Maandag 21/10/2019

Interview

Rechtspsycholoog André De Zutter: “De meeste verkrachtingen verlopen niét gewelddadig, integendeel”

Christine Blasey Ford en Brett Kavanaugh. De studie van De Zutter kwam ook aan bod in de zaak-Kavanaugh.

“De meeste verkrachters zijn helemaal niet de meedogenloze bruten die je in films en in de media ziet. Ze zoenen en strelen hun slachtoffers, geven hun complimentjes en excuseren zich vaak achteraf.” Rechtspsycholoog André De Zutter ontwikkelde een methode voor de politie om valse aangiften van verkrachtingen te onderscheiden van echte. “Opvallend veel daders vragen om orale seks. Je zou denken: waarom bijt het slachtoffer dan niet?”

André De Zutter promoveerde in september aan de Universiteit Maastricht met zijn proefschrift over valse aangiftes in verkrachtingszaken. Hij analyseerde meer dan vijfhonderd recente Nederlandse zedendossiers met vrouwelijke slachtoffers, waaronder ook 47 aangiftes die achteraf verzonnen bleken. Hij vergeleek alle dossiers en kwam tot een checklist waarmee zedenspeurders kunnen zien of een verklaring van een slachtoffer al dan niet betrouwbaar is.

Stervoetballer Cristiano Ronaldo werd onlangs door een Amerikaanse vrouw beschuldigd van verkrachting. Weet u aan de hand van haar verhaal dan of het waar is of niet?

André De Zutter: “Of de beschuldiging van die vrouw klopt, kan ik op basis van haar verhaal in de media niet zeggen, maar er zitten zeker ingrediënten in die daarop wijzen, hoewel Ronaldo nu in alle talen ontkent. De gebeurtenissen dateren van de zomer van 2009. Ronaldo is op vakantie in Las Vegas en ontmoet de dan 25-jarige Kathryn Mayorga in een nachtclub. Ze belanden samen op een feestje in zijn hotelsuite, en als zij naar de badkamer gaat en zich uitkleedt voor de jacuzzi, komt hij haar achterna met zijn geslacht uit zijn broek, zegt zij. Hij vraagt haar om seks te hebben, maar zij weigert. Hij dringt aan en wil zoenen. Ze geeft toe omdat ze denkt dat ze makkelijker weg kan als ze hem tegemoetkomt. Maar Ronaldo wordt net nog meer opgewonden, neemt haar mee naar de slaapkamer en verkracht haar anaal. Na afloop verontschuldigt hij zich en zegt: ‘Ik ben voor 99 procent een goeie man, maar het is die 1 procent waar ik wat last van heb.’

“Dat laatste zinnetje wekte meteen mijn aandacht: het is een typische uitspraak voor verkrachters, zij minimaliseren de feiten altijd. Interessant is ook het zoenen vooraf, de anale verkrachting en de verontschuldigingen achteraf. Dat zijn stuk voor stuk elementen die geregeld in de echte aangiftes terugkomen, en nooit in de valse.”

Dat moet u eens uitleggen.

“De meeste verkrachters zoenen gráág. Ze doen het bijna allemaal, en zo liefdevol mogelijk, terwijl je dat bij een verkrachting helemaal niet verwacht. Daarom komt het ook niet voor in de valse verklaringen die ik heb onderzocht. Ook het feit dat Ronaldo zich verontschuldigt, is iets wat alleen in de waarheidsgetrouwe getuigenissen voorkomt. Een verzonnen verkrachter zegt nooit sorry, omdat het niet beantwoordt aan het beeld dat we van de dader hebben. Maar sommigen hebben achteraf wel spijt, of ze doen toch alsof. In een derde van de echte aangiftes is er dat zinnetje aan het einde van de verkrachting: ‘Sorry, ik had het niet mogen doen.’

“Als je niet echt bent verkracht, weet je niet precies hoe het gaat. Dus baseert zo’n meisje of vrouw zich op wat ze in de media heeft gelezen of in een film heeft gezien. Maar daarin komen alleen de uitzonderlijke gevallen aan bod, de meedogenloze bruten die gewelddadig te werk gaan. De meeste verkrachtingen verlopen níét gewelddadig, integendeel.

