Zaterdag 10/12/2022

Achtergrond

Waar is een stoelgangtransplantatie goed voor? Experten geven advies: ‘Probeer het zeker niet zélf te doen’

null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

Er zijn steeds meer aanwijzingen dat tal van aandoeningen beïnvloed worden door de samenstelling van onze darmflora. Stoelgangtransplantatie – waarbij uitwerpselen van een gezonde donor naar de darmen van een zieke ontvanger worden getransplanteerd – lijkt daardoor niet langer van de pot gerukt als behandelmethode voor allerlei kwalen. Professor maag- en darmziekten Danny De Looze en biomedisch onderzoeker Hannelore Hamerlinck leggen uit hoe het werkt. Wat mag je verwachten van de behandeling en wat mag je zeker niet doen?

Nathalie Tops

Zoals ‘feces’ een mooier woord voor ‘kak’ is, is ‘fecal microbiota transplantation’ (FMT) een chiquer klinkend synoniem voor het overbrengen van darmbacteriën van een gezonde donor naar een zieke ontvanger – ook wel stoelgangtransplantatie genoemd. België leerde de procedure voor het eerst kennen in 2012. In dat jaar kreeg maag-darmspecialist prof. dr. Danny De Looze een man over de vloer die al maanden met hardnekkige diarree kampte. De oorzaak was een infectie met de bacterie Clostridium difficile die zich maar niet liet verjagen door de conventionele behandelmethodes. Dat zette de dokter ertoe aan om iets te proberen waarover hij in buitenlandse studies gelezen had: fecale transplantatie. De dochter van de man was bereid om een staal af te staan, dat in het labo bewerkt werd en via een flexibele sonde ingespoten werd bij de patiënt. Met dit laatste redmiddel werd een spectaculair resultaat geboekt: na amper één dag was de patiënt al genezen.

Holy shit

‘Holy shit: uitwerpselen redden mensenlevens’, kopten de kranten. Het goedje dat (bijna) dagelijks in onze toiletpot belandt, kreeg meteen een enorme imagoboost: het afvalproduct werd plots gezien als een remedie voor allerlei medische aandoeningen. Maar wat blijft er vandaag nog over van die claims? “Als het over de behandeling van een infectie met Clostridium difficile gaat, durf ik het woord ‘mirakel’ in de mond te nemen. In negentig procent van de gevallen geneest de patiënt na één stoelgangtransplantatie. Dat is toch opzienbarend”, zegt prof. De Looze.

“De C. diff-bacterie komt vaak voor in de darmen en wordt meestal onder controle gehouden door andere, goede bacteriën. Maar antibiotica kunnen de bacteriehuishouding in de war schoppen, en daar maakt C. diff soms handig gebruik van. Door een legertje goede darmbacteriën te transplanteren is je lichaam opnieuw klaar voor de strijd. Hier is de werking van zo’n fecale transplantatie logisch: het is één bacterie, één kiem, één duidelijk target.”

Experimentele fase

Bij andere aandoeningen is de situatie toch net wat complexer, waarschuwt de dokter. “Er is veel aandacht voor het darmmicrobioom, het geheel van micro-organismen in ons maag-darmstelsel. Dat microbioom is vaak anders bij mensen die aan bepaalde aandoeningen lijden dan bij gezonde mensen. Tal van studies gaan daarom na of een stoelgangtransplantatie voor die kwalen een oplossing kan zijn. Met wisselende resultaten.”

“Zo tonen onderzoeken, waaronder een studie van mijn eigen team, aan dat een transplantatie een gunstig effect kan hebben op het prikkelbaredarmsyndroom, een chronische darmaandoening die buikklachten en problemen met de ontlasting veroorzaakt. Maar in andere studies is er dan weer géén beter resultaat. Ook voor colitis ulcerosa (een chronische ontstekingsziekte van de dikke darm, red.) zijn de bevindingen tegenstrijdig. We zoeken nog uit hoe we die verschillende resultaten kunnen verklaren en wat dat betekent voor de ontwikkeling van toekomstige behandelmethodes.”

Doe-het-zelf is géén goed idee

Dokter De Looze vindt het dus nog te vroeg om stoelgangtransplantatie als ideaal behandelmiddel te zien, maar niet iedereen lijkt het daarmee eens. Zo geven ‘gespecialiseerde’ websites als The Power of Poop doe-het-zelftips, terwijl privéklinieken tegen woekerprijzen de fecal microbiota transplant aanbieden. “Hou je centen bij en waag je al zéker niet aan dat DIY-gedoe”, waarschuwt biomedisch onderzoeker Hannelore Hamerlinck. Zij stond mee aan de wieg van de Gentse Stoelgangbank (GSB), die gezonde stoelgang verzamelt en verwerkt voor fecale transplantaties.

“Zo’n ongecontroleerde transplantatie kan je juist nog zieker maken. Hier in het ziekenhuis worden donoren onderworpen aan een uitgebreide medische vragenlijst en uitvoerig getest op allerlei virussen, bacteriën en parasieten die in het bloed en de stoelgang kunnen voorkomen. Slechts tien procent haalt de selectie. Thuis heb je al die testmethodes niet, waardoor je het risico loopt om besmet te raken met een ongewenste gast die de onwetende donor doorgeeft. Om nog maar te zwijgen van het feit dat huis-tuin-en-keukenmateriaal allerminst geschikt is om het materiaal te verwerken en zo’n transplantatie uit te voeren.”

