Dinsdag 23/04/2019

Ruimtevaart

Het menselijk lichaam kan (waarschijnlijk) lange ruimtevluchten aan

Mark en Scott Kelly, beiden astronaut en proefpersoon van het tweelingonderzoek. Mark bleef op aarde, terwijl Scott voor 340 dagen naar de ruimte ging. Beeld Robert Markowitz - Nasa

Het menselijk lichaam redt zich wel in buitenaardse omstandigheden. Dat stelt ruimtevaartorganisatie Nasa na onderzoek op de eeneiige astronautentweeling Scott en Mark Kelly. Scott woonde bijna een jaar in de ruimte, terwijl zijn broer op aarde bleef. De meeste veranderingen in Scotts lichaam waren klein, of trokken bij in de maanden na zijn vlucht.

Aan boord van het internationale ruimtestation ISS heeft een astronaut het maandenlang constant te verduren: isolatie, een gebrek aan zwaartekracht en meer straling dan op aarde. De Nasa wil astronauten in de toekomst echter veel verder weg sturen, zoals naar Mars. Een enkeltje naar de rode planeet duurt minstens een half jaar en de invloed van zo’n lange reis op het lichaam is nog niet duidelijk. Het tweelingonderzoek, dat de Nasa in het vakblad Science publiceert, laat nauwkeurig zien hoe het menselijk lichaam zich herpakt na blootstelling aan de vreemde omstandigheden in de ruimte.

De meeste veranderingen in Scotts lichaam waren klein of namen af in de maanden na thuiskomst. Zo verdikte het netvlies in de ogen van de astronaut  en veranderde de variatie aan bacteriën in zijn darmen, maar in de maanden na thuiskomst namen deze veranderingen weer af. Scotts observatie- en denkvermogen verzwakten na de landing op aarde, maar ook dat trok in de zes maanden daarna grotendeels bij. 

Enkele bevindingen zouden mogelijk ook de geneeskunde op aarde kunnen helpen. Zo leken Scotts telomeren, stukjes dna die met de ouderdom korter worden, uitgerekt te zijn. Na thuiskomst nam de gemiddelde lengte van de telomeren weer af. Kortere telomeren vergroten het risico op ouderdomsziekten, zoals hart- en vaataandoeningen. Vervolgonderzoek moet uitwijzen waarom de telomeren mogelijk uitrekten tijdens de vlucht. Die kennis zou kunnen helpen om bepaalde ouderdomskwalen op aarde te bestrijden, hopen de wetenschappers. 

Het is nog onzeker of de ruimtereis ook echt de oorzaak is van de gemeten effecten. Onderzoek met meer proefpersonen dan alleen deze ene tweeling moet daarover uitsluitsel geven. Daarom willen de wetenschappers nog tientallen astronauten onderzoeken die minstens twee maanden naar het ISS gaan. 

Maarten van Smeden, statisticus van het LUMC en niet betrokken bij dit onderzoek, beaamt dat er onzekerheden zijn. “Het is verleidelijk om oorzakelijke verbanden te leggen, maar daar is het nog te vroeg voor.” Wel benadrukt Van Smeden dat de wetenschappers erg terughoudend blijven. “Ze zijn voorzichtig met hun bevindingen en verbinden er geen zware conclusies aan. Maar het is wel een intensief en goed uitgevoerd onderzoek.”

Logistieke uitdaging

Voor, tijdens en na de ruimtemissie, gedurende een periode van 25 maanden, gaven beide broers regelmatig onder meer bloed en urine af. Vooral bij Scott was dit een logistieke uitdaging: zijn verse bloedmonsters gingen soms met bevoorradingsmissies van de Sojoez-ruimtecapsule terug naar de aarde, om daar razendsnel naar het lab gebracht te worden. Ook deden de tweelingbroers testen om hun cognitieve vermogen te meten. 

84 Amerikaanse wetenschappers onderzochten het materiaal en de testuitslagen en verwerkten een en ander in tien verschillende onderzoeken. Als de onderzoekers een verandering in Scotts lichaam zagen en niet in dat van Mark, wees dat mogelijk op invloeden van de ruimte. 

“Het is een fantastisch onderzoeksontwerp”, stelt tweelingexpert Dorret Boomsma, die niet betrokken is bij dit onderzoek. “Nu heb je een controlepersoon die genetisch identiek is aan je proefpersoon om metingen mee te vergelijken.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.