Dinsdag 21/05/2019

Menstruatie

"Sorry gasten, ik heb mijn regels": hoe vaker we het zeggen, hoe minder we er ons voor moeten excuseren

We moeten meer en eerlijker praten over onze maandstonden om het taboe de wereld uit te krijgen. Of bevestigen we juist het stereotype rond het ‘zwakkere geslacht’ als we toegeven dat we ons een aantal dagen per maand, nou ja, best wel kut voelen?

Beeld Elise Vandeplancke

Op mijn zestiende ontdekte ik bij mijn toenmalig liefje een zelfgemaakte pornotape. Een videocassette met fragmenten, opgenomen van televisie, die voor opwinding in zijn puberbroek zorgden. Het bandje bevatte enkele innige muil­sessies van Home and Away-personages, heel wat scènes uit Girl Interrupted, wat hitsige videoclips en... een close-up van een vrouw die in een strakke short met haar kont van het zadel gelift een berg op fietst.
“Je weet toch dat dit een reclame voor Tampax is, hè?”
“Maakt niet uit, ik vind het geil.”

Vrouwen in maandverband- en tampon­reclames zijn uit een bijzonder hout gesneden. Om de een of andere reden bloeden ze helderblauw, kunnen ze niet wachten om in een kort wit rokje spagaat te staan op het tennisveld en hebben ze allemaal een uitzinnige glimlach om de mond. Niet van de pijnstillers of van ernstig bloedverlies, maar omdat hun nieuwe maandverband met vleugeltjes hen vederlicht maakt. Je weet wel, exact hoe je je voelt wanneer je baar­moeder­slijmvlies zich met alle geweld losmaakt van de baarmoederwand om zich via je vagina naar buiten te storten.

Volgens de Amerikaanse historica Lara Freidenfelds zijn deze Always-meisjes een rechtstreeks gevolg van de manier waarop we in de twintigste eeuw menstruatie zijn gaan benaderen. In haar boek The Modern Period (2009) beschrijft ze hoe, bij het betreden van de werkvloer, vrouwen koste wat het kost discreet en capabel wilden overkomen. “Ze waren vaak de eersten van hun familie om te mogen gaan werken en wilden dat niets dit verkregen recht in de weg kon staan.”

The Modern Period is gestoeld op het idee dat ons lichaam, met name ons vrouwelijke lichaam, de productiviteit niet verhindert, aldus Freidenfelds. “Over pijn, geurtjes en eventuele andere fysieke ongemakken werd niet gerept.”

Tante Rosa

Ook vandaag is dat doorgaans nog de manier waarop we maandstonden benaderen, weet Heleen Debruyne, die samen met Anaïs Van Ertvelde onder de banner ‘Vuile lakens’ spreekt en schrijft over het vrouwelijk lichaam en seks. “Wanneer ik lezingen geef, merk ik nog altijd dat er over maandstonden het meeste schroom bestaat. We willen er écht niet over praten.”

Het is ons maandelijks cadeautje, schat, een last die we lijdzaam, maar vooral zwijgzaam, leren dragen. Zelfs onder vriendinnen doen we er mysterieus over. Volgens onderzoek van de gezondheids­app Clue en de International Women’s Health Coalition bij 90.000 vrouwen uit 190 landen blijkt dat vrouwen maar liefst 5.000 verschillende codewoorden hebben om over hun menstruatie te spreken. Wanneer ‘tante Rosa’ in het land is, moffelen we snel een tampon in onze mouw of zeulen we onze hele handtas naar het toilet om toch maar niet kenbaar te moeten maken dat het ‘die tijd van de maand’ is.

We houden de lippen op elkaar, dat wordt immers van ons verwacht. Letterlijk soms. Twee jaar geleden nog ontwikkelde een Amerikaans 
chiropractor (een man) een soort van vagina­lijm om onze onderste set lippen tegen elkaar te lijmen “en zo het bloed binnen te houden”. Want dat is inderdaad exact hoe menstruatie werkt.

Voor een probleem dat zo’n 30 procent van de totale wereldbevolking maandelijks treft, is het opvallend hoe weinig erover geschreven en gepraat wordt. Nochtans heeft het gebrek aan informatie over menstruatie grote economische en sociale gevolgen, vooral dan in culturen waar maandelijkse bloedingen nog steeds als onrein worden gezien en vrouwen zich moeten afzonderen, of waar er zo weinig toegang is tot sanitair of maandverband en tampons dat vrouwen ziek worden of soms zelfs sterven. Volgens een onderzoek van Unesco mist een op de tien meisjes in Afrika minstens één schooldag per maand door hun maandstonden, en stapt in India bijna 25 procent van de meisjes uit het onderwijs zodra ze in hun puberteit komen, omdat er geen toiletten zijn op school.

