend vindt als ik te laat ben. En op mijn werk ben ik ook op tijd.” Vrienden zeggen er nooit wat van – die weten het. 

Ook Jeanine Cronie wordt meestal gespaard. “De vriendin van die begrafenis bleek het juist fijn te vinden dat ik in mijn eentje boven zat. Had ze iemand om haar blik op te richten. En op school zei mijn leraar – ik ben half Surinaams – dat ik gewoon een meisje was met een tropisch tempo. Dat vond ik niet racistisch, ik was allang blij dat mijn te laat komen werd gedoogd.”

Met charme, kortom, kom je een eind. En mensen die te vroeg zijn, kunnen ook irritant zijn. Tervoert: “Wat ik echt vervelend vind: als we bij mij thuis hebben afgesproken en mensen dan te vroeg komen. Dan ben ik nog niet klaar! Als dat gebeurt, moeten we echt wat uitpraten. Mensen die altijd te vroeg komen en mensen die altijd te laat komen, dat gaat niet samen.”

Tips

Voor de late types
- Zet je afspraak tien minuten eerder in je agenda. Al doe je dat welbewust, je trapt er toch in.
- Zoek, voor je ergens heen gaat, op via Google Maps hoe lang je erover doet om er te komen. Trek er dan geen paar minuten vanaf (omdat je vast sneller fietst dan de gemiddelde medemens), maar tel er een paar bij op, zodat je ook een kleine tegenslag kunt hebben.
- Doe, als je tijd over hebt, eerst wat belangrijk is om de deur uit te kunnen (tas pakken, make-up op, sleutels zoeken). Alleen dan kun je weggaan wanneer het tijd is.

Voor de vroege vogels
- Wees duidelijk dat jij altijd vroeg bent. Dat vergroot de kans dat de ander op tijd is.
- Neem altijd iets te lezen mee, of een mobiele oplader voor je telefoon, zodat je wat te doen hebt als je toch zit te wachten.
- Ben je te vroeg voor een afspraak bij iemand thuis, laat dat dan van tevoren weten zodat de ander kan aangeven of je al welkom bent.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234