Vrijdag 04/12/2020

ColumnDe Schaal van Mulders

De werkelijkheid is al griezelig genoeg, en toch willen mijn dochters spullen voor Halloween aanschaffen

Beeld EPA

Jean-Paul Mulders onderzoekt alles wat u bij de hersenkwabben kan grijpen.

Op straat lees ik de schrik in veel mensen hun ogen. Een vrouw kijkt vol afschuw weg als ik haar zonder mondmasker kruis op het voetpad. Een ogenblik lang vraag ik mij af of ik tijdens de nacht misschien in een enorme kever ben veranderd. Dan besef ik: och ja, het virus.

De werkelijkheid is al griezelig genoeg, en toch willen mijn dochters spullen voor Halloween aanschaffen. We lopen door zo’n winkel waar je buiten komt met dingen waarvan je niet wist dat je ze nodig had: van gombeesten tot plakmemo’s in het ROGGBIV* van de regenboog. Ze hebben flesjes met fake blood, ‘lichtstok pompoen’ en ‘chocolade schedel met snoepvul’ – de etiketten komen uit een printer die kort is van stof. De ‘hoofdband heks’ kost drie euro, een euro meer dan de ‘hoofdband heks met sluier’.

In de bakken daarnaast liggen mokken en lolly’s met de beeltenis van de Kerstman, de goedmoedige dikkerd die ook door het virus geveld dreigt te worden. Verderop kun je brillen passen. ‘Laat hier je gepaste bril achter’, lees ik boven een bak waarin al enkele beduimelde monturen liggen. ‘De brillen worden 24 uur apart gehouden.’

Is dat wel lang genoeg?, vraag ik mij af, met de achterdocht die zich onontkoombaar ontwikkelt. Ik heb gelezen dat het coronavirus achtentwintig dagen kan overleven op gladde oppervlaktes. “Het virus is extreem robuust”, zei een wetenschapper die aan de studie meewerkte. In mijn verbeelding zag ik corona als een grijnzende zeebonk die op café ruzie zocht. We hebben de kinderlijke drang om ons onvatbaarheden als iets tastbaars voor te stellen. De ene dag is corona een coureur die het peloton dreigt los te rijden, de andere dag een vijandig leger. ‘Het virus vindt het geweldig als we allemaal dicht op elkaar zitten’, hoor je dan. Alsof het soldaten van de Wehrmacht zijn, die op je feestje zo’n granaat op een stok naar binnen willen mikken.

Maar om bij die achtentwintig dagen te blijven: dat blijkt in het donker te zijn en in een laboratorium­omgeving. Hoe lang het virus je bij klaarlichte dag belaagt vanop een bankbiljet of koffiemok, kan niemand je met zekerheid vertellen.

Op dezelfde manier hoor je nog volop tegenstrijdigheden over het mondmasker. Eerst heette dat overbodig te zijn, vervolgens werd het een godswonder. Nu stellen experts het nut in vraag van stoffen exemplaren. “De mazen tussen de katoenen vezels zijn als het ware kathedraalpoorten die wagenwijd openstaan voor muizen”, zegt dr. Marc Boone, verbonden aan het Erasmus­ziekenhuis in Brussel. Die vergelijking spreekt tot mijn verbeelding. Ik heb het wel voor wetenschappers die zich in ­gotische metaforen uitdrukken.

Nuchterder deskundigen voeren aan dat een stoffen masker het virus niet tegenhoudt, maar wel de speekseldruppels. Een luide prater spuwt er daarvan minstens duizend per minuut uit. “Het virus zou vanzelf verdwijnen, mochten we met z’n allen een paar maanden zwijgen.”

Zo schuifelen we verder, stotend en struikelend, met geschaafde knieën en voortschrijdend inzicht.

Daarbuiten is het herfst. Een lezeres laat mij weten dat regen de witte vlokjes van de vliegenzwam kan afspoelen van de rode hoed.

* Rood Oranje Geel Groen Blauw Indigo Violet, een ezelsbruggetje voor de kleuren van de regenboog in hun juiste volgorde.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234