Om dat stigma de wereld uit te helpen is er de laatste jaren bijzonder veel ondernomen om het taboe te doorbreken. 28 mei werd uitgeroepen tot Menstrual Health Day, bij tienerkledingwinkel Monki wordt ondergoed verkocht met de boodschap ‘periods are cool’, er wordt gelobbyd voor ‘maandstonden­emoji’ om het praten over onze regels te vergemakkelijken en de Britse Kiran Gandhi liep in 2015 over de finish van de London Marathon met bloed dat over haar benen liep. In 2017 werd in België de tampontaks afgeschaft en was Bodyform de eerste maandverband­fabrikant die bloed (of toch tenminste rode vloeistof) gebruikte in een advertentie. De hashtag #stop­period­shaming is een belangrijk wapen in de nieuwe feministische revolte geworden.

Mantel der liefde

Chris Bobel, professor gender­studies aan de Universiteit van Massachusetts, stelt in haar boek New Blood:Third-Wave Feminism and the Politics of Menstruation dat het échte taboe van menstruatie in onze hedendaagse westerse maatschappij minder samenhangt met het idee dat (menstruatie)bloed vuil zou zijn, maar met het vooroordeel dat het ons ondergeschikt maakt, minder capabel. Het is om die reden dat de regel­revolutie stroef verloopt, omdat ook vrouwen hun ongemak liever met de mantel der liefde en extra dik maandverband bedekken.

“Maandstonden worden al decennialang als excuus gebruikt om meisjes van school weg te houden en vrouwen te verhinderen om carrière te maken”, gebiedt ook historica Sharra L. Vostral voorzichtigheid in
Time Magazine. “Het feit dat vrouwen zich een aantal dagen per maand ‘onwel’ voelen, werd handig ingezet, zogezegd voor hun bestwil, maar het zorgde er wel voor dat vrouwen geweerd werden uit belangrijke posities en op sommige dagen niet naar school mochten”, aldus de auteur van Under Wraps: A History of Menstrual Hygiene Technology.

In 1970 gebruikte dokter Edgar Berman zijn medisch diploma om in het Amerikaanse parlement te claimen dat vrouwen onmogelijk president zouden kunnen zijn omwille van hun “raging hormonal imbalances”. “Stel je eens een vrouwelijke president voor die, onder invloed van al deze hormonen, een beslissing moet nemen over de Varkensbaai-invasie?”, aldus Berman. De veronderstelling dat vrouwen onstabiel zijn omdat ze maandelijks een deel van hun baarmoederwand afscheiden, bestaat al sinds de Griekse oudheid, toen Hippocrates beschreef hoe de baarmoeder ‘rondwaarde in de onderbuik van de vrouw’ en dit haar ‘gek en depressief’ maakte. In 1840 schreef een Franse arts dat ‘de intellectuele capaciteiten van een menstruerende vrouw verdwijnen’ en dat ze onderhevig is aan ‘hevige karakterstoornissen en emotionele uitspattingen’.

Dit stereotype is bijzonder hardnekkig. Tijdens de meest recente Amerikaanse presidentsverkiezingen verweet Donald Trump journaliste Megyn Kelly dat ze “blood coming out of her whatever” had omdat ze hem tijdens een debat behoorlijk op de rooster had gelegd. De competentie van kandidate Hillary Clinton werd dan weer in vraag gesteld omdat ze “wanneer ze haar maand­stonden heeft, toch onmogelijk haar emoties buiten belangrijke beslissingen kan houden?” Los van het feit dat het onwaarschijnlijk is dat Hillary Clinton op zeventigjarige leeftijd nog ongesteld wordt, heeft een studie uit 2017 aangetoond dat een fenomeen als ‘menstruatie­brein’ onzin is, iets wat iedereen die menstrueert en een brein heeft eigenlijk al lang weet. De intellectuele capaciteiten van een vrouw worden tijdens geen enkel moment van de cyclus beïnvloed.

Menstruatiegebonden voordelen

Dat wil echter niet zeggen dat we tijdens onze menstruatie geen fysieke ongemakken ervaren die mogelijk hinderlijk kunnen zijn. Van krampen in de onderrug en duizeligheid tot het gevoel alsof een epileptische toverkol met een roestige ijslepel je buikinhoud naar buiten trekt: je maandstonden kunnen soms lelijk huishouden. Alleen: we zullen daar op het werk zelden tot nooit iets over zeggen.

“Vrouwen worden in een professionele omgeving nog steeds in het mannelijk keurslijf gedwongen”, zegt professor Mark Nelissen, auteur van het boek
De bril van Darwin. “Hormonen, emoties of eventuele kwaaltjes hebben daarin geen plaats.”


De gedrags­bioloog zegt dat het te maken heeft met ons doorgedreven streven naar gelijkheid. “En dat terwijl er wel degelijk grote verschillen zijn tussen mannen en vrouwen. Toegeven dat je hinder ondervindt van iets dat haast inherent is aan het vrouw zijn, hoeft niet te betekenen dat je daardoor zwakker bent, maar in een patriarchale bedrijfsstructuur komt het daar soms wel op neer.”

