Maandag 27/09/2021

AnalyseSocial media

Eén like is genoeg: hoe de algoritmes van sociale media u doen radicaliseren

null Beeld VTM
Beeld VTM

Ooit een aangebrande meme geliket, zo één op het randje van racisme? Een duimpje gegeven aan fake news, bijvoorbeeld over Jürgen Conings’ dood? Geretweet dat alles de schuld is van de leugenpers? Het is minder onschuldig dan u denkt: voor u het weet, zit u in een bubbel vol extreemrechtse praat. Een trip in de echoput van de sociale media, waar radicalisering zich niet vertakt via hakenkruisen en gore neonazitaal, maar via luchtige memes en instemmende likes.

Met de dood van Jürgen Conings laaiden op sociale media de complottheorieën weer op. Dat kon geen zelfdoding zijn! Doofpot van de overheid! Jürgen werd afgemaakt! Viroloog Marc Van Ranst had amper zijn schuilplaats verlaten en werd al tot grote schuldige gebombardeerd. ‘Ik hoop dat je voortaan elke dag wakker wordt met Jürgens gezicht!’ tweette iemand. ‘Er zal een nieuwe Jürgen Conings opstaan’, dreigde een ander. Twitter wenste Van Ranst dood, maar velen vonden dat hij eerst moest terechtstaan. Niet voor een gewone rechtbank waar linkse rechters de plak zwaaien, wel voor Neurenberg 2.0, het tribunaal dat extreemrechtse complotdenkers willen oprichten om Van Ranst en een rist anderen te veroordelen voor ‘misdaden tegen de mensheid’.

De haatberichten tegen iedereen die op de beklaagdenlijst staat, van virologen en moslims tot linkse politici en journalisten (‘hoernalisten’), worden met de dag driester. De Belgische Veiligheid van Staat waarschuwt al jaren voor zogenaamde keyboard warriors, haatpredikers die Twitter en Facebook onder extreemrechtse en radicaliserende haatspraak bedelven. Maar de bagger blijft stromen. Onlangs berekende het AI-bedrijf Textgain, een spin-off van de Universiteit Antwerpen, dat het aantal haatboodschappen in de afgelopen vijf jaar is verdrievoudigd. Woorden als makak, nikker, kopvod of baardaap, en uitspraken als ‘Heropen de kampen’ worden niet meer enkel door diehard-neonazi’s gebruikt, maar zijn voor een massa mensen dagelijkse kost geworden op sociale media.

Olivier Cauberghs (expert online radicalisering Textgain): “Dat heeft natuurlijk veel met het politieke klimaat te maken, maar ook met de komst van alternatieve media waar racistische content veel minder wordt gemodereerd. Sociale media als Twitter en Facebook reageren wél zodra het te gortig wordt, maar ook daar zou het extreemrechtse discours beter gecontroleerd kunnen worden.”

Waarom gebeurt dat niet?

Guy De Pauw (taaltechnoloog Textgain): “Omdat het vaak moeilijk te detecteren is. Na de aanslagen in Brussel kuisten Twitter en Facebook de jihadistische accounts met onthoofdingsvideo’s op. En intussen worden ook gebruikers geblokkeerd die openlijk de nazi’s verheerlijken en gortig racisme publiceren. Maar uiteindelijk zijn sociale media veel minder opgetreden tegen extreemrechtse accounts. IS-video’s zijn duidelijk: er wordt opgeroepen om aanslagen te plegen. Extreemrechtse haatspraak is vooral stemmingmakerij, althans wat we ervan kunnen zien op open sociale media.”

Cauberghs: “Hun woordgebruik is ook veel subtieler. Een woord als ‘omvolking’ wijst zonder twijfel in de richting van een extreemrechtse complottheorie, en de achterliggende, opruiende boodschap is ook heel duidelijk. Maar als woord op zich raakt het altijd door de controle van de moderator. Hetzelfde geldt voor een woord als ‘tribunaal’.”

