Donderdag 12/12/2019

Wereldwijde web

Het www wordt 30 en wordt gedomineerd door monopolisten. Maar er is hoop dankzij deze Belg

Beeld Getty Images

Dertig jaar geleden legde de Brit Tim Berners-Lee de fundamenten van het wereldwijde web. Vandaag maakt hij zich zorgen over zijn uitvinding. Samen met het team van de Belg Ruben Verborgh (UGent/Imec) probeert hij het web uit de klauwen van monopolisten zoals Facebook en Google te redden. “We bouwen aan technologie die mensen opnieuw zeggenschap geeft over hun eigen data.”

Laten we op de dertigste verjaardag van het www vooreerst twee misverstanden de wereld uithelpen. Eén: het internet is niet hetzelfde als het wereldwijde web. En twee: Tim Berners-Lee heeft dat www niet uitgevonden op 12 maart 1989.

“Het internet, dat zijn de fysieke verbindingen en kabels, zoals we die bij een telefoonnetwerk ook kennen”, zegt professor webtechnologie en vriend van Tim Berners-Lee, Ruben Verborgh (UGent/Imec). “Het wereldwijde web is alles wat je in een browser zoals Chrome, Firefox of Safari doet.” Denk aan dit artikel lezen op de website van De Morgen, Facebook checken, vliegtuigtickets boeken of bankzaken regelen. 

Dat klinkt vandaag allemaal vanzelfsprekend, maar het principe is wel degelijk revolutionair. Begin de jaren 80 konden computers enkel op een primitieve manier met elkaar communiceren, door informatie letterlijk van de ene naar de andere computer door te sturen. Net zoals een postduif informatie van plek A naar plek B kon vliegen.

Niet echt interessant als je op een efficiënte manier informatie wilt delen. Dat vond ook de Brit Tim Berners-Lee. Hij bedacht een concept dat documenten delen een stuk makkelijker maakte en legde op die manier de basis voor het wereldwijde web zoals we dat vandaag kennen. “Het straffe aan het web is dat mensen informatie online kunnen zetten, zodat iedereen, overal ter wereld, op elk moment, toegang heeft tot die informatie”, verduidelijkt Verborgh.

Hippe online tuinen

De uitwerking van dat concept zag pas het levenslicht in 1991, met de effectieve lancering van het www. Waarom vieren we dan op 12 maart de verjaardag? Verborgh grinnikt wanneer we de vraag stellen. “Ik heb Tim die vraag onlangs ook gesteld.” Het antwoord is eenvoudig. Berners-Lee wist enkel dat hij zijn eerste voorstel over het concept van het www in maart 1989 had geschreven, maar een precieze datum herinnerde hij zich niet meer. “Dus besloot hij de geboortedatum van zijn moeder, Mary Lee Woods, te gebruiken. Zij was ook een computerwetenschapper. Op 12 maart vieren we dus eigenlijk de grootmoeder van het web.”

Maar echt veel te fuiven valt er dezer dagen niet. Het web, zoals Tim Berners-Lee het voorzag, is er nog altijd niet. Volgens de Brit hoort het www een open plek te zijn waar iedereen, zonder beperkt te worden door geografische of culturele grenzen, informatie kan delen. “En in zeker opzicht gebeurt dat nog steeds”, zegt Verborgh, “maar die goeie kanten komen steeds harder onder druk te staan. Alle populaire diensten op het web lijken in eerste instantie gratis. Ondertussen zijn we erachter gekomen dat we die duur betalen. Met onze eigen data.” 

Elke foto, elke ‘vind ik leuk’, elke zin die we delen op sociale media zoals Twitter en Facebook worden door de bedrijven achter die platformen omgezet in advertentiegeld. De gevolgen daarvan zijn nefast. “In plaats van een open platform is het wereldwijde web verkaveld in verschillende zogenaamde walled gardens’. Om die diensten te gebruiken moeten gebruikers zich akkoord verklaren met hun spelregels.” Met andere woorden: enkel als we ons onderwerpen aan de online dictaturen, mogen we in de hippe online tuinen van Facebook, Twitter, Tik-Tok of Google vertoeven. Bovendien is het onmogelijk om informatie tussen die verschillende diensten te delen.

Verborgh gelooft niet dat iemand die evolutie had kunnen voorzien. Meer zelfs, Facebook en consorten hebben volgens hem kunnen genieten van Berners-Lees visie op het open web. “Het www is een plek van toestemmingsloze innovatie. Helaas ontstaan dan ook diensten die die initiële visie tegenwerken.” Maar nu vinden Berners-Lee en Verborgh dat het tijd is om een streep in het zand te trekken. “Het is zoals The Guardian het onlangs verwoordde”, zegt Verborgh. “Tim reikte Mark Zuckerberg de ladder aan om Facebook te laten groeien. Ondertussen heeft Zuckerberg die ladder onder zich vandaan getrapt.”

Klauwen

Al enkele jaren denkt Verborgh samen met Berners-Lee en zijn team na over hoe we het internet weer kunnen decentraliseren. Hoe kunnen we het web uit de klauwen van monopolisten van Facebook en Google halen? De voorbije jaren hebben er zich al verschillende zogenaamde ‘Facebook-killers’ aangeboden. Maar wie gebruikt de Ello’s, Paths en Vero’s van deze wereld? En wie wil zich überhaupt nog wagen aan het bouwen van een zoekmachine?

“Het probleem is dat bedrijven zoals Facebook en Google niet meer hoeven te innoveren”, zegt Verborgh. “Ze hebben besloten om uit te blinken in een ander spel: data verzamelen. Wie Facebook en Google op hun terrein wil verslaan, moet meer data hebben. Dat lukt natuurlijk niet.” Facebook en Google hebben zich boven het web en het spel van de toestemmingsloze innovatie gezet.

Volgens Verborgh en Berners-Lee is het mogelijk om bedrijven zoals Facebook terug tot de orde te roepen. En de UGent-professor ziet hoopvolle voortekenen. “Er worden steeds meer kleine bedrijven opgericht die beseffen dat persoonlijke data verzamelen als brandstof voor een bedrijf maatschappelijk nefaste gevolgen heeft. Bovendien heeft Europa met zijn nieuwe GDPR-privacywetgeving een duidelijk signaal gegeven: data verzamelen is af te raden.”

Verborgh gelooft dan ook dat de tijd rijp is voor nieuwe verdienmodellen. “Vandaag draait alles om zogenaamde big data verzamelen, maar de toekomst is aan linked data.” Om het onderscheid tussen die twee hip klinkende Engelse termen te maken, geeft Verborgh het voorbeeld van een profielfoto. “Stel dat je een leuke foto met je smartphone hebt gemaakt en die opslaat in Google Foto’s. Als je die foto wilt veranderen op je Facebook-, Twitter-, en LinkedIn-profiel, dan zul je bij elk van die diensten de foto moeten opladen. Dat is toch absurd?”

Persoonlijke kluis

We kopiëren en lekken onze persoonlijke informatie keer op keer in ruil voor een online dienst, terwijl we net voordeel zouden moeten halen uit die informatie. Vergelijk Facebook en Twitter in dezen met een klantenkaart van Delhaize en Colruyt. “De GDPR geeft ons de mogelijkheid om de aankoopgegevens die Colruyt over ons verzamelde op te vragen en naar de Delhaize te stappen om daar te laten weten: ‘Hé Delhaize, welke korting willen jullie me geven in ruil voor mijn Colruyt-gegevens?’” Als we erin slagen om individuen opnieuw zeggenschap te geven over hun eigen gegevens, kunnen de muren tussen de walled gardens neergehaald worden.

“Wij bouwen op dit moment mee aan een nieuwe laag op het wereldwijde web die burgers dat zeggenschap moet teruggeven”, zegt Verborgh. Hij heeft het over Solid. In dat systeem beschikt iedereen over een eigen persoonlijke kluis waar hij of zij persoonlijke gegevens, foto’s, surfgeschiedenis en andere data in verzamelt. “Als iedereen zo’n kluis heeft, dan zullen kleine alternatieven voor Facebook nooit meer in het nadeel zijn”, zegt Verborgh. “Ze zullen geen data meer moeten verzamelen, maar enkel toestemming vragen.” Op die manier kunnen er perfect verschillende soorten netwerken en diensten naast elkaar bestaan en zijn grote dataverzamelaars niet meer in het voordeel. Denk aan een gebruiksvriendelijke Facebook voor senioren, een sociaal netwerk op maat van kinderen en slechtzienden. Ze tonen allemaal foto’s en data uit onze kluizen, maar iedereen kiest voor zichzelf welke app de beste is.

De technologie die vereist is voor zo’n systeem werkt. “Nu is het een kwestie om ervoor te zorgen dat mensen de technologie ook gebruiken. Enkel wanneer we de gebruiksvriendelijkheid van Google en Facebook benaderen, zal Solid succesvol zijn.” En daar heeft Verborgh goede hoop op. Tegen 2020 zou iedereen Solid moeten kunnen uitproberen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234