“Ik ben tijdens mijn onderzoek van de ene verbazing in de andere gevallen. Vroeger dacht ik op basis van de wetenschappelijke literatuur dat het bij verkrachtingen vooral om macht en manifestatiedrang draaide: ‘Nu ben ik aan de beurt en ga jij doen wat ik zeg, vuile teef.’ Dat de verkrachter vrouwen als een object zag, als een wegwerpartikel. Maar dat beeld is onderuitgehaald toen ik de politiedossiers bestudeerde.

“Het is akelig om te zeggen, maar de meeste verkrachters zijn vrij normale mannen die op zoek zijn naar intimiteit, of liever: pseudo-intimiteit. Ze proberen een relatie en seks met wederzijds respect na te bootsen. Ze gebruiken niet meer geweld dan nodig is om een slachtoffer het gevoel te geven dat ze geen kant meer op kan. En als ze haar verkrachten, doen ze alsof ze bezorgd zijn: ‘Ik doe je toch geen pijn?’ – ‘Waarom huil je?’ – ‘Ik wil dat jij ook geniet.’ – ‘Kun je van mij houden?’ Ze geven uitgebreid complimentjes en gaan hun slachtoffer eerder ophemelen dan vernederen. ‘Ik heb nog nooit seks gehad met zo’n mooie vrouw als jij.’ – ‘Dit is de beste seks die ik ooit heb gehad.’ Je verwacht het niet, maar in 50 tot 70 procent van de verkrachtingen gaat het zo.

“Dat maakt het heel verwarrend voor het slachtoffer, want zij verwacht dat ze gewelddadig aangepakt zal worden. En dan doet die verkrachter alsof hij lief en zorgzaam is, en vraagt hij achteraf: ‘Kunnen we nog eens afspreken? Mag ik je nummer?’ Dan is het slachtoffer helemáál in de war: ‘Hoezo, afspreken? Heb je dan niet door dat je mij hebt verkracht?’ Daardoor begint het slachtoffer ook aan zichzelf te twijfelen. Was ik wel duidelijk genoeg? Heb ik het uitgelokt? Die twijfel kan een reden zijn waarom de vrouw de verkrachting niet aangeeft.”

Doen verkrachters dat opzettelijk om het slachtoffer in de war te brengen?

“Die vraag is me al vaak gesteld, en ik vraag het me ook af. Daarom wil ik daar verder onderzoek naar doen. Als ze er echt van overtuigd zijn dat ze niet aan het verkrachten zijn, zou dat verklaren waarom ze de feiten zo vaak ontkennen of minimaliseren.”

Hoe komt het dat de meeste slachtoffers weinig of geen weerstand bieden?

“Vaak is er niet zoveel geweld nodig om een vrouw het gevoel te geven dat ze geen kant meer op kan. Daders drukken het slachtoffer neer op bed. Ze trekken het meisje een huis binnen en sluiten de deur achter haar. Ze grijpen een joggende vrouw langs achteren vast en sleuren haar mee in de struiken, tien meter verderop. Dat soort kleine, maar dwingende daden is vaak al genoeg om slachtoffers zoveel angst aan te jagen dat ze meewerken. Ze hopen dat het op die manier sneller voorbij is, en zonder pijn. En dus kleden ze zichzelf uit op vraag van de verkrachter, terwijl valse aangeefsters het meestal hebben over een man die ‘hun de kleren van het lijf rukt’.

“Opvallend veel verkrachters vragen hun slachtoffer om orale seks. Je zou denken: waarom bijt het slachtoffer dan niet? Maar ook dat is een gevolg van de angst voor de woede van de dader: ze verstijven en durven niet anders dan mee te gaan in zijn wensen omdat ze bang zijn dat hij anders nog meer geweld gaat gebruiken of hen gaat vermoorden. Er is maar één geval bekend, in Rusland, van een slachtoffer dat in het lid van de verkrachter heeft gebeten.”

Maar er zijn toch ook sadistische verkrachters die tot veel geweld in staat zijn?

“Die zijn veel zeldzamer: 1 tot 3 procent, schat ik. De extreemste gevallen eindigen in moord – denk aan Ronald Janssen. Die gevallen heb ik niet onderzocht. Ik heb alleen onderzoek gedaan naar verkrachters die hun slachtoffer laten leven, en tegen wie later aangifte is gedaan bij de politie.