Zien jullie die toename van extreemrechtse haatspraak ook internationaal?

De Pauw: “We hebben voorlopig enkel het Nederlandse taalgebied onderzocht. Maar in opdracht van de EU gaan we de komende jaren aan de slag om de evolutie van haatspraak voor de 24 officiële EU-talen in kaart te brengen.”

Cauberghs: “Ik denk dat er ook in het Engelse taalgebied een zeer grote stijging is, en dat de verkiezing van Donald Trump in 2016 daar een grote rol in heeft gespeeld.”

De Pauw: “Een belangrijk moment was de frontale aanval van Trump tegen de traditionele pers, die hij wegzette als verspreiders van fake news. Dat zette de deur open voor het succes van alternatieve extreemrechtse media, de groei van internetplatformen 4chan en 8kun (het voormalige 8chan, red.), en de oprichting van socialemediaplatformen als Gab en Parler. Via die kanalen worden berichten verspreid die in het beste geval een kern van waarheid bevatten, maar vaak volledig fake news zijn. Die berichten komen daarna op de gewone sociale media terecht, waar ze ook in Vlaanderen gretig gedeeld worden door extreemrechts. Vaak wordt met die berichten een ideologie verspreid, een beeld dat blijft hangen, ook al is de boodschap zelf niet waar.”

Over welk soort berichten gaat het dan?

Cauberghs: “Onlangs ging een post uit 2010 voor de zoveelste keer viraal. In het artikel stond dat Zweedse vrouwen in buitenwijken met veel migranten hun haar donker verfden uit angst voor verkrachting. Het stuk werd destijds gepubliceerd door Het Laatste Nieuws, maar is intussen verwijderd. Het enige wat eraan klopte, was dat enkele vrouwen hun haar verfden omdat ze het beu waren nagefloten te worden. De rest is verzonnen door een extreemrechtse blogger. Hier en daar werd het artikel ontmaskerd als fake news. Maar de combinatie van de woorden ‘blond’, ‘verkrachting’ en ‘buitenwijk’ in één zin had intussen wel weer eens de ronde gedaan.”

De Pauw: “De groepsverkrachting in Gavere van het meisje dat achteraf zelfmoord pleegde, is ook zo’n voorbeeld. Toen nog niet bekend was wie de daders waren, heette het dat de pers hun afkomst met opzet stilhield. Van Jürgen Conings wordt alles bekendgemaakt, klonk het, maar over die verkrachters horen we niets! Er werd gesuggereerd dat het wel allochtonen zouden zijn. Toen enkele dagen later bleek dat het om blanke, Vlaamse jongens ging, was de bocht die gemaakt werd hallucinant. ‘Twintig jaar geleden waren er helemaal geen groepsverkrachtingen in Vlaanderen’, las ik ergens. ‘Het is pas sinds er zoveel migranten binnenkomen, dat groepsverkrachting bestaat.’ Dat is natuurlijk je reinste onzin. Maar wat blijft opnieuw hangen bij de mensen? Verkrachting en migranten. Uiteindelijk zorgen zulke berichten ervoor dat mensen polariseren en radicaliseren.”

‘Marc Van Ranst is door zijn linkse politieke overtuiging al jaren een mikpunt. Maar na de lockdown, toen de positiviteit uitgewerkt was, werden de virologen pas echt kop van Jut.’ Beeld rv
‘Marc Van Ranst is door zijn linkse politieke overtuiging al jaren een mikpunt. Maar na de lockdown, toen de positiviteit uitgewerkt was, werden de virologen pas echt kop van Jut.’Beeld rv

GLÜHWEINMINNAAR

Hoe groot is de rol van sociale media bij extreemrechtse radicalisering?

De Pauw: “Heel groot. De manier waarop sociale media content tot bij mensen brengen, werkt als een katalysator. Het begint vaak met iets kleins, een fait divers. Zoals de beroering over een alcoholverbod op de kerstmarkt. Dat was een losse opmerking van iemand, maar extreemrechts postte dat prominent op sociale media, met de hashtag ‘islamisering’. Dat wordt dan niet alleen geliket door extreemrechtse trollen, maar ook door de Vlaming die graag zijn glühwein wil blijven drinken.