Prof. De Looze deelt die mening. “De vaakst aangeraden DIY-methode is een lavement, want het opdrinken is zelfs voor fanatiekelingen een brug te ver. Maar dat advies is niet zonder gevaar: je kan door de darmwand prikken zonder dat je het beseft.”

Kakcapsules

“Ik krijg regelmatig mails van wanhopige chronische darmpatiënten die hopen dat een stoelgangtransplantatie hen eindelijk zal verlossen van hun kwalen”, zegt Hannelore Hamerlinck. “Helaas moet ik hen telkens teleurstellen: voorlopig mag FMT in ons land alleen gebruikt worden om een C. diff-infectie te behandelen.”

Prof. De Looze: “En ook daar wordt er altijd eerst ­behandeld met antibiotica. Pas na een tweede herval kan een fecale transplantatie ingezet worden. Niet omdat we twijfelen of een FMT werkt, maar omdat we niet weten wat we juist toedienen. Anders dan bij een medicijn is de exacte samenstelling van zo’n stoelgangstaal niet gekend. We weten dus nog niet wélke bacteriën we precies transplanteren. Dat doet de medische wereld aarzelen.”

Dat is niet de enige reden waarom de FMT zijn status van allround wondermiddel nooit zal kunnen verzilveren, weet prof. De Looze. “De methode zelf is te ambachtelijk om een vaste medische waarde te worden: het vergt te veel mensen, materiaal en middelen, en is dus niet op grote schaal toepasbaar. Dan is een pilletje nemen toch makkelijker... en daar gaan we wel naartoe. Nu al neemt de zoektocht naar superdonoren – met de meest gunstige darmflora – de overhand. Zodra de wetenschap erin geslaagd is om de ideale cocktail van darmbacteriën te identificeren, is de ontwikkeling van een superprobioticum de volgende stap. Anders dan de probiotica die op de markt zijn, zal die superpil niet één of twee gunstige bacteriën bevatten, maar wel dertig tot veertig.”

Helaas zal de ‘kakcapsule’ nog wel even op zich laten wachten. “Ik hoop dat ik de ontwikkeling ervan nog zal meemaken, maar dan zal het toch vanuit het woonzorgcentrum zijn. En dat is nog veraf.”

Weinig geschikte donors

Sowieso zijn er maar weinig mensen geschikt als donor, geeft Hannelore Hamerlinck nog mee. “Dat komt omdat kandidaten uitgebreid bevraagd en getest worden. Om zo veilig mogelijk te werken, hanteren we erg strenge selectiecriteria: wie de afgelopen maanden antibiotica genomen heeft, een tattoo of piercing heeft laten zetten of een reis gemaakt heeft naar een land waar reizigersdiarree voorkomt, zal de selectie niet halen wegens een te groot risico op ongewilde virus- of bacterietransfers. Ook wie niet in de buurt van Gent (waar de stalen verzameld worden, red.) woont of werkt, valt sowieso af. Je donatie moet binnen het uur in de bank zijn. In je ­darmen wonen namelijk veel anaerobe ­bacteriën, die geen zuurstof verdragen. Zodra je stoelgang je lichaam ­verlaat, beginnen ze af te sterven, waardoor de bacteriesamenstelling verandert.”

Een regelmatige, normale stoelgang hebben is een must. Een speciaal dieet volgen niet. Maar: hoe gezonder je eet, hoe diverser je microbioom. “En over het algemeen zeggen we: hoe diverser, hoe beter.”

Uitwerpselen van baby’s en kamelenkak als medicijn

“Stoelgangtransplantatie is helemaal niet zo nieuw”, vertelt De Looze. “Al eeuwen geleden was stoelgang een veelgebruikt medicijn in China. De eerste vermelding ervan vond men in Chinese medische literatuur uit de vierde eeuw, met het advies om ontlasting te gebruiken om voedselvergiftiging en ernstige diarree te behandelen. Zo’n 1.200 jaar later introduceerde een beroemde arts uit die tijd de ‘gele soep’ als ­medicijn tegen pijn, koorts en darmklachten. Van de uitwerpselen van baby’s werd een vloeibaar goedje ­gemaakt zodat de patiënt het kon opdrinken.”

“En er zijn ook recentere voorbeelden te vinden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog aten de bedoeïenen die het Duitse leger moesten helpen bij hun doortocht door de woestijn kamelenkak tegen dysenterie, een ernstige vorm van buikloop. De eerste echte medicinale, goed beschreven stoelgangtransplantatie dateert uit 1958 en werd uitgevoerd door een Amerikaanse chirurg, bij patiënten die maar niet verlost raakten van hun hardnekkige diarree. Hij haalde de mosterd waarschijnlijk bij de oude Chinezen.”

Belangrijk detail: die ene Amerikaanse arts merkte duidelijk dat stoelgang een genezende kracht had, maar waarom precies, daar had hij het raden naar. “Pas veel later werd de boosdoener ontdekt: de C. diff-bacterie.”

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234