“Aan mijn dochter van 21 heb ik de raad gegeven om zich met hand en tand te verdedigen als ze een verkrachter zou tegenkomen. Bij een sadistische verkrachter ben je een vogel voor de kat, maar het komt veel vaker voor dat een verkrachter stopt als hij merkt dat een slachtoffer weerstand biedt. Ik heb verschillende serieverkrachters bestudeerd die dan gewoon weggingen. In één van de dossiers ging het om een serieverkrachter die al twaalf of dertien voltooide verkrachtingen op zijn naam had, en een veelvoud aan pogingen. Als een slachtoffer zich verzette, liet hij haar gaan – te veel gedoe, vond hij – en koos hij iemand anders uit. Uit ervaring wist hij dat de meeste slachtoffers weinig weerstand bieden.”

Lees ook

“De verkrachting van een vrouw, en zeker een groepsverkrachting, is eerder homoseksueel dan heteroseksueel van aard.”  Decennialang dacht auteur Edoardo Albinati (62) na over hoe drie jongens die op zijn chique Romeinse school hadden gezeten, zo’n monsterlijke misdaad konden begaan: twee meisjes verkrachten, folteren en vermoorden. In essentie gaat zijn monumentale boek over de duistere kanten van de mannelijke seksualiteit. “Ik heb het monster recht in de ogen willen kijken.”

Vergoelijkt u hun gedrag nu niet? Het zijn toch geen lieverdjes?

“Natuurlijk niet. Het feit dat ze verkrachten, is op zich al gruwelijk. Er bestaan heel berekende verkrachters. Zo was er iemand die constant rondliep met een condoom, die met een elastiekje werd opgehouden rond zijn geslacht. Zo was hij altijd paraat als zich een kans voordeed. Maar soms zit er helemaal geen plan achter. Een man ontmoet een vrouw op café, ze drinken samen wat, hij gaat mee met haar naar huis, hij maakt avances, zij zegt nee, hij dringt aan en het ontaardt in een verkrachting. Soms hebben ze eerst zelfs gezoend, maar bedenkt het meisje zich en wil ze niet verder gaan. In de publieke opinie heet het dan dat ze het zelf heeft gezocht, terwijl die man gewoon te ver is gegaan, punt. Dat gezegd zijnde wil ik niet de indruk wekken dat alle mannen seksuele roofdieren zijn, want 99 procent van de mannen gaat op dat ogenblik naar huis.”

Inspiratie zoeken

Kathryn Mayorga, de vrouw die Ronaldo van verkrachting beschuldigt, heeft het over anale seks. Waarom wijst dat op waarheidsgetrouwheid?

“In een derde van de echte aangiftes komt er anale seks aan te pas. Slachtoffers proberen dikwijls te onderhandelen om daar onderuit te komen, ze stellen zelf iets anders voor om de dader op andere gedachten te brengen. Anale seks komt in valse aangiftes nóóit voor.

“De standjes in verzonnen verkrachtingen zijn altijd heel beperkt, meestal blijft het bij één positie, frontale vaginale penetratie, zonder toeters of bellen, en is het heel snel voorbij. Dat komt omdat een vrouw die een verkrachting verzint, haar inspiratie zoekt bij de keren dat ze zelf seks heeft gehad met haar partner, terwijl ze er eigenlijk niet zoveel zin in had. Een vluggertje waarin ze toch maar toestemde om hem een plezier te doen. In die situaties gebeurt het bijna altijd zonder voorspel, met weinig variatie – geen anale of orale seks – en zonder knuffelen en kussen. De verhalen in verzonnen aangiftes zijn daar bijna een kopie van. Valse verkrachtingen duren nooit langer dan een halfuur, en meestal zelfs maar een kwartier. De seks is kort en de dader komt direct klaar – het idee is dat het om een seksueel gefrustreerde gaat die niet vaak aan zijn trekken komt en dus snel loost."

Er zitten meerdere elementen in het verhaal van Kathryn Mayorga die erop wijzen dat ze inderdaad verkracht kan zijn door Ronaldo.' (Foto: Kathryn Mayorga en Cristiano Ronaldo in een nachtclub in Las Vegas in 2009.)

Terwijl een verkrachter in werkelijkheid zijn tijd neemt, lees ik in uw onderzoek.

“De gemiddelde verkrachting duurt een uur tot anderhalf uur. Daders wisselen de standjes af, komen soms twee of drie keer klaar en beginnen telkens opnieuw, wat het nog verschrikkelijker maakt voor het slachtoffer. Anale seks is dan wel vaker een onderdeel.”

