Maandag 19/08/2019

Existentieel welzijn

"Geluk is vooral een kwestie van de juiste levenshouding"

Beeld THINKSTOCK

Ons geluk wordt voor een groot stuk, maar zeker niet alleen, bepaald door wat ons overkomt. Integendeel zelfs. "Of mensen zich al dan niet gelukkig voelen hangt vooral af van hun mentale veerkracht: de manier waarop ze hun psychische vermogens inzetten om zich een gebalanceerde levenshouding aan te meten."

Hoewel ons geluksgevoel ongetwijfeld sterk te lijden heeft onder een paar verstikkende onderstromen van onze kille prestatiesamenleving, hoeven we toch niet zomaar bij de pakken te blijven neerzitten. Of we ons al dan niet gelukkig voelen, blijkt immers geen kwestie van context alleen, ook mensen zelf hebben in die ervaring een grote hand.

"Of iemand zich al dan niet gelukkig voelt, is niet alleen afhankelijk van wat er rondom hem gebeurt, maar ook vooral van de manier waarop die persoon zijn mentale vermogens inzet om een positieve levenshouding aan te nemen", zegt Mia Leijssen, hoogleraar aan de K.U.Leuven en tevens een van de voornaamste onderzoekers binnen het veld van de positieve psychologie in ons land. Volgens haar is gelukkig zijn dan ook meer een vaardigheid die aan te leren en te cultiveren is, dan wat anders.

Hoe gelukkig mensen precies zijn, hangt volgens Leijssen af van hun 'existentieel welzijn'. Om dat gevoel van 'welzijn' tot stand te brengen, moeten we ons leven op vier belangrijke vlakken in balans weten te houden: in de relatie met ons lichaam, in de relatie met onszelf, in die met anderen om ons heen en in onze verhouding naar het spirituele toe.

1. De relatie met je lichaam

"Ten eerste is het van groot belang dat mensen in een liefdevolle relatie staan met hun eigen lichaam", zegt Leijssen. "Of iemand zich fysiek in balans voelt, heeft dan ook veel te maken met hoe goed die persoon in zijn vel zit: hoe goed iemand voor zichzelf en zijn lichaam zorgt en in staat is vrede te nemen met de grenzen en beperkingen van dat lichaam."

Mensen die op een positieve manier met hun gestel omgaan - door bijvoorbeeld een beetje gezond te eten en wat aan sport te doen - zullen daar gelukkiger van worden dan zij die hun lichaam verwaarlozen met vettig voedsel en een gebrek aan beweging. Maar, zo waarschuwt Leijssen, ook mensen die tegen de beperkingen van hun lichaam in fysieke schoonheid of extreme gezondheid nastreven, zullen er niet gelukkiger op worden.

Beeld THINKSTOCK

2. De relatie met anderen om je heen

Een tweede voorwaarde voor een gelukkig leven, is een goed sociaal contact met de mensen om ons heen: "Fijne relaties aangaan en dingen doen waardoor je iets voor iemand anders kan betekenen, is onontbeerlijk", zegt Leijssen. Je plaats binnen een gezin of familie hebben, je omringen met vrienden of over een netwerk van goede collega's beschikken, is van onschatbare waarde voor onze gezondheid. "Mensen moeten het gevoel hebben ergens bij te horen", zegt Leijssen.

3. De relatie met de wereld

In het verlengde daarvan wijst de hoogleraar ook op het belang van onze voeling met het spirituele: "Spiritueel welzijn gaat erover dat je je als persoon niet als een geïsoleerde entiteit beschouwt, maar jezelf daarentegen- samen met alle anderen om je heen - als een inherent onderdeel van de wereld kan zien." Wanneer Leijssen het heeft over spiritualiteit, bedoelt ze daarmee niet noodzakelijk iets religieus: "Ook niet-gelovige mensen vragen zich vroeg of laat af wat de bedoeling van het leven is, en wat hun plaats en betekenis in het grotere plaatje kan zijn."

Beeld THINKSTOCK

4. De relatie met jezelf

Naast die gerichtheid op mens en wereld, is het volgens Leijssen echter ook van belang dat we voldoende ruimte te nemen voor een tegengestelde beweging: eentje naar de binnenkant van onze ervaring als mens toe. Want ook aandacht voor de ontplooiing van ons unieke zelf is essentieel voor wat ze noemt ons psychisch welzijn. "Onderzoek wijst uit dat mensen met een groot zelfreflexief vermogen, mensen die stilstaan bij hoe ze met het leven en de dingen omgaan, zich beter voelen dan mensen die daar aan voorbijgaan", zegt Leijssen.

Net zoals fysiek welzijn niets te maken heeft met een poging om er zo gezond, fit en begeerlijk mogelijk uit te zien, heeft zelfontplooiing ook weinig te maken met het nastreven van puur persoonlijke verlangens, maar eerder met zelfkennis en acceptatie. "Mensen die goed weten waar hun talenten liggen, maar ook hun tekortkomingen kennen én die verhouding aanvaarden, zullen zich beter voelen dan mensen die tegen de realiteit in proberen dingen te realiseren, waarvoor ze van nature uit niet gemaakt zijn."

Dankbaarheid voor wat men heeft, lijkt dan ook één van de grootste voorspellers van geluk te zijn. "Onderzoek wijst uit dat mensen die met dankbaarheid in het leven staan, zich veel gelukkiger voelen, dan mensen die zich voortdurend druk maken om wat ze missen." Om die reden blijkt perfectionisme een van onze grootste dooddoeners te zijn. "Omdat perfectionisten als het ware geobsedeerd zijn door het volmaakte, zullen ze geneigd zijn de focus te leggen op net die dingen die hen ervan weerhouden het ideaal te bereiken." Zo'n negatieve instelling maakt de ruimte voor tevredenheid en gemoedsrust erg klein.

'The sweet spot'?

Jammer genoeg is het wel net die neiging tot perfectionisme die door onze prestatiegerichte samenleving gevoed wordt, merkt Leijssen op. Beter dan een cultuur die zich richt op prestaties en resultaten, zouden we volgens haar dan ook een cultuur van waardering opbouwen. "Een omgeving waarbinnen we onze kinderen waarderen voor hun natuurlijke talenten in plaats van hen voortdurend te laten strijden om haast onhaalbare doelen te bereiken."

Beeld THINKSTOCK

Wat dan precies 'the sweet spot' is in die tweestrijd tussen 'onszelf zijn' - ons goed in ons vel voelen zonder ons door opgedrongen maatschappelijke idealen te laten wegdrukken - en de sociale component - het contact met die maatschappij en de mensen die haar bewonen? "Een absoluut antwoord op die vraag is er jammer genoeg niet", zegt Leijssen. "Het is voor de mens voortdurend zoeken naar een goed evenwicht tussen tegemoetkomen aan zijn omgeving, zonder daarbij zijn persoonlijke ontwikkeling uit het oog te verliezen."

Dat evenwicht blijkt overigens niet absoluut en statisch, maar wel dynamisch. "Op sommige momenten zal er meer tijd zijn voor ontwikkeling van de eigen persoonlijkheid - denk maar de fase van zelfexploratie waar elke jongvolwassene doorgaat. Op andere momenten weegt sociale verbinding dan weer sterker door - bijvoorbeeld bij jonge ouders of pas gehuwden.

Zoals alles in het leven lijkt écht gelukkig zijn dan ook neer te komen op het vinden van een persoonlijke en veranderbare balans tussen autonomie - wat past bij mij - en verbondenheid - hoe ben ik met anderen. En dat is uiteraard niet altijd even simpel.


*Mia Leijssen is hoogleraar aan de K.U. Leuven en een van de voornaamste onderzoekers binnen het veld van de positieve psychologie in ons land. Over het thema 'existentieel welzijn' bracht ze in 2013 een boek uit bij uitgeverij Lannoo onder de titel 'Leven vanuit liefde. Een pad naar existentieel welzijn.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden