Maandag 24/06/2019

Interview

Klimaatcriticus Björn Lomborg: “Het klimaat is niet onze grootste prioriteit”

Björn Lomberg. Beeld Tim Dirven

In het Poolse Katowice zochten wereldleiders deze week naar nieuwe maatregelen om de klimaatopwarming tegen te gaan. Ze waren beter thuis gebleven, zegt klimaatcriticus Björn Lomborg. “Dit beleid deugt niet. Het kost veel geld en heeft bijna geen impact.”

“Ja, dat is zo”, lacht Björn Lomborg. “Ik maak veel mensen boos, blijkbaar is het geweldig irriterend wat ik allemaal zeg. Dat begrijp ik ook wel, hoor. Ik probeer de feiten weer te geven zoals ze zijn, en ik heb belangrijke argumenten die aantonen dat het beleid dat we vandaag voeren niet deugt. We willen dingen doen die heel veel geld gaan kosten en toch bijna geen enkele impact zullen hebben. Als wij denken dat we de temperatuurstijging tegen het einde van deze eeuw nog onder de twee graden kunnen houden, dan vergissen we ons. En dat horen mensen niet graag.”

Björn Lomborg is de Deense statisticus die in 2001 op slag wereldberoemd werd met
The Skeptical Environmentalist, een boek waarin hij de vloer aanveegde met wat hij ‘de groene litanie’ noemt: de populaire riedel dat het alleen maar achteruit gaat met planeet, milieu en mensheid. Dat die litanie niet klopt, hebben ook wetenschappers zoals Steven Pinker en wijlen Hans Rosling ondertussen overtuigend aangetoond.

Ook ons klimaatbeleid steunt volgens Lomborg op foute veronderstellingen. In 2004 stichtte hij het Copenhagen Consensus Center, een denktank die – zonder financiering van de fossiele industrie, benadrukt hij – onderzoek doet naar grote wereldproblemen en manieren om die zo efficiënt mogelijk aan te pakken – het klimaat scoort op die lijst met prioriteiten niet erg hoog.

Björn Lomborg

- Geboren op 6 januari 1965 in Frederikshaven (Denemarken)

- Promoveerde als statisticus aan de universiteit van Aarhus

- Publiceerde in 2001
The Skeptical Environmentalist

- Publiceerde in 2007
Cool it. Zin en onzin in het debat over de klimaatverandering

- Leidt sinds 2004 de denktank Copenhagen Consensus Center

Uw dienaar volgt Lomborg al sinds de publicatie van dat eerste boek. In de zomer van 2001 sprak ik hem voor het eerst. Vrijdag ontmoette ik hem voor de derde keer, nu in Brussel, waar hij die dag een uiteenzetting gaf bij de Nationale Bank van België.

Het is niet zonder risico om hem te interviewen, zeg ik bij de hernieuwde kennismaking. Alleen al het feit dat je hem als interviewer een stem geeft, werkt behoorlijk wat mensen op de zenuwen. “Ook dat hoort erbij”, zegt hij. “Maar ik beschouw het als een goed teken. Als ik onzin zou verkopen, zou men mij gerust kunnen negeren. Of mijn argumenten van tafel vegen. Dat ik velen op de zenuwen werk, wijst erop dat mijn argumenten kloppen.”

Björn Lomborg in gesprek met Joël De Ceulaer. Beeld Tim Dirven

Eerst even voor de goede orde: u bent geen klimaatontkenner.

Björn Lomborg: “Nee. De klimaatopwarming is echt en wordt grotendeels door de mens veroorzaakt. Ik deel de wetenschappelijke consensus. Maar ik trek wel de economische consensus in twijfel. Ik debatteer niet over de wetenschap, maar over het beleid. Ik vind dat we het probleem op de verkeerde manier aanpakken. En ik voeg daar graag aan toe dat er ook nog andere problemen op de wereld bestaan, behalve klimaatverandering.”

Wat scheelt er met het beleid?

“Het laatste akkoord werd in Parijs afgesloten. Als dat integraal wordt uitgevoerd, zal de temperatuur tegen het einde van deze eeuw maar een klein beetje minder gestegen zijn: tussen de 0,05 en de 0,2 graden Celsius minder dan zonder dat akkoord. Dat is wel érg weinig als je weet dat we wellicht naar een stijging met vier graden Celsius gaan.”

Is de ambitie niet veel groter?

“De ambitie is om onder de twee of anderhalve graad temperatuurstijging te blijven. Om dat te halen, zal de CO2-uitstoot deze eeuw met 6.000 gigaton moeten dalen. In Parijs is afgesproken om de uitstoot te verminderen met 60 gigaton tegen 2030. Dus als we alles doen wat in Parijs is beslist, doen we maar één procent van wat we moeten doen om te bereiken wat we zogezegd willen bereiken.”

Dat halen we nooit, dus.

