Zaterdag 18/01/2020

Wetenschap

Het middelste kind is het meest succesvol: klopt dat wel?

Beeld Thinkstock

Berichten verspreiden zich vaak razendsnel, of ze nu kloppen of niet. Wij proberen de zin van de onzin te scheiden. Vandaag: het middelste kind is later vaak het meest succesvol.

Wie als middelste kind ter wereld is gekomen, gaat het ver schoppen met de carrière. Dat meldden althans enkele opvoedblogs afgelopen week, waaronder Ouders van Nu en J/M Ouders op basis van nieuw onderzoek. Valt dat even mee: gewoonlijk komt de gezinsmiddenmoot er qua psychologische ontwikkeling bekaaid vanaf, de oudste krijgt de meeste aandacht en de jongste mag alles. Die tussen-schip-en-wal-situatie schept juist leiderskwaliteiten bij de middelstgeborenen, aldus de wetenschappers.

Dat de geboortevolgorde iets uitmaakt voor de persoonlijke ontwikkeling lijkt niet onwaarschijnlijk. Maar ontstijgen zulke voorspellingen die van de gemiddelde horoscoop? De bron achter het verhaal blijkt niet nieuw: alle verwijzingen leiden naar een interview uit 2012 met Katrin Schumann, co-auteur van het boek The Secret Power of Middle Children. Haar argument om carrièresucces van middelste kinderen aan te tonen luidt als volgt: 52 procent van de Amerikaanse presidenten was zelf middelste kind. Meer dan de helft dus.

Toeval

Ogenschijnlijk veel, maar dat is het niet. Tot halverwege de vorige eeuw waren de meeste Amerikaanse gezinnen groot: gemiddeld hadden ze vijf kinderen, met uitschieters tot elf à twaalf. De kans is dat er toevallig zo'n toekomstige president tussen de eerst- en laatstgeborene zit, is dan best groot. Ongeveer 53 procent, als we afgaan op de gezinsgrootte van alle presidentsnesten tot en met Obama. Anders gezegd: er hebben tot nu toe niet meer middelste kinderen de presidentspositie bekleed dan je op basis van toeval hoeft te verwachten.

En die sterke karaktereigenschappen van het middelste kind dan? Die zijn er helemaal niet, concludeerden wetenschappers in 2015 nog met twee gigantische studies. Duitse psychologen ploegden door persoonlijkheidstesten van bijna twintigduizend mensen en vonden geen enkel verschil tussen middelste, jongste of oudste gezinsleden, op welke manier ze die ook vergeleken. Onder 377.000 Amerikaanse scholieren was ook eveneens nul geboortevolgorde-effect te bekennen. Hooguit intelligentie: dat verschilt gemiddeld één IQ-punt tussen de oudste en de jongste kinderen; een onmerkbaar verschil.

Conclusie: onzin.

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234