Zaterdag 18/01/2020

Eerste sterren schitterden 750 miljoen jaar na oerknal

Beeld thinkstock

Sterren kunnen niet eerder dan ongeveer 13 miljard jaar geleden zijn beginnen ontstaan, stelt het gerenommeerde Massachusetts Institute of Technology (MIT).

Astronomen kunnen terug in de tijd loeren door het licht van verre objecten te analyseren. In bijna alle gevallen vertonen die objecten sporen van elementen die zwaarder zijn dan de elementen waterstof en helium. Volgens de huidige inzichten bestonden die zware elementen als koolstof en zuurstof kort na de Big Bang nog niet, want daar waren sterren voor nodig.

Om te weten wanneer die op het toneel verschenen, gebruikten astronomen van het MIT en de Universiteit van California in San Diego het licht van ULAS J1120, de verst bekende quasar of heldere kern van een actief sterrenstelsel.

Dit licht heeft er iets meer dan 13 miljard jaar over gedaan om ons te bereiken, en bleek geen 'vingerafdrukken' van zware elementen te bevatten. Dat betekent dat het gas rond de quasar vrijwel geheel uit waterstof en helium moet bestaan. Dat impliceert ook dat 750 miljoen jaar na de erknal nog niet veel sterren bestonden, stelt Robert Simcoe van het MIT in het jongste nummer van het wetenschappelijke vakblad Nature.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234