Maandag 16/09/2019

Het gevaarlijkste weerpraatje uit de vaderlandse geschiedenis

Armand Pien tijdens zijn weerpraatje van 2 mei 1986. De pijlen laten zien hoe de radioactieve wolk alsnog van zijn route afweek en richting België dreef. Beeld UNKNOWN

Communiceren over radioactieve straling is slechts enkelen gegeven. Dat ondervond ook de populaire BRT-weerman Armand Pien op 2 mei 1986. Die nacht kwam de Tsjernobylwolk onverwacht toch over ons land gedreven. Had Pien 's ochtends iedereen nog gerustgesteld, 's avonds kon hij dat niet meer. Maar zijn eigen, alarmerende cijfers moest hij schrappen. Vergiste Pien zich? Een reconstructie van 24 uur crisismanagement.

2mei 1986. 's Ochtends mogen Piens trouwe luisteraars nog gerust zijn. "Er stond vannacht een zuidwestenwind", zegt de weerman tijdens zijn praatje bij radiocoryfee Lutgard Simoens. En dat is goed nieuws. Daardoor is de radioactieve wolk uit Oekraïne niet over België getrokken. Voor ons bestaat geen gevaar. Gelukkig.

Het zal niet lang duren. 's Avonds heeft Pien een onaangename verrassing voor zijn kijkers. "Vlak na mijn weerpraatje vanmorgen hoorde ik dat vannacht toch verhoogde radioactieve straling is gemeten", zegt hij die avond op tv. "Eerst in Dourbes, daarna in Brussel en vervolgens in Nederland." De wind heeft de Tsjernobylwolk in de nacht van 1 op 2 mei 1986 wel over ons land geblazen.

Pien houdt zijn praatje zakelijk. Zijn weerbericht volgt op een interview met toenmalig staatssecretaris voor Leefmilieu Miet Smet (van de toenmalige CVP, nu CD&V). Zij meldt dat die nacht "een zeer minieme stijging van de radioactiviteit is vastgesteld, met factor anderhalf". Of die concentratie gevaarlijk is? "Nee, helemaal niet. De maximumblootstelling aan radioactieve jodium die dag was 10 microrem in plaats van zes. Pas vanaf een blootstelling van 500.000 microrem per jaar is het nodig jodiumtabletten te slikken."

Er worden geen preventieve maatregelen aangekondigd. Op 2 mei 1986 schijnt een stralende lentezon. Voor velen is het een vrije dag. Kinderen spelen buiten, gezinnen trekken erop uit. In Zuid-Duitsland worden de koeien op stal gehouden, bij ons mogen koeien blijven grazen en wij mogen de melk drinken. "Tsjernobyl straalt tot in België, maar peil blijft tot 50.000 keer onder risicodrempel", titelt De Morgen de volgende dag.

Pas nadat de volgende nacht opnieuw verhoogde straling wordt gemeten, worden preventieve maatregelen afgekondigd. Aangeraden wordt verse groenten grondig te wassen, boeren krijgen het advies hun dieren op stal te houden. Al benadrukt het kabinet dat er geen gevaar dreigt voor de volksgezondheid. Er is ander nieuws: Sandra Kim wint het Eurovisiesongfestival. Na het weekend lijkt de crisis al bijna voorbij.

Gevaarlijk persoon
Pien zou zich dat weerpraatje blijven herinneren. Vooral om wat hij die dag niet had gezegd. "Vlak na mijn praatje bij Lutgard zag ik een collega van het KMI. 'Weet je wat we nu gemeten hebben', zei die. '15.000 becquerel terwijl 15 normaal is.' Die avond moest ik het weerbericht geven. Ik kon dat toch niet verzwijgen? Ik vroeg wat ik moest doen. Dat was me een gepalaver, met Miet Smet, KMI-directeur Malcorps, Karel Hemmerechts. Ik mocht het aanhalen maar moest het bij de meteorologie houden.

"Ik was een gevaarlijk persoon. Kinderen speelden buiten die dag. Ik had paniek kunnen zaaien, ik moest me bij de feiten houden. We hebben veel geluk gehad dat het niet geregend heeft." Volgens Pien waren we aan een kleine ramp ontsnapt. De oproep die hij op 2 mei wil doen - ramen en deuren dicht en kinderen binnen - moet hij laten vallen. Enkel de gecorrigeerde versie van zijn weerpraatje wordt uitgezonden.

Wanneer het uitlekt, is de directeur informatie van de BRT, Karel Hemmerechts, die onlangs is overleden, kop van jut. Zijn dochter, schrijfster Kristien Hemmerechts, herinnert zich die periode nog goed. "Iedereen vertelde dat mijn vader info wou achterhouden. Eerst was ik ook kwaad op hem. Het was een verlengd weekend, ik was ook gaan picknicken. Hij had niet eens zijn eigen dochter gewaarschuwd."

Ze sprak hem er pas een hele tijd later over aan. "Hij is toen zwaar aangepakt, bijna alsof hij persoonlijk verantwoordelijk was voor Tsjernobyl. Later heb ik eens voorzichtig gepolst. Nu begrijp ik zijn argumentatie wel. Pien kwam met zulke dramatische cijfers bij hem, maar hoe verklaarde je die? En klopten die wel? Die cijfers moesten correct geduid worden door experts. Als je dat niet kunt, mag je dat niet zomaar in de ether gooien, was zijn redenering."

Oud-VRT-journalist Walter Zinzen, die in die tijd op de BRT werkte, is het daar niet mee eens. "Het zal wel dat er te weinig context was voor die cijfers, maar feit bleef dat er toen een serieuze luchtverontreiniging kwam over ons land. Er zijn nooit goede argumenten voor censuur. Er zijn toen veel discussies over geweest. Hemmerechts was erg gezagstrouw en Pien was een brave man. Maar hij was wel erg zeker van zijn cijfers."

