Zondag 16/06/2019

Technologie

Volwassen worden doet pijn, ook voor Wikipedia

Beeld ANP XTRA

De internetencyclopedie Wikipedia blaast vandaag achttien kaarsjes uit. Die overgang naar het volwassen leven komt echter met een pijnlijke vaststelling: het aantal mensen dat bijdraagt aan de site slinkt stelselmatig. “Als alle onderwerpen beschreven zijn, blijft er niet veel meer over om mee aan de slag te gaan.”

Dag op dag achttien jaar geleden typte Jimmy Wales de boodschap “Hello World” op de website die hij net met enkele vrienden had opgericht. Het zouden de eerste gepubliceerde woorden ooit zijn op wat we nu kennen als Wikipedia. De boodschap is een soort van slagzin onder programmeurs om nieuwe programma’s te testen.

Achttien jaar later is de naam Wikipedia een begrip en cultureel fenomeen. De cijfers – zoals het een openbare encyclopedie betaamt, allemaal online terug te vinden – doen dan ook duizelen. De Engelstalige variant, nog altijd de grootste poot van de website, telt maar liefst 5,78 miljoen artikels. De site telt ruim 35 miljoen geregistreerde gebruikers, 122.829 onder hen zijn actieve leden. Dat wil zeggen dat ze de laatste maand minstens één keer iets aanpasten. Bij regel gebeurt dat nog altijd vrijwillig en gratis.

“Het belang van Wikipedia is moeilijk te overschatten”, zegt Rogier Delange, economiefilosoof verbonden aan de UGent. “Wikipedia heeft de bakens echt wel verzet. Kijk, de vraag die je je moet stellen is: ‘Hoe organiseer je mensen?’ Klassiek zijn daar twee antwoorden op: via de staat of via de markt. Met de komst van het internet bestond de hoop dat een derde weg, ook wel peer-to-peer genoemd, zijn ingang zou vinden. Ongeveer tien jaar geleden voedde het succes van Wikipedia die hoop.”

Limieten

Ondanks dat immense enthousiasme kampt de site sinds enkele jaren met een probleem: het aantal actieve vrijwilligers, ook wel ‘wikipedianen’ genoemd, kent een stevige terugval. Dat lag rond 2011 nog rond de 270.000, ruim dubbel zoveel als nu dus. Ook voor de Nederlandstalige Wikipedia is die tendens merkbaar, zij het iets minder sterk. Geert Van Pamel, voorzitter van Wikimedia België, de Belgische vereniging van wikipedianen, schat dat het aantal actieve leden op de Nederlandstalige pagina’s altijd tussen de 1.200 en 1.500 heeft gelegen.

De reden voor de algemene terugval is bedrieglijk simpel: de encyclopedie is steeds vollediger. “Op een bepaald ogenblik heb je binnen een taalgebied wel ongeveer alles beschreven wat te beschrijven valt”, zegt Van Pamel. “Dan is het logisch dat het aantal editors naar beneden gaat.”

Ook tv- en theatermaker Lieven Scheire, fan van het eerste uur, ziet dat zo. “Vroeger had ik thuis lange lijsten van onderwerpen waar ik graag nog over wilde schrijven”, zegt hij. “Op elk vrij moment kon ik dan aan een stuk beginnen. Nu niet meer.” Al stipt Scheire nog een andere reden aan: “De sfeer onder de medewerkers is toch een paar keer veranderd”, meent hij. Enkele jaren geleden voerde de site een ‘broodnodige’ professionalisering door. “Voortaan kon je niets meer schrijven zonder bronvermelding”, legt Scheire uit. “Dat heeft de instapdrempel toch danig verhoogd.”

Smartphone

En toch is er nog een andere reden waarom Wikipedia op zijn limieten botst: uw smartphone. De kans dat u de Wikipedia-app op uw smartphone hebt, is klein. De kans dat Facebook, Uber en consoorten daar wel op staan, is dan weer groot. Die bedrijven zijn tegenwoordig de bakens van het internet. “En door de smartphone hebben ze de peer-to-peertoepassingen losgetrokken van de computer op uw bureau naar de reële wereld”, zegt Delange. “En dus ook naar de reële economie.”

Hij gebruikt het voorbeeld van Amazon. “Dat bedrijf gebruikt de peer-to-peerlogica voor verschillende toepassingen, denk maar aan de recensies die gebruikers nalaten”, zegt hij. “Al die toepassingen maken dat ze veel meer voelsprieten hebben die veranderingen aanvoelen. Daardoor kunnen ze inspelen op het ecosysteem dat elke online gemeenschap toch is. Ze blijven daardoor veel wendbaarder. En dus meer performant.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden