Donderdag 21/10/2021

InterviewGeograaf Gerard Govers

Geograaf Gerard Govers: ‘De mens moet zich terugtrekken uit de natuur’

Gerard Govers: ‘Utopieën kunnen gevaarlijk zijn. Ik ga liever democratisch ten onder dan dat ik dictatoriaal word gered.’   Beeld ID/BART DEWAELE
Gerard Govers: ‘Utopieën kunnen gevaarlijk zijn. Ik ga liever democratisch ten onder dan dat ik dictatoriaal word gered.’Beeld ID/BART DEWAELE

Ja, men had de slachtoffers van de watersnood sneller kunnen waarschuwen en evacueren, vindt geograaf Gerard Govers (61). Een gesprek over klimaat, koeien en kernenergie. ‘Het zal sowieso nog erger worden.’

“Polarisering is vergif voor ons brein”, zegt Gerard Govers, hoogleraar geografie en vicerector aan de KU Leuven. “Ik heb daar echt een hekel aan, laat dat duidelijk zijn. Er zijn tegenstellingen in het klimaatdebat, dat ga ik zeker niet ontkennen. Maar laten we ons alstublieft hoeden voor een stellingenoorlog. Ik vind ook dat Greta Thunberg soms wat eigenaardige uitspraken doet, maar ik zal nooit zeggen dat er bij haar een hoek af is, zoals een Vlaamse partijvoorzitter ooit heeft gedaan. Ik wil met haar in debat, op basis van argumenten en, vooral, wetenschappelijke feiten. Het klimaatdebat is te belangrijk om het te laten stranden op de strijd tussen ecologisten en ecomodernisten, al leun ik zelf meer aan bij het ecomodernisme, dat is bekend. Maar vroeg of laat moeten we toch samen door dezelfde deur.”

BIO • geboren op 29 december 1959 in Neerpelt • geograaf, gewoon hoogleraar aan de KU Leuven • onderzoekt hoe landgebruik de bodem beïnvloedt en omgekeerd • doceert cursussen over de impact van de mens op de planeet aarde • is vicerector van de groep Wetenschap & Technologie en verantwoordelijke voor de dienst Duurzaamheid

De watersnood in ons land – en een aantal buurlanden – heeft het klimaatdebat naar een nieuwe urgentieniveau getild. Van twijfel over het verband tussen dit extreme weer en het opwarmende klimaat kan geen sprake meer zijn. Er moet dus dringend en ingrijpend worden gehandeld. Als geograaf en vice-rector STEM (Science, Technology, Engineering, Mathematics) van de KU Leuven voert Gerard Govers dit debat al lang – mede omdat hij voorzitter is van een expertenpanel dat het Vlaamse klimaatbeleid opvolgt. Hij heeft een hekel aan polarisering, maar is scherp en duidelijk over zijn visie, die in twee cruciale opzichten afwijkt van wat soms een consensus lijkt: meer biologische landbouw vindt hij géén goed idee, kernenergie daarentegen kan volgens hem wél een rol blijven spelen. Maar eerst naar de ramp waarvan we vandaag nog altijd het puin ruimen.

Wat is er precies gebeurd?

“We noemen dat een cyclonale storing, en we hebben er in België elk jaar zo wel enkele tien­tallen. Maar deze is heel lang blijven hangen op één plaats: ongeveer 72 uur, en normaal gesproken duurt dat maar een dag of zo en trekt het systeem verder. Als dat nu ook was gebeurd, hadden we maar de helft of een derde van de neerslag gehad. Dat is de essentie: al het water dat in de vochtige lucht is opgeslagen, werd 72 uur lang op één plek gedumpt, bij ons onder meer boven de ­Ardennen.”

En waarom blijft zo’n storing hangen?

“Dat is een vrij complexe aangelegenheid, die we pas de laatste jaren echt goed begrijpen – waaruit nog maar eens blijkt hoe snel wetenschap evolueert: als u mij vijf jaar geleden had gevraagd of we zowat alles over klimaatopwarming wisten wat we moesten weten, had ik waarschijnlijk ‘ja’ gezegd. Maar over dit fenomeen, in het jargon heet het standing Rossby waves, is pas in 2013 een eerste wetenschappelijke paper verschenen.”

Wat is de kern van dat nieuwe inzicht?

“Om het simpel uit te leggen: de straalstroom beweegt van west naar oost, boven onze hoofden. In die straalstroom zitten golfjes die normaal ook netjes mee bewegen en niet lang boven onze hoofden blijven hangen. Het grote probleem dat we nu in de atmosfeer zien, is dat die golfjes stationair blijven. Het onderzoek is nog in volle gang, maar het heeft te maken met het feit dat de polen sneller opwarmen dan de rest van de planeet. Dat haalt het hele ecosysteem overhoop, zeg maar.”

Wat gebeurt er dan?

“De planeet is sinds het pre-industriële tijdperk gemiddeld zo’n 1,2 graden opgewarmd. De polen wel 3 tot 4 graden. Een van de gevolgen is dat het temperatuurverschil tussen pool en evenaar kleiner wordt. En dat veroorzaakt dus die standing Rossby waves. Hoe dát dan weer komt, kan ik u niet in één-twee-drie uitleggen, daarvoor is het te complex.”

Waarom gebeurde in Oostenrijk en Duitsland hetzelfde als bij ons?

“Omdat het systeem stationair blijft hangen boven de hele wereld. Bekijk het als een soort verjaardagskroontje op de planeet, met pieken en dalen. Alles hangt met elkaar samen. De extreme neerslag in Europa was gekoppeld aan de extreme droogte in het noordwesten van de Verenigde Staten. Hier bleef te veel vochtige lucht hangen, daar te veel droge lucht. Maar beide fenomenen maken deel uit van hetzelfde systeem.”

En de oorzaak van dat extreme weer is de klimaatopwarming?

“Nu moeten we goed definiëren wat we precies bedoelen. Extreem weer is er natuurlijk altijd geweest. In 1908 is Leuven nog volledig overstroomd. Zulke gebeurtenissen zullen er altijd zijn. Alleen worden ze door de opwarming van de aarde veel waarschijnlijker. De frequentie neemt toe. Daarnaast speelt de opwarming van het klimaat op nog een ander vlak: doordat de lucht warmer is, kan ze meer vocht bevatten. Als het dan regent, heb je veel meer neerslag. Dat alles samen verklaart dit dramatisch evenement.”

Geoloog Manuel Sintubin schreef maandag in De Morgen dat we ons te eenzijdig hebben gefocust op mitigatie, het beperken van verdere opwarming van de aarde, en te weinig op adaptatie, aanpassing. Akkoord?

“We moeten de balans tussen de twee vinden. Niemand had kunnen voorspellen dat nu juist Pepinster zou overstromen. Natuurlijk is adaptatie belangrijk. We zullen te maken krijgen met extremere droogte, intensere neerslag, een stijgende zeespiegel, enzovoort. Daarop moeten we ons voorbereiden. Door zo goed mogelijk het weer te voorspellen, zodat we tijdig mensen kunnen helpen. Maar ik zie niet hoe je een plek zoals Pepinster op korte termijn kunt beschermen tegen zulke neerslag.”

Dijken bouwen en overstromingsgebieden voorzien kan niet overal?

“In ons vlakke Vlaamse landje kun je rivieren veel gemakkelijker ruimte geven. Leuven is op dit moment bijvoorbeeld redelijk goed beschermd. De Dijle heeft veel plaats mocht ze ooit op korte tijd zoveel water moeten slikken. In de Ardennen zal dat veel moeilijker zijn. Ook bodembeheer zal het verschil niet maken. Al die grond is verzadigd met water, en reageert dus net zoals verharde grond, zodat ontharding niet meer helpt. Ik denk dat de mensen volgende keer vooral beter tijdig verwittigd en weggehaald worden.”

‘De extreme neerslag in Europa was gekoppeld aan de extreme droogte in het noordwesten van de Verenigde Staten.’  Beeld BELGA
‘De extreme neerslag in Europa was gekoppeld aan de extreme droogte in het noordwesten van de Verenigde Staten.’Beeld BELGA

Daarover lijken alle waarnemers het ondertussen eens: men had die mensen tijdig kunnen en moeten waarschuwen.

“Ja, we wisten het ongeveer twee dagen op voorhand. We konden niet voorzien dat het zó erg zou worden, maar we wisten dat de kans op deze overstromingen bestond. Men had de mensen tijdig moeten evacueren. Het moet mogelijk zijn om de cruciale plekken in een gemeente zoals Pepinster in 24 uur tijd te ontruimen, zodat mensen niet van hun dak moeten worden gehaald. Maar ik wil niet per se iemand bekritiseren, hoor. De altijd goed georganiseerde Duitsers hadden hetzelfde probleem.”

Had het stuwmeer van Eupen een rol kunnen spelen? Er is veel kritiek dat men dat te laat heeft laten leeglopen.

“Zeker. Als je zulke weerfenomenen verwacht, moet je het niveau van stuwmeren zo snel en drastisch mogelijk verlagen. Door dat te doen en de mensen sneller te evacueren, kun je het aantal slachtoffers en vermisten, en wellicht een deel van de materiële schade, alvast beperken. Daarnaast moeten we investeren in maatregelen die de ernst van de overstromingen kunnen beperken: wachtbekkens, meer ruimte voor de rivieren… In Vlaanderen is dat op vele plekken haalbaar. Maar nogmaals: in de Ardennen, met de steile valleien en beperkte ruimte, zal dat niet gemakkelijk zijn.”

Een grondige oplossing zou als het ware massale onteigeningen vergen. Moet dat op termijn dan toch niet worden overwogen? Het is een schraal vooruitzicht dat tijdig je huis verlaten het enige is wat een mens kan doen.

“Op sommige plekken zijn onteigeningen en grondige ingrepen misschien wel mogelijk. Maar Pepinster en Verviers zijn eeuwenoude centra. Het is moeilijk om mensen ertoe te bewegen die plekken definitief te verlaten. In het Duitse Remagen staat een huis waar de overstromingspeilen van de Rijn staan aangeduid. Dat dorp is in de loop der tijden echt al tientallen keren overstroomd. En het staat er nog altijd. Mensen wonen er nog.”

Zal onze kustlijn het houden met de stijgen­de zeespiegel?

“Tegen het einde van de eeuw komt daar 60 tot 80 centimeter bij. De kust zal dus beter moeten worden beschermd. Dat zal niet op alle plekken even eenvoudig zijn, maar het is mogelijk.”

Maar een appartement op het gelijkvloers op de dijk gaat u niet meer kopen?

“Nee, ik zou dat niet doen. Net zoals ik in Zuid-Oost-Spanje geen vakantiewoning ga kopen, omdat de droogte daar steeds extremer zal worden. We kunnen niet overal alles aanpassen.”

Als adaptatie niet overal mogelijk is, dan is mitigatie toch belangrijker, vindt u?

“Nogmaals, we moeten het allebei doen, de balans vinden. Maar mitigatie is belangrijk. Als we nu flink onze best doen, kunnen we de opwarming tegen het einde van deze eeuw nog net onder de 2 graden houden. Dan zullen de effecten die we vandaag zien nog wat intenser worden, daar ontkomen we niet aan. Het zal sowieso nog erger worden. Maar als we onze uitstoot sterk verminderen, zullen we ook onmiddellijk effect zien.”

Is er niet altijd gezegd dat de opwarming nog lang zal blijven doorgaan, ook als we onze uitstoot onmiddellijk tot nul zouden terugbrengen?

“Ja, maar dat is niet helemaal juist. Als onze uitstoot nu zou stoppen, zou de opwarming relatief snel ophouden. De deken die over onze atmosfeer ligt, zou onmiddellijk dunner worden. De concentratie CO2 in de atmosfeer zou dalen, en dat zou een compenserend effect hebben. Stoppen met uitstoten heeft dus een snel en merkbaar effect. Met elke ton CO2 die je niet uitstoot of uit de atmosfeer haalt, lever je een reële bijdrage aan de lagere temperaturen van de komende decennia.”

Dus we moeten zo snel mogelijk naar de nuluitstoot?

“Dat is een conclusie die buiten kijf staat. We moeten adapteren en mitigeren. We moeten onze samenleving klimaatrobuuster maken én investeren om onze uitstoot tot nul te herleiden. En daar zijn we nog lang niet. Ik heb het plan van de Europese Unie, Fit for 55, nog eens grondig bekeken, en daar zit veel in dat goed is – behalve wat betreft de landbouw, maar dat zal ik straks toelichten. Maar de ambitie zit goed: 55 procent minder uitstoot tegen 2030, in vergelijking met 1990. De vraag is of we iedereen op die korte termijn zullen meekrijgen – 2030 is nog maar acht jaar, de druk is dus enorm groot.”

Verticale landbouw in Kopenhagen: robots planten de zaadjes en checken of de groenten en kruiden volgens schema groeien. Beeld AFP
Verticale landbouw in Kopenhagen: robots planten de zaadjes en checken of de groenten en kruiden volgens schema groeien.Beeld AFP

Waar verwacht u weerstand?

“Wat nu al bestaat voor de industrie, zal men ook invoeren voor transport en gebouwen: de handel in emissienormen. Een ton CO2 uitstoten zal geld kosten. Veel geld, want voor de industrie is dat bedrag op een paar jaar al gestegen van 5 naar 60 euro per ton. Als die prijzen voor alle vormen van uitstoot zo sterk zullen blijven stijgen, kun je misschien georganiseerd verzet verwachten. En dan schiet je je doel voorbij.”

U bedoelt: sociaal verzet zoals dat van de gele hesjes?

“Zeker. Aardgas wordt duurder. In theorie mogen leveranciers duurdere uitstootrechten niet naar de consument doorrekenen, maar dat zal gebeuren. De Europese Unie belooft dat ze een deel van de opbrengst zal gebruiken om onrechtvaardigheden in het systeem te corrigeren, maar dan nog: 55 procent minder tegen 2030 is gigantisch veel. Het plan is ook op andere punten ambitieus: meer openbaar vervoer, minder energieverbruik, meer oog voor de circulaire economie, voor biodiversiteit. Men wil Europa echt klaarmaken voor de tweede helft van de eenentwintigste eeuw.”

Met het luik over landbouw bent u het niet eens, zei u net. Wat scheelt daaraan?

“Men wil meer ruimte voor biologische landbouw – zoals bijvoorbeeld Greta Thunberg die bepleit. En dat staat haaks op de rest van die zogenaamde New Green Deal. Meer ruimte voor landbouw betekent minder ruimte voor bossen – en bossen zijn nog altijd de beste manier om CO2 op te slaan op het land. Dat element van het plan wringt bij mij. Europese beleidsvoerders hebben een fout beeld van wat landbouw is: zij denken nog altijd aan jongens en meisjes die op het land werken om op milieuvriendelijke wijze voedsel te produceren. Maar zo werkt moderne landbouw niet.”

Hoe dan wel?

“Moderne landbouw is een zeer industrieel proces dat ervoor zorgt dat wij maar tien procent van ons budget aan eten moeten besteden en met de rest van ons geld andere leuke dingen kunnen doen.”

En het is niet nodig om onze groenten bij de boer om de hoek te kopen? Onze boontjes mogen evengoed uit Kenia komen?

“Absoluut, zolang dat niet elke dag is. Kijk gewoon naar de cijfers: de voedselkilometers maken weinig verschil. Wat je eet, is veel belangrijker dan waar je eten vandaan komt. Als we onze landbouw echt klimaatvriendelijker willen maken, moeten we minder rood vlees eten. Dat is echt factor nummer één. Daar kan ik niet genoeg op hameren. Ik vind biefstuk ook lekker, hoor. Maar we moeten die veel meer durven te belasten. Als uw kilogram biefstuk 130 kilo CO2-uitstoot veroorzaakt, dan moet u daarvoor betalen. De emissie die uw voorkeur met zich meebrengt, moet u compenseren. U zult dan wellicht automatisch minder biefstuk eten.”

