Zondag 08/12/2019
Madame Curie in het boek ‘Tijdlijn’. Beeld RV

Column De schaal van Mulders

Geleerden dachten eind 19de eeuw dat ze alles van de wereld wisten – op een detail na. Hoe arrogant was dat, achteraf bekeken

Jean-Paul Mulders onderzoekt alles wat u bij de hersenkwabben kan grijpen. 

Hoe en waarom heetten ze. Het waren de boeken waar ik in mijn jeugd het meeste uit geleerd heb.

Je had talloze deeltjes, met titels als Ruimtevaart, Het weer, Wilde dieren, De maan en Dinosauriërs. Een van de taaiste was Magnetisme. Na lectuur daarvan meende ik alles te weten over die geheimzinnige plakijzers waarmee we aan de keukentafel experimenteerden. Dat viel tegen toen we op bezoek gingen bij een vriend van mijn vader, die een graad had in de fysica. Hij bladerde door mijn boekje en monkelde dat het geen slecht begin was, voor kinderen. Ik voelde mij gekrenkt. In mijn jonge overmoed meende ik alles over magnetisme te weten wat ­daarover te weten viel.

Op dezelfde manier ongeveer dachten geleerden eind 19de eeuw dat ze alles van de wereld wisten – op hier en daar een detail na misschien. Hoe arrogant was dat, achteraf bekeken. Die snoeshanen met hoge hoed hadden nog nooit gehoord van het internet of zelfs maar van de paperclip. Er was nog zo veel dat ontraadseld moest worden.

Ik groeide op en verzoende mij met mijn beperkingen. Ik deed afstand van het plan om met een zelfgebouwd ruimteschip planeten te verkennen. Wel hield ik een zwak voor boeken die kennis van grote mensen vertalen naar kinderzieltjes. Deze week kreeg ik daar een heerlijk exemplaar van te pakken. Tijdlijn, stond erop: wetenschap en techniek. Een reis door de geschiedenis. Over de vorige boeken van Peter Goes schreef The Sunday Times: ‘Stijlvol, met zin voor humor en de moeite waard om keer op keer ­opnieuw te bekijken.’

Paratroopers

Ik ben een weetjesfreak, zeker als die weetjes verlucht worden met tekeningen waar ik bij weg kan dromen met mijn dochter. Stiekem spijker ik mijn eigen kennis bij, en leer eindelijk de grenzen van steen, koper- en brons­tijd. Ik lees dat de meer dan 3.600 jaar oude bronzen Hemelschijf de oudst bekende voorstelling is van de hemel.

Zo gaat het verder, als met een teletijdmachine doorheen de beroezende ­geschiedenis van de mensheid. Van het hellenisme langs het Romeinse Rijk en het kalifaat van de Abbasiden, tot in de hoge middeleeuwen en ­verder. Ik lees intrigerende zinnetjes waarachter zich werelden verbergen: ‘De Engelse paleontoloog Mary Anning (1799-1847) zocht haar leven lang naar fossielen in de kalkstenen kliffen van Zuid-Engeland.’ Ik maak kennis met de Japanner die de chemische basis van ‘umami’ ontdekte – een van de basissmaken naast zout, zoet, zuur en ­bitter. En met de Rus Konstantin ­Tsiolkovski, die in 1929 het principe beschreef van de meertrapsraket.

Het meest boeien mij de uitvinders, want dat zijn de paratroopers van de wetenschap. In 1868 verscheen het eerste verkeerslicht in Londen. Het strijk­ijzer met instelbare temperatuurregeling verblijdde de wereld in 1926. Zo gaat dat voort, van de penicilline tot de emoji. Zelfs mijn persoonlijke favoriet staat erin: de Nederlander Theo Tempels. In 1999 bedacht hij de inkeping waardoor je beschuiten gemakkelijker uit hun verpakking kunt wippen.

Met een zucht sla ik het boek dicht. Ik denk aan zonnige dagen van vroeger. Ik denk aan Hoe en waarom en ook aan de Joepie, waaraan ik iets later ­verslingerd geraakte. Je vond er het antwoord op andere wetenschappelijke kwesties: ‘Kan je van een ­tongzoen zwanger worden?’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234