“En zo’n like zet het algoritme in werking. Dat algoritme wil je zo lang mogelijk op Twitter houden en denkt bij iedere like dat je meer van dat soort content wilt zien. En dus krijgt de Vlaming die toevallig graag glühwein drinkt, voortaan vaker berichten te zien over islamisering. Berichten over het alcoholverbod, maar ook over vrouwen die worden mishandeld door moslimmannen. Berichten die al dan niet fake zijn. Hij gaat snel vinden dat die islamisering te ver aan het gaan is. En hij gaat misschien ook berichten liken van extreemrechtse politici die hardere straffen eisen voor hangjongeren. Daar reageert het algoritme dan opnieuw op. Uiteindelijk belandt die glühweinminnende Vlaming heel snel in een echokamer waar hij enkel meningen hoort die hij intussen ook zelf is beginnen te verdedigen. Dat vindt hij wel leuk, dat zijn visie bevestigd wordt. En dus blijft hij daar hangen.”

Zie je dat terug in het onderzoek?

De Pauw: “Ja. Uit ons onderzoek blijkt dat de verschillende echokamers op sociale media zich steeds verder van elkaar verwijderen, en er steeds minder interactie is. Zo kun je in één echokamer mensen hebben die bezig zijn met complottheorieën, antivaxer zijn en racistische praat uitslaan. Een andere echokamer kan bestaan uit mensen die bezorgd zijn over het klimaat, diversiteit promoten en Amnesty steunen. Die twee groepen hebben hun eigen hashtags en begrippen. Mogelijk weet de laatste groep niet eens wat met Neurenberg 2.0 wordt bedoeld, terwijl dat begrip voor de eerste dagelijkse kost is. Die polarisering, waarbij gelijkgestemden zich terugtrekken in afgesloten bubbels, wordt zonder twijfel versterkt door de manier waarop de algoritmen van sociale media content aanbieden aan hun gebruikers.”

Welke uitdrukkingen zijn nog typisch voor de extreemrechtse echokamer?

Cauberghs: “Een goed voorbeeld is het fake news dat Vlaams Belangers enkele jaren geleden de wereld instuurden. Ze deelden een filmpje waarin volgens hen migranten in Calais een vrachtwagen de weg versperden. Toen bleek dat dat niet klopte, haalde Filip Dewinter de schouders op. Hij ontkende niet dat het desinformatie was, maar zei: ‘Het had waar kúnnen zijn.’ Dat zinnetje bleef hangen bij de mensen.”

De Pauw: “Een ander voorbeeld is: ‘Ik stel alleen maar de vraag.’ Micro-influencer Werner Niemegeers, van het Vlaams Forum voor Democratie, is daar sterk in. Hij tweet iets controversieels, vaak gewoon duidelijke onzin, met als bijschrift: ‘Zou dit kloppen?’ Als iemand dan antwoordt dat het fake news is, reageert hij: ‘Ik vraag het alleen maar, hoor.’ Maar intussen is het bericht wél verspreid en geliket door zijn volgers en de volgers van zijn volgers.”

NAZI-KRAAMKAMER

Haatboodschappen op het internet zijn niet nieuw. Al jaren vinden aanhangers van extreemrechts elkaar op allerlei racistische en neonazistische forums en websites. Lang vóór 4chan en Parler was Stormfront dé plaats waar neonazi’s vrijuit polariseerden, rekruteerden en radicaliseerden. Op dat forum postte de Noor Anders Breivik zijn grieven, en ook Brenton Tarrant, de dader van de aanslag op een moskee in Christchurch, was er een vaak geziene gast. ‘Het was de kraamkamer van het huidige extreemrechts op het internet’, zegt de Nederlandse onderzoeksjournalist Coen van de Ven, die voor het Nederlandse magazine De Groene Amsterdammer onderzoek deed naar Stormfront. Ook Vlamingen en Nederlanders droegen een opvallend steentje bij op het forum, en radicaliseerden heel snel.