In een vorig interview met De Morgen zei u dat we vooral meer kip moeten eten.

“Ja, maar dat was ook een boutade, natuurlijk. Want de Vlaamse ecomodernist Thomas Rotthier zegt dan dat we daarmee veel kippenleed veroorzaken, en dat is juist. Maar klimaatgewijs is het wel beter om kip te eten dan rundsvlees. De uitstoot die gepaard gaat met de productie van rood vlees is gigantisch. Bij ander vlees en zuivel is de uitstoot matig, en bij groenten en fruit is de uitstoot relatief verwaarloosbaar, zelfs bij boontjes uit Kenia. Liever boontjes uit Kenia dan biefstuk uit België, zoveel is zeker.”

Heeft uw visie op landbouw te maken met de zogenaamde ontkoppeling die eco­modernisten voorstaan: mens en natuur moeten elkaar als het ware met rust laten? De mens moet de natuur aan zichzelf terugschenken?

“Klopt helemaal. De mens moet zich terugtrekken uit de natuur. Die ontkoppeling zou enorm veel helpen. Wijlen de Amerikaanse schrijver en wetenschapper Isaac Asimov wist al dat we moeten leren beseffen dat we in een technologische wereld leven, anders zijn we verloren. Dat moeten we zeker doen wat landbouw betreft. Maar ik begrijp wel waarom het voor veel mensen zo moeilijk ligt om dat te begrijpen: landbouw is gedurende tienduizend jaar onze kernactiviteit geweest. Dat zit in onze cultuur, het is moeilijk om daar anders over te leren denken.”

Schets eens een beeld van hoe we volgens u ons voedsel over dertig jaar zouden kunnen produceren?

“We moeten een groot deel van onze voeding niet meer op het land produceren, maar in een industriële setting, zodat we het land voor andere dingen kunnen gebruiken. We moeten nieuwe technologieën durven te omarmen voor de productie van kweekvlees en kunstmelk, bijvoorbeeld. Er moet nog veel wetenschappelijk onderzoek gebeuren, maar het gaat sneller vooruit dan we zouden denken. Ondernemers zullen vroeg of laat de opportuniteiten zien, zoals Elon Musk die zag voor de elektrische wagen.”

'We moeten nieuwe technologieën durven te omarmen voor de productie van kweekvlees en kunstmelk, bijvoorbeeld.' Beeld RV
'We moeten nieuwe technologieën durven te omarmen voor de productie van kweekvlees en kunstmelk, bijvoorbeeld.'Beeld RV

Over energie gesproken: hoe ziet u op dat vlak de toekomst?

“We moeten zoveel mogelijk fossiele brandstof vervangen door elektriciteit. Er zijn elk jaar nog 40.000 nieuwe gasaansluitingen in Vlaanderen, en daar moeten we vanaf. We moeten naar de warmtepompen en warmtenetten overschakelen. Idem dito voor auto’s: die moeten elektrisch. De vraag hoe we die elektriciteit opwekken, is dan de volgende. Het moet in elk geval op een groene manier gebeuren: met hernieuwbare energie, zon en wind dus, met nucleaire energie en eventueel met fossiele energie als we de koolstofdioxide opvangen en opslaan – wat we carbon capture and storage noemen. Ook waterstof kan hier een rol spelen, maar wellicht niet in de volgende decennia: dan gaan we de groene waterstof die we produceren, nodig hebben in de industrie.”

Gaat dat gebeuren bij de gascentrales die België allicht zal bouwen?

“Nee. in eerste instantie zal die uitstoot niet worden opgevangen en opgeslagen. Federaal minister van Energie Tinne Van der Straeten (Groen) zegt wel dat ze een route naar totale CO2-neutraliteit zal uitstippelen. Maar in eerste instantie zullen die gascentrales, die we zullen gebruiken als er geen wind of zon is, nog CO2 uitstoten.”

Het regeerakkoord bevat een achterpoortje qua kerncentrales: als de bevoorrading in het gedrang komt, kunnen de twee jongste centrales toch wat langer openblijven.

