Woensdag 06/07/2022

AchtergrondWetenschap

Hoe weten eekhoorns of ze die verre sprong naar een tak halen? Onderzoekers hebben het geheim ontrafeld

Amerikaanse eekhoorn Beeld Foto Judy Jinn
Amerikaanse eekhoornBeeld Foto Judy Jinn

Eekhoorns moeten leren hoe ze van tak tot tak kunnen springen. Lessen waar ook robotbouwers van hopen te leren.

Joep Engels

Het zijn populaire filmpjes op YouTube. Eekhoorntjes die acrobatische toeren uithalen tussen de bomen. Met schijnbaar groot gemak springen ze van tak tot tak. Trefzeker, ze vallen bijna nooit. Dat zou ook niet goed zijn. Als de val al niet fataal is, zijn ze op de grond een gemakkelijke prooi.

Deze week is daar een filmpje bij gekomen. Geen natuuropname dit keer, of een leuk videootje, maar een wetenschappelijke studie. Biologen van de universiteit van Berkeley wilden weten hoe eekhoorntjes hun capriolen uithalen. Hoe hebben ze dat geleerd? Hoe weten ze dat een sprong zal lukken?

Springen vereist denkwerk

De studie, vrijdag gepubliceerd in het vakblad Science, is een logisch vervolg op eerder werk van de biologen. In de afgelopen decennia bestudeerden ze hoe gekko’s, kakkerlakken en ook eekhoorns zich voortbewegen en hoe ze zich aan allerlei oppervlakken lijken vast te plakken. Maar dit is andere koek, melden ze in een begeleidend persbericht. De sprongen vereisen niet alleen fysieke vaardigheden, maar ook denkwerk. “Ze moeten een inschatting maken van de omgeving”, zegt Robert Full. “Van welke tak spring ik? Haal ik die afstand? En vooral: spring ik of spring ik niet?”

Het is nog verre toekomstmuziek, maar inzicht in het leerproces van de eekhoorn kan helpen bij de ontwikkeling van slimme robots, zegt Full: “Een robot die een ingestort gebouw of een mijn ingestuurd wordt, op zoek naar overlevenden, kan ook worden geconfronteerd met uitdagingen van de omgeving en moet dan een beslissing nemen. Spring ik in dit gat, of over dit stuk puin?”

Eekhoorns zijn snelle leerlingen

Voor hun onderzoek bouwden de biologen een opstelling met een springplank en een iets verderop gelegen ‘tak’ waarop een lekker nootje lag te wachten. De biologen konden de springafstand variëren, alsmede de stijfheid van de plank. Daarmee zadelden ze de eekhoorntjes op met een probleem dat ze ook in de natuur tegenkomen. Lopen ze voor een sprong helemaal naar het uiteinde van de tak? Dan is de afstand kort, maar de tak zo wiebelig dat hij nauwelijks afzetmogelijkheden biedt. Dicht bij de stam weet de eekhoorn hoe de sprong uitpakt, maar is de afstand groot.

De dieren bleken snelle leerlingen. Na een poging of vijf wisten ze precies hoe ze bij elk plankje moesten springen. En in het leerproces bleek de stijfheid van de plank wel zes keer zo zwaar te wegen als de afstand: de eekhoorns namen veel liever een zekere verre sprong dan een wiebelig hupje.

Meesters in zichzelf corrigeren

Zo zeker hoefde die verre sprong ook niet te zijn. De eekhoorns bleken meesters in het zichzelf corrigeren. Een kleine afwijking vingen ze op door als een turner boven- of onderlangs aan het stokje te slingeren. Bij heel grote afstanden hadden ze nog een truc in huis. Dan zetten ze zich even af tegen de verticale zijwand van de opstelling om tijdens de sprong hun oriëntatie en landingssnelheid aan te kunnen passen.

Dat zijn vaardigheden waarover de biologen bij robots voorlopig alleen maar kunnen dromen. Want, erkennen ze in hun persbericht, in het biologische spel tussen balans en souplesse is de eekhoorn ongeëvenaard.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234