In de sport ligt het soms al anders. De speelsters van het Britse meisjes­hockey­team delen bijvoorbeeld hun menstruatiecyclus met hun coach – die daar vervolgens rekening mee houdt voor hun trainingen en op bepaalde dagen met minder zware gewichten zal werken. “Dat is een goede illustratie”, zegt Nelissen. “Die coach bekijkt zijn spelers niet als ‘minder’, maar als individuen. Hij is uit op het best mogelijke resultaat en gebruikt daarvoor alle informatie voorhanden.”

Begin dit jaar diende de Indiase politicus Ninong Ering de ‘Menstruation Benefit Bill’ in, een wetsvoorstel dat vrouwen recht moet geven op twee dagen betaald menstruatieverlof per maand. Ook in het Italiaanse parlement werd over deze kwestie gedebatteerd, en in Japan en Zuid-Korea is menstrueel verlof al jaren een ding. Sportswear­gigant Nike heeft sinds 2007 de regeling dat vrouwelijke werknemers betaald ziekte­verlof mogen opnemen bij pijnlijke maandstonden, en vorig jaar installeerde het Britse bedrijf TheCoexist een gelijkaardig initiatief.

Die maatregelen worden niet door iedereen met even open armen onthaald, verrassend genoeg vooral niet door vrouwen die vrezen dat ze hen meer kwaad dan goed zullen doen. Als vrouwen extra dagen betaald verlof kunnen opnemen wanneer ze ongesteld zijn, kan dat ervoor zorgen dat bedrijven nog minder geneigd zijn om vrouwen aan te nemen, omdat ze een hoge kost inhouden, klinkt het bij critici. Het is koren op de molen van mensen als omstreden bioloog Midas Dekkers, die vijf jaar geleden de loonkloof nog vergoelijkte “omdat vrouwen een week per maand minder presteren”.

“Bovendien wordt de menstruele cyclus zo belangrijke informatie tijdens een sollicitatie, omdat je het verlies van personeel over de maand wil kunnen spreiden – aangezien je niet al je vrouwelijke werkkrachten op hetzelfde moment thuis wil zien zitten”, schrijft journaliste Lorraine Courtney voor The Journal.

“Het is jammer genoeg in deze maatschappij een gegronde angst”, zegt Bieke Purnelle, directeur van het kenniscentrum voor gender en feminisme RoSa. “Waarom zouden we werkgevers meer munitie geven voor discriminatie, terwijl we als vrouwelijke werknemer al hordes genoeg moeten nemen?”

Met de neus op de feiten

“We zouden menstruatie moeten zien als een lichamelijk ongemak, niet per se als een ‘vrouwelijk probleem’, vindt antropologe en journaliste Cathérine Ongenae. “Net zoals bij hoofdpijn is er ook bij maandstonden een enorme diversiteit in belevenis. Sommige vrouwen ondervinden weinig last van hun maandstonden, anderen worden maandelijks geveld door helse pijnen. Meer begrip is een streefdoel, maar die medaille heeft jammer genoeg een keerzijde. Door maatregelen specifiek toe te spitsen als ‘menstruatie­gebonden’ ga je bestaande stereotyperingen in de hand werken.”

Purnelle bevestigt. “Om het nu specifiek over de werkvloer te hebben vind ik dat het debat in het algemeen veel meer opengetrokken moet worden naar wat werkbaar werk is. En daarbij hoort ook het recht op af en toe minder presteren, om welke reden dan ook. Dat is niet gegenderd – mannen hebben ook mindere dagen.”

“Meer begrip eisen voor de belemmeringen van menstruatie is inderdaad een mes dat aan twee kanten snijdt”, zegt ook dokter Karen Houppert, auteur van
The Curse: Confronting the Last Unmentionable Taboo, Menstruation, aan BBC. “Wil dat dan immers zeggen dat sommige vrouwen een week per maand minder capabel zijn dan anderen?” Anderzijds merkt ze wel op dat het goed is dat het onderwerp openlijk aangekaart wordt. “Anders voelt het alsof een deel van je dagelijkse realiteit verzwegen moet worden, niet bestaat voor de buitenwereld. Hierover kunnen praten is op zich een positieve zaak die helpt bij het aanvaarden.”

“Ik druk mensen ook graag met de neus op de feiten – figuurlijk dan”, lacht Debruyne. “Ik ben er nog steeds van overtuigd dat hoe meer je een fenomeen zichtbaar maakt, hoe meer je het normaliseert. Door toe te geven dat mijn regels mij parten spelen, geef ik niet toe dat ik zwakker ben, ik geef toe dat we een ander voortplantings­orgaan hebben. En daar is toch niets mis mee? Elk individu heeft zijn of haar kwaaltjes, dit is soms het mijne. Hoe vaker we ‘sorry gasten, ik heb mijn regels’ zeggen, hoe minder we er ons op den duur voor moeten verontschuldigen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.