“Ik zou bijna zeggen: dan is het te hopen dat het zo zal zijn, maar dat meen ik natuurlijk niet. Ik durf wel te zeggen dat het een slechte wet is, want er staat in dat België nooit nog een kernreactor mag bouwen. Maar stel nu eens dat Bill Gates binnen dit en vijf jaar een buitengewoon goede, nieuwe reactor lanceert – dan mogen wij die niet bouwen? Ik neem aan dat we de wet dan wel zullen wijzigen, maar toch: het is niet goed om een bepaalde technologie zo te diaboliseren. En we moeten absoluut weg van het riedeltje dat we er zullen komen met honderd procent hernieuwbare energie. Dat is niet zo.”

Maar nieuwe kerncentrales zijn hopeloos duur en hernieuwbare energie wordt almaar goedkoper.

“Dat is juist. En in grote energiesystemen zit sowieso een groot aandeel hernieuwbaar. En met grote systemen bedoel ik niet België, maar Europa en Amerika, bijvoorbeeld. Zonne-energie is goedkoop en vergt weinig onderhoud – mijn zonnepanelen uit 2008 produceren nog altijd en ik heb er geen omkijken naar. Maar alle studies tonen aan dat je voor die grote systemen altijd nog tussen de 10 en 30 procent firm energy nodig hebt, een stabiele energiebron die je kunt aan- en uitzetten wanneer je dat zelf wilt. Als je die niet hebt, maak je energie onnodig duur.”

Wat met hernieuwbaar dus niet kan.

“Nee, daarvoor heb je, voor zover ik het zie, grofweg vier mogelijkheden: biomassa, fossiele energie, waterstof en dan de nucleaire optie. Bij biomassa en gas moet je met carbon capture and storage werken. En in verdere opschaling van biomassa geloof ik niet zo, de energiedichtheid ligt te laag en de impact op de natuur is te groot. Groene waterstof biedt zeker wel perspectief, maar dat is nog niet voor morgen. Nucleair lijkt mij een optie waar we wel op kunnen inzetten. Zelfs het studiebureau van de Europese Unie heeft officieel gezegd dat kernenergie een duurzame energievorm is. Dat wil toch zeggen dat we ongeveer het einde van dit debat hebben bereikt. Misschien is het in 2030 of 2040 mogelijk om met kleine, modulaire reactoren te werken.”

Is China daar al niet volop bezig?

“Ja, maar ook in de Verenigde Staten heeft een bedrijf, NuScale Power, daar een licentie voor gekregen. Maar het is mogelijk dat China dat soort reactoren gaat bouwen in Afrikaanse landen, waar de energiebehoefte groot is. Als het westen ervoor kiest om niet mee te doen aan dat onderzoek, dan moeten we achteraf niet komen klagen dat de Chinezen heel Afrika vol kerncentrales hebben gezet. Ik leef persoonlijk liever onder Amerikaanse dan onder Chinese invloed.”

Nu we het over Afrika hebben: wordt dat continent niet vergeten in het debat? Wij kunnen het misschien wel met wat minder doen, maar veel landen hebben de komende decennia juist méér energie nodig om zo welvarend te worden als wij.

“Dat vergeten we zeker. We zijn nogal navelstaarderig. Maar we hebben niet zozeer meer energie nodig, wel vooral meer energie-efficiëntie. Als u met een dieselwagen rijdt, gaat maar 20 procent van de energie in uw brandstof naar de wielen. Bij een elektrische wagen is dat 80 procent. Wat we dus vooral meer nodig hebben de komende decennia, is elektriciteit. Elke aardbewoner een eigen auto op elektriciteit is een heel ander verhaal dan elke aardbewoner een eigen auto op fossiele brandstof.”

Daarmee zijn we aanbeland bij een cruciaal verschil tussen ecologisten en eco­modernisten. De ecologist zal zeggen dat niet iedere aardbewoner een auto nodig heeft. De ecomodernist zal iedereen ons welvaartsniveau willen bezorgen.

“Zoals ik al zei, vind ik polarisatie niet zinvol, dus ik ga omzichtig antwoorden. Er zijn elementen in het ecologistische denken die hout snijden. We moeten het met minder doen, dat klopt in een aantal gevallen – minder energie per eenheid bruto binnenlands product, minder energie per bebouwde vierkante meter. En die auto is maar één voorbeeld: meer openbaar vervoer is beter dan iedereen een auto.”

Dat is ooit een schrikbeeld geweest, van de autobezittende westerling: als elke Chinees een auto heeft, is de planeet om zeep.

“Alarmisme is nooit een goede raadgever, daar heb ik nooit veel sympathie voor gehad. Sommige van de voorspellingen die de voorbije decennia zijn gedaan, waren echt wel flauwekul: als bepaalde ecologen gelijk hadden gekregen, zou de planeet en alle levende wezens erop nu al volledig verwoest en uitgestorven zijn. Met alarmisme geraken we nergens. Ik vind niet dat we ons als mens zo klein mogelijk moeten maken, ons als het ware onzichtbaar moeten maken op deze planeet. Dat kan niet met negen miljard mensen, zeker niet als je die allemaal de kans wil geven om zich te ontplooien en een waardig leven te leiden.”

‘De uitstoot bij groenten en fruit is relatief verwaarloosbaar. Liever boontjes uit Kenia dan biefstuk uit België.’   Beeld ID/BART DEWAELE
‘De uitstoot bij groenten en fruit is relatief verwaarloosbaar. Liever boontjes uit Kenia dan biefstuk uit België.’Beeld ID/BART DEWAELE

Over genetisch gemodificeerde organismen, zogenaamde ggo’s, zult u het met de klassieke ecologisten ook niet eens geraken.

“Dat is juist. Het verzet tegen die ggo’s is niet meer vol te houden. Wij worden op dit moment beschermd tegen een rotvirus door een genetisch gemodificeerd product, dat gemaakt werd in een laboratorium. Dat laten we in ons lijf spuiten en dat is dan oké. Maar maïs eten die genetisch gemodificeerd is, zou dan doodzonde zijn? Die spagaat is echt niet meer correct. Ik vind het een goede zaak dat JongGroen op dat punt toch iets opener is dan Groen zelf.”

We leven in het antropoceen, het tijdperk dat gedomineerd wordt door de mens. Tot dusver heeft de mens behoorlijk wat onheil aangericht. Moeten we evolueren naar een Good Anthropocene, zoals onder meer Manuel Sintubin dat noemt?

“Dat is waar ik mij al decennia voor inzet. Ik zeg niet dat alle ideeën die daarvoor vandaag bestaan, al perfect zijn. Ideeën evolueren voortdurend. Maar dat moet wel het uiteindelijke doel zijn: een klimaatneutrale mensheid die de planeet zo weinig mogelijk beschadigt en zo in harmonie leeft met de natuur. Dat is het doel: de eigen leefwereld niet langer om zeep helpen. Dat is toch iets waar ecologisten en ecomodernisten het over eens moeten kunnen raken? Maar zo’n goed antropoceen bereik je niet door luchtkastelen te bouwen, wel door realistisch en pragmatisch alle oplossingen te gebruiken. Want één mirakeloplossing is er niet.”

Het is wel een soort utopie die u koestert.

“Dat is een goed punt. Utopieën kunnen gevaarlijk zijn, als de leider zo overtuigd geraakt van de absoluutheid van zijn ideeën dat alle offers de moeite waard zijn om het paradijs te bereiken. Als dat gebeurt, zitten we in de problemen, dat is het niveau van Stalin en Hitler, en dat willen we uiteraard niet. Ik zeg altijd: ik ga liever democratisch ten onder dan dat ik dictatoriaal word gered. Als de prijs die we moeten betalen om de planeet te redden onze menselijke vrijheid is, dan hebben we er niets mee gewonnen.”

Dan blijft het allicht aanmodderen, op democratische wijze.

“We hebben een ideaalbeeld voor ogen. Maar een ideaal bereiken, de menselijke soort kennende – dat wordt moeilijk. Maar we kunnen beter dan vandaag, dat staat vast.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234