Merkwaardig.

“Ook voor het slachtoffer, dat denkt: oef, hij is klaargekomen, ik ben ervan af. Maar nee, hij begint aan een tweede ronde, en soms een derde. Dat maakt het trauma groter.”

Wat me ook verbaasde, is dat verkrachters hun slachtoffers dikwijls bestelen.

“Er zijn drie soorten diefstallen. De grootste groep neemt waardevolle spullen mee, zoals juwelen en horloges, laptops, een gsm of een portefeuille. Dat zijn bijvoorbeeld daders die ergens een inbraak plegen en toevallig een vrouw aantreffen, aan wie ze zich dan vergrijpen zonder dat ze het van plan waren. De gelegenheid maakt de verkrachter.

“Een andere categorie steelt persoonlijke voorwerpen: slipjes of een hangertje met een foto. Een derde categorie neemt de identiteitskaart mee, als dreigement dat het slachtoffer haar mond moet houden, want anders zal hij haar weten te vinden. Verzonnen verkrachters stelen nooit.

“Valse aangeefsters geven dikwijls een heel nauwkeurige persoonsbeschrijving van de dader. Het zijn vaak onbekenden die met een zware stem spreken. De zogenaamde slachtoffers kunnen precies zeggen hoe de neus, de tanden en de kin eruitzagen. Ze zijn niet bang om fouten te maken, want het is toch verzonnen. Echte slachtoffers twijfelen veel meer, behalve over één ding: ze weten altijd nog of de dader een condoom droeg of niet. Valse aangeefsters beweren soms dat ze zich dat niet meer herinneren, wat weinig geloofwaardig is.”

Nog een opvallend verschil: in echte aangiftes vertellen de slachtoffers wat er na de verkrachting is gebeurd, terwijl niemand in de valse aangiftes dat doet.

“Dat is typisch, ja. De echte slachtoffers vertellen spontaan hoe ze achteraf thuis zijn geraakt, of dat ze troost gingen zoeken bij een vriendin. Niet altijd gedetailleerd, maar er komt altijd een staartje. Bij de verzonnen verkrachtingen zullen ze daar nooit spontaan iets over vertellen. Valse aangeefsters nemen een veel langere aanloop naar de verkrachting en ronden hun verhaal onmiddellijk na de daad af. Ze vertellen weinig details die controleerbaar zijn, en hebben bijna allemaal direct erna gedoucht en hun kleren gewassen, zodat de sporen vernietigd zijn.

“De daders in de valse aangiftes gebruiken ook altijd geweld, maar niet genoeg om blauwe plekken en schrammen achter te laten. Geen vuistslag, maar een klap in het gezicht. Aan de oren trekken, maar niet zo hard dat je oorlel scheurt. De dader doet het slachtoffer onnodig pijn, maar zonder dat het sporen nalaat.”

91 procent juist

Dat hij met een gevoelig onderzoek bezig is dat internationaal weerklank vindt, ondervond André De Zutter onlangs nog bij de heisa rond de benoeming van Brett Kavanaugh tot opperrechter in de VS. De conservatieve senator en de favoriet van Trump werd door een vrouw beschuldigd van aanranding en poging tot verkrachting in de jaren 80.

“Mijn onderzoek werd in de VS zowel door de believers als de non-believers gekaapt. Een columnist in The New York Times die Kavanaugh steunde, verwees naar mijn onderzoek om aan te tonen dat 5 procent van de aangiftes van verkrachtingen vals is. Dat is vijf keer hoger dan voor de meeste andere misdrijven – daarmee suggereerde de columnist dat het verhaal over de aanranding verzonnen kon zijn. Daarop repliceerde een journaliste van de nieuwswebsite Vox, die duidelijk in het Democratische kamp stond, dat dat betekende dat 95 procent van de aangiftes wél gebaseerd is op ware feiten. Beide stellingen zijn natuurlijk waar.

“Zo zie je maar hoe belangrijk het is om valse aangiftes van echte te kunnen onderscheiden, in de eerste plaats om de echte slachtoffers van verkrachtingen te helpen. Er bestaan heel wat misverstanden over verkrachters, niet alleen in de publieke opinie, maar ook bij ervaren zedenrechercheurs. Zij zijn vaak onterecht kritisch tegenover echte slachtoffers en lichtgelovig tegenover valse aangeefsters, omdat ze te veel in stereotypen denken. ‘Een verkrachter die zijn slachtoffer kust en zich achteraf verontschuldigt, dat kan toch niet waar zijn’, redeneren ze dan – onterecht.”