“Onmogelijk. Nu al zien we dat bijna geen enkel land het Parijs-akkoord naleeft: 17 van de 192 landen zijn hun beloftes nagekomen. En daar zitten veel landen bij die bijna niets beloofd hadden: Samoa, bijvoorbeeld, of Algerije. Dat is het fundamentele probleem: we beloven iets dat weinig effect zal hebben, en daarna komt niemand die belofte na. En als je het door een economische bril bekijkt, is het ergste nog dat niemand een idee heeft hoeveel de uitvoering van het Parijs-akkoord ons gaat kosten.”

Zijn daar geen schattingen van?

“De totale kost zou ergens tussen 1 en 2 biljoen dollar per jaar liggen, tegen 2030. Onder meer omdat we moeten overschakelen op duurdere brandstof. Als alternatieve energie niet duurder was dan fossiele, dan hadden we geen akkoorden nodig, dan zouden we automatisch overschakelen. De omschakeling die het klimaatbeleid nu voorschrijft, zal de economische groei wereldwijd doen dalen.”

Als het uitgestippelde beleid zo weinig effect zal hebben, waarom zijn de voorstanders er dan zo enthousiast – om niet te zeggen: fanatiek – over?

“Dat is het merkwaardige aan dit debat. Als ik tegen de voorstanders van het beleid zeg dat het nauwelijks enige impact zal hebben, dan geven ze mij gelijk. En voegen ze eraan toe: ‘Daarom moeten we onze inspanningen vertienvoudigen, of verhónderdvoudigen’. (lacht) Maar op dat spoor zitten we nu al 26 jaar, sinds het eerste congres in Rio in 1992. En al 26 jaar boeken we geen vooruitgang.”

Dan moeten we toch een tandje bijsteken?

“Nee, dan moeten we eens nadenken of een andere aanpak misschien niet beter werkt. In Katowice is de voorbije dagen vergaderd over strengere maatregelen, en nog straffere beloftes, om het Parijs-akkoord te versterken. Maar dat is zinloos.”

Dan had de Vlaamse minister-president Geert Bourgeois gelijk om niet mee te tekenen in Katowice?

“Ja, uw minister-president had gelijk om niet te tekenen. Al kan ik mij voorstellen dat hij onder vuur ligt. Je zou kunnen zeggen: ‘Ach, we doen al 26 jaar lege beloftes, er kan er nog eentje bij. Dat geeft ons tenminste het gevoel dat we iets doen.’ Maar ik ben realist, ik doe graag iets dat helpt. In 2009 hebben ontwikkelingslanden de belofte gekregen dat ze tegen 2020 100 miljard dollar (88,5 miljard euro) per jaar zouden ontvangen, om hen te helpen in de strijd tegen klimaatverandering. Van dat bedrag is nog geen tien procent opgehaald. Dat geld komt er niet, en iedereen weet dat.”

U gaat tegen de stroom in. Maar waarom zou iemand die ene Deense statisticus geloven, terwijl duizenden wetenschappers een ander verhaal vertellen?

“Dat ik een van de weinigen ben met deze boodschap, zou u zorgen moeten baren. Het is toch te gek dat politici beloftes kunnen blijven doen die ze nooit zullen waarmaken. Het wordt tijd om het geweer van schouder te veranderen.”

Wat moeten we dan doen?

“Eerst en vooral moeten we ons goed realiseren dat CO2-uitstoot een neveneffect is van dingen waar we van houden: een goed leven, welvaart, economische groei. Waarom zijn wij zo rijk? Omdat we de industriële revolutie hebben gekend, met behulp van fossiele brandstoffen. Dankzij die energie hebben we beton, staal, plastic en alle andere dingen die ons leven aangenaam maken. De moderne wereld is ondenkbaar zonder.”

Maar is ons verbruik niet onhoudbaar?

“Dat is wat men u wil doen geloven. Maar dat impliceert dat u veel zult moeten opgeven. Dat u minder comfortabel zult moeten leven. De enige manier om onze uitstoot echt te doen dalen, is arm worden. Dat is bekend: een economische recessie doet de uitstoot dalen.”

Moeten we stoppen met vlees eten?

“Dat zal geen verschil maken, want met dat geld zult u iets anders kopen dat ook slecht is voor het klimaat. Ik ben zelf al 43 jaar vegetariër, om morele redenen. Maar dat levert niets op. Als we echt iets willen doen, moeten we de wereld tot stilstand brengen, door binnen dit en tien jaar alles wat CO2 uitstoot af te schaffen. En dat gaat niet gebeuren, dat is een fantasie. We kunnen proberen om zo veel mogelijk over te schakelen op groene energie, maar dan wordt alles duurder, dan worden de gele hesjes nog bozer. En dan krijg je nog meer politici zoals Trump die zeggen: hier doen wij niet meer aan mee.”

Maar nogmaals: wat dan wel?

