Vrijdag 18/10/2019

Wetenschap

Dit bizarre prehistorische insect is deels sprinkhaan, deels wesp en deels kakkerlak

Deze parasitaire wesp met een bizarre verzameling van lichaamsdelen leefde meer dan 100 miljoen jaar geleden. Beeld George Poinar Jr/Oregon State University

Amerikaanse onderzoekers hebben de restanten van een wonderbaarlijke parasitaire wesp onthuld. Aptenoperissus burmanicus had de poten van een sprinkhaan, het achterlijf van een kakkerlak en de voelsprieten van een mier. Het beest werd goedbewaard gevonden in barnsteen uit het Krijt, het tijdperk waarin ook de dinosauriërs leefden.

De onvoorspoedige kleine wesp zat gevangen in boomhars, dat uiteindelijk versteende in barnsteen. Dat gebeurde ongeveer 100 miljoen jaar geleden, zeggen onderzoekers van Oregon State University, die hun studie publiceerden in Cretaceous Research. Het stuk ambersteen werd gevonden in de Hukawng-vallei in Myanmar, een rijke afzettingsbron van historische geleedpotigen.

"Toen ik dit insect voor het eerst zag, had ik geen idee wat het was", zegt onderzoeker George Poinar Jr in een mededeling. "Je kon zien dat het sterk en robuust was, en dat het een pijnlijke steek kon geven."

Nieuwe familie

Volgens Poinar verbijsterde het insect wetenschappers uit de hele wereld. "Op basis van de poten zou je kunnen zeggen dat het een sprinkhaan was. De voelsprieten leken op die van een mier, en het dikke achterlijf op dat van een kakkerlak. Maar de kop leek het meest op een wesp." Na veel discussie creëerden de onderzoekers dan maar een nieuwe familie voor het beest, de Aptenoperissidae, als deel van de orde van de Hymenoptera waartoe mieren, bijen en wespen behoren.

De onderzoekers denken dat het ongewone insect over de grond kroop in de bossen, op jacht naar insecten die zich verscholen in spleten en andere verborgen plekken. Wanneer het een prooi tegenkwam, verdoofde het zijn slachtoffer en legde het zijn eieren erin. Als die uitkwamen, verslonden de larven hun gastheer levend van binnenuit, net zoals onze hedendaagse sluipwespen doen.

Hoewel hij geen vleugels had, kon A. burmanicus dankzij zijn sprinkhaanachtige poten makkelijk ontsnappen aan roofdieren. Zijn scherpe, gekartelde angel gebruikte hij wellicht om zich te verweren tegen gewapende gastheren, zoals kevers.

Extinctie

Het verlies van habitat, blootstelling aan ziektes en misschien ook wel het gemis van vleugels leidden volgens de onderzoekers tot de extinctie van het beest. Ze hopen dat meer ontdekkingen in de Hukawng-vallei nieuwe exemplaren zullen opleveren die een licht kunnen werpen op een van de meest bizarre creaturen in de insectenwereld.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234