U hebt een checklist waaraan speurders verklaringen van slachtoffers kunnen toetsen. Kan zo’n meetinstrument niet gevaarlijk zijn?

“Daar ben ik me van bewust. Ik ben op zoek gegaan naar objectieve parameters, maar je moet voorzichtig blijven, want ons instrument heeft een foutenmarge van 9 procent. Dat betekent dat het in 91 procent van de gevallen juist zit, maar elke fout is er één te veel. Het is een hulpmiddel voor speurders om zedenslachtoffers te verhoren, maar je mag niet blind op de resultaten vertrouwen. De Franse gendarmerie gebruikt het al een paar jaar en is tevreden over de resultaten.

“Ook de Belgische politie toont interesse in de methode, want ook bij ons duiken geregeld verhalen op over verzonnen verkrachtingen en seksueel misbruik. In de zomer van 2017 beweerde een 18-jarig meisje dat ze op het strand van Oostende was verkracht door een groep jongens terwijl haar vriend in bedwang werd gehouden en moest toekijken. Achteraf bleek dat ze het verhaal uit haar duim had gezogen. De politie reageerde boos, want zo gaan mensen ook echte slachtoffers niet meer geloven. In 2015 beschuldigde een 20-jarig meisje vier spelers van voetbalclub KV Kortrijk van een groepsverkrachting, en ook dat was gelogen. Het meisje had wel seks gehad met de spelers, maar met wederzijdse toestemming. Ze verzon het verhaal uit schaamte, toen haar vader vernam dat er een pikant filmpje in de kleedkamer circuleerde waarin zijn dochter voorkwam.

“Er is zelfs een geval geweest waarin drie meisjes van 12 jaar in Gent hun leraar van seksueel misbruik hadden beschuldigd uit wraak, omdat hij slechte punten had gegeven. Pas toen de zaak anderhalf jaar later voor de rechtbank kwam, werd duidelijk dat ze gelogen hadden. De leraar was intussen door de hel gegaan.”

Weet u hoeveel valse aangiftes over verkrachtingen er in België zijn?

“Nee, daar zijn geen cijfers van. Mijn onderzoek is gebaseerd op Amerikaanse dossiers, omdat België en Nederland andere criteria hanteren voor een valse aangifte. Bij ons rekent de politie ook de aangiftes mee die niet vervolgd worden wegens een gebrek aan bewijzen. Maar ik wilde alleen de aangiftes bestuderen waarvan het slachtoffer spontaan toegaf dat ze het verhaal verzonnen had en waarvan de politie ook kon bewijzen dat er geen verkrachting had plaatsgevonden. Dat soort criteria hanteert alleen de FBI. Die 5 procent valse aangiftes gaan dus over verkrachtingen waarvan bewezen is dat ze verzonnen zijn. Wellicht ligt het werkelijke aantal iets hoger.”

Wraak op stiefvader

Waarom verzinnen vrouwen een verkrachting?

“Ik had verwacht dat de meesten het zouden doen om een schadevergoeding te krijgen, maar het motief was meestal emotioneel. Ze doen het om aandacht of sympathie te krijgen, of om overspel te verdoezelen. Voor sommigen dient het als smoes voor spijbelen op school of op het werk, of voor te laat komen. Een jong meisje komt bijvoorbeeld twee uur te laat thuis na een avondje stappen, haar vader zit thuis te wachten, en als excuus beweert ze dat ze door een groep vreemdelingen het bos is ingesleurd en verkracht. In mindere mate speelt ook wraak, op een ex-minnaar bijvoorbeeld, of op een stiefvader met wie het nooit geboterd heeft.

“Er zijn ook vrouwen die vrijwillig seks hebben gehad en daar achteraf spijt van krijgen of zich schamen, en dan beweren dat ze gedwongen werden. Die valse aangiftes gebeuren meestal onder druk van de omgeving. Ze vertellen het aan een vriendin die schrikt en vraagt: ‘Dat heb je toch niet vrijwillig gedaan?’ – ‘Natuurlijk niet.’ – ‘Dan moet je aangifte doen, want dat is verkrachting.’”