Hoe belangrijk was Stormfront voor ons taalgebied?

Coen van de Ven: “Heel erg belangrijk. We ontdekten dat, in de 25 jaar dat Stormfront bestaat, het Nederlands er na het Engels de meestgebruikte taal was. In 2000 werd Stormfront Nederland opgericht, een forum dat later werd omgedoopt tot Stormfront Nederland & Vlaanderen. Constant Kusters, de leider van de neonazipartij Nederlandse Volks-Unie, zei tegen ons: ‘Stormfront is een kickstart geweest voor radicaal-rechts in Nederland en Vlaanderen.’”

Jullie hebben op de Stormfront-forums 9.461 Vlaamse of Nederlandse accounts gevonden en die onderzocht op taalgebruik. Wat stelden jullie vast?

Van de Ven: “We zagen vooral hoe jonge gebruikers in heel korte tijd radicaliseerden en onderdeel werden van het extreemrechtse wij-zijdenken. Zo was er een Nederlandse jongen van 16 jaar die zich Parsifal noemde. Opvallend was de grote eenzaamheid die hij uitstraalde. Hij schreef dat hij op zoek was naar andere jongens en meisjes om mee te babbelen. Hij zei dat hij in een buurt woonde met 95 procent buitenlanders en dat zijn fiets onlangs was gestolen door moslimjongeren. Hij wist wel dat de meeste mensen uit het Midden-Oosten niet zo zijn, schreef hij, maar degenen die in Nederland waren, joegen de blanken weg. Hij stelde veel vragen, zoals waarvoor ‘88’ stond (code voor ‘HH’, ‘Heil Hitler’, red.). Dat was in het begin. De volgende maanden zagen we hoe snel zijn taalgebruik escaleerde.”

In welke zin?

Van de Ven: “Hij voelde zich snel geaccepteerd op het forum, en die aanvankelijke vage klachten over ‘multikul’ en links werden steeds vijandiger. Hij sprak al snel over ‘neuzen’ als hij het over Joden en journalisten had, en we zagen na een tijd ook fantasieën over geweld. Hij zei dat hij in zijn kamer twee halters had die hij kon gebruiken om te slaan. Hij schreef ook dingen als: ‘Eerst de Joden eruit, daarna is de moslimkwestie niet meer zo moeilijk.’ Een jaar na zijn eerste aanmelding postte hij in het Duits: ‘Hitler, Sieg Heil!’ Dat specifieke taalgebruik was belangrijk om aanvaard te worden in die gemeenschap. Parsifal deed zijn best om zo radicaal mogelijk te zijn. We zagen bijvoorbeeld dat hij de Holocaust een hersenspinsel noemde.”

Zagen jullie dat specifieke taalgebruik ook bij Engelstalige gebruikers?

Van de Ven: “Ja, heel duidelijk. Nieuwkomers spraken in het begin nog over ‘blacks’, maar dat veranderde snel in alle variaties op het woord ‘nigger’ – dat waren er op het forum een stuk of twintig. Dat overgenomen taalgebruik illustreert goed hoe de ideologie verinnerlijkt wordt. Nieuwkomers gebruikten ook al snel ‘coon’ voor zwarten, van het woord racoon, wasbeer. Dat is een term die dateert uit de tijd dat de slavernij werd afgeschaft: de vrijgestelde slaven waren doodarm en keerden ’s nachts – ‘als wasberen’ – terug naar plantages om te stelen. Daarnaast werd het woord ‘government’ vervangen door ‘zog’, de afkorting van zionist occupation government, een antizionistische complottheorie. Er waren ook ettelijke discussies over het woord ‘white’. Want wie was er nu precies blank? Stond ‘white’ dan ook voor Joden, en zo ja, moest dat onderscheid dan niet beter gemaakt worden?”

Opvallend is dat begrippen die al heel lang op die forums werden gebruikt, sinds enkele jaren opduiken in het publieke discours.

Van de Ven: “Ja, de term ‘cultuurmarxisme’ bijvoorbeeld, het idee dat links complotten smeedt om de westerse cultuur omver te werpen. Dat is in Nederland en België rond 2016 opgang beginnen te maken, maar op het Stormfront-forum doken daarover al in 2010 discussies op. Ook het begrip ‘culturele verdunning’, dat Thierry Baudet gebruikt en dat verwijst naar de omvolkingstheorie, is er al sinds 2010 aanwezig.”

Stormfront is nog steeds actief, maar het forum Stormfront Nederland & Vlaanderen is intussen opgedoekt.

Van de Ven: “Ja, en de leden hebben zich verspreid over de nieuwe platformen, van 4chan tot delen van Reddit, Parler, Telegram en Discord (het platform waar onder meer Schild en Vrienden hun racistische berichten postte, red.). Het is een wildgroei, maar ze slagen er nu wel een pak beter in om hun boodschappen bij het brede publiek te krijgen.”

Cauberghs: “Het verschil met de huidige sociale media is dat je op Stormfront belandde als je het zelf opzocht, als je al bepaalde extreemrechtse ideeën hád. Maar op sociale media zit iedereen, niet enkel extremisten: je wordt er onbewust geconfronteerd met boodschappen die op je tijdlijn komen. Zo beland je in het web van algoritmen en likes die je in die pijplijn van radicalisering duwen. En dan kan het heel snel gaan.”

‘De harde taal komt overwegend van mannen. Vrouwen promoten een conservatief genderpatroon, zoals de tradwife: een goedverzorgde vrouw die thuisblijft, haar man behaagt en voor de kinderen zorgt.’ Beeld RV
‘De harde taal komt overwegend van mannen. Vrouwen promoten een conservatief genderpatroon, zoals de tradwife: een goedverzorgde vrouw die thuisblijft, haar man behaagt en voor de kinderen zorgt.’Beeld RV

SUPERSTRAIGHT

Zit er een organisatie achter hashtags die plots trending worden?

Cauberghs: “Ja, soms wel. Wanneer je een bericht met honderden reacties en retweets ziet, ben je al snel geneigd te denken dat het nieuws wel veel mensen moet raken. Maar veel van die berichten zijn georkestreerde aanvallen van trollen. Daar zit niet zozeer een bepaalde groepering of partij achter, vaak gaat het om groepjes die online spontaan ontstaan rond een bepaald onderwerp. Dat zagen we duidelijk bij de aanvallen op de Netflix-serie Sex Education, begin vorig jaar. Op YouTube kon je de trailer van het tweede seizoen bekijken, waarin een blank meisje en een zwarte jongen elkaar kusten. Die kreeg opvallend veel dislikes, een pak meer dan je zou verwachten voor een YouTube-filmpje van een populaire Netflix-serie. Ook de comments waren bijzonder giftig. We zagen tezelfdertijd dat op 4chan een discussie was losgebarsten over het degenererende effect van die serie, die volgens sommigen aanzette tot de verdwijning van het blanke ras. In één van die berichten werd afgesproken om die trailer zoveel mogelijk thumbs down te geven om het algoritme te beïnvloeden. Tegelijk moesten anderen zoveel mogelijk negatieve comments schrijven.”

Zijn er piekmomenten? Periodes waarin extreemrechts op forums en sociale media bijzonder actief is?

Cauberghs: “We kennen momenteel zo’n piekmoment. Juni is Pride-maand, en in mei hebben we op sociale media allerlei aanvallen in voorbereiding gezien. Operation Pridefall, zo doopten de initiatiefnemers hun offensief, werd vorig jaar gelanceerd, en ook nu komen ze in actie. Zogenaamd grappige memes waarin transmensen op een bespottelijke manier worden voorgesteld, worden losgelaten op sociale media. Het doel van Pridefall is weerzin opwekken tegenover andere vormen van seksualiteit dan die tussen een cisgender man en vrouw. Extreemrechts neemt wel vaker de lgbtq-gemeenschap als doelwit. De actie ‘Superstraight’, bijvoorbeeld, waarbij anderen worden aangevallen door gebruikers die voor hun naam de letters SS zetten, niet toevallig ook een nazi-afkorting, of door accounts met namen als ‘Superstraight Belgium’ of ‘Superstraight Netherlands’. Superstraights zijn superhetero’s, ‘echte’ mannen die trots zijn op hun seksuele oriëntatie en willen dat alle andere vormen van seksualiteitsbeleving aan banden worden gelegd.”

Zijn er ook vrouwen betrokken bij de organisatie van extreemrechtse haatpraat?

Cauberghs: “Veel minder. De harde taal wordt vooral door mannen gebruikt. Vrouwen proberen zieltjes te winnen door een conservatief genderpatroon te promoten. De tradwives zijn daar een goed voorbeeld van, zelfverklaarde ‘traditionele vrouwen’. Die promoten een beeld van de goedverzorgde vrouw die thuisblijft, haar man behaagt en voor de kinderen zorgt. Of ze maken publiciteit voor extreemrechtse datingsites als Whitedate, waar blanken daten met blanken.”

Veroorzaakte corona pieken van haat?

De Pauw: “2020 begon vrij stevig, met de strubbelingen met vluchtelingen die de Turks-Griekse grens wilden oversteken. Je kunt je voorstellen dat dat werd aangegrepen om allerlei racistische bagger op sociale media te gooien. Maar de eerste maanden van de lockdown, maart en april, verliepen heel rustig. We zagen toen een duidelijke vermindering van het aantal haatberichten. De sfeer van ‘we moeten hier allemaal samen door’ had de overhand.”

Waren de virologen, met Marc Van Ranst op kop, al van in het begin van de pandemie een doelwit?

De Pauw: “Van Ranst is door zijn linkse politieke overtuiging al jaren een mikpunt op sociale media. De aanvallen en bedreigingen tegen hem waren dus niet nieuw. Maar het uitdrukkelijke discours tegen de virologen is er pas na een tijd gekomen, toen de positiviteit uitgewerkt was en er steeds meer kritiek kwam op het coronabeleid van de regering. Er kwam een anti-overheidsdiscours in de plaats van de solidariteit. Toen werden de virologen, die werden gezien als deel van de overheid, kop van Jut.”

PEPE THE FROG

De dood van George Floyd en het begin van Black Lives Matter vielen ook in het begin van de coronaperiode.

Cauberghs: “De dood van George Floyd, op 25 mei, betekende het einde van de solidariteit op de sociale media. De haat laaide weer op als vanouds. Binnen het uur nadat de beelden op het nieuws waren gekomen, zagen we al een eerste meme opduiken op 8kun. Het was er één van de cartoonkikker Pepe the Frog in een blauw politie-uniform, geknield op Floyds nek. In een mum van tijd raakte dat beeld ook verspreid over alle Nederlandstalige sociale media. Daarna volgden nog een pak andere George Floyd-memes.”

Zo is er een meme van de agent geknield op Floyds nek met het opschrift: ‘Als je een band moet wisselen, maar je je broek niet wilt vuilmaken.’

Cauberghs: “Je mag het effect van die racistische memes niet onderschatten. Ze zijn vaak wansmakelijk, maar veel mensen denken dat ze onschuldig zijn. Die beelden bieden je immers de mogelijkheid overtuigend te ontkennen. Je lacht erom, maar als je de opmerking krijgt dat het beeld racistisch is, kun je je verdedigen: ‘Het was maar een grapje.’ Grapje of niet: achter die memes zit vaak een heel extreme boodschap. Zoals het onversneden racisme bij de Floyd-memes.”

Zijn Amerikanen de grootste producenten van memes?

Cauberghs: “Die zijn inderdaad heel actief en liggen vaak aan de basis van memetrends. Pepe the Frog, bijvoorbeeld: dat was aanvankelijk helemaal geen symbool van extreemrechts, maar een gewone cartoonfiguur. Pas in 2016 werd Pepe, tot grote ergernis van zijn maker, gerecupereerd door alt-right- en white supremacists-groepen. Maar ook in België zijn er groeperingen die memes gebruiken om hun boodschap te verspreiden. Dat werkt veel beter: een foto van een hakenkruis zal niemand snel liken. Maar zo’n meme, die wat humor brengt, daar durven mensen al eens een duimpje aan te geven. En dan sleurt het algoritme hen weer mee. Memes radicaliseren mensen en extremisten weten dat. Trouwens, niet alleen extreemrechts gebruikt memes. Ook extreemlinks doet dat, net als extremistische moslims.”

Radicaliseren moslims nog steeds via sociale media, ook na de grote kuis die er de afgelopen jaren werd gehouden?

Cauberghs: “Dat gebeurt nog steeds, maar op een andere manier dan vroeger. Onthoofdingsvideo’s worden nu binnen de twee minuten verwijderd: het kost veel inspanning om dan telkens opnieuw te proberen dat filmpje te promoten. We zien dan ook een verschuiving. Net zoals extreemrechts niet meer met swastika’s zwaait, gaan jihadisten niet meer paraderen met AK-47’s: ook bij hen is de radicalisering subtieler geworden.”

Op welke manier?

Cauberghs: “Het is allemaal veel speelser. Op TikTok bijvoorbeeld is er een Vlaams account waarop twee jongeren, broer en zus, met elkaar in gesprek gaan. Zij is vroom gesluierd. Het meisje stelt vragen over de islam: wat je wel en niet mag doen tijdens de ramadan, of je als moslim Sinterklaas mag vieren, naar instrumentale muziek mag luisteren of voor de Rode Duivels mag supporteren. Dat gebeurt allemaal heel luchtig, maar eigenlijk is het zorgwekkend. Hun interpretatie van de islam is erg conservatief en neigt naar het salafisme.”

Dat account heeft intussen meer dan 131.000 volgers op TikTok.

Cauberghs: “En wie hen volgt, krijgt verwijzingen naar soortgelijke content. Zo start langzaam het radicaliseringsproces.”

De focus ligt nu op extreemrechts. Zijn we de radicalisering bij moslims uit het oog aan het verliezen?

Cauberghs: “Wij onderzoekers niet (lacht). Maar de maatschappij wel, vrees ik. Het gebeurt subtiel. Onder de radar, maar het gebeurt.”

In hoeverre zijn sociale media verantwoordelijk voor radicalisering op hun platformen? Moet er nog verder opgetreden worden?

Cauberghs: “Aan hun algoritmen zullen ze niet snel tornen, dat is nu eenmaal het concept van sociale media. De grote platformen zouden hun content moderation misschien wat scherper kunnen stellen, en extremistische boodschappen sneller kunnen verwijderen. Maar als je buiten de reguliere sociale media gaat, naar 4chan of Parler, is er zelfs géén content moderation. We moeten mensen dus weerbaarder maken, en bewuster voor de werking van propaganda en haatspraak op internet.”

Worden jullie trouwens ook voor het tribunaal gedaagd?

De Pauw (lacht): “Ja, we staan op de lijst. We werken mee aan Factcheck Vlaanderen, een organisatie die onderzoekt of een bericht feiten brengt of desinformatie is. Toen Marc Van Ranst ons op Facebook een compliment gaf voor onze factcheck over een open brief van de groep Belgium Beyond COVID, werden we bedolven onder een lawine van haatreacties en een ‘dagvaarding’ voor het tribunaal. De polarisatie en haat op sociale media zijn tegenwoordig zo groot dat zelfs maar het liken van een account tot dreigementen kan leiden.”

© Humo

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234