“Meer investeren in onderzoek en ontwikkeling. In plaats van 20 miljard moeten we daar wereldwijd minstens 100 miljard per jaar aan besteden. We moeten onderzoek doen naar nieuwe manieren om energie op te slaan die we uit zon en wind oogsten. Dat kan met nieuwe batterijen, of via chemische innovaties. Er wordt onderzoek gedaan naar olie die kan worden geoogst uit algengroei op zee. Dat zou een revolutie kunnen betekenen. Er zijn veel ideeën, een aantal ervan zullen niets opleveren, maar we zullen ook dingen vinden die wél een enorm verschil kunnen maken.”

Wat denkt u van meer kernenergie?

“Het grote nadeel daarvan is dat het erg duur is. Al moeten we onderzoek naar nieuwe generaties kernreactoren uiteraard ook stimuleren. Zo is de mens altijd vooruitgegaan: door innovatie. Tot diep in de 19de eeuw werd op walvissen gejaagd voor hun olie, omdat die beter brandde. Toen ze dreigden uit te sterven, is dat probleem niet opgelost door minder olie te gebruiken en minder licht te maken – zo ver krijg je mensen nooit. Het probleem is opgelost doordat fossiele olie beschikbaar werd: goedkoper en beter.”

We zoeken een wondermiddel, eigenlijk?

“We doen aan technologische innovatie, zoals we dat altijd hebben gedaan. Begin de jaren 70 dacht men dat de bevolking in ontwikkelingslanden massaal zou verhongeren, omdat er te weinig eten was. Hoe is dat opgelost? Door de groene revolutie, met nieuwe gewassen, nieuwe variëteiten, betere bemesting, enzovoort. In die tijd dachten mensen ook dat wij minder moesten eten, zodat ze in het zuiden meer zouden hebben. Maar zo werkt het niet. Je kunt mensen niet overtuigen om het met minder te doen.”

Is klimaatalarmisme een soort religie, denkt u? De aanhangers denken dat wij gezondigd hebben en dat we moeten boete doen, om onze hemel te verdienen.

“Zulke discussies probeer ik te vermijden. Ik blijf bij de feiten. Al ben ik soms verbijsterd als ik hoor wat mensen denken. Onlangs protesteerden Deense scholieren tegen de klimaatopwarming met de boodschap dat het allemaal toch geen zin meer heeft, dat de wereld om zeep is. (fel) Hoe verkeerd kun je zijn! Dat soort apocalyptisch denken is een beetje religieus, maar het is vooral erg schadelijk en heeft geen fundament in de wetenschap. Sommige mensen denken blijkbaar echt dat de wereld zal vergaan. Dat is bijzonder zorgwekkend.”

Björn Lomborg. Beeld Tim Dirven

Kunnen we ons aanpassen, denkt u?

“Ja. Neem de stijgende zeespiegel. De Nederlanders hebben bewezen dat je je daaraan kunt aanpassen. De cijfers zijn duidelijk: vandaag worden 3 miljoen mensen per jaar overstroomd. Als we niets doen, zijn dat er tegen het einde van deze eeuw 300 miljoen per jaar. Maar als we ons aanpassen, zullen het maar één miljoen zijn. De stijging van de zeespiegel kan met de bouw van dijken worden opgevangen.”

Hoe zit het met de orkanen?

“Door de klimaatopwarmingen zullen die sterker worden, maar ook minder talrijk. En dat de schade door orkanen zo sterk is toegenomen, heeft niets met de opwarming van het klimaat te maken, maar alles met het feit dat we duurdere huizen hebben gebouwd. Als die vernield worden, is de schade uiteraard groter.”

Zou de opwarming van het klimaat niet uit de hand kunnen lopen? Dat er een drempel wordt overschreden waarna alles in versneld tempo opwarmt?

“Dat is mogelijk. Maar zulke scenario’s kun je op elk domein bedenken. Misschien roeien intelligente robots ooit de mens uit, misschien pleegt een terrorist uit Molenbeek ooit een aanslag met een virus, waardoor er een wereldwijde pandemie uitbreekt. Misschien wordt de aarde ooit verwoest door een asteroïde. Kan allemaal. De vraag is: vinden we het klimaatprobleem groot genoeg om er al ons geld en onze politieke energie tegenaan te gooien. Mijn antwoord is: nee, er zijn andere prioriteiten.”

Zoals daar zijn?

“Er zijn veel mensen op de wereld die blij zouden zijn met voedsel, gezondheidszorg en onderwijs. Dus nee, het klimaat is niet onze grootste prioriteit. Wij kunnen blasé doen over tuberculose, omdat het hier niet meer voorkomt, maar in ontwikkelingslanden bestaan zulke ziektes nog. Net zoals malaria, bijvoorbeeld. Dat is de hypocrisie van het Westen, en dat werkt mij op de zenuwen: zo veel kinderen sterven aan vermijdbare ziektes, en daar gaat veel minder geld en energie naartoe dan naar het klimaat.”

Moeten we het niet allebei doen?

“Je kunt niet alles doen. Je moet prioriteiten kiezen. En wat denkt u dat een kind in Afrika kiest? Dat de temperatuur tegen het einde van deze eeuw met 0,2 graden minder is gestegen, of dat zijn vader morgen niet aan malaria of tuberculose sterft?”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden