Zondag 04/12/2022

Evolutieleer

Evolutiebioloog Richard Prum: "Vrouwelijk genot is te lang genegeerd"

Richard Prum is verbonden aan Yale University.  Beeld Wendy Carlson
Richard Prum is verbonden aan Yale University.Beeld Wendy Carlson

Mannen vallen op volle boezems want die duiden op vruchtbaarheid, en prachtige versiersels bij dieren wijzen op genetische superioriteit. ‘Schoonheid moet zogezegd een functie hebben, maar Darwin zag al dat dat niet klopt. Puur nutteloos esthetisch plezier heeft soorten veel meer vormgegeven dan preutse wetenschappers beweren’, stelt evolutiebioloog Richard Prum in zijn nieuwe boek.

Barbara Debusschere

“Naar een veer in een pauwenstaart kijken maakt me misselijk”, schreef Charles Darwin. Hij kon er niet bij dat zoveel geraffineerde schoonheid ‘zomaar’ bestond. Dat paste niet in zijn inzicht dat de best mogelijke aanpassing aan de omgeving om te overleven de drijvende kracht is achter hoe soorten evolueren. Ook het enorme gewei van de mannetjeseland, de waanzinnige kleuren van mannelijke vogels en vele andere voorbeelden lagen zwaar op Darwins maag, want geen van die versiersels zijn een voordeel om te overleven, integendeel.

Maar ondertussen wordt ook uitzinnige pracht gezien als verleidingstruc die potentiële partners ‘informeert’ dat dit exemplaar, dat met die enorme staart kan overleven, genetisch superieur is. En dat stimuleert de reproductie en dus het overleven van de soort.

“Slordige wetenschap”, stelt Richard Prum (Yale University). De evolutiebioloog en vermaard ornitholoog bracht net een boek uit waarin hij uitlegt hoe schoonheid vaak helemaal niets ‘signaleert’ en hoe verlangen naar schoonheid puur om de schoonheid een cruciale motor voor de evolutie van soorten is. “Het is in te veel gevallen de enige verklaring voor eigenschappen of gedrag”, zegt de onderzoeker.

Moonwalkende vogels

Neem de verleidingstrucs van mannelijke manakins (een tropische vogelsoort). Eén type heeft een goudkleurig hoofd en doet een soort moonwalk. Andere wagen zich aan waanzinnige gymnastiek of 'zingen' door de veren van hun vleugels te laten trillen.

Prum: “Dat enkel de sterkste exemplaren zich dat soort extravagantie kunnen veroorloven, blijkt erg slecht te bewijzen. Welk evolutionair voordeel zit er in ieder onwaarschijnlijk detail van het uiterlijk en verleidersgedrag bij zoveel soorten? Als het enkel om reproductie draait, waarom dan urenlange dansjes en soms nieuwe choreografieën creëren?”

Bij een bepaalde soort manakins zijn de beentjes van de vleugels zelfs zo geëvolueerd dat ze de vogel vertragen om er toch maar mee te kunnen ‘zingen’, en de vrouwtjes erven die slechtere beentjes ook.

“Dat is een zware prijs die zelfs tot uitsterven kan leiden”, zegt Prum. “De enige logische uitleg is dat dit de resultaten zijn van de willekeurige smaak van de vrouwtjes. Hun esthetische voorkeuren hebben bepaald hoe de mannetjes er zijn gaan uitzien en hoe ze zich zijn gaan gedragen.”

Dominantie van de man

Het klinkt als vloeken in ‘de kerk van Darwin’, maar niets is minder waar. Twaalf jaar na zijn On the Origin of Species kwam Darwin immers met The Descent of Man, and Selection in Relation to Sex. Om te overleven moet je niet alleen gezond zijn en het best aangepast aan je omgeving, je moet ook in de smaak vallen bij potentiële partners. En daarbij “is de meest verfijnde schoonheid wellicht een seksuele troef en niets anders”, aldus Darwin. En hij meldde dat het vaak de smaak van de vrouwtjes is die doorslaggevend is. Ze gaan niet af op objectieve kwaliteiten als kracht, maar op wat ze mooi vinden en geven zo vorm aan de verscheiden pracht in de natuur.

Darwins Victoriaanse tijdgenoten wilden er niets van weten. Ook seksuele selectie moest in het teken staan van het overleven van de soort en de dominantie van de man. “Zo is zijn schoonheidstheorie in de vergeethoek beland, en tot vandaag zien evolutiebiologen alles door de functionele bril”, zegt Prum.

“Schoonheid is wegverklaard als hulpje bij de natuurlijke selectie. Plezier en ook de macht van vrouwen, manifest aanwezig in de natuur, zijn genegeerd. Wist je dat zelfs bij eenden, waar tot 40 procent van de seks verkrachting is, de vagina van de vrouwtjes het hen mogelijk maakt te beslissen wie zijn zaad in haar geloosd krijgt? Het is tijd om die puriteinse en patriarchale ideologie achter te laten, want het is slechte wetenschap en ze reduceert ook de kijk op de mens.”

Zo bulkt onze cultuur van stellingen als: ‘vrouwen vallen op grote mannen want dat staat voor kracht’ of ‘mannen vinden jonge vrouwen met een wespentaille aantrekkelijkst want dat signaleert vruchtbaarheid’. Volgens Prum is ook bij ons schoonheid zeker niet per se functioneel.

“Ik zie bij vrouwen zelfs geen uiterlijke trekken die genetische superioriteit aanwijzen. Dat de wespentaille grotere vruchtbaarheid betekent, is nooit bewezen. En vandaag hebben de zogezegd mooiste vrouwen geen rondingen”, zegt hij.

“En mochten grote borsten en grote mannen nodig zijn voor ons overleven, dan waren er geen kleinere mannen of vrouwen met kleinere borsten. Soms zegt een uiterlijk kenmerk iets over gezondheid, maar vaak is het gewoon pure esthetiek, en het onderscheid valt niet te maken.”

Plezier als doel op zich

Schoonheid kan ook gaan over genot. Zo verwijst Prum om de impact van vrouwen te illustreren onder andere naar het vrouwelijk orgasme en de penis. “Per se een functie voor dat orgasme willen bedenken in naam van de soort is potsierlijk”, zegt Prum.

“Dat is blind zijn voor wat je poogt uit te leggen, het seksuele plezier van vrouwen. Het is er omdat vrouwen seks verkozen en herhaalden met die mannen die hen plezier konden verschaffen. Dat heeft mannelijk gedrag mee vormgegeven, en de capaciteit van vrouwen om plezier te ervaren vergroot. Je kunt het enkel verklaren als doel op zich.”

Over de penis zegt Prum: “Die is een stuk groter dan die van naaste verwant de chimpansee, hoewel dat niet nodig is. De enige plausibele verklaring is vrouwelijk genot.”

Met zijn Darwiniaanse hypothese wil Prum geesten openen. “Evolutionaire biologie heeft een probleem met plezier en een angst voor passie, terwijl je dat overal ziet in de natuur. Dieren en mensen zijn niet zomaar overlevingsmachines maar ook gedreven en gevormd door het verlangen naar nutteloze schoonheid, individuele smaak en subjectief plezier.”

The Evolution of Beauty: How Darwin's Forgotten Theory of Mate Choice Shapes the Animal World – And Us

***

Wie is Richard Prum?

* Geboren op het platteland in Vermont in 1961

* Professor Ornithologie aan Yale University en hoofd van de afdeling Gewervelde Zoölogie aan het Peabody Museum of Natural History daar.

* Deed jarenlang veldwerk in onder andere Zuid-Amerika en stortte zich daarna op onderzoek naar evolutie bij vogels en Darwins theorie over seksuele selectie.

* Is niet bang van controverse en was bijvoorbeeld een van de eerste wetenschappers die aannam dat vogels afstammen van dinosaurussen, een idee dat eerst erg veel kritiek kreeg maar nu aanvaard is.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234