Zaterdag 19/10/2019

Ecologie

Iedereen imker? Dat doet de bij geen deugd

Steeds meer mensen en ook 'groene' bedrijven willen graag een bijenkast houden. Goed nieuws voor de bijen zelf is dat echter niet meteen. Beeld ANP XTRA

Steeds meer natuur­liefhebbers en groene bedrijven willen de bijensterfte in ons land helpen bestrijden door zelf een bijenkorf te houden. Een mooi gebaar, maar toch niet meteen de meest effectieve oplossing, zo blijkt. "Slechte imkertechnieken en overpopulatie kunnen ervoor zorgen dat de bijen het net moeilijker krijgen."

Het was Apis Bruoc Sella, een Brusselse vereniging die zich actief bezighoudt met de bescherming van het stadsmilieu, die aan de alarmbel trok. Volgens de organisatie zijn er in Brussel de laatste jaren veel te veel bijenkorven bijgekomen, waardoor de wilde bijenpopulatie er met uitsterven bedreigd wordt. Vooral bedrijven die zichzelf een groen, hip imago willen aanmeten, plaatsen maar wat graag een bijenkast op hun dak. 

Een evolutie die zich ook in de rest van Vlaanderen doorzet. “Het imkerambacht blijft aan populariteit winnen”, zegt Dirk Desmadryl, hoofdredacteur bij de Koninklijke Vlaamse Imkersbond. “Onder invloed van verschillende mediacampagnes worden steeds meer mensen zich bewust van de bijenproblematiek en voelen ook steeds meer mensen zich geroepen om te helpen.” Naast bedrijven, blijkt het imkerambacht ook steeds meer jonge mensen te beroeren: mensen voor wie hele het ‘homegrown honing’-gebeuren of het bestuiven van bloemen misschien belangrijker is dan het kweken zelf. 

Cijfers over het exacte aantal bijenkorven in Vlaanderen zijn er niet, maar naar schatting zou dat volgens Desmadryl neerkomen op twintig- tot vijfentwintigduizend.

Uit evenwicht 

Dat zoveel mensen zich willen inzetten voor de bijen, vindt Dirk de Graaf, professor aan de UGent op oprichter van HoneyBee Valley, een mooie zaak, maar of het ook iets bijdraagt, betwijfelt hij. “Doordat veel meer mensen plots een bijenkorf hebben, verstoort dat op sommige plaatsen het natuurlijke evenwicht dat er is tussen het aantal bijen en het voedsel dat voorhanden is.” Met dat evenwicht blijkt het in ons land bovendien al niet zo goed gesteld. “Doordat onze landbouw zich vooral richt op de teelt van aardappelen en maïs, valt hier voor bijen niet erg veel te rapen.” 

Het grootste slachtoffer van die disbalans, is de wilde bij. Net als de honingbij voedt die zich immers met stuifmeel en nectar. Omdat wilde bijen echter in veel kleinere kolonies samenleven dan de honingbij, zijn ze qua concurrentie niet tegen hen opgewassen. Nochtans zijn wilde bijen essentieel voor het voortbestaan van ons ecosysteem. Omdat wilde bijen veel beter bestand zijn tegen koude temperaturen, zijn zij het die instaan voor de bestuiving van bloesems die al vroeg in het voorjaar bloeien. Bovendien zijn er ook tal van kleine bloemen waarvoor de honingbij te groot is om aan bestuiving te doen. Daar doen de kleine varianten van de wilde bij het werk.

Bijvriendelijk groen 

Wie de overlevingskansen van de wilde bij omhoog wil helpen, zet volgens De Graaf dan ook best in op het kweken van ‘bijvriendelijk’ groen. “We moeten inzetten op drachtgewassen: permanente bomen en struiken die bijen van nectar en stuifmeel kunnen voorzien.” 

Onder meer de esdoorn, de acacia en de hazelaar komen daarvoor in aanmerking, maar ook meiklokjes en sieraardbeien en dille doen dat.

In de eerste plaats vindt De Graaf het aan de Vlaamse overheid om de ‘open plekken’ in ons landschap daar beter voor te gebruiken. “Niet alleen stadsparken moeten meer van die gewassen krijgen, maar er zou ook meer geëxperimenteerd moeten worden met nieuwe groene ruimtes – zoals bijvoorbeeld ‘groene wanden’: muren die men volledig laat begroeien met planten, zodat ook het verticale aspect van de publieke ruimte optimaal benut wordt. 

Tot slot kan ook de gewone Vlaming zijn steentje bijdragen door een appelboom in de tuin of een ‘vergroend’ stedelijk terrasje. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234