Verzinnen meisjes vaker zedenmisdrijven dan volwassen vrouwen?

“Nee, het gebeurt op alle leeftijden. Bij de Nederlandse politie leeft het idee dat het aantal verzonnen verkrachtingen toeneemt, maar door mijn onderzoek heb ik gemerkt dat ze het probleem overschatten. Een politiechef van het bureau zedenzaken in Nederlands-Limburg zei in de krant: ‘Waar jonge meisjes vroeger de open brug of een lekke band als excuus gebruikten, beweren ze nu met droge ogen tegen hun ouders dat ze onderweg verkracht zijn of in een auto zijn meegesleurd door een groep jongens.’ Je moet opletten dat je niet al die meisjes over dezelfde kam scheert en ze op voorhand klasseert als leugenaars. 5 procent verzonnen verkrachtingen is nu ook niet zo hoog dat je van een epidemie moet spreken. Sommige zedenrechercheurs schatten het aandeel valse beschuldigingen op 80 procent, wat een enorme overdrijving is. Maar die valse aangiftes blijven bij hen langer hangen, omdat ze er zoveel nutteloze energie in hebben gestoken.”

Zedenspeurders bleken volgens uw onderzoek niet beter te zijn dan gewone mensen om valse van echte aangiftes te onderscheiden.

(zucht) “Ja, en het lastige is dat ze wél veel zelfverzekerder zijn. Maar bij de zedenpolitie leven vaak dezelfde vooroordelen als in de publieke opinie. Ze geloven een slachtoffer niet als dat tijdens de verkrachting heeft meegewerkt, terwijl het een gangbare overlevingsstrategie is. En als een vrouw over een ontvoering in een wit bestelbusje durft te beginnen, wordt ze net niet weggelachen, omdat dat sinds de zaak-Dutroux wordt weggezet als een stadslegende. Maar er vinden nog altijd echte ontvoeringen en verkrachtingen in witte bestelbusjes plaats, hoor. Tegelijk zijn speurders soms te lichtgelovig bij valse aangiftes, met dramatische gevolgen voor de verdachte.

“Zo is er in het verleden al heel wat fout gelopen. Er was de zaak van een tienermeisje in Steyl dat thuiskwam en in de keuken werd opgewacht door een verkrachter met een nylonkous over het hoofd getrokken en een mes in de hand. Hij verkrachtte haar tegen het aanrecht. Het meisje deed aangifte bij de politie, maar die geloofde haar niet. Vijftien jaar later kwam er schot in de zaak toen er een DNA-match was met een serieverkrachter die ook in België en Duitsland actief was. Maar de politie was intussen haar dossier kwijtgespeeld, waardoor de zaak pas veel later voor de rechtbank kwam en geseponeerd werd. Dat zijn drama’s die je kunt voorkomen door snel uitsluitsel te krijgen over valse en echte verklaringen."

Bent u niet bang dat uw studie wordt misbruikt om slachtoffers die aangifte doen belachelijk en ongeloofwaardig te maken, zoals president Trump deed met de vrouw die senator Kavanaugh van aanranding had beschuldigd?

“Uiteraard ben ik daar bang voor. Maar vóór ik aan mijn onderzoek begon, was de situatie nog erger. Toen stonden twee kampen lijnrecht tegenover elkaar: het ene kamp zei dat je slachtoffers altijd moet geloven en dat valse aangiftes niet bestaan, het andere kamp spuwde vrouwen die een klacht indienden uit als gemene bitches die leugens verkochten om er zelf beter van te worden. Nu wordt er tenminste gediscussieerd op basis van onderzoek."

Volgens slachtofferverenigingen van seksueel geweld wordt 90 procent van de verkrachtingen niet aangegeven omdat de slachtoffers dat niet durven te doen. Zal uw meetinstrument hen niet nog meer afschrikken?

“Waarop dat cijfer van 90 procent is gebaseerd, weet niemand. Er zijn inderdaad verkrachtingen die niet worden aangegeven, maar niemand weet hoeveel. Maar ik denk niet dat mijn onderzoek slachtoffers zal afschrikken, integendeel. Het zal juist leiden tot méér aangiftes, en slachtoffers zullen minder bang zijn om niet geloofd te worden als blijkt dat hun verkrachter zich voordeed als een bezorgde, lieve man.”

© Humo

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234