Dinsdag 20/08/2019

Biodiversiteit

Een wereld zonder insecten is geen droom maar een nachtmerrie

Beeld Getty

Voor de eerste keer hebben wetenschappers, onder wie een Vlaamse entomoloog, de wereldwijde insectensterfte in kaart gebracht. In hun review schetsen ze een schrikwekkend beeld: 40 procent van de soorten kan in enkele decennia tijd verdwijnen. “De gevolgen zijn catastrofaal”, waarschuwen ze. Terecht?

1. Wat is er aan de hand?

Hoe vaak plakken er nog vliegjes tegen de voorruit van je wagen? Wanneer zag je laatst een lieveheersbeestje? Hoeveel vlinders fladderden er afgelopen zomer door je tuin? Dat het aantal insecten erop achteruit is gegaan, is niet alleen een gevoel. Entomologen hebben het de afgelopen jaren al op verschillende plekken in de wereld aangetoond. De grootste zorg ontstond na een onderzoek in Duitsland. Daar bleken de insectenvallen, die jaarlijks in natuurgebieden worden uitgezet, jaar na jaar leger te zijn. In een kwarteeuw tijd bleek zo 75 procent van de totale populatie aan vliegende beestjes geslonken. 

Het was onder meer deze vaststelling die Kris Wyckhuys, een Belgische bio-ingenieur en insectdeskundige, deed beslissen om een allesomvattende review te maken. In totaal heeft de man, die in Vietnam woont en werkt, samen met een collega 73 bestaande studies bekeken, van Australië en China tot Amerika en Europa. “We zijn zeer gealarmeerd”, zegt Wyckhuys terwijl hij de cijfers overloopt. 40 procent van de soorten blijkt in grote getale verminderd te zijn. 33 procent is met uitsterven bedreigd. “De laatste 25 tot 30 jaar is het totale insectenbestand wereldwijd met 2,5 procent per jaar afgenomen. Het gaat dus heel erg snel. Als we deze trend niet gekeerd krijgen, dan kunnen insecten in enkele decennia tijd verdwenen zijn.” 

Het wordt tijd dat de mensen dat beseffen, vindt Wyckhuys. “Ze zijn veel te weinig bezig met het lot van de mug of de teek of de wesp. Voor de meesten zijn dat vooral vervelende organismen, een soort van venijn.” Volstrekt onterecht. “Insecten liggen aan de basis van het wereldwijde ecosysteem. Ze zijn vooral heel erg nuttig. Ze bestuiven en recycleren, zijn de natuurlijke vijanden van plaagdieren als bladluizen en rupsen. Ze zorgen voor balans.” Als de vliegende, kruipende en zwemmende diertjes straks verloren gaan, dan zitten we volgens hem met een gigantisch probleem. “We kunnen echt niet zonder.”

Dat beaamt Thomas Merckx, bioloog aan UCLouvain (onderzoeksgroep gedragsecologie en natuurbehoud). “Het beeld van een ecologisch armageddon klinkt schrikwekkend, maar dat is terecht zo. De alarmbellen moeten afgaan.” Dat ze niet eerder zo luid klonken, heeft volgens hem te maken met het charisma van de beestjes. “Een mestkever en een wandelende tak, die krijgen toch net iets minder snel de aandacht vast dan een panda of een ijsbeer. Ook bij onderzoekers.”

2. Wie of wat zal hieronder lijden?

De natuur zal door de afname van het aantal insecten een pak verarmen. Maar ook de mens zal lijden. 

Welke problemen wij in de toekomst kunnen krijgen, hangt af van het soort van insect dat verdwijnt. “Vlinders zijn bekende bestuivers. Als zij er niet meer zijn, zit je met een bestuivingsprobleem”, legt Merckx uit. Hij wijst naar alle nectarplanten waardoor ze aangetrokken worden. Vlinders maar ook wespen, kevers, bijen en vliegen zijn mee verantwoordelijk voor onze fruit- en groenteteelt. Zonder hen zouden er op een dag weleens veel minder appels en courgettes geoogst kunnen worden. “Mestkevers recycleren dan weer de mest die zoogdieren op de grond laten vallen. De nutriënten, die planten gebruiken om te groeien, komen dankzij hen in de bodem terecht.” 