Drie nullen verschil
15.000. Pien bleef het herhalen tot aan zijn dood in 2003. Een bijzonder hoog cijfer, dat in schril contrast staat met de "lichte verhoging van de blootstelling met een factor 1,5" die Miet Smet destijds communiceerde. Ze hadden het weliswaar over andere fysische eenheden, Pien doelde op de straling, Smet had het over blootstelling, maar toch.

Het getal kwam volgens Pien van metingen van een collega bij het KMI, Dirk De Muer. "Waar hij dat cijfer vandaan haalde, weet ik niet, maar Pien heeft zich duidelijk vergist. Vijftienduizend becquerel is echt onmogelijk, alleen al omdat je het moet uitdrukken per kubieke meter", zegt De Muer, inmiddels met pensioen. Voor de zekerheid haalt hij er de oude metingen bij.

"Pien heeft destijds drie nullen teveel gehoord. Als hij in plaats van 'becquerel' 'millibecquerel per kubieke meter' had gezegd, klopte het ongeveer. Het daggemiddelde dat die dag in Ukkel werd gemeten, bedroeg ongeveer 15 becquerel per kubieke meter. De uurgemiddelden 's ochtends vroeg liepen zelfs op tot ongeveer 70 bq/m3. Ik vermoed dat Pien in de war was door de nieuwe meeteenheden waarop toen werd overgeschakeld. Dat was complex. Op de vergadering met alle experts die dag is ook zwaar gediscussieerd over eenheden. En Pien was geen kernfysicus."

Een rekenfout die al bij al eenvoudig rechtgezet had kunnen worden. Pien hield evenwel vol dat hij orders kreeg om geen paniek te zaaien. Een zaak die ook de BRT intern beroerde. Op 27 februari 1987 stuurde Karel Hemmerechts een interne nota rond. "Op 2 mei werd ik benaderd door een persoon (...). Beroepshalve had die toegang tot de resultaten van wetenschappelijke waarnemingen betreffende de radioactieve neerslag na de ramp van Tsjernobyl. Naar wat hij me zei, werden die resultaten aan de bevoegde overheid meegedeeld.

"Overeenkomstig de geest en de letter van de Voorschriften heb ik, tegen het verlangen van sommige journalisten in, passende maatregelen genomen waarbij het aan de ter zake bevoegde autoriteiten werd overgelaten om de modaliteiten van openbaarmaking te bepalen. (...) In het andere geval had ik alleszins in de onmogelijkheid verkeerd onze houding te rechtvaardigen, aangezien mijn zegsman naar eigen zeggen door de zwijgplicht was gebonden."

Orders om te zwijgen van Leefmilieu? "Daar weet ik niets van", reageert toenmalig staatssecretaris voor Leefmilieu Miet Smet. "Die dag hebben wij meteen een coördinatiegroep experts bijeengeroepen. De baas van het KMI zat daarbij en meldde moeilijkheden met Pien. Dat hij zich had vergist van cijfer. De directeur heeft dat geregeld. Wij hebben Pien alleszins niet gebeld."

Nochtans werd op die dag in die crisisgroep experts wel afgesproken dat alle communicatie enkel door het kabinet zou gebeuren. Smet, fel: "Het is toch normaal dat je één lijn probeert aan te houden. De situatie was zo al moeilijk genoeg zonder dat verschillende diensten ook nog eens verschillende dingen gingen zeggen. Die beslissing is door de hele groep genomen."

Blijft het feit dat de pieken die het KMI die nacht optekende, spectaculair waren. De Muer: "Die niveaus hadden we nog nooit gemeten, ook niet ten tijde van de bovengrondse kernproeven. Maar dat zegt niets over het risico. Dat hangt af van de duur van de blootstelling. En die was kort. Het risico was miniem."

Maar kon je dat die tweede mei al weten? Een moeilijke vraag, zegt De Muer. "Niemand kon voorspellen hoe lang die situatie zou duren. Als het toen had geregend, waren de gevolgen erger geweest. Die dag werd beslist de situatie voort op te volgen." Toch verspreidde het kabinet toen al het bericht dat er geen probleem was.

Was dat niet voorbarig? Smet: "Er was voortdurend overleg met de coördinatiegroep. Op basis van hun advies werden maatregelen genomen. Er is nooit een risicogrens overschreden. Er zijn nooit resultaten geweest die reden gaven tot ongerustheid." Kortom, de communicatie was goed.

Expert nucleaire veiligheid Gilbert Eggermont (VUB) dacht er anders over. Hij vond dat het licht verhoogde kankerrisico, hoe klein ook, vermeld moest worden. En deed dat ook op de radio. Het werd hem niet in dank afgenomen. "Ik heb mij moeten verantwoorden bij de decaan. Maar er wás een beperkt risico voor schildklierkanker bij kinderen. Ook al was dat klein, het moest verteld worden. Mits kleine voorzorgen - tijdelijk geen verse melk voor kleine kinderen en ander voer voor dieren - kon je dat nog verder verkleinen. Maar dat verstoorde de landbouwsector en dus lag dat moeilijk.

"Ik begrijp wel je geen paniek wil zaaien en daarom geruststelt. Dat is wellicht goed bedoeld, maar mijn ervaring leert dat je het dan erger maakt. Ik zou vandaag hetzelfde reageren: erken het probleem en plaats het in een context."

Beeld UNKNOWN
 BRT-informatie-directeur Karel Hemmerechts was erg gezagstrouw en Pien was een brave man. Maar hij was wel erg zeker van zijn cijfers  
VRT-journalist Walter Zinzen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234