Woensdag 18/05/2022

ColumnDe Schaal van Mulders

Opeens was er niets hipper dan je voeten te wringen in een soort lederen frietzak

null Beeld Bridgeman Images
Beeld Bridgeman Images

Jean-Paul Mulders onderzoekt alles wat u bij de hersenkwabben kan grijpen.

Jean-Paul Mulders

Je hebt van die wetenschap die meer tot de verbeelding spreekt dan andere. Mij intrigeert bijvoorbeeld danig dat het aantal knobbeltenen tussen de 11de en de 15de eeuw is verviervoudigd. Dat blijkt uit onderzoek van 177 skeletten op vier begraafplaatsen. Je zou kunnen denken dat er een vreemd virus door de bevolking waarde, maar misvormingen aan de voet zijn vooralsnog niet besmettelijk. De oorzaak blijkt te vinden in de mode, en meer bepaald bij extreem puntige schoenen. Die werden razend populair in de middeleeuwen. Opeens was er blijkbaar niets hipper dan je voeten te wringen in een soort lederen frietzak. Zelfs geestelijken ontsnapten niet aan die rage. Op een lapje grond bij een klooster had bijna de helft vergroeide tenen. Dat blijkt uit ‘paleo­pathologische vaststellingen’, een duur woord om met de voeten van skeletten te rammelen.

Een en ander leidde tot een paper met de heerlijke titel ‘Fancy shoes and painful feet: hallux valgus and fracture risk in medieval Cambridge’. Knobbeltenen kwamen vooral voor bij rijke burgers, want die hadden de tijd en de ­middelen om zich te buiten te gaan aan pijnlijk smal schoeisel. Het is ­moeilijk om daar geen retro­spectief leedvermaak bij te voelen.

Onze verre voorouders waren even onnozel als wij, als het erop aankomt om achter de mode en de waan van de dag aan te huppelen. Zoiets fascineert mij meer dan Jürgen die nog altijd niet is gevonden. Wat zullen ze in een verre toekomst denken van mid­riff flossing, anal bleaching, olifanten­pijpen, mini­tattoos, witte sneakers en stretch­gaten waar de zon doorheen schijnt? Geleerde koppen zullen dat onderzoeken, vermoedelijk hoofdschuddend.

“De archeologen denken dat mensen met scheefgegroeide tenen vaker vielen.” Het aarzelt tussen wetenschap en een sketch van de Dikke en de Dunne. Ik verzamel zulke observaties en prik ze op een kussentje van zwart fluweel, als waren het kleurrijke vlinders. Soms gaan ze over mensen in een ver verleden, soms zijn ze onvatbaar als hemellichamen of sub­atomaire deeltjes: “Op tweehonderd lichtjaar afstand is een ster aangetroffen met minstens zes ­planeten die als in een ritmische dans in hun banen bewegen, volgens patronen die zich herhalen.” Herhaling is in het universum alomtegenwoordig, bij planeten en in de liefde die wij ­aantrekken en afstoten.

“Toen de deeltjes begonnen te wiebelen,” las ik elders, “deden ze dat op een manier die afweek van de beste voorspellingen.” De natuur is zoals wij: ze wil avontuur, maar ook standvastigheid.

Zorgwekkender is dat, met al dat gedans en gewiebel, de E en de N op mijn laptop nog nauwelijks te zien zijn. Er is zelfs sprake van putvorming, zo deerlijk zijn die toetsen afgesleten. Dat klopt statistisch, volgens de Lijst met de letterfrequenties in het Nederlands. De E blijkt in onze taal het vaakst gebruikt (18,91 procent), ­gevolgd door de N (10,03 procent), de A (7,49 procent) en de T (6,79 procent). De Q wordt het spaarzaamst gebezigd: op elfduizend letters maar één keer.

Je kunt het zo gek niet bedenken of het valt in een uithoek wel ergens te ­vinden. Toch hou ik, tot nader order, minder van statistiek dan van wonder.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234