Wyckhuys heeft het over een waterval van problemen. Temeer omdat de insecten ook zelf goede en soms zelfs de enige voedselbronnen zijn voor andere dieren, hoger in de keten. Denk aan vleermuizen, vogels, spinnen, vissen. 

3. Welke oorzaken heeft dit?

De beschuldigende vinger mogen we naar onszelf richten, stellen onderzoekers. Het zijn de overpopulatie en de overconsumptie die de hoofdoorzaak zijn. 

We zijn gewoonweg met te veel. En we gaan daarenboven ook nog eens ondoordacht om met de hulpbronnen van de aarde”, zegt bioloog Merckx. Veel insecten verliezen hun habitat, omdat we veel wilde natuur opofferen om onze huizen neer te poten en akkers aanleggen om in onze voedselbehoefte te voorzien. “Daar komt bij dat we ons beroepen op intensieve, industriële landbouw die veel gebruikmaakt van pesticiden. De insecten die dat gif in zich opnemen, zijn eraan.”

Diezelfde landbouw vervuilt ook onze waterlopen, zegt Merckx nog. Want als het regent komen ook daar nitraten, afkomstig van landbouwgronden, terecht. Ook is er de lichtvervuiling, die vaak nog als oorzaak vergeten wordt. “Veel insecten, zoals motten, zijn ’s nachts actief. Wanneer ze dan door artificieel licht worden aangetrokken, doen ze vervolgens niets meer en worden ze een makkelijke prooi.”

De klimaatverandering speelt ook wel degelijk een rol, vult Wyckhuys aan, maar uit zijn review blijkt dat deze zeker niet de belangrijkste oorzaak is. “De opwarming van de aarde brengt niet noodzakelijk een vermindering van het aantal insecten of soorten met zich mee. In de tropen wellicht wel, maar niet in gematigde klimaten zoals het onze.”

4. Wat kunnen we doen?

De entomologen hebben gelukkig ook goed nieuws: het tij kan nog enigszins gekeerd worden. Kris Wyckhuys kijkt daarvoor in de eerste plaats naar de boeren. “Die moeten met de natuur gaan samenwerken in plaats van ertegen.” Hij gelooft dat we vooral van de intensieve, industriële landbouw af moeten. 

“Dat wil niet zeggen dat we van de landbouw an sich af moeten. We moeten streven naar ecologische landbouw.” De man, die zelf landbouwingenieur is, begrijpt dat boeren dat niet graag horen, omdat ze hun inkomen nu eenmaal al lang halen uit dat industriële model. “Maar ze moeten beseffen dat op ecologie gebaseerde technieken niet alleen de biodiversiteit beter maken, ze tonen ook economisch gunstigere resultaten. Franse en Amerikaanse studies hebben die rendabiliteit al vaker aangetoond.” Hij pleit wel voor nog meer onderzoek hiernaar, en vooral ook nog meer communicatie. “Landbouwers zullen alleen maar mee veranderen als ze voldoende kennis hebben hierover.”

Vlinderexpert Thomas Merckx kijkt naar de burgers. Die kunnen hun huis isoleren en hun tuin laten verwilderen en geen pesticiden meer gebruiken. “Maar beter is nog als ze, net zoals de klimaatjongeren, ijveren voor een beter beleid. De klimaatwet moet zo opgesteld worden dat ook de biodiversiteit erbij wint.” Die win-win is er volgens hem wel degelijk. “De veestapel afbouwen, om maar iets te noemen. Dat zorgt voor minder stikstof in de lucht, in de grond en het water. Dat komt én het klimaat én de biodiversiteit ten goede.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden