Woensdag 23/10/2019

Wetenschap Vraag van de Week

Kun je overgewicht hebben door ‘zware botten’?

Beeld Damon De Backer

U zoekt een verklaring voor een mysterie over mens, dier, voeding, gezondheid? Hier moet u zijn. 

Mensen zeggen soms dat ze genetisch gedoemd zijn om met een uitzonderlijk stevig skelet door het leven te stappen. Ter controle leggen ze hun pols naast de jouwe en ziedaar het bewijs: jouw onderarm past wel twee keer in die van je vriendin uit die familie met de zware botten.

Maar voor je besluit dat het dan toch niet aan die taartjesverslaving van haar ligt dat zij er maar geen kilo’s af krijgt en jij wel, is het aangeraden even langs de wetenschap te passeren.

“Zware botten bestaan wel degelijk”, zegt professor reumatologie Frank Luyten (UZ Leuven). “Ik doe jaarlijks zo’n 4.000 botanalyses en af en toe zie ik een skelet met grotere of densere botten dan gemiddeld.”

Geen verzinsel

Grote botten zijn iets langer en breder dan gemiddeld. Polsen vergelijken is daarbij een goede methode. “Om een idee te krijgen van de verhouding tussen de botmassa en de rest van het lichaam, delen wij iemands lichaamslengte door de polsomtrek”, zegt Luyten.

En dan blijkt heel soms dat iemand echt wat grotere botten heeft. Wie klein is en met die grotere botten zit, is dan een beetje benadeeld op de weegschaal, want die zit met wat meer botmassa in verhouding tot de rest van het lichaam.

Ook letterlijk zwaardere botten zijn geen verzinsel. Het gewicht van je botten wordt voor zo’n 60 procent bepaald door de hoeveelheid kalk. En er zijn dus mensen die met veel meer kalk in hun skelet rondlopen. Dat is vloeken voor tand­artsen of chirurgen die bij hen implantaten moeten plaatsen. “Door die verschillen in grootte en zwaarte kan het dat het skelet van iemand die groot is maar last heeft van botontkalking minder weegt dan iemand die klein is maar van die zwaardere botten heeft”, zegt Luyten.

Er is ook een genetische mutatie die bij enkele mensen hyperostho- se veroorzaakt: ze hebben veel meer kalk in de botten. Eén voorbeeld is de ziekte van Buchman. Een schedel van iemand met die ziekte weegt flink meer dan de gemiddelde schedel.

Slechts 10 procent

Aanzienlijk grotere en/of zwaardere botten zijn echter uitzonderlijk. “Er is wat natuurlijke variatie tussen mensen, en er zijn die extremen die maar erg weinig voorkomen”, zegt Luyten.

Maar: zelfs al heeft je vriendin van die zeldzame botten, dan nog kan dat geen excuus voor te veel kilo’s zijn. Want ons skelet maakt maar zo’n 10 procent van ons totale gewicht uit. Bij iemand van 80 kilo zal het dus zo’n 8 kilo wegen. Met andere woorden: het verschil in ‘kilo’s skelet’ tussen mensen die ongeveer even groot zijn kan nooit veel meer dan 1 à 2 kilo zijn. Luyten: “Neem iemand van 1,75 meter die 100 kilo weegt en iemand van dezelfde lengte die 80 kilo weegt. Die eerste kan zo’n 10 kilo botmassa hebben, bij de andere zal dat dan niet veel minder zijn of zo’n 8 kilo. Die eerste kan dat gewichtsverschil dus onmogelijk uitleggen door zware botten. Dat is gewoon vet. Te veel wegen heeft zelden of nooit met zware botten te maken en